untitled
viviti

CHRONIAPOLLA

Kalender

chronologisch

Kalender alfabetisch

Betekenis

van namen

Biografieën

van Heiligen

Zoek

namen

GRIEKSENAAMDAGEN

 Home

Wie zijn wij

Laatste Nieuws

Mailing List

Alle namen

(afgeleide namen)

Categorieën

van heiligen

Iconen

Mythologie

Blog

Gastenboek

Tell-a-Friend

E-cards

Linken

Contact

GRIEKSE NAAMDAGEN – C

A | B | C | D | E | F | G | H | I | J | K | L | M | N | O | P | Q | R | S | T | U | V | W | X | Y | Z

Explanation of the codes: see Footer

 

Agion Panton

Allerheiligen

All-Saints

 

Caesar

Caesarius (Kaisarios)

Caius (Gaius)

Caleb (Elesbaan)

Callimachus (Kallimachos)

Callinicus (Kallinikos) 3x

Calliopia (Kalliopi)

Calliopius (Kalliopios)

Callista (Kallisti)

Callistratus (Kallistratos)

Callistus (Kallistos) 3x

Calodotus (Kalodotes)

Candidus (Kandidos)

Capito (Kapitonos)

Carpus (Karpos) 3x

Casiana (Kasiani)

Caspar (Gaspar)

Cassianus (Kassianos, Johannes Cassianus, Johannes van Massilia)

Castor (Kastor)

Castrichius (Kastrichios)

Castulus (Kastoulos)

Catharina (Katherine)

Cecilia (Kikilia)

Celsius (Kelsios)

Censorinus (Kensourinos)

Cephas (Petrus) 3x

Cercyra (Kerkyra)

Chaido

Charalampus (Haralambos)

Charesimus

Charita (Charito)

Charitina

Charito (Charita)

Chariton 3x

Chionia

Chitus

Chloe

Choudion (Cudio)

Christina 2x

Christmas (Christos)

Christodoula

Christodulus (Xristodoulos) 4x

Christophorus

Christos 6x

Chronis (Chronios)

Chrysa (Aura, Avra)

Chrysa (Zlata)

Chrysanthi

Chrysanthus (Xrysanthou)

Chrysogonus

Chrysorroas
(Johannes Chrysorroas, Johannes van Damascus)

Chrysostomos

(Johannes Chrysostom) 3x

Cirillus

Claudia (Klaudia)

Claudianus (Klaudianos)

Claudius (Klaudios) 6x

Clementinus (Klementos) 3x

Cleo (Kleio, Clio)

Cleonicus (Kleonikou)

Cleopas (Kleopas) 2x

Cleopatra (Kleopatra) 2x

Clio (Kleio, Cleo)

Codratus (Kodratos, Quadratus) 3x

Comasius (Komassios)

Commodus (Komodos)

Conon (Konon)

Constantinus (Konstantinos) 3x

Coralia (Koralia)

Cornelius (Kornelios)

Cosmas (Kosmas) 5x

Crescens (Crescenus)

(Criscus, Criscentus) 

(Kreskes, Kriskentos) 4x

Crescenus (Crescens)

(Criscus, Criscentus) 

(Kreskes, Kriskentos) 4x

Criscentus (Criscus)

(Crescens, Crescenus)

(Kreskes, Kriskentos) 4x

Criscus (Criscentus)

(Crescens, Crescenus)

(Kreskes, Kriskentos) 4x

Crispus (Krispos)

Cudio (Choudion)

Cyprianus (Kiprianos) 2x

Cyprus (Kypros)

Cyriaca (Kiriaki) 3x

Cyriacus (Kiriakos) 3x

Cyricus (Kirykos, Quiricus)

Cyrillus (Kurillos) 10x

Cyrius (Kyrionos)

Cyrus (Kyros) 2x

GREEK NAMEDAYS – C

CHRONIAPOLLA

Calendar

chronological

Calendar alphabetical

Meaning

of names

Biographies

of Saints

Search

names

GREEKNAMEDAYS

 Home

Who are we

Latest News

Mailing List

All names

(derived names)

Classification

of Saints

Icons

Mythology

Blog

Guest Map

Tell-a-Friend

E-cards

Links

Contact

 Griekse Naamdagen - C

Greek Namedays - C Ý

 

 

NAAM HEILIGE / NAME OF SAINT

BIJZONDERHEDEN

NOTES

NAAMDAG/NAMEDAY

INFO

Agion Panton

Allerheiligen

All-Saints

Agion Panton (Allerheiligen) is een feestdag van de Orthodoxe Kerk, waarbij alle Heiligen van de kerk, die anoniem zijn gebleven, collectief worden herdacht. Deze dag wordt gevierd op de Zondag volgende op (orthodox) Pinksteren.

In Griekenland is het de gewoonte dat iedereen die geen “eigen” naamdag heeft, zijn of haar naamdag viert met Orthodox Allerheiligen. In Griekenland kun je iemand tot 40 dagen na zijn of haar naamdag nog feliciteren.

Agion Panton (All-Saints Sunday) is a feast day of the Orthodox Church collectively commemorating all the Saints of the church who have remained anonymous. This feast day is celebrated on the Sunday following (orthodox) Pentecost.

In Greece it is tradition that everybody without their “own” nameday celebrate their nameday on Orthodox All Saints’ Day. In Greece you can say congratulations till 40 days after the nameday.

22 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2008

14 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2009

30 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2010

19 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2011

10 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2012

30 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2013

15 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2014

07 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2015

26 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2016

11 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2017

D

 

Ý

Caesar

 

Synaxis van de 70 apostelen

Sunaksi ton 70 Apostolon

 

Caesar was één van de 70 Discipelen en Apostelen van Christus waren door Hem gekozen ter aanvulling op de Twaalf en heengezonden voor de prediking. Zij begeleidden en assisteerden de Heilige Twaalf Apostelen, die in verschillende landen de Gospel van Christus preekten. In de loop van de tijd werden anderen aan hun aantal toegevoegd door de Heilige Apostelen en hun aantal werd uiteindelijk groter dan zeventig. Niettemin werd altijd naar hen verwezen als “van de Zeventig” (>>>zie ook Apostolus 4 januari).

Caesar was one of the 70 Disciples and Apostles of Christ were chosen by Him in addition to the Twelve and sent forth unto the work of preaching. They accompanied and assisted the Holy Twelve Apostles, who were preaching the Gospel of Christ in various lands. With the passage of time others were added to their number by the Holy Apostles and their number eventually exceeded seventy. Nonetheless they were all referred to as "of the Seventy" (>>>also see Apostolus 4th of january).

04 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

 

 

Ý

Caesarius (Kaisarios)

broer van Gregorius de Theoloog

 

 

09 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

D

 

Ý

Caius (Gaius)

 

Synaxis van de 70 apostelen

Sunaksi ton 70 Apostolon

 

Gaius (Caius) was één van de 70 Discipelen en Apostelen van Christus waren door Hem gekozen ter aanvulling op de Twaalf en heengezonden voor de prediking. Zij begeleidden en assisteerden de Heilige Twaalf Apostelen, die in verschillende landen de Gospel van Christus preekten. In de loop van de tijd werden anderen aan hun aantal toegevoegd door de Heilige Apostelen en hun aantal werd uiteindelijk groter dan zeventig. Niettemin werd altijd naar hen verwezen als “van de Zeventig”.

Gaius (Caius) was one of the 70 Disciples and Apostles of Christ were chosen by Him in addition to the Twelve and sent forth unto the work of preaching. They accompanied and assisted the Holy Twelve Apostles, who were preaching the Gospel of Christ in various lands. With the passage of time others were added to their number by the Holy Apostles and their number eventually exceeded seventy. Nonetheless they were all referred to as "of the Seventy".

04 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Caleb (Elesbaan)

Koning van Ethiopië en kluizenaar

De vrome Koning Elesbaan bracht een leger op de been tegen de bestuurder Dunaan, die Christenen vervolgde in het land van Omir. Elesbaan had echter weinig succes en een groot deel van zijn leger kwam om in de dorre woestijn. Hij huilde bitter en zwoer een monnik te worden als God hem hielp Dunaan te verslaan. Nadat Elesbaan Dunaan verslagen had, keerde hij terug naar Ethiopië, verliet onmiddellijk het keizerlijk hof en ging in het klooster. Daar leefde hij een strikt leven van asceticisme als een monnik gedurende vijftien volle jaren. Vóór en na zijn dood was hij een wonderdoener. Hij overleed in het jaar 555. (>>>zie ook Arethas 24 october).

The pious King Elesbaan raised an army against the governor Dunaan, who persecuted Christians in the land of Omir. However Elesbaan had little success and much of his army perished in the arid desert. He wept bitterly and vowed to become a monk if God would help him conquer Dunaan. After Elesbaan defeated Dunaan, he returned to Ethiopia, immediately left the imperial court and entered a monastery. There he lived a strict life of asceticism as a monk for fifteen full years. Before and after his death he was a miracle-worker. He died in the year 555. (>>>also see Arethas 24th of october).

24 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

D

 

Ý

Callimachus (Kallimachos),

Amonitus, Anicletus, Athanasius, Barachius, Callinicus, Castrichius, Claudianus, Diodotus, Dorotheus, Ducitius, Epiphanius, Eugenius, Eutychius, Gigantius, Hesychius, Hilarion, Longinus, Mamas, Maximianus, Nicander, Nikon, Ostrychius, Themelius, Theodochus, Theodorus, Theodotus, Theodoulus, Theogenes, Theophilus, Valerius en Xanthius, de 32 Metgezellen van Hieron, samen de 33 Martelaren van Melitene in Armenië

Sint Hieron kwam uit Tyana in Cappadocië. Hij was een erg sterke en edele landbewerker. Hij was bezig te graven in zijn veld, toen soldaten kwamen om hem te ronselen voor het leger. Maar Hieron, zelf een Christen, weigerde keizers te dienen, die Christenen vervolgden. Met zijn houten gereedschap joeg hij de gewapende soldaten weg, die in angst vluchtten vanwege zijn kracht. Later echter ging hij uit eigen vrije wil en bekende tegenover de gouverneur een Christen te zijn. Ze hakten zijn rechterhand af en hij werd gevangengezet met 32 anderen, omdat ze hadden geweigerd aan de afgoden te offeren. Samen werden ze allen onthoofd buiten de stad Melitene in Armenië, in het jaar 290. De andere 32 martelaren waren: Amonitus, Anicletus, Athanasius, Barachius, Callimachus, Callinicus, Castrichius, Claudianus, Diodotus, Dorotheus, Ducitius, Epiphanius, Eugenius, Eutychius, Gigantius, Hesychius, Hilarion, Longinus, Mamas, Maximianus, Nicander, Nikon, Ostrychius, Themelius, Theodochus, Theodorus, Theodotus, Theodoulus, Theogenes, Theophilus, Valerius en Xanthius.

Saint Hieron was from Tyana in Cappadocia. He was a very strong and noble husbandman. He was busy digging in his field, when soldiers came to press him into military service. But Hieron, a Christian himself, refused to serve emperors who persecuted Christians. He drove away with his wooden tool the armed soldiers, who fled in fear because of his strength. Later, however, he went of his own free will, and confessed to be a Christian before the governor. They cut off his right hand, and he was imprisoned with thirty-two others, because they had refused to sacrifice to the idols. Together they were all beheaded outside the city of Melitene in Armenia, in the year 290. The other 32 martyrs were: Amonitus, Anicletus, Athanasius, Barachius, Callimachus, Callinicus, Castrichius, Claudian, Diodotus, Dorotheus, Ducitius, Epiphanius, Eugene, Eutychius, Gigantius, Hesychius, Hilarion, Longinus, Mamas, Maximian, Nicander, Nikon, Ostrychius, Themelius, Theodochus, Theodore, Theodotus, Theodoulus, Theogenes, Theophilus, Valerius and Xanthius.

07 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

 

 

Ý

Callinicus (Kallinikos)

Martelaar

Sint Callinicus kwam uit Cilicia. Omdat hij een christelijke predikant was, die vele heidenen zich deed afkeren van de afgoden, liet Sacerdon de Governeur hem arresteren. Hij onderwierp hem aan vele martelingen. Hij liet Sint Callinicus schoenen dragen met spijkers die er ondersteboven in waren vastgezet. Daarmee moest hij naar de stad Gangra rennen, waar hij levend in een oven werd verbrand.

Saint Callinicus was from Cilicia. Because he was a christian preacher, who turned many pagans away from the idols, Sacerdon the Governor had him arrested. He subjected him to many tortures. He made Saint Callinicus wear shoes in which nails had been fixed upright. With these shoes he had to run to the city of Gangra, where he was burned alive in a furnace.

29 JULI

      ΙΟΥΛΙΟΣ

DFIK

M

 

Ý

Callinicus (Kallinikos),

Thyrsus en Leucius,

Martelaren van Apollonia

De heilige Thyrsus en Leucius waren burgers van Caesarea in Bithynië, en beiden Christenen, maar Thyrsus was nog niet gedoopt. Callinicus was een heidense priester. Toen Cumbricius genadeloos Christenen begon te martelen en te doden, verscheen de onbevreesde Leucius voor hem en bekritiseerde hem. Hierom werd Leucius gemarteld en uiteindelijk onthoofdd. Toen verscheen ook Thyrsus voor de rechter en bekritiseerde hem eveneens. Hij werd ook geslagen en in de gevangenis geworpen. Hij genas wonderbaarlijk van zijn wonden, de gevangenisdeur ging open en hij werd op wonderlijke wijze naar buiten geleid. Thyrsus ging direct naar Phileas, de Bisschop van Caesarea, en werd door hem gedoopt. Daarna werd hij opnieuw opgepakt en gemarteld, maar hij verdroeg de folteringen. Tijdens zijn gebeden vielen vele afgodsbeelden om. De heidense priester Callinicus zag dit en bekeerde zich tot het Christelijke geloof. Toen werden hij en Thyrsus ter dood veroordeeld. Callinicus werd onthoofd. Thyrsus werd in een houten kist geplaatst om doormidden te worden gezaagd. Maar op wonderbaarlijke wijze kon de zaag niet door het hout heen komen. Toen verrees Thyrsus uit de kist, bad tot God, en stierf vredig.

Saints Thyrsus and Leucius were citizens of Caesarea of Bithynia, and both Christians, but Thyrsus was not baptized yet. Callinicus was a pagan priest. When Cumbricius began to mercilessly torture and murder Christians, the fearless Leucius appeared before him and criticised him. For this Leucius was tortured and finally beheaded. Then Thyrsus also appeared before the judge and criticised him too. He also was flogged and cast into prison. He was miraculously healed of his wounds, the prison door opened and he was led out miraculously. Thyrsus immediately went to Phileas, the Bishop of Caesarea, and was baptized by him. After that again he was seized and tortured, but he endured the tortures. When he prayed, many idols fell down. The pagan priest Callinicus saw this and converted to the Christian Faith. Then he and Thyrsus were condemned to death. Callinicus was beheaded. Thyrsus was placed in a wooden coffin to be sawn in half. However the saw was miraculously unable to cut into the wood. Then Thyrsus arose from the coffin, prayed to God, and peacefully died.

14 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Callinicus (Kallinikos),

Amonitus, Anicletus, Athanasius, Barachius, Callimachus, Castrichius, Claudianus, Diodotus, Dorotheus, Ducitius, Epiphanius, Eugenius, Eutychius, Gigantius, Hesychius, Hilarion, Longinus, Mamas, Maximianus, Nicander, Nikon, Ostrychius, Themelius, Theodochus, Theodorus, Theodotus, Theodoulus, Theogenes, Theophilus, Valerius en Xanthius, de 32 Metgezellen van Hieron, samen de 33 Martelaren van Melitene in Armenië

Sint Hieron kwam uit Tyana in Cappadocië. Hij was een erg sterke en edele landbewerker. Hij was bezig te graven in zijn veld, toen soldaten kwamen om hem te ronselen voor het leger. Maar Hieron, zelf een Christen, weigerde keizers te dienen, die Christenen vervolgden. Met zijn houten gereedschap joeg hij de gewapende soldaten weg, die in angst vluchtten vanwege zijn kracht. Later echter ging hij uit eigen vrije wil en bekende tegenover de gouverneur een Christen te zijn. Ze hakten zijn rechterhand af en hij werd gevangengezet met 32 anderen, omdat ze hadden geweigerd aan de afgoden te offeren. Samen werden ze allen onthoofd buiten de stad Melitene in Armenië, in het jaar 290. De andere 32 martelaren waren: Amonitus, Anicletus, Athanasius, Barachius, Callimachus, Callinicus, Castrichius, Claudianus, Diodotus, Dorotheus, Ducitius, Epiphanius, Eugenius, Eutychius, Gigantius, Hesychius, Hilarion, Longinus, Mamas, Maximianus, Nicander, Nikon, Ostrychius, Themelius, Theodochus, Theodorus, Theodotus, Theodoulus, Theogenes, Theophilus, Valerius en Xanthius.

Saint Hieron was from Tyana in Cappadocia. He was a very strong and noble husbandman. He was busy digging in his field, when soldiers came to press him into military service. But Hieron, a Christian himself, refused to serve emperors who persecuted Christians. He drove away with his wooden tool the armed soldiers, who fled in fear because of his strength. Later, however, he went of his own free will, and confessed to be a Christian before the governor. They cut off his right hand, and he was imprisoned with thirty-two others, because they had refused to sacrifice to the idols. Together they were all beheaded outside the city of Melitene in Armenia, in the year 290. The other 32 martyrs were: Amonitus, Anicletus, Athanasius, Barachius, Callimachus, Callinicus, Castrichius, Claudian, Diodotus, Dorotheus, Ducitius, Epiphanius, Eugene, Eutychius, Gigantius, Hesychius, Hilarion, Longinus, Mamas, Maximian, Nicander, Nikon, Ostrychius, Themelius, Theodochus, Theodore, Theodotus, Theodoulus, Theogenes, Theophilus, Valerius and Xanthius.

07 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

 

 

Ý

Calliopia (Kalliopi)

Martelares

 

 

08 JUΝI

      ΙΟΥΝΙΟΣ

ABDF

IM

 

Ý

Calliopius (Kalliopios)

en zijn moeder Theoclea, Martelaren

Sint Calliopius kwam uit Perga in Pamphylia. Hij was in vroomheid opgevoed door zijn moeder Theocleia. Toen Maximianus een vervolging tegen christenen startte, presenteerde Sint Calliopius zichzelf aan Governeur Maximus in Pompeiopolis in Galatië. Hj onderging vele martelingen. Toen zocht zijn moeder hem in de gevangenis op en sprak hem moed in. Toen de driemaal-gezegende Theocleia hoorde dat haar zoon zou worden gekruisigd op Heilige en Grote Donderdag, kocht zij de tyrannen om, om het één dag uit te stellen. Op die manier zou Calliopius de Kruisiging van Christus imiteren op dezelfde dag. Op Heilige en Grote Vrijdag in het jaar 304 werd Sint Calliopius ondersteboven gekruisigd.

Saint Calliopius was from Perga in Pamphylia. He was brought up in piety by his mother Theocleia. When Maximian started a persecution against christians, Saint Calliopius presented himself before the Governor Maximus in Pompeiopolis of Galatia. He suffered many torments. Then his mother visited him in prison and encouraged him. When the thrice-blessed Theocleia learned that her son was to be crucified on Holy and Great Thursday, she bribed the tyrants to defer it one day. That way Calliopius would imitate the Crucifixion of Christ on the same day. On Holy and Great Friday in the year 304 Saint Calliopius was crucified upside down.

07 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

DJ

 

Ý

Callista (Kallisti),

Adamantini, Akrivi, Antigoni, Aphroditi, Areboia, Aspasia, Athena, Chaido, Dione, Dodoni, Elpiniki, Erasmia, Erato, Ermineia, Euterpe, Harikleia, Kalliroe, Kleio, Kleoniki, Kleopatra, Koralia, Lampro, Margarita, Marianthi, Melpomene, Moscho, Ourania, Pandora, Penelope, Polymnia, Polynike, Sappho, Terpsichore, Thaleia, Theano, Theonoe, Theonymphi, Theophani, Troada, martelaressen, de 40 Heilige Vrouwen en de martelaar Ammon (Ammoun), Diaken en hun Leraar

De Veertig Heilige Vrouwen waren afkomstig van Heraclea in Thracie. Ze hadden de diaken Ammon als gids, die hen onderwees in het Christendom. Ze stierven als martelaren onder de tiran Licinius rond 321-323. Tien van hen werden verbrand, acht van hen werden doodgeranseld, zes van hen werden aan stukken gesneden met messen, van tien werd het hart doorboord met een zwaard en zes stierven door gloeiend ijzer in hun mond gepropt. St. Ammon werd doodgeranseld. De namen van de 40 Heilige Vrouwen moeten met terughoudendheid worden beschouwd, daar sommige, oa. Chaido en Lampro, toebehoorden aan heiligen uit later eeuwen (16e-18e) en niet zonder twijfel vastgesteld is dat het de heiligen uit de vroege eeuwen betreft.

The Forty Holy Women were natives of Heraclea in Thrace. They had the deacon Ammon for a guide, who instructed them in Christianity. They died as martyrs under the tyrant Licinius around 321-323. Ten of them were burnt, eight of them were whipped to death, six of them were cut up by knifes, ten were pierced in the heart by a sword and six died from having the heated iron enclosed in their mouth. St. Ammon was whipped to death. The names of the 40 Holy Women should be considered with reservation, as some of them, a.o. Chaido and Lampro, belong to saints of later centuries (16th-18th) and are not testified without doubt to be the saints of the first centuries.

01 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

JM

 

Ý

Callistratus (Kallistratos)

Martelaar

en zijn 49 Metgezellen

 

 

27 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

DFIJK

M

 

Ý

Callistus (Kallistos)

 

 

20 JUΝI

      ΙΟΥΝΙΟΣ

D

 

Ý

Callistus (Kallistos)

“de Onoverwonnene”,

Aetius, Bassoi (Basoes) “de Sterkste”, Constantinus (“de Moedige”), Melissenus, Theodorus (“de Al-Gezegende”), Theophilos (“de Wonderbaarlijke”) en hun metgezellen, de 42 Martelaren van Amorea (Ammoria, Ammorium) in Phrygia

Tijdens een oorlog tussen de Byzantijnse Keizer Theophilus (829-842) en de Saracenen, belegerden de Saracenen de stad Ammoria. Toen Ammoria viel, werden 42 van haar generaals gevangengenomen en naar Syrië gestuurd, waar ze zeven jaar lang opgesloten werden. Tijdens hun gevangenschap probeerden ze de gevangenen over te halen om afstand te doen van hun christelijke geloof en de islam aan te nemen. De gevangenen weerstonden alle verleidelijke aanbiedingen en hielden stand tegen verschrikkelijke bedreigingen. Na vele martelingen werden ze ter dood veroordeeld. De martelaren bleven standvastig. Eén voor één namen de beulen hen mee om te worden onthoofd. Naderhand gooiden ze de lichamen in de rivier Euphrates. Dit gebeurde rond 845. In de dienst voor hen, worden ze geprezen als: de "Al-Gezegende" Theodorus, de "Onoverwonnene" Callistus, de "Moedige" Constantinus, de "Wonderbaarlijke" Theophilus en "de Sterkste" Basoes.

During a war between the Byzantine Emperor Theophilus (829-842) and the Saracens, the Saracens besieged the city of Ammoria. When Ammoria fell, 42 of its generals were taken captive and sent off to Syria, where they were imprisoned for seven years. During their imprisonment they tried to persuade the captives to renounce Christianity and accept Islam. The captives resisted all their seductive offers and held out against terrible threats. After many torments they were condemned to death. The martyrs remained steadfast. One by one the executioners took them and led them off to be beheaded. Afterwards they threw the bodies into the river Euphrates. This happened around 845. In the service to them, they are glorified as: the "All-Blessed" Theodore, the "Unconquered" Callistus, the "Valiant" Constantine, the "Wondrous" Theophilus and "the Most Strong" Basoes.

06 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DJK

 

Ý

Callistus (Kallistos),

Evodius en Hermogenes, de Broeder-Martelaren

 

 

01 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

J

 

Ý

Calodotus (Kalodotes)

Martelaar

 

 

06 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

D

 

Ý

Candidus (Kandidos),

Acacius, Aesychius, Aetius, Aggia, Alexander, Athanasius, Cirillus, Claudius, Cudio, Cyrius, Domitian, Domninus, Ecdicius, Eunoicus, Eutychius, Eutychus (Aglaius), Flavius, Gaius, Gorgonius, Helianus, Heraclius, Ile, Johannes, Leontius (Theoctistus), Lisimachus, Melito, Nicallus, Philotemon, Priscus, Sacerdos, Severianus, Sisinnius, Smaragdus, Theodulus, Theophilus, Valens, Valerius, Vicratius (Vibianus), Xantius, de 40 Martelaren van Sebaste

De 40 Martelaren van Sebaste waren Christelijke soldaten in het Romeinse leger in het jaar 320 A.D. Toen de vervolging van de Christenen begon tijdens het regime van Licinius, werden de martelaren vastgebonden en in een meer gegooid. Een wacht werd neergezet om te voorkomen dat ze zouden ontsnappen. Er was een verschrikkelijke vorst en het meer bevroor rondom de lichamen van de martelaren. De folteraars verwarmden een bad aan de rand van het meer om de martelaren over te halen Christus te loochenen. Eén van hen kwam uit het water en klom in het bad. Toen verscheen er een buitengewoon licht uit de hemel, dat het water en de lichamen van de martelaren verwarmde, en 39 kronen daalden uit de hemel neer op hun hoofden. De wacht aan de oever zag dit, trok al zijn kleren uit en voegde zich bij de martelaren in het meer. Inderdaad daalde de laatste en 40e kroon op zijn hoofd neer. De volgende dag waren de martelaren nog steeds in leven, dus gaven de rechtes het bevel om hun onderbenen te breken en in het water te gooien, zodat Christenen ze niet meer terug konden vinden. Op de derde nacht dreef elk been dat gescheiden was van hun lichamen aan de oppervlakte en gloeide als een kaars. Bisschop Petrus verzamelde en begroef ze eervol.

The 40 Martyrs of Sebaste were Christian soldiers in the Roman army in the year 320 A.D. When the persecution of Christians began during the reign of Licinius, the martyrs were bound and tossed into the lake. A guard was stationed to prevent them from escaping. There was a terrible frost and the lake froze around the bodies of the martyrs. The torturers heated a bath by the side of the lake in sight of the frozen martyrs to persuade them to deny Christ. One of them came out of the water and entered the bath. Then an extraordinary light appeared from heaven which warmed the water in the lake and the bodies of the martyrs and thirty-nine wreaths descended from heaven over their heads. The guard on the shore saw this, removed all his clothes and entered the lake to join the martyrs. Indeed, the last and fourtieth wreath descended upon him. The next day the martyrs were still alive, so the judges ordered that the lower part of their legs be broken and their bodies thrown into the water so Christians could not recover them. On the third night every bone which was separated from their bodies floated to the top and glowed like a candle. Bishop Peter gathered and honorably buried them.

09 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DJKM

 

Ý

Capito (Kapitonos),

Aetherius, Basilius, Eugenius, Agathodorus, Elpidius en Ephraim, Patriarch van Antiochië,

de Zeven Heilige Hiero-Martelaren van Cherson

De Zeven Heilige Hiero-Martelaren van Cherson waren allen bisschoppen in Cherson in verschillende periodes. Ze stierven allen de marteldood gedurende de vroege jaren van de vierde eeuw, behalve Aetherius, die in vrede stief. Allemaal waren ze door de Patriarch van Jeruzalem uitgezonden als missionarissen. Basilius wekte de zoon van de prins op uit de dood. Hierom werd hij aan zijn voeten vastgebonden en door de straten gesleurd tot hij stierf. Ephrem werd onthoofd. Eugenius, Elpidus en Agathadorus werden met staven geslagen en dood gestenigd. Aetherius leefde gedurende het regime van Constantinus de Grote. Hij regeerde de Kerk in vrijheid en vrede, stichtte een grote kerk in Cherson, en stierf in vrede. Capito (een enkele website noemt hem Caption) was de laatste van de bisschoppen. Hij werd gevangen genomen door heidense Scythianen en werd verdronken.

The Seven Holy Hiero-Martyrs of Cherson were all bishops in Cherson at different times. They were all martyred during the early years of the fourth century, except Aetherius, who died peacefully. All of them were sent by the Patriarch of Jerusalem as missionaries. Basil raised the son of a prince from the dead. For this he was tied and bound by the feet and dragged through the streets until he died. Ephrem was beheaded. Eugenius, Elpidus and Agathadorus were beaten with rods and stoned to death. Aetherius lived during the reign of Emperor Constantine the Great. He governed the Church in freedom and peace, erected a large church in Cherson, and died peacefully. Capito (on one website he is called Caption) was the last of the bishops. He was captured by pagan Scythians and was drowned.

07 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DJK

 

Ý

Carpus (Karpos),

bisschop van Beroea (Varna)

en Alphaeus, Apostelen van de 70

Carpus was één van de Zeventig Apostelen en een volgeling en metgezel van de Apostel Paulus. Paulus benoemde hem tot bisschop van Beroea (Varna) in Thracië. Hij preekte ook de Gospel op Kreta. Na vele aanvallen verdragen te hebben werd hij uiteindelijk gemarteld door de Joden en gedood. Carpus wordt tegelijk met Alphaeus herdacht, ook Apostel van de 70 (>>>zie Alphaeus 26 mei). Carpus wordt ook herdacht op 4 januari (Synaxis van de 70 Apostelen/Discipelen).

Carpus was one of the Seventy Apostles and a follower and companion of the Apostle Paul. Paul appointed him as bishop of Beroea (Varna) in Thrace. He also preached the Gospel on Crete. Enduring many assaults he finally suffered martyrdom at the hands of the Jews and was killed. Carpus is commemorated together with Alphaeus, also Apostle of the 70 (>>>see Alphaeus 26th of may). Carpus is also commemorated on the 4th of january (Synaxis of the 70 Apostles/Disciples).

26 MEI

     ΜΑΙΟΣ

DJKM

 

Ý

Carpus (Karpos)

Bisschop van Phiatirea

en Paphylus, Martelaren, vrijwillig gevolgd door Agathodorus en Agathanica

De Heilige Martelaren Karpos, Bisschop van Phiatirea, Diaken Papila (Paphylus), Agathodoros en Agathonika (de zuster van Papila), leden in de tijd van de Christenvervolging onder de keizer Decius in de 3e Eeuw. Toen Karpos en Papila de heidense feesten niet vierden, gaf de gouverneur orders hen te arresteren. Ze werden vastgebonden en in ijzeren ketenen door de stad geleid. Toen werden ze aan paarden vastgebonden en naar de nabijgelegen stad Sardis gesleept. Agathodoros en Agathonika volgden vrijwillig na Karpos en Papila. In Sardis werd Agathonika gewurgd. Karpos, Papila en Agathodoros werden onthoofd. Tijdens zijn leven was Saint Papila bekend om zijn gave zieken te behandelen. Ook na zijn martelaarsdood geeft hij genezing aan iedereen die zijn toevlucht tot hem zoekt.

The Holy Martyrs Karpos, Bishop of Phiatirea, Deacon Papila (Paphylus), Agathodoros and Agathonika (the sister of Papila), suffered during a time of persecution against Christians under the emperor Decius in the 3rd Century. When Karpos and Papila did not celebrate the pagan feasts, the governor gave orders to arrest them. They were bound and led through the city in iron chains. Then they were tied to horses and dragged to the nearby city of Sardis. Agathodoros and Agathonika voluntarily followed after Karpos and Papila. In Sardis Agathonika was choked to death with ox sinews. Karpos, Papila and Agathodoros were beheaded. During life Saint Papila was known for his gift of treating the sick. Also after his martyr's death he gives healing to all who have recourse to him.

13 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

DJKM

 

Ý

Carpus (Karpos)

 

Synaxis van de 70 apostelen

Sunaksi ton 70 Apostolon

 

Carpus was één van de 70 Discipelen en Apostelen van Christus waren door Hem gekozen ter aanvulling op de Twaalf en heengezonden voor de prediking. Zij begeleidden en assisteerden de Heilige Twaalf Apostelen, die in verschillende landen de Gospel van Christus preekten. In de loop van de tijd werden anderen aan hun aantal toegevoegd door de Heilige Apostelen en hun aantal werd uiteindelijk groter dan zeventig. Niettemin werd altijd naar hen verwezen als “van de Zeventig”:

Carpus was one of the 70 Disciples and Apostles of Christ were chosen by Him in addition to the Twelve and sent forth unto the work of preaching. They accompanied and assisted the Holy Twelve Apostles, who were preaching the Gospel of Christ in various lands. With the passage of time others were added to their number by the Holy Apostles and their number eventually exceeded seventy. Nonetheless they were all referred to as "of the Seventy":

04 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Casiana (Kasiani)

Sint Casiana was een Byzantijnse non, een ascete en hymneschrijfster. Ze leefde tijdens het regime van Koning Theophilos (829-842). Haar biographie is in geen enkele synaxarion terug te vinden. Haar herdenking werd op 7 september gevierd op het eiland Kasos, waarvan zij de beschermster was. Er is echter geen enkele nadere informatie hierover terug te vinden. Op de een of andere manier is haar heiligverklaring officiëel gemaakt door de Kerk van Alexandrië.

Saint Casiana was a Byzantine nun, an ascetic and hymnewriter. She lived during the reign of King Theophilos (829-842). Her biography is not found in any synaxarion. Her memory was established on the 7th of september on the island Kasos, of which she was the protector. However no further information about this can be found. Someway her sanctification was made official by the Church of Alexandria.

07 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

M

 

Ý

Caspar (Gaspar) van de Magi,

Balthasar en Melchior

I Proskynese Ton Magon

Adoration of the Magi

Aanbidding van de Magi

Een wonderbaarlijke ster openbaarde de Geboorte van Christus aan de Wijzen Balthasar, Melchior en Gaspar. Dit was geen gewone ster, maar een "manifestatie van goddelijke energie" (Verhaal van de Aanbidding van de Magi). Toen de Wijzen het huis binnen gingen waar de Zuigeling Christus lag, vielen de Wijzen neer "en aanbaden Hem: en toen zij hun schatten hadden geopend, gaven zij Hem giften: goud, wierook en mirre" (Mt. 2:11). Het Evangelie vermeldt niet de namen van de drie Wijzen (Magi). De overlevering dat er drie bezoekers van het oosten waren is zeer oud. Hun namen worden echter pas in de Middeleeuwen vermeld. De beenderen waarvan beweerd wordt dat ze de overblijfselen van de Magi zijn, verblijven sinds 1164 in de kathedraal van Keulen, Duitsland.

Volgens één website zijn de namen Balthasar, Melchior en Gaspar Verlatijnste Perzische namen. Hun Griekse namen zouden zijn: Apellius, Amerius en Damascus; en hun Hebreeuwse namen: Galgalat, Malgalat en Sarathin (>>>zie ook deze namen)

A wondrous star revealed the Nativity of Christ to the Magi Balthasar, Melchior and Gaspar. This was no ordinary star, but a "manifestation of divine energy" (Narrative of the Adoration of the Magi). When the Magi entered the house where the Infant Christ lay, the Magi "fell down, and worshipped Him: and when they had opened their treasures, they presented Him gifts: gold, frankincense and myrrh" (Mt. 2:11). The Gospel doesn’t mention the names of the three Wise Men (Magi). The tradition that there were three visitors from the east is very ancient. However their names are only mentioned in the Middle Ages. Bones that are said to be the relics of the three Magi have been in the cathedral at Cologne, Germany, since 1164.

According to one website the names Balthasar, Melchior and Gaspar are Latinized Persian names. The site states that their Greek names are: Apellius, Amerius and Damascus; and their Hebrew names: Galgalat, Malgalat and Sarathin (>>>also see these names).

25 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

 

 

Ý

Cassianus

(Kassianos, Johannes Cassianus, Johannes van Massilia)

en Germanus (Hermanus) van Dacia Pontica (Dobrogea)

Sint Johannes Cassianus werd geboren rond het jaar 350. Volgens sommigen kwam hij uit Rome, volgens anderen kwam hij uit Dacia Pontica (Dobrogea in het hedendaagse Roemenië). Sint Johannes Cassianus was een geleerd man die dienst had gedaan in het leger. Later werd hij monnik in Bethlehem met zijn vriend en mede-asceet Germanus van Dacia Pontica (Dobrogea). Ze gingen naar Egypte rond het jaar 390 om de beroemde monniken van Scete te ontmoeten. In het jaar 403 gingen ze naar Constantinopel. Daar werd Johannes Cassianus tot diaken benoemd. In Rome werd Sint Cassianus tot priester gewijd. Hij ging naar Marseille en stichtte daar het beroemde klooster van Sint Victor. Hij overleed in vrede rond het jaar 433 of 435. Zijn hoofd en rechterhand verblijven in de belangrijkste kerk. Het is onbekend waar Sint Germanus overleed. Hij werd verheerlijkt door de Orthodoxe Kerk van Roemenië in 1992. Het is niet zeker of Sint Germanus ook wordt herdacht in de Grieks Orthodoxe Kerk. Ik vond op geen enkele Grieks Orthodoxe kalender een aantekening, maar één Griekse website merkt in de biographie van Johannes Cassianus op, dat Sint Germanus ook vandaag wordt herdacht.

Saint John Cassian was born about the year 350. According to some he was from Rome, according to others he was from Dacia Pontica (Dobrogea in present-day Romania). Saint John Cassian was a learned man who had served in the military. Later he became a monk in Bethlehem with his friend and fellow-ascetic Germanus of Dacia Pontica (Dobrogea). They went to Egypt about the year 390 to meet the famous monks of Scete. In the year 403 they went to Constantinople. There John Cassian was ordained deacon. In Rome Saint Cassian was ordained priest. He went to Marseilles and established the famous monastery of Saint Victor. He reposed in peace about the year 433 or 435. His head and right hand are in the main church. It is not known where Saint Germanus reposed. He was glorified by the Orthodox Church of Romania in 1992. It is not certain if Saint Germanus is also commemorated in the Greek Orthodox Church. I found no notation on any Greek Orthodox calendar, but one Greek website mentions in the biography of John Cassian that Saint Germanus is also commemorated today.

29 FEBRUARI

    ΦΕΒΡΟΥΑΡΙΟΣ

In schrikkeljaren:

If it is not a leap year:

28 FEBRUARI

    ΦΕΒΡΟΥΑΡΙΟΣ

DM

 

Ý

Castor (Kastor),

Tiburtius, Claudius en Castulus, Tranquillinus en zijn zonen Markus en Marcellinus, Nicostratus en zijn vrouw Zoe,  Metgezellen van Sebastianus,  de Martelaar

Sint Sebastianus kwam uit de stad Milaan. Hij was een lid van de Senaat, en had velen tot het Christelijke geloof bekeerd. Toen Diocletianus en Maximianus een Vervolging begonnen tegen de Christenen, werd Sint Sebastianus gearresteerd. Hij werd doorboord met scherpe pijlen, en de beenderen van zijn lichaam werden verbrijzeld met stokken. Nadat hij in stukken was gesneden, stierf hij in het jaar 288. Zijn metgezellen, die samen met hem stierven, waren: Marcellinus en Markus de broers, Tranquillinus hun vader, Nicostratus en zijn vrouw Zoë, Tiburtius, Claudius, Castulus en Castor.

Saint Sebastian was from the city of Milan. He was a member of the Senate, and had converted many to the Christian faith. When Diocletian and Maximian began a Persecution against the Christians, Saint Sebastian was arrested. He was pierced with sharp arrows, and the bones of his body were shattered with clubs. When he was being cut into pieces, he died in the year 288. His companions, who died together with him, were: Marcellinus and Mark the brethren, Tranquillinus their father, Nicostratus and his spouse Zoe, Tiburtius, Claudius, Castulus, and Castor.

18 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

D

 

Ý

Castrichius (Kastrichios),

Amonitus, Anicletus, Athanasius, Barachius, Callimachus, Callinicus, Claudianus, Diodotus, Dorotheus, Ducitius, Epiphanius, Eugenius, Eutychius, Gigantius, Hesychius, Hilarion, Longinus, Mamas, Maximianus, Nicander, Nikon, Ostrychius, Themelius, Theodochus, Theodorus, Theodotus, Theodoulus, Theogenes, Theophilus, Valerius en Xanthius, de 32 Metgezellen van Hieron, samen de 33 Martelaren van Melitene in Armenië

Sint Hieron kwam uit Tyana in Cappadocië. Hij was een erg sterke en edele landbewerker. Hij was bezig te graven in zijn veld, toen soldaten kwamen om hem te ronselen voor het leger. Maar Hieron, zelf een Christen, weigerde keizers te dienen, die Christenen vervolgden. Met zijn houten gereedschap joeg hij de gewapende soldaten weg, die in angst vluchtten vanwege zijn kracht. Later echter ging hij uit eigen vrije wil en bekende tegenover de gouverneur een Christen te zijn. Ze hakten zijn rechterhand af en hij werd gevangengezet met 32 anderen, omdat ze hadden geweigerd aan de afgoden te offeren. Samen werden ze allen onthoofd buiten de stad Melitene in Armenië, in het jaar 290. De andere 32 martelaren waren: Amonitus, Anicletus, Athanasius, Barachius, Callimachus, Callinicus, Castrichius, Claudianus, Diodotus, Dorotheus, Ducitius, Epiphanius, Eugenius, Eutychius, Gigantius, Hesychius, Hilarion, Longinus, Mamas, Maximianus, Nicander, Nikon, Ostrychius, Themelius, Theodochus, Theodorus, Theodotus, Theodoulus, Theogenes, Theophilus, Valerius en Xanthius.

Saint Hieron was from Tyana in Cappadocia. He was a very strong and noble husbandman. He was busy digging in his field, when soldiers came to press him into military service. But Hieron, a Christian himself, refused to serve emperors who persecuted Christians. He drove away with his wooden tool the armed soldiers, who fled in fear because of his strength. Later, however, he went of his own free will, and confessed to be a Christian before the governor. They cut off his right hand, and he was imprisoned with thirty-two others, because they had refused to sacrifice to the idols. Together they were all beheaded outside the city of Melitene in Armenia, in the year 290. The other 32 martyrs were: Amonitus, Anicletus, Athanasius, Barachius, Callimachus, Callinicus, Castrichius, Claudian, Diodotus, Dorotheus, Ducitius, Epiphanius, Eugene, Eutychius, Gigantius, Hesychius, Hilarion, Longinus, Mamas, Maximian, Nicander, Nikon, Ostrychius, Themelius, Theodochus, Theodore, Theodotus, Theodoulus, Theogenes, Theophilus, Valerius and Xanthius.

07 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

 

 

Ý

Castulus (Kastoulos),

Castor, Tiburtius en Claudius, Tranquillinus en zijn zonen Markus en Marcellinus, Nicostratus en zijn vrouw Zoe,  Metgezellen van Sebastianus, de Martelaar

Sint Sebastianus kwam uit de stad Milaan. Hij was een lid van de Senaat, en had velen tot het Christelijke geloof bekeerd. Toen Diocletianus en Maximianus een Vervolging begonnen tegen de Christenen, werd Sint Sebastianus gearresteerd. Hij werd doorboord met scherpe pijlen, en de beenderen van zijn lichaam werden verbrijzeld met stokken. Nadat hij in stukken was gesneden, stierf hij in het jaar 288. Zijn metgezellen, die samen met hem stierven, waren: Marcellinus en Markus de broers, Tranquillinus hun vader, Nicostratus en zijn vrouw Zoë, Tiburtius, Claudius, Castulus en Castor.

Saint Sebastian was from the city of Milan. He was a member of the Senate, and had converted many to the Christian faith. When Diocletian and Maximian began a Persecution against the Christians, Saint Sebastian was arrested. He was pierced with sharp arrows, and the bones of his body were shattered with clubs. When he was being cut into pieces, he died in the year 288. His companions, who died together with him, were: Marcellinus and Mark the brethren, Tranquillinus their father, Nicostratus and his spouse Zoe, Tiburtius, Claudius, Castulus, and Castor.

18 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

D

 

Ý

Catharina (Katherine)

de Al-Wijze, Groot-Martelares

Sint Catharina was van Alexandrie, dochter van Constas (of Cestus). Ze was een buitengewoon mooie maagd, zeer bevallig en befaamd om haar rijkdom, gedrag en intelligentie. Door haar standvastige schranderheid overwon ze de hartstochtelijke ziel van Maximinus (de tiran van Alexandrie), en met haar welsprekendheid deed ze de filosofen verstommen. In 305 stierf ze de marteldood. Haar heilige relieken werden vele jaren later op de Heilige Berg Sinai gevonden.

Oorspronkelijk werden de heiligen Catharina en Mercurius herdacht op 24 november, en de Hiero-Martelaren Clementinus van Rome en Petrus van Alexandrie op 25 november. Op verzoek van de Kerk en het Klooster van de Berg Sinai werden deze data omgewisseld, zodat het festival van St. Catharina, hun patrones, meer feestelijk gevierd kon worden samen met de Apodosis van de Entree van de Theotokos. De Slavische kerken herdenken deze heiligen echter op de oorsponkelijke data.

Saint Catharina was from Alexandria, daughter of Constas (or Cestus). She was a very beautiful virgin, very chaste and illustrious in wealth, lineage, and learning. By her steadfast understanding she vanquished the passionate soul of Maximinus (the tyrant of Alexandria), and by her eloquence she stopped the mouths of the philosophers. In 305 she died as a martyr. Many years later her holy relics were found on the Holy Mountain of Sinai.

According to the ancient usage, Saints Catherine and Mercurius were celebrated on the 24th of november, whereas the holy Hieromartyrs Clement of Rome and Peter of Alexandria were celebrated on the 25th. The dates were interchanged at the request of the Church and Monastery of Mount Sinai, so that the festival of Saint Catherine, their patron, might be celebrated more festively together with the Apodosis of the Feast of the Entry of the Theotokos. The Slavic Churches, however, commemorate these Saints on their original dates.

Griekse kalender:

Greek calendar:

25 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

Slavische kalender:

Slavic calendar:

24 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

ABCD

FHIJ

M

 

Ý

Cecilia (Kikilia),

Valerian en Tiburtius, Martelaren

Sint Cecilia kwam uit een vermaarde Romeinse familie. Toen ze getrouwd was met Valerianus, bekeerde ze hem tot het christendom. Valerianus op zijn beurt bekeerde zijn broer Tiburtius. Ze stierven als martelaren tijdens het regime van Diocletianus in het jaar 288.

Saint Cecilia was of an illustrious Roman family. When she was betrothed to Valerian, she converted him to christianity. Valerian in turn converted his brother Tiburtius. They died as martyrs during the reign of Diocletian in the year 288.

22 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

DJM

 

Ý

Celsius (Kelsios),

Nazarius, Gervasius en Protasius,

Martelaren van Milaan

De Martelaren Nazarius, Gervasius, Protasius en Celsius van Milaan leden tijdens het regime van keizer Nero (54-68). Sint Nazarius was de zoon van de Christin Perpetua en de Jood Afrikanus. Hij werd in Rome geboren en werd gedoopt door Bisschop Linus. Hij verliet Rome en kwam aan in Mediolanum (Milaan). Daar ontmoette hij de tweeling Protasius en Gervasius toen hij Christenen bezocht in de Mediolanum gevangenis. Toen de heerser hoorde, dat hij de gevangenen bezocht, werd Sint Nazarius met staven geslagen en uit de stad verdreven. Hij ging naar Gaul (modern Frankrijk), waar hij het Christendom preekte en vele heidenen bekeerde. In de stad Kimel doopte en adopteerd hij Celsius, die hij in vroomheid opvoedde. Celsius werd zijn medewerker in zijn missionariswerk. Nazarius en Celsius gingen naar Milaan en bezochten Gervasius en Protasius in de gevangenis. Hierom werden ze voor Nero gebracht, die opdracht gaf om Nazarius en Celsius te onthoofden. Kort daarna werden de broers Gervasius en Protasius ook geëxecuteerd. De relieken van de 4 martelaren werden gestolen. Ze werden vele jaren later teruggevonden en overgebracht naar de kathedraal van Milaan.

The Martyrs Nazarius, Gervasius, Protasius and Celsius of Milan suffered during the reign of the emperor Nero (54-68). Saint Nazarius was the son of the Christian Perpetua and the Jew Africanus. He was born at Rome and was baptized by Bishop Linus. He left Rome and arrived in Mediolanum (Milan). There he met the twins Protasius and Gervasius, when he was visiting Christians in the Mediolanum prison. When the ruler heard that he was visiting the prisoners, Saint Nazarius was beaten with rods, and driven from the city. He went to Gaul (modern France), where he preached Christianity and converted many pagans. In the city of Kimel he baptized and adopted Celsius, whom he raised in piety. Celsius became his coworker in his missionary labors. Nazarius and Celsius went to Milan and visited Gervasius and Protasius in prison. For this, they were brought before Nero, who ordered that Nazarius and Celsius to be beheaded. Soon after, the brothers Gervasius and Protasius were also executed. The relics of all four martyrs were stolen. They were found back many years later, and transferred to the Milan cathedral.

14 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

DJ

 

Ý

Censorinus (Kensourinos),

20 soldaten en gevangenisbewaarders met hem, de Hiero-Martelaar Hippolytus (Ippolytos), priester van de Kerk van Rome, Sabinos (of Sabaïnos), Chrysa (of Aura, Avra) de maagd en haar 20 metgezellen: Amandinus, Archelaus de Diaken, Ares, Commodus (Komodos), Cyprus (Kypros), Cyriacus (of Quirinus) (Kyriakos of Kyrinos) de bisschop, Eusebius, Felix (Felikos), Herculianus (of Herculinus) (Erkoulios of Erkoulinos), Hermes (Ermis), Maurus (Mavros), Maximus, Maximus de presbyter, Mennas (Minas), Monagrius, Olympius (of Olympinos), Rusticus (Roustikos), Stiracius (Styrakios), Theodorus de Tribuun en Venerius (Benerios), martelaren.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Sint Hippolytus wordt genoemd als een paus of een bisschop van Rome. Eén website noemt hem als een antipope. Hij was een discipel van Sint Irenaeus, bisschop van Lugdunum (Lyons in Frankrijk) en een christelijke theoloog, die vele verhandelingen en commentaren op de Bijbelse Boeken schreef. Hij was één van de laatste Westerse Vaders, die in het Grieks schreef. Toen Sint Hippolytus hoorde over het lijden van deze martelaren, verscheen hij voor de gouverneur en protesteerde tegen hun onmenselijkheid. De woedende gouverneur veroordeelde hem tot martelingen. Na lange kwellingen bonden ze zijn handen en voeten en gooiden hem in zee. Zijn relieken werden naar de kerk van de Martelaren Laurentius en Paus Damasus in Rome overgebracht..

Sint Censorinus was een hooggeplaatste magistraat. Hij werd gearresteerd en in de gevangenis gegooid omdat hij christen was. Toen hij een dode man tot leven wekte, bekeerden twintig soldaten en gevangenisbewaarders zich tot het christendom. Zij werden samen met Sint Censorinus onthoofd.

Toen werd de maagd Chryse, die uit een aristocratische familie kwam, ondervraagd. Zij bekende een christin te zijn en werd gemarteld. Eerst openden ze haar zijden en verbrandden haar wonden met brandende kaarsen. Na vele verschrikkelijke kwellingen bonden ze een grote steen om haar nek en verdronken haar in zee. Samen met Sint Chryse stierven de martelaren Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore de tribuun, Maximus de presbyter, Archelaus de diaken en Cyriacus de bisschop.

Met zware stenen rond zijn nek gebonden werd Sint Sabinus aan een boom opgehangen. De heidenen verbrandden zijn zijden met toortsen tot hij stierf.

Al deze Romeinse martelaren stierven in het jaar 269 AD. Met name het martelaarschap van Sint Chrysa wordt gerapporteerd.

Saint Hippolytus is mentioned as a pope or a bishop of Rome. One website mentions him as an antipope. He was a disciple of St Irenaeus, bishop of Lugdunum (Lyons in France) and a christian theologian who wrote many treatises and commentories on the Biblical Books. He was one of the last Western Fathers to write in Greek. When Saint Hippolytus he learned of the suffering of these martyrs, he appeared before the governor and protested against their inhumanity. The enraged governor sentenced him to be tortured. After long torments, they tied his hand and feet and threw him into the sea. His relics were put in the church of the martyrs Laurence and Pope Damasus in Rome.

St Censorinus was a high-ranking magistrate. He was arrested and thrown into prison being a christian. When he raised up a dead man, twenty soldiers and prison guards were converted to christianity. They were beheaded with St Censorinus.

Then the virgin Chryse, who was from an aristocratic family, was brought for interrogation. She confessed being a christian and was tortured. At first they opened her sides and they burned her wounds with burning candles. After many other horrible torments, they tied a big rock around her neck and drowned her in the sea. With Saint Chryse suffered the martyrs Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore the Tribune, Maximus the Presbyter, Archelaus the Deacon, and Cyriacus the Bishop.

With heavy rocks tied around his neck, Saint Sabinus was hung on a tree. The idolaters burned his sides with torches untill he died.

All these Roman martyrs suffered in the year 269 AD. Especially the martyrdom of Saint Chrysa is reported.

30 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

 

 

Ý

Cephas (Petrus) de Apostel

Veneratie van zijn ketenen

Herodes Agrippa, de kleinzoon van Herodes de Grote en koning van de Joden, nam Petrus in bewaring, sloot hem op in de gevangenis en bond hem met ketenen. Maar de Apostel werd op miraculeuze wijze bevrijd. Door zijn ketenen werden vele wonderen en genezingen verricht. Hiervan leerde de Orthodoxe Kerk om niet alleen verering en vroomheid aan de relieken van de lichamen van de Heiligen te wijdenmaar ook aan hun kleding.

Herod Agrippa, the grandson of Herod the Great and king of the Jews, took Peter into custody, locked him up in prison, and bound him with chains. But the Apostle was miraculously set free. Through his chains many miracles and healings were worked. From this the Orthodoxe Church has learned to show reverence and piety not only to the relics of the bodies of the Saints, but also in their clothing.

16 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DJ

 

Ý

Cephas (Petrus) de Apostel

en Paulus, Chiefs van de Apostelen

Een grote dag, daar de avond hiervoor, wanneer de kransen, gemaakt tijdens de picknicks van 1 mei, groots worden verbrand – het gevaar van het kwaad is succesvol geweken. Het is ook een wijdverbreid gevierde naamdag voor diegenen, die Peter en Paul heten.

Sint Petrus kwam uit Bethsaida in Galilee. Hij was de zoon van Jonas en de broer van Andreas de Eerstgeroepene. Hij was een ongeletterde en arme visser, en heette Simon. Later hernoemde Jezus Christus hem Cephas, wat geïnterpreteerd wordt als “Petrus”. Petrus volgde Him als zijn Apostel vanaf het begin van Zijn prediking van Verlossing tot de eigenlijke Passie, toen hij hem 3 maal verloochende vanwege zijn angst voor de Joden. Na vele bittere tranen hierom, ontving hij volledige vergeving. Na de Opstanding van Christus preekte hij in Judea, Antiochië, en bepaalde delen van Azië. Uiteindelijk kwam hij naar Rome. Daar werd hij ondersteboven gekruisigd door Nero, rond het jaar 66 of 68.

Paulus was een Jood van ras, van de stam van Benjamin, met Tarsus als zijn thuisland. Hij was een Romeins burger, e sprak de Griekse taal vloeiend. Hij was een expert in kennis van de Wet, en een Farizeëer, geboren uit een Farizeëer, en een discipel van Gamaliel, een Farizeëer en notabele leraar van de Wet in Jeruzalem. Hierdoor was Paulus, die toen Saul heette, een groot vervolger van de Kerk van Christus. Hij ging naar Damascus met de bedoeling om de discipelen van Christus in ketenen terug naar Jeruzalem te brengen. Toen hij Damascus naderde, scheen er plotseling een hemels licht op hem. Hij hoorde de Heer tegen hem spreken en werd tijdelijk verblind. Hij werd in de stad geleid, en naar de Apostel Ananias, die hem doopte. En meteen begon hij de Gospel te preken. Hij reisde onophoudelijk door alle delen van Azië en Europa, het Westen en het Oosten. Hij eindigde zijn leven in martelaarschap, toen hij werd onthoofd in Rome tijdens het regime van Nero. Volgens sommigen was dit in dezelfde tijd toen Petrus werd gekruisigd.

A big day, as is the evening before, when the wreaths made at the picnics on 1 May will be burnt in bonfires – the danger from evil successfully passed. It is also a widely celebrated name day for those called Pétros and Pávlos.

Saint Peter was from Bethsaida of Galilee. He was the son of Jonas and the brother of Andrew the First-called. He was an unlearned and poor fisherman, and was called Simon. Later Jesus Christ renamed him Cephas, which is by interpretation “Peter”. Peter followed Him as his Apostle from the beginning of His preaching of salvation up until the very Passion, when he denied Him thrice because of his fear of the Jews. After many bitter tears for this, he received complete forgiveness. After the Resurrection of Christ, he preached in Judea, Antioch, and certain parts of Asia. Finally he came to Rome. There he was crucified upside down by Nero, about the year 66 or 68.

Paul was a Jew by race, of the tribe of Benjamin, having Tarsus as his homeland. He was a Roman citizen, and spoke the Greek language fluently. He was an expert in knowledge of the Law, and a Pharisee, born of a Pharisee, and a disciple of Gamaliel, a Pharisee and notable teacher of the Law in Jerusalem. Because of this, Paul, who was named Saul at that time, was a great persecutor of the Church of Christ. He went to Damascus with the intention was to bring the disciples of Christ back to Jerusalem in bonds. As he was approaching Damascus, suddenly a heavenly light shone upon him. He heard the Lord speak to him and was blinded for a time. He was led into the city, and to the Apostle Ananias, who baptized him. And straightway he started preaching the Gospel. He continuously travelled throughout all parts from Asia and Europe, the West and East. He ended his life in martyrdom, when he was beheaded in Rome during the reign of Nero. According to some, this was at the same time, when Peter was crucified.

29 JUΝI

      ΙΟΥΝΙΟΣ

ABCD

FGHI

JK

 

Ý

Cephas

 

Synaxis van de 70 apostelen

Sunaksi ton 70 Apostolon

 

Cephas was één van de 70 Discipelen en Apostelen van Christus waren door Hem gekozen ter aanvulling op de Twaalf en heengezonden voor de prediking. Zij begeleidden en assisteerden de Heilige Twaalf Apostelen, die in verschillende landen de Gospel van Christus preekten. In de loop van de tijd werden anderen aan hun aantal toegevoegd door de Heilige Apostelen en hun aantal werd uiteindelijk groter dan zeventig. Niettemin werd altijd naar hen verwezen als “van de Zeventig” (>>>zie ook Apostolus 4 januari).

Cephas was one of the 70 Disciples and Apostles of Christ were chosen by Him in addition to the Twelve and sent forth unto the work of preaching. They accompanied and assisted the Holy Twelve Apostles, who were preaching the Gospel of Christ in various lands. With the passage of time others were added to their number by the Holy Apostles and their number eventually exceeded seventy. Nonetheless they were all referred to as "of the Seventy" (>>>also see Apostolus 4th of january).

04 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

 

 

Ý

Cercyra (Kerkyra)

Euphrasius, Faustianus, Jakishol (Jakischolus of Inischolus), Januarius, Mamminus (Mammius, Mammonius), Marsalus (Massalus, Marsalius) en Sagornius (of Saturninus), Martelaren van Corfu en Metgezellen van Jason (Iason) en Sosipatrus, Apostelen van de 70

Jason en Sosipater, Discipelen van Paulus, waren van de 70 Apostelen. Cercyra was de dochter van de koning van het eiland Corfu. Jason was geboren in Tarsus in Cilicië en werd daar Bisschop. Sosipater, die Bisschop van Iconium werd, was geboren in Patras in Achaea. Tijdens hun reizen, de Gospel prekend, kwamen Jason en Sosipater aan op het eiland Corfu. Daar bouwden ze een kerk en bekeerden heidenen. Hierom liet de koning van het eiland hen in de gevangenis werpen. Daar bekeerden ze zeven dieven, die ook gevangen zaten, tot het Christelijke geloof. De namen van de dieven waren: Sagornius, Jakishol, Faustian, Januarius, Marsalus, Euphrasius en Mamminus. Hierom beval de koning, dat de zeven bekeerde dieven in kokende pek moesten worden gedood. De maagd Cercyra, de dochter van de koning, bekeek uit haar raam hoe haar vader de apostelen martelde. Dit ziend, verklaarde ze zichzelf een Christen en verdeelde al haar juwelen onder de armen. De koning, woedend, zette zijn dochter in een speciale gevangenis. Toen ze weigerde afstand te doen van haar Christelijke geloof, liet de koning de gevangenis platbranden, maar Cercyra bleef in leven. Veel mensen die dit wonder zagen, werden gedoopt. Toen liet de koning zijn dochter aan een boom binden en  met pijlen doodschieten. Veel Christenen vluchtten naar het dichtsbijzijnde eiland om zich te verstoppen voor de vreselijke koning. Toen de koning hen per boot achtervolgde, zond de boot en de koning stierf. Jason en Sosipater preekten vrijelijk de Gospel in Corfu tot ze op hoge leeftijd stierven. Jason en Sosipater worden ook herdacht op 4 januari (Synaxis van de 70 Apostelen/Discipelen).

Jason and Sosipater, Disciples of Paul, were of the Seventy Apostles. Cercyra was the daughter of the king from the island of Corfu. Jason was born in Tarsus in Cilicia and became Bishop there. Sosipater, who became Bishop of Iconium, was born in Patras in Achaea. During their travels, preaching the Gospel, Jason and Sosipater arrived on the island of Corfu. There they built a church and converted heathens. Because of this, the king of the island threw them into prison. There they converted seven thieves, who were als imprisoned, to the Christian faith. The names of the thieves were: Sagornius, Jakishol, Faustian, Januarius, Marsalus, Euphrasius and Mamminus. For this the king ordered the seven converted thieves to be put to death in boiling pitch. The virgin Cercyra, the daughter of the king, watched from the window how her father was torturing the apostles. Seeing this, she declared herself a Christian and distributed all of her jewels to the poor. The king, enraged, put his daughter in a special prison. When she refused to renounce her Christian faith, the king had the prison burned, but Cercyra remained alive. Many people who saw this miracle, were baptized. Then the king had his daughter tied to a tree and slain by arrows. Many Christians fled to the nearest island to hide themselves from the terrible king. When the king pursued them by boat, the boat sank and the king died. Jason and Sosipater freely preached the Gospel in Corfu until they died at old age. Jason and Sosipater are also commemorated on the 4th of january (Synaxis of the 70 Apostles/Disciples).

Griekse kalender:

Greek calendar:

29 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

Slavische kalender:

Slavic calendar:

28 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

DM

 

Ý

Chaido,

Adamantini, Akrivi, Antigoni, Aphroditi, Areboia, Aspasia, Athena, Dione, Dodoni, Elpiniki, Erasmia, Erato, Ermineia, Euterpe, Harikleia, Kalliroe, Kallisti, Kleio , Kleoniki, Kleopatra, Koralia, Lampro, Margarita, Marianthi, Melpomene, Moscho, Ourania, Pandora, Penelope, Polymnia, Polynike, Sappho, Terpsichore, Thaleia, Theano, Theonoe, Theonymphi, Theophani, Troada, martelaressen, de 40 Heilige Vrouwen en de martelaar Ammon (Ammoun), Diaken en hun Leraar

De Veertig Heilige Vrouwen waren afkomstig van Heraclea in Thracie. Ze hadden de diaken Ammon als gids, die hen onderwees in het Christendom. Ze stierven als martelaren onder de tiran Licinius rond 321-323. Tien van hen werden verbrand, acht van hen werden doodgeranseld, zes van hen werden aan stukken gesneden met messen, van tien werd het hart doorboord met een zwaard en zes stierven door gloeiend ijzer in hun mond gepropt. St. Ammon werd doodgeranseld. De namen van de 40 Heilige Vrouwen moeten met terughoudendheid worden beschouwd, daar sommige, oa. Chaido en Lampro, toebehoorden aan heiligen uit later eeuwen (16e-18e) en niet zonder twijfel vastgesteld is dat het de heiligen uit de vroege eeuwen betreft.

The Forty Holy Women were natives of Heraclea in Thrace. They had the deacon Ammon for a guide, who instructed them in Christianity. They died as martyrs under the tyrant Licinius around 321-323. Ten of them were burnt, eight of them were whipped to death, six of them were cut up by knifes, ten were pierced in the heart by a sword and six died from having the heated iron enclosed in their mouth. St. Ammon was whipped to death. The names of the 40 Holy Women should be considered with reservation, as some of them, a.o. Chaido and Lampro, belong to saints of later centuries (16th-18th) and are not testified without doubt to be the saints of the first centuries.

01 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

JM

 

Ý

Charalampus(Haralambos)

de Wonderdoener

Hiero-Martelaar

Sint Charalambus was een christelijke priester in Magnesia, de eerste stad van Thessaly, in de diocese met dezelfde naam. Hij stierf als martelaar tijdens het regime van Alexander Severus (222-235), toen Lucianus Proconsul was van Magnesia. Sint Charalambus was 103 jaar oud.

Saint Charalambus was a christian priest in Magnesia, the foremost city of Thessaly, in the diocese with the same name. He died as a martyr during the reign of Alexander Severus (222-235), when Lucian was Proconsul of Magnesia. Saint Charalambus was 103 years of age.

10 FEBRUARI

    ΦΕΒΡΟΥΑΡΙΟΣ

ABCD

FHIJ

K

 

Ý

Charesimus,

en Neophytus, Anthuse, hun meesteres, en Bisschop Athanasius, Martelaren

Anthusa was de dochter van rijke, heidense ouders uit Seleucia in Syria. Toen Anthusa over Christus hoorde, ging ze naar Bisschop Athanasius die haar doopte. Daarna was Anthusa bang om terug te keren naar haar ouders en trok de wildernis in om een ascetisch leven te leiden. Anthusa leefde 23 jaar in de wildernis. Wanneer ze tot God bad, knielde ze op een steen waaronder ze, volgens haar laatste testament, begraven wilde worden. Bisschop Athanasius en twee van Anthusa's dienaren, Charismus en Neophytus, werden hierna gedood omdat ze Christenen waren rond het jaar 257 A.D. (volgens anderen +270-275).

Anthusa was the daughter of wealthy, pagan parents from Seleucia in Syria. When Anthusa learned about Christ, she went to Bishop Athanasius who baptized her. After that Anthusa was afraid to return to her parents and set out for the wilderness to live a life of asceticism. Anthusa lived in the wilderness for twenty-three years. While praying to God, she was kneeling on a stone under which, according to her last testament, she wished to be buried. Bishop Athanasius and two of Anthusa's servants, Charismus and Neophytus, were slain after that because they were Christians about the year 257 A.D. (according to others +270-275).

22 AUGUSTUS

     AYΓΟΥΣΤΟΣ

 

 

Ý

Charita (Charito),

de maagd,

Chariton, Evelpistos, Hierarcos (Ierakos, Hierax), Justinus, Justus, Peon (Peonus, Paionos) en Liberian (Liberianus, of Valerianus), Metgezellen van Justinus de Filosoof, Martelaar

St. Justinus werd geboren in 103 en kwam van Neapolis in Palestina. Hij was een volgeling van Plato de filosoof. Toen hij volwassen was werd hij Christen. Tot het eind van zijn leven preekte hij het Christendom op filosofische wijze en wist Keizer Antoninus Pius (regeerde 138-161) te bewegen de christenvervolging te verlichten. Door toedoen van Crescens, een jaloerse Cynische filosoof, werd Sint Justinus onthoofd in het jaar 156, 166 of 167, tijdens het regime van Marcus Aurelius regeerde 161-180).

De martelaren Chariton, de maagd Charito (Charita), Euelpistus, Hierax, Justinus, Justus, Peonus en Liberianus (volgens anderen Valerianus) leden met Sint Justinus de Filosoof. Ze werden naar Rome gebracht en in de gevangenis gegooid. Toen ze weigerden aan de afgoden te offeren, werden ze ter dood veroordeeld en allemaal onthoofd.

Saint Justin was born in 103 and was from Neapolis of Palestine. He was a follower of Plato the philosopher. When he was already a mature man, he became a Christian. Until the end of his life he preached the Christian faith, and persuaded the Emperor Antoninus Pius (reigned 138-161) to relieve the persecution of Christians. Through the machinations of Crescens, an envious Cynic philosopher, Saint Justin was beheaded in Rome in 165, 166 or 167 under Marcus Aurelius (reigned 161-180).

The martyrs Chariton,the virgin Charito (Charita), Euelpistus, Hierax, Justin, Justus, Peonus and Liberian (according to others Valerian) suffered with Saint Justin the Philosopher. They were brought to Rome and thrown into prison. When they refused to sacrifice to the pagan gods, they were sentenced to death and were all beheaded.

01 JUΝI

      ΙΟΥΝΙΟΣ

DJK

 

Ý

Charitina

Martelares

Sint Charitina stierf als martelares tijdens het regime van Diocletianus in het jaar 290. Ze was de dienstmeid van Claudius. Ze werd verraden aan Dometianus, de Graaf, tegenover wie zij zonder angst bekende christen te zijn. Haar tanden en nagels werden met wortel en al uitgerukt en ze onderging vele andere vreselijke martelingen vóór ze stierf.

Saint Charitina died as a martyr during the reign of Diocletian in the year 290. She was the handmaid of Claudius. She was betrayed to Dometian, the Count, before whom she fearlessly confessed to be christian. Her teeth and nails were uprooted and she suffered many other terrible tortures before she died.

05 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

DFHI

K

 

Ý

Charito (Charita),

de maagd,

Chariton, Evelpistos, Hierarcos (Ierakos, Hierax), Justinus, Justus, Peon (Peonus, Paionos) en Liberian (Liberianus, of Valerianus), Metgezellen van Justinus de Filosoof, Martelaar

St. Justinus werd geboren in 103 en kwam van Neapolis in Palestina. Hij was een volgeling van Plato de filosoof. Toen hij volwassen was werd hij Christen. Tot het eind van zijn leven preekte hij het Christendom op filosofische wijze en wist Keizer Antoninus Pius (regeerde 138-161) te bewegen de christenvervolging te verlichten. Door toedoen van Crescens, een jaloerse Cynische filosoof, werd Sint Justinus onthoofd in het jaar 156, 166 of 167, tijdens het regime van Marcus Aurelius regeerde 161-180).

De martelaren Chariton, de maagd Charito (Charita), Euelpistus, Hierax, Justinus, Justus, Peonus en Liberianus (volgens anderen Valerianus) leden met Sint Justinus de Filosoof. Ze werden naar Rome gebracht en in de gevangenis gegooid. Toen ze weigerden aan de afgoden te offeren, werden ze ter dood veroordeeld en allemaal onthoofd.

Saint Justin was born in 103 and was from Neapolis of Palestine. He was a follower of Plato the philosopher. When he was already a mature man, he became a Christian. Until the end of his life he preached the Christian faith, and persuaded the Emperor Antoninus Pius (reigned 138-161) to relieve the persecution of Christians. Through the machinations of Crescens, an envious Cynic philosopher, Saint Justin was beheaded in Rome in 165, 166 or 167 under Marcus Aurelius (reigned 161-180).

The martyrs Chariton,the virgin Charito (Charita), Euelpistus, Hierax, Justin, Justus, Peonus and Liberian (according to others Valerian) suffered with Saint Justin the Philosopher. They were brought to Rome and thrown into prison. When they refused to sacrifice to the pagan gods, they were sentenced to death and were all beheaded.

01 JUΝI

      ΙΟΥΝΙΟΣ

DJK

 

Ý

Chariton de Confessor

 

 

28 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Chariton,

de maagd Charito (Charita), Evelpistos, Hierarcos (Ierakos, Hierax), Justinus, Justus, Peon (Peonus, Paionos) en Liberian (Liberianus, of Valerianus), Metgezellen van Justinus de Filosoof, Martelaar

St. Justinus werd geboren in 103 en kwam van Neapolis in Palestina. Hij was een volgeling van Plato de filosoof. Toen hij volwassen was werd hij Christen. Tot het eind van zijn leven preekte hij het Christendom op filosofische wijze en wist Keizer Antoninus Pius (regeerde 138-161) te bewegen de christenvervolging te verlichten. Door toedoen van Crescens, een jaloerse Cynische filosoof, werd Sint Justinus onthoofd in het jaar 156, 166 of 167, tijdens het regime van Marcus Aurelius regeerde 161-180).

De martelaren Chariton, de maagd Charito (Charita), Euelpistus, Hierax, Justinus, Justus, Peonus en Liberianus (volgens anderen Valerianus) leden met Sint Justinus de Filosoof. Ze werden naar Rome gebracht en in de gevangenis gegooid. Toen ze weigerden aan de afgoden te offeren, werden ze ter dood veroordeeld en allemaal onthoofd.

Saint Justin was born in 103 and was from Neapolis of Palestine. He was a follower of Plato the philosopher. When he was already a mature man, he became a Christian. Until the end of his life he preached the Christian faith, and persuaded the Emperor Antoninus Pius (reigned 138-161) to relieve the persecution of Christians. Through the machinations of Crescens, an envious Cynic philosopher, Saint Justin was beheaded in Rome in 165, 166 or 167 under Marcus Aurelius (reigned 161-180).

The martyrs Chariton,the virgin Charito (Charita), Euelpistus, Hierax, Justin, Justus, Peonus and Liberian (according to others Valerian) suffered with Saint Justin the Philosopher. They were brought to Rome and thrown into prison. When they refused to sacrifice to the pagan gods, they were sentenced to death and were all beheaded.

01 JUΝI

      ΙΟΥΝΙΟΣ

DJK

 

Ý

Chariton de Monnik,

Basilius (diaken), Comasius (Komassios) (monnik), Daniel (monnik), Etymasius (Hetoimassios) (monnik of leek) en/of Eusebius (monnik), Hierotheus (monnik), Johannes (priester), Nicephorus (Nikephoros) (priester), Petrus (priester), Sergius (priester), Socrates (monnik), Theodorus (bisschop), Theodorus (priester), Thomas (diaken) en Timotheus (bisschop), de 15 (or 16) Hieromartelaren van Tiberiopolis (Tiberioupolis)

De Martelaren Basilius (diaken), Chariton (monnik), Comasius (monnik), Daniel (monnik), Etymasius (monnik of leek) en/of Eusebius (monnik), Hierotheus (monnik), Johannes (priester), Nicephorus (priester), Petrus (priester), Sergius (priester), Socrates (monnik), Theodorus  (bisschop), Theodorus (priester), Thomas (diaken) en Timotheus (bisschop) waren geestelijken uit Nicaea en andere plaatsen. Toen Keizer Julianus de Apostaat (361-3) alle Christenen wilde dwingen de afgoden te aanbidden, vluchtten ze naar Thessalonica. Daar vonden ze geen vrede en ze gingen op weg naar Tiberiopolis (Strumica, ook Cilicia wordt genoemd). Gedurende korte tijd leidden ze daar een apostolisch leven, tot de soldaten van de tiran hen inhaalden en hen terug brachten naar Thessalonica. Toen ze weigerden Christus te verloochenen, werden ze met het zwaard onthoofd in Tiberiopolis in 361. Verschillende websites noemen 16 martelaren. Het zou mogelijk kunnen zijn dat de martelaren Etymasius en Eusebius met elkaar verward worden, of dat één van deze twee namen verkeerd is. Dit is echter niet zeker. Volgens slechts één website was Etymasius een leek, Volgens alle andere die ik gevonden heb was hij een presbyter (priester).

The Martyrs Basil (deacon), Chariton (monk), Comasius (Comassius, Komassios) (monk), Daniel (monk), Etymasius (Etimassius, Hetoimassios) (monk or layman) and/or Eusebius (Eusebios) (monk), Hierotheus (Hierotheos) (monk), John (priest), Nicephorus (Nikephoros) (priest), Peter (priest), Sergius (Sergios) (priest), Socrates (monk), Theodore (Theodor) (bisshop), Theodore (priest), Thomas (Thom) (deacon) and Timothy (bisshop) were clergy from Nicaea and other places. When Emperor Julian the Apostate (361-3) wanted to compel all Christians to turn back to idolatrous worship, they sought refuge in Thessalonica. They did not find peace there and they made their way to Tiberiopolis (Strumica, also Cilicia is mentioned). For a short while they led an apostolic life there, until the tyrant’s soldiers caught up with them and brought them back to Thessalonica. When they refused to deny Christ, they were beheaded by the sword in Tiberiopolis in 361. Several websites mention 16 martyrs. It might be possible that the martyrs Etymasius and Eusebius are being confused with eachother, or that one of these two names is wrong. However this is not certain. According to only one website Etymasius was a layman, according to all others that I found he was a presbyter.

28 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

 

 

Ý

Chionia,

Irene en Agape, Maagd-Martelaressen

De heilige zusters Agape, Irene en Chionia waren martelaars in Thessalonica in het jaar 295. Toen Keizer Diocletianus in Aquileia was, hoorde hij dat zij Christenen waren, en liet hen voor zich brengen. Omdat ze Christus niet wilden loochenen, werden ze gevangen gezet. Toen hij naar Macedonie ging, gaf hij hen over aan Dulcitius de Prefect. Dulcitius echter verloor zijn verstand en was niet in staat hen kwaad te doen. Toen gaf Diocletianus Graaf Sisinius het bevel over hen. Sisinius liet Agape en Chionia verbranden en Irene werd met een pijl neergeschoten.

The holy sisters Agape, Irene and Chionia suffered martyrdom in Thessalonica in the year 295. When the Emperor Diocletian was at Aquileia, he learned that they were Christians, and had them brought before him. Because they would not deny Christ, he had them imprisoned. When he went into Macedonia, he committed them to Dulcitius the Prefect. Dulcitius however lost his understanding and became incapable of doing them any harm. Then Diocletian gave Count Sisinius charge over them. Sisinius had Agape and Chionia burned and  Irene was shot with an arrow.

16 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

DJK

 

Ý

Chitus van Athene

 

 

10 AUGUSTUS

     AYΓΟΥΣΤΟΣ

D

 

Ý

Chloe

No proof of the existence of any saint with this name could be found. It is not clear with which feast this name can be connected. Most orthodox calendars don’t mention this name. It is doubtful if this information is correct.

No proof of the existence of any saint with this name could be found. It is not clear with which feast this name can be connected. Most orthodox calendars don’t mention this name. It is doubtful if this information is correct.

17 FEBRUARI-ΦΕΒΡ. 2008

15 FEBRUARI-ΦΕΒΡ. 2009

14 FEBRUARI-ΦΕΒΡ. 2010

13 FEBRUARI-ΦΕΒΡ. 2011

19 FEBRUARI-ΦΕΒΡ. 2012

17 FEBRUARI-ΦΕΒΡ. 2013

16 FEBRUARI-ΦΕΒΡ. 2014

14 FEBRUARI-ΦΕΒΡ. 2015

14 FEBRUARI-ΦΕΒΡ. 2016

19 FEBRUARI-ΦΕΒΡ. 2017

M

 

Ý

Choudion (Cudio),

Acacius, Aesychius, Aetius, Aggia, Alexander, Athanasius, Candidus, Cirillus, Claudius, Cyrius, Domitian, Domninus, Ecdicius, Eunoicus, Eutychius, Eutychus (Aglaius), Flavius, Gaius, Gorgonius, Helianus, Heraclius, Ile, Johannes, Leontius (Theoctistus), Lisimachus, Melito, Nicallus, Philotemon, Priscus, Sacerdos, Severianus, Sisinnius, Smaragdus, Theodulus, Theophilus, Valens, Valerius, Vicratius (Vibianus), Xantius, de 40 Martelaren van Sebaste

De 40 Martelaren van Sebaste waren Christelijke soldaten in het Romeinse leger in het jaar 320 A.D. Toen de vervolging van de Christenen begon tijdens het regime van Licinius, werden de martelaren vastgebonden en in een meer gegooid. Een wacht werd neergezet om te voorkomen dat ze zouden ontsnappen. Er was een verschrikkelijke vorst en het meer bevroor rondom de lichamen van de martelaren. De folteraars verwarmden een bad aan de rand van het meer om de martelaren over te halen Christus te loochenen. Eén van hen kwam uit het water en klom in het bad. Toen verscheen er een buitengewoon licht uit de hemel, dat het water en de lichamen van de martelaren verwarmde, en 39 kronen daalden uit de hemel neer op hun hoofden. De wacht aan de oever zag dit, trok al zijn kleren uit en voegde zich bij de martelaren in het meer. Inderdaad daalde de laatste en 40e kroon op zijn hoofd neer. De volgende dag waren de martelaren nog steeds in leven, dus gaven de rechtes het bevel om hun onderbenen te breken en in het water te gooien, zodat Christenen ze niet meer terug konden vinden. Op de derde nacht dreef elk been dat gescheiden was van hun lichamen aan de oppervlakte en gloeide als een kaars. Bisschop Petrus verzamelde en begroef ze eervol.

The 40 Martyrs of Sebaste were Christian soldiers in the Roman army in the year 320 A.D. When the persecution of Christians began during the reign of Licinius, the martyrs were bound and tossed into the lake. A guard was stationed to prevent them from escaping. There was a terrible frost and the lake froze around the bodies of the martyrs. The torturers heated a bath by the side of the lake in sight of the frozen martyrs to persuade them to deny Christ. One of them came out of the water and entered the bath. Then an extraordinary light appeared from heaven which warmed the water in the lake and the bodies of the martyrs and thirty-nine wreaths descended from heaven over their heads. The guard on the shore saw this, removed all his clothes and entered the lake to join the martyrs. Indeed, the last and fourtieth wreath descended upon him. The next day the martyrs were still alive, so the judges ordered that the lower part of their legs be broken and their bodies thrown into the water so Christians could not recover them. On the third night every bone which was separated from their bodies floated to the top and glowed like a candle. Bishop Peter gathered and honorably buried them.

09 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DJKM

 

Ý

Christina
Groot-Martelares

St. Christina was afkomstig van Tyre in Syrie en was de dochter van de heiden Urbanus. Omdat zij christin was, brak ze de gouden en zilveren afgodsbeelden van haar vader en verdeelde de stukken onder de armen. Haar vader strafte haar wreed en liet haar daarna in de gevangenis werpen. Daar werd ze opgesloten, uitgehongerd en gefolterd. Haar borsten en tong werden afgesneden en uiteindelijk werd ze gespietst. Ze stierf in het jaar 200 tijdens het regime van Keizer Septimius Severus.

Mensen met de naam Christina (of een afgeleide daarvan) vieren hun naamdag op 25 december (>>>zie Christos 25 december).

Saint Christina was from Tyre in Syria and was the daughter of the pagan Urban. Because she was a christian, she broke her father's gold and silver idols and distributed the pieces to the poor. Her father punished her ruthlessly and then cast her into prison. There she was subjected to imprisonments, hunger and torments. Her breasts and tongue were cut off and finally she was impaled. She died in the year 200 during the reign of the Emperor Septimius Severus.

People with the name Christina (or a derivate of this name) celebrate their nameday on 25 december (>>>see Christos 25 december).

24 JULI

      ΙΟΥΛΙΟΣ

ADJK

M

 

Ý

Christina,

Heracles, Paulinus, Benedimus, Petrus, Dionysius, Andreas en Paulus, Martelaren

Petrus, een knappe jongeman, Dionysius, een gedistingeerde heer, Andreas en Paulus, soldaten, en Christina, een zestien jaar oude maagd, ondergingen kwellingen en de marteldood omdat ze Christenen waren. Nicomachus, die samen met hen gemarteld werd, loochende Christus tijdens de martelingen. Hij verloor ogenblikkelijk zijn verstand, beet als een dolle zijn lichaam en gaf schuim uit zijn mond op tot hij stierf. De heiligen Petrus, Andreas, Paulus en Dionysius leden in Lampsacus in Mysia. Sint Christina leed in Tyre, Phoenicië. De heiligen Heraclius, Paulinos en Bonedimos of Monedimos leden waarschijnlijk in Nobiodunum in Skythië, tegenwoordig Isaksoa genaamd. Dit gebeurde in het jaar 250 A.D. Volgens sommigen is de datum onzeker. Eén website noemt Dionysia, wat een vergissing moet zijn (Dionysius is hier duidelijk bedoeld).

Mensen met de naam Christina (of een afgeleide daarvan) vieren hun naamdag op 25 december (>>>zie Christos 25 december).

Peter, a handsome young man, Dionysius, a distinguished man, Andrew and Paul, soldiers, and Christina, a sixteen year old virgin, endured sufferings and death as a martyr for being Christians. Nicomachus, who along with them was tortured, denied Christ in the middle of his tortures. He instantly lost his mind and, as a mad man, bit his body and threw up foam from his mouth until he died. Saints Peter, Andrew, Paul and Dionysius suffered in Lampsacus in Mysia. Saint Christina suffered in Tyre, Phoenicia. Saints Heraclius, Paulinos and Bonedimos or Monedimos probably suffered in Nobiodunum in Scythia, now called Isaksoa. This occurred in the year 250 A.D. According to some the date is uncertain. One website mentions Dionysia, which must be a mistake (obviously Dionysius is ment here).

People with the name Christina (or a derivate of this name) celebrate their nameday on 25 december (>>>see Christos 25 december).

18 MEI

     ΜΑΙΟΣ

DJK

 

Ý

Christmas (Christos)
Gennesis Iesou Christou

Kerstmis, Geboorte van Christus

Christmas, Nativity of Christ

Eerste Kerstdag.

Geboorte van Jezus Christus.

De dag dat de geboorte van Jezus Christus in Bethlehem, en stad in Judea, wordt gevierd. Niet zo belangrijk als Pasen in Griekse ogen, en evenmin zo commerciëel als in vele landen – eerder een dag voor kerkelijke bezoeken en vieringen in huiselijke kring.

First Christmasday.

Nativity of Jesus Christ.

the day that the birth of Jesus Christ in Bethlehem, a city of Judea, is celebrated. Not as important as Easter in Greek eyes, nor as commercial as in many countries – more a day for church services and private celebrations.

25 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

 

 

Ý

Christodoula

en haar zoons Urbanus, Prilidianus en Epolonius (óf Ammonios, Donatos en Faustos), martelaren en metgezellen van Babylas, bisschop van Antiochië, Hiero-Martelaar

Babylas was bisschop van Antiochië onder Decius (249-251). Decius (dit is niet zeker: ook namen van andere keizers worden genoemd) vierde (rond 251) in Antiochië een groot heidens offerfeest en wilde na het feest de christelijke kerk binnengaan. Babylas, die juist een mis hield in de kerk, en de gelovigen hielden de keizer tegen. De volgende dag liet Decius Babylas arresteren en verhoren. Babylas was samen met zijn leerlingen Urbanus, Prilidianus en Eppolonias (volgens sommige websites waren hun namen Ammonios, Donatos en Faustos) en hun moeder Christodoula. De kinderen waren 12, 10 en 7 jaar oud. Alle vijf weigerden afstand te doen van hun geloof. Daarom werden ze gemarteld en gedood.

Babylas was bishop of Antiochia under Decius (249-251). Decius (this is not certain: also the names of other emperors are mentioned) celebrated (about 251) in Antiochia a big pagan feast and wanted to enter the christian church afterwards. Babylas, who was just leading a mass in the church, and the christians stopped the emperor. The next day Decius had Babylas arrested and interrogated. Babylas was together with his students Urban, Prilidian and Eppolonias (according to some websites their names were Ammonios, Donatos and Faustos) and their mother Christodoula. The children were 12, 10 and 7 jaar old. All five refused to renounce their faith. Because of this they were tortured an killed.

04 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

 

 

Ý

Christodulus (Xristodoulos)

Wonderdoener en Bouwer van het Klooster in Patmos,

en Johannes de Theoloog/Evangelist

>>>zie Christodulus 21 october

>>>see Christodulus oktober 21

16 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

BDFI

M

 

Ý

Christodulus (Xristodoulos)

Wonderdoener van Patmos,

Bouwer van het Klooster in Patmos

Sint Christodulus, de Wonderdoener van Patmos, Bouwer van het Klooster in Patmos, wordt herdacht op 21 october, en samen met Johannes de Theoloog ook op 16 maart.

Saint Christodulus, the Wonderworker of Patmos, Builder of the Monastry in Patmos, is celebrated on october 21, and together with John the Theologian also on march 16.

21 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

DM

 

Ý

Christodulus,

Victor, Sebastianus de Hertog en Theoclitus (voorheen Lampadios), metgezellen van Photine de Samaritaanse, en Photinus (voorheen Victor) en Joses (Josiah, Joseph), de twee zonen van Photine de Samaritaanse, Anatola, Phota, Photis (Photida), Parasceva (Paraskevi), Cyriaca (Kiriaki, Kyriaki), de vijf zusters (of dochters) van Photine de Samaritaanse, Nero’s dochter Anthusa (voorheen Domnina) en haar hoofd-dienstmeisje Stephanida, metgezellen van Photine de Samaritaanse van Sychar (Fotini, Swetlana, La Samaritana), “vrouw aan de bron”, Gelijke-van-de-Apostelen, Groot-Martelares

Photine van Sychar, Gelijke-van-de-Apostelen en Evangelist, of de “vrouw aan de bron”, was de Samaritaanse vrouw die Christus ontmoette aan de Bron van Jacob bij Sychar (St. Johannes 4:4-31). Christus gaf haar de naam Photine, haar vroegere naam is onbekend. Na deze ontmoeting was Photina de eerste om de Gospel te preken. Ze bekeerde haar zoons en zusters (op sommige websites genoemd als haar dochters). Volgens sommige websites zijn Victor en Photinus dezelfde persoon (zoon van Photini), volgens anderen zijn ze twee verschillende personen. Sommige websites noemen slechts vier zusters, anderen vijf. De andere martelaren worden soms genoemd, soms niet, en soms slechts een paar van hen. Haar zoon Victor werd Photinos genoemd na zijn doop. Photine en haar familie gingen naar Carthaga in Afrika om de Gospel te preken. Ze werden gearresteerd en naar Rome gebracht gedurende het regime van Keizer Nero en werden in de gevangenis gegooid. Domnina, de dochter van Nero, kwam in contact met St. Photina en werd door haar tot het Christelijke geloof bekeerd. Domnina werd Anthusa genoemd na haar doop en de naam van haar hoofd-dienstmeisje werd veranderd in Stephanida. De chemicus Lampadios, die orders had de heiligen te vergiftigen, werd ook bekeerd en gedoopt. Zijn naam werd veranderd in Theoclitos. Na gevangenschap stierven ze allen de martelaarsdood. Photina werd in een bron gegooid waar ze stierf (66 na Chr.).

Er zijn veel details gevonden over de martelingen en de dood van de martelaars, behalve van Anthusa (Domnina) en haar dienstmeisjes, waaronder Stephanida. Misschien is er een verband met Sint Anthusa en haar 12 dienstmeisjes, die worden herdacht op 22 februari (>>>zie Anthusa 22 februari).

Photine en haar metgezellen worden in Griekenland herdacht op 26 februari (Griekse belangrijkste feest) en 20 maart (Slavische belangrijkste feest). In de Russisch Orthodoxe Kerk wordt Photine vereerd als Swetlana (Oekraïne: Svetlana) en in Mexico als La Samaritana.

Photine of Sychar, Equal-to-the-Apostles and Evangelist, or the “woman at the well”, was the Samaritan woman who encountered Christ at the Well of Jacob near Sychar (St. John 4:4-31). Christ gave her the name Photine, her former name is not known. After this encountering Photina was the first to preach the Gospel. She converted her sons and sisters (on some websites mentioned as her daughters). According to some websites Victor and Photinus are the same person (son of Photini), according to others they are two different persons. Some websites mention only four sisters, others five. The other martyrs sometimes are mentioned, sometimes not, and sometimes only een few of them. Her son Victor was called Photinos after his baptism. Photine and her family went to Carthage in Africa to preach the Gospel. There they were arrested and taken to Rome during the reign of Emperor Nero and were thrown into prison. Domnina, the daughter of Nero, came into contact with St. Photina and was converted to the Christian faith by her. Domnina was called Anthusa after her baptism and her head servant’s name was changed to Stephanida. The chemist Lampadios, who had orders to poison the saints, was also concerted and baptized. His name changed into Theoclitos. After imprisonment they all suffered martyrdom. Photina was thrown into a well where she died (66).

Many details were found about the torturing and the death of the martyrs, except for Anthusa (Domnina) and her servants, amongst which Stephanida. Perhaps there is a link with Saint Anthusa and her 12 servants, who are commemorated on february  22 (>>>see Anthusa February 22).

Photine and her companions are commemorated in Greece on February 26 (Greek principal feast) and March 20 (Slavic principal feast). In the Russian Orthodox Church Photine is venerated as Swetlana (Ukraina: Svetlana) and in Mexico as La Samaritana.

26 FEBRUARI

    ΦΕΒΡΟΥΑΡΙΟΣ

 

 

Ý

Christodulus,

Victor, Sebastianus de Hertog en Theoclitus (voorheen Lampadios), metgezellen van Photine de Samaritaanse, en Photinus (voorheen Victor) en Joses (Josiah, Joseph), de twee zonen van Photine de Samaritaanse, Anatola, Phota, Photis (Photida), Parasceva (Paraskevi), Cyriaca (Kiriaki, Kyriaki), de vijf zusters (of dochters) van Photine de Samaritaanse, Nero’s dochter Anthusa (voorheen Domnina) en haar hoofd dienstmeisje Stephanida, metgezellen van Photine de Samaritaanse van Sychar (Fotini, Swetlana, La Samaritana), “vrouw aan de bron”, Gelijke-van-de-Apostelen, Groot-Martelares

>>>zie Christodulus 26 februari

>>>see Christodulus february 26

20 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

 

 

Ý

Christophorus

Martelaar

De oorspronkelijke naam van Sint Christophorus was Reprobus. Vanwege de christenvervolging bekritiseerde hij de tirannen om hun wreedheid. Hij bekeerde de soldaten die hem kwamen halen, en liet zich samen met hen dopen, waarna hij de naam “Christophorus” kreeg. In de gevangenis werd hij gemarteld en uiteindelijk onthoofd in de dagen van Decius. Er worden vele mythische dingen over hem beweerd uit bijgeloof. Soms wordt hij afgebeeld met het hoofd van een hond, vanwege zijn uitlating dat hij het gezicht van een hond had. Dit betekende echter alleen dat zijn gelaat angstwekkend was om te zien.

The original name of Saint Christopher was Reprobus. Because of the persecution of the christians he rebuked the tyrants for their cruelty. He converted the soldiers who were sent to arrest him, and was baptized with them, receiving the name “Christopher”. In prison he was tormented and finally beheaded in the days of Decius. Many mythical things are said about him out of superstition. Sometimes he is depicted having the head of a dog, because of a statement in his life that he was dog-faced. However this meant only that his countenance was exceedingly frightful to look upon.

09 MEI

     ΜΑΙΟΣ

BCDF

HIJK

M

 

Ý

Christos (Anesthi)

Pascha, Christos Anesthi

Pasen, Opstanding van Christus

Easter, Resurrection of Christ

Eerste Paasdag.

Opstanding van Jezus Christus.

1e Zondag na de eerste volle maan na de eerste dag van de lente, ná het Joodse Pesach.

Met Pasen groeten de Grieken elkaar met: Christos Anesti, “Christos is opgestaan”. Als antwoord geef je dan: Alithos Anesti: “Hij is waarlijk opgestaan”.

First day of Easter.

Resurrection of Jesus Christ.

1st Sunday after the first Full moon after the first day of spring, áfter Jewish Pesach.

With Easter the Greek people greet eachother with: Christos Anesti, “Christ has risen”. As answer you say: Alithos Anesti, : He has truly risen”.

27 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2008

19 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2009

04 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2010

24 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2011

15 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2012

05 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2013

20 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2014

12 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2015

01 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2016

16 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2017

ADGM

*)

 

Ý

Christos (Gennesis)
Gennesis Iesou Christou

Kerstmis, Geboorte van Christus

Christmas, Nativity of Christ

Eerste Kerstdag.

Geboorte van Jezus Christus.

De dag dat de geboorte van Jezus Christus in Bethlehem, en stad in Judea, wordt gevierd. Niet zo belangrijk als Pasen in Griekse ogen, en evenmin zo commerciëel als in vele landen – eerder een dag voor kerkelijke bezoeken en vieringen in huiselijke kring.

First Christmasday.

Nativity of Jesus Christ.

the day that the birth of Jesus Christ in Bethlehem, a city of Judea, is celebrated. Not as important as Easter in Greek eyes, nor as commercial as in many countries – more a day for church services and private celebrations.

25 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

ACDF

GHIJ

KM

 

Ý

Christos (Ypapanti)
Ypapanti tou Sotiros

Ontmoeting Christus in de Tempel

Meeting of Christ in the Temple

Ontmoeting van Christus in de Tempel.

40e Dag na de geboorte van Christus.

Toen de Maagd Maria haar 40 dagen van reiniging had vervuld, bracht ze haar eerstgeboren Zoon naar Jeruzalem om Hem naar de Wet van Mozes in de Tempel te presenteren. Op dezelfde dag was de hoogbejaarde Symeon in de tempel aanwezig. Aan hem was geopenbaard, dat hij niet zou sterven voor hij Christus in zijn armen had gehouden. Toen de oude man Hem opnam, zei hij: “Laat nu Uw dienaar gaan in vrede, o Heer”. De Kerk heeft altijd vastgehouden aan de traditie een nieuwgeborene op de 40e dag naar de kerk te brengen.

In Nederland wordt dit “Maria Lichtmis” genoemd.

Meeting in the Temple.

40th Day after the nativity of Christ.

When Virgin Mary's 40 days of purification had been fulfilled, she took her first-born Son to Jerusalem to present Him in the temple according to the Law of Moses. On this same day the greatly aged Symeon was also present in the temple. He had been informed by divine revelation that he would not die until he beheld Christ. Thus, when he beheld Him at that time he said: "Now lettest Thou Thy servant depart in peace, O Master". From ancient times the Church has retained this tradition of the churching of the mother and new-born child on the 40th day.

In the Netherlands this is called “Maria Lichtmis” (“Mary Lightmass”).

02 FEBRUARI

    ΦΕΒΡΟΥΑΡΙΟΣ

FI

 

Ý

Christos (Analipseos)
Tis Analipseos Tou Kyriou Imon Iesou Christou

Hemelvaart van Christus

Ascension of Christ

 

 

Hemelvaart van Christus.

Zesde donderdag na Pasen.

Jezus bleef na zijn Opstanding 40 dagen op aarde en verscheen voortdurend op verschillende plaatsen aan Zijn discipelen, met wie Hij sprak, at en dronk en zo zijn Opstanding demonstreerde. Op de 40e dag na Pasen (de 6e donderdag) leidde Hij hen naar de Olijfberg en gaf hen de opdracht in alle landen Zijn Naam te verkondigen. Na hen te hebben gezegend werd Hij opgenomen in een wolk van licht en naar de Hemel gevoerd.

Ascension of Christ.

Sixth thursday after Easter.

After His Resurrection Jesus passed 40 days on earth and appeared continually in various places to His disciples, with whom He spoke, ate and drank and thereby demonstrated His Resurrection. On the 40th day after Pascha (the 6th thursday) He led them to the Mount of Olives and commanded them to go forth and proclaim His Name to all nations. After blessing them, He was taken up in a cloud of light which took Him into Heaven.

05 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2008

28 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2009

13 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2010

02 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2011

24 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2012

13 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2013

29 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2014

21 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2015

09 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2016

25 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2017

FIM

 

Ý

Christos (Metamórfosi)

Metamórfosis Tou Sotiros

Gedaanteverandering van de Heiland

Transfiguration of the Saviour

Gedaanteverandering van de Heiland.

40 Dagen vóór de Kruisverheffing.

Jezus nam Zijn drie belangrijkste discipelen mee naar de Berg Tabor, waar Hij voor hun ogen transformeerde. Zijn gezicht scheen als de zon en zijn kleren werden wit als het licht. Tegelijkertijd verschenen Mozes en Elias, waarmee ze de discipelen lieten zien, dat Christus Heer van de levenden en de doden is. Deze Transfiguratie vond plaats 40 dagen voor Zijn Kruisiging. Daarom wordt de Gedaanteverandering 40 dagen vóór de Exaltatie van het Kruis gevierd (>>>Stavros 14 september). Gevierd in de kerken naar dit feest genoemd.

Transfiguration of the Saviour.

40 Days before the Exaltation of the Cross.

Jesus took His three foremost disciples to Mount Tabor, where He was transfigured before them. His face shone like the sun and His clothes became white as the light. At the same time Moses and Elias appeared, showing them that Christ is the Lord of both the living and the dead. This Transfiguration came to pass forty days before His Crucifixion. That is why the Transfiguration is celebrated 40 days before the Exaltation of the Cross (>>>Stavros september 14). Celebrated at churches named for this feast.

06 AUGUSTUS

     AYΓΟΥΣΤΟΣ

DJK

 

Ý

Christos
(Mandelion, Mandylion)
Anamnesis Tis Eisodou Tis Acheiroteuktou Morfis Tou Kyriou Iesou Christou Tou Agiou Mandeliou

 

Translatie van de Afbeelding “Niet-Gemaakt-Door-Handen” van Jezus Christus

 

Translation of the Image “Not-Made-By-Hands” of Jesus Christ

 

 

Translatie van de Afbeelding “Niet-Gemaakt-Door-Handen” van Jezus Christus van Edessa naarConstantinopel.

Abgar, heerser van Edessa, stuurde zijn boodschapper Ananias naar Jezus Christus met de vraag hem te genezen van zijn lepra, en smeekte Ananias een afbeelding van Christus mee terug te nemen. Jezus vroeg om water, waste Zijn gezicht en droogde het met een doek, die hij aan Ananias gaf om naar Abgar te brengen. Op de doek was een afdruk van Zijn gezicht achtergebleven. Toen Abgar de doek ontving, genas hij van zijn lepra en liet de Heilige Doek (Mandylion) ophangen aan de stadspoort.

Toen zijn kleinzoon echter terugkeerde naar de afgodsaanbidding, wilde deze de Heilige Doek verwisselen met een afgodsbeeld. Daarop metselde de Bisschop van Edessa  heimelijk de Doek in een holle ruimte in de stadspoort in. Deze werd in 615 opnieuw ontdekt, geheel intact, met de lamp nog brandend en ook een afdruk op de tegel, die de doek had afgedekt. In 944 werd de Heilige Doek overgebracht naar Constantinopel, naar de Kerk van de Heilige Theotokos, genaamd de Pharos. Dit laatste wordt vandaag gevierd.

Translation of the Image “Not-Made-By-Hands” of Jesus Christ from Edessa to Constantinople.

Abgar, ruler of Edessa, sent his messenger Ananias to Jesus Christ with the request to heal him of his leprosy, and bidded Ananias to bring back a depiction of Christ. Jesus asked for water, washed His face, wiped it dry with a cloth, which He gave to Ananias to bring to Abgar. Upon the cloth the form of His face had been printed. When Abgar received the cloth, he was healed of his leprosy and had the Holy Napkin (Mandylion) fixed at the city gate. When his grandson however returned to the worship of the idols, he wanted to replace the Hole Napkin with an idol. Then the Bishop of Edessa secretly bricked up the Napkin in a hollow in the city gate. In 615 the Holy Napkin was found again, complete and incorrupt, with the lamp still burning en also a copy of the image printed on the tile that had covered it. In the year 944 the Holy Napkin was brought to Constantinople, to the Church of the most holy Theotokos called the Pharos. This is the translation that is celebrated today

16 AUGUSTUS

     AYΓΟΥΣΤΟΣ

D

 

Ý

Chronis (Chronios),

Alexander, Anaxandros (Anaxarchos), Anaximenes, Aristeides, Dimaratos, Demokles, Dimosthenes, Dionysios, Elias, Epameinondas, Esaias, Eteokles, Hephaistion, Herakles, Homeros, Isokrates, Lucas, Miltiades, Mnesarchos, Parmenion, Pelopidas, Perikles, Philopimen, Phokion, Pindaros, Polybios, Polynikes, Prometheus, Sokrates, Sophokles, Themistokles, Theodorus, Theophrastos, Theseus, Thomas, Timotheos, Titos, Xenophon en Zenon, de 40 Martelaren van Afrika

Deze martelaren stierven in de priode 249-251 in Afrika. Er is weinig bekend over deze Heiligen. Ze worden alleen beschreven in de “Mikrón Euchológion i Agiasmatárion” (Klein Gebedenboek of Heiligenboek”, publicatie van “Apostolikís Diakonías” (Apostolisch Diakonaat) in 1959, zonder verdere informatie. Nergens anders wordt hun herdenking vermeld. Mogelijk waren zij metgezellen van de Heiligen Terentius, Afrikanus, Maximus en Pompius, die ook op dezelfde dag worden herdacht (>>>zie Terentius 10 aprill.

These martyrs died in de period 249-251 in Africa. Little is known about these Saints. They are described only in the “Mikrón Euchológion i Agiasmatárion” (Small Prayerbook or Saintsbook”, publication of “Apostolikís Diakonías” (Apostolic Deaconate) in 1959, with no further information. Nowhere else their commemoration is reported. Possibly they were companions of the Saints Terentius, Afrikanus, Maximus and Pompius, who are also commemorated on the same day (>>>see Terentius april 10).

10 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

 

 

Ý

Chrysa (Aura, Avra)

de maagd,

de Hiero-Martelaar Hippolytus (Ippolytos), priester van de Kerk van Rome, de martelaren Censorinus (Kensourinos), en 20 soldaten en gevangenisbewaarders met hem, Sabinos (of Sabaïnos), en de 20 metgezellen van Chrysa (of Aura, Avra): Amandinus, Archelaus de Diaken, Ares, Commodus (Komodos), Cyprus (Kypros), Cyriacus (of Quirinus) (Kyriakos of Kyrinos) de bisschop, Eusebius, Felix (Felikos), Herculianus (of Herculinus) (Erkoulios of Erkoulinos), Hermes (Ermis), Maurus (Mavros), Maximus, Maximus de presbyter, Mennas (Minas), Monagrius, Olympius (of Olympinos), Rusticus (Roustikos), Stiracius (Styrakios), Theodorus de Tribuun en Venerius (Benerios), martelaren.

Sint Hippolytus wordt genoemd als een paus of een bisschop van Rome. Eén website noemt hem als een antipope. Hij was een discipel van Sint Irenaeus, bisschop van Lugdunum (Lyons in Frankrijk) en een christelijke theoloog, die vele verhandelingen en commentaren op de Bijbelse Boeken schreef. Hij was één van de laatste Westerse Vaders, die in het Grieks schreef. Toen Sint Hippolytus hoorde over het lijden van deze martelaren, verscheen hij voor de gouverneur en protesteerde tegen hun onmenselijkheid. De woedende gouverneur veroordeelde hem tot martelingen. Na lange kwellingen bonden ze zijn handen en voeten en gooiden hem in zee. Zijn relieken werden naar de kerk van de Martelaren Laurentius en Paus Damasus in Rome overgebracht..

Sint Censorinus was een hooggeplaatste magistraat. Hij werd gearresteerd en in de gevangenis gegooid omdat hij christen was. Toen hij een dode man tot leven wekte, bekeerden twintig soldaten en gevangenisbewaarders zich tot het christendom. Zij werden samen met Sint Censorinus onthoofd.

Toen werd de maagd Chryse, die uit een aristocratische familie kwam, ondervraagd. Zij bekende een christin te zijn en werd gemarteld. Eerst openden ze haar zijden en verbrandden haar wonden met brandende kaarsen. Na vele verschrikkelijke kwellingen bonden ze een grote steen om haar nek en verdronken haar in zee. Samen met Sint Chryse stierven de martelaren Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore de tribuun, Maximus de presbyter, Archelaus de diaken en Cyriacus de bisschop.

Met zware stenen rond zijn nek gebonden werd Sint Sabinus aan een boom opgehangen. De heidenen verbrandden zijn zijden met toortsen tot hij stierf.

Al deze Romeinse martelaren stierven in het jaar 269 AD. Met name het martelaarschap van Sint Chrysa wordt gerapporteerd.

Saint Hippolytus is mentioned as a pope or a bishop of Rome. One website mentions him as an antipope. He was a disciple of St Irenaeus, bishop of Lugdunum (Lyons in France) and a christian theologian who wrote many treatises and commentories on the Biblical Books. He was one of the last Western Fathers to write in Greek. When Saint Hippolytus he learned of the suffering of these martyrs, he appeared before the governor and protested against their inhumanity. The enraged governor sentenced him to be tortured. After long torments, they tied his hand and feet and threw him into the sea. His relics were put in the church of the martyrs Laurence and Pope Damasus in Rome.

St Censorinus was a high-ranking magistrate. He was arrested and thrown into prison being a christian. When he raised up a dead man, twenty soldiers and prison guards were converted to christianity. They were beheaded with St Censorinus.

Then the virgin Chryse, who was from an aristocratic family, was brought for interrogation. She confessed being a christian and was tortured. At first they opened her sides and they burned her wounds with burning candles. After many other horrible torments, they tied a big rock around her neck and drowned her in the sea. With Saint Chryse suffered the martyrs Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore the Tribune, Maximus the Presbyter, Archelaus the Deacon, and Cyriacus the Bishop.

With heavy rocks tied around his neck, Saint Sabinus was hung on a tree. The idolaters burned his sides with torches untill he died.

All these Roman martyrs suffered in the year 269 AD. Especially the martyrdom of Saint Chrysa is reported.

30 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

M

 

Ý

Chrysa (Zlata)

Nieuw-Martelares

Sint Zlata (Chrysa) werd geboren in het dorp Slatena, Meglena diocese (op de grens van Bulgarije en Servië). In die tijd zuchtte Bulgaria onder de Turkse overheersing. Een Turkse man was geobsedeerd door haar en pakte haar op een dag op. Hij nam haar mee naar zijn huis en probeerde haar te verleiden en te dwingen de Islam te accepteren. Toen dit niet werkte, bedreigde hij haar met martelingen. Sint Zlata was niet bang, en weigerde haar christelijke geloof te verloochenen. Zes maanden lang bleef ze standvastig. Toen werden Zlata’s ouders en zusters bedreigd en verordonneerd haar over te halen een Moslim te worden. Maar Sint Zlata bleef onaangedaan door de smeekbeden van haar familie. Drie maanden lang werd Sint Zlata gemarteld, met stokken geslagen. Later trokken ze repen huid van haar lichaam. Toen werd een verhite vleespen door haar oren gestoken. Ze stuurde hiermonnik Timotheus van het Stavronikita Klooster op de Berg Athos een bericht om voor haar te bidden. Uiteindelijk werd Sint Zlata aan een boom gebonden en met messen aan stukken gesneden. Ze stierf in het jaar 1795. Hieromonnik Timotheus registreerde haar martelaarschap.

Saint Zlata (Chryse) was born in the village of Slatena, Meglena diocese (on the border of Bulgaria and Serbia). At that time Bulgaria was under the Turkish yoke. A Turkish man was obsessed with her and seized her one day. He took her to his house and tried to seduce her and force her to accept Islam. When this did not work, he threatened her with tortures. Saint Zlata was not frightened, and refused to deny her christian faith. For six months she remained steadfast. Then Zlata’s parents and sisters were threatened and ordered to convince her to become a Moslem. But Saint Zlata was unmoved by the pleas of her family. For three months Saint Zlata was tormented, beated with clubs. Later they peeled strips of skin from her body. Then a heated skewer was passed through her ears. She sent hieromonk Timothy of Stavronikita Monastery on Mount Athos a message to pray for her. Finally Saint Zlata was tied to a tree and was cut to pieces with knives. She died in the year 1795. Hieromonk Timothy recorded her martyrdom.

13 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

M

 

Ý

Chrysanthi

Martelares

De herdenking van deze martelares wordt beknopt genoemd in het "Klein Gebedenboek of Agiasmatarion", publicatie van "Apostolisch Diakonaat" 1956, zonder verdere informatie. Nergens anders wordt haar herdenking op deze dag vermeld. Volgens sommigen was ze de vrouw van Sint Chrysanthus, wiens herdenking op deze dag gemeld wordt (in de Katholieke Kerk; in de Grieks Orthodoxe Kerk wordt Sint Chrysanthus herdacht op 19 maart; >>>zie ook Chrysantus 19 maart).

The memory of this martyr is reported succinctly in the "Small Prayerbook or Agiasmatarion", publication of "Apostolic Ministration" 1956, without further information. Nowhere else is her memory on this day reported. According to some she was the wife of Saint Chrysanthus, whose memory is reported today (in the Catholic Church; in the Greek Orthodox Church Saint Chrysanthus is celebrated on march 19; >>>also see Chrysantus march 19).

25 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

M

 

Ý

Chrysanthus (Xrysanthou)

en zijn vrouw Daria, Claudius de Tribuun, zijn vrouw Hilaria (Ilaria) en hun zonen Jason (Iason) en Maurus (Mavros), Diodorus de presbyter en Marianus de diaken, martelaren

Deze heiligen leefden tijdens het regime van keizer Numerianus in 283 of 284. Sint Chrysanthos was de zoon van Pelemon, Senator van Alexandria. Toen hij zich liet dopen en het christendom preekte, liet zijn vader hem in de gevangenis werpen. Hij dwong hem met Sint Daria, een filosofe (of een priesteres van Minerva) uit Athene, te trouwen, in de hoop hem van zijn christelijke geloof af te brengen. In plaats hiervan liet Sint Daria zich ook dopen. Beiden wilden tot hun dood zuiver blijven en preekten preutsheid en puurheid. Hierom werden ze gefolterd door de tribuun Claudius. Toen deze zag dat de heiligen ongedeerd bleven, bekeerden hij en zijn vrouw Hilaria en hun zonen Jason en Maurus zich ook tot het christendom. Ook zij werden vanwege hun geloof gemarteld en uiteindelijk gedood. Chrysanthos en Daria werden in een modderige kuil gegooid en doodgetrapt (of levend begraven). In een grot vlakbij kwamen christenen samen om deze martelaren te herdenken. Toen dit uitkwam, werd de ingang van de grot afgesloten en de stierven de aanwezigen zelf ook als martelaren. Twee van hen waren de priester Diodorus en de diaken Marianus.

These saints lived during the reign of emperor Numerianus in 283 or 284. Saint Chrysanthos was the son of Pelemon, Senator of Alexandria. When he was baptised and preached christianity, his father put him in prison. He forced him to marry Saint Daria, a philosopher (or a priestess of Minerva) from Athens, with the hope that this would move him away from his christian faith. Instead of this, also Saint Daria was baptised. Both of them wanted to stay pure till their death en preached prudence and purity. For this they were tortured bu the tribune Claudius. When Claudius saw that the saints remained unharmed, he and his wife Hilaria and their sons Jason and Maurus were concerted to the christian faith. They also were tortured for this and finally killed. Chrysanthos and Daria were thrown in a muddy pit and trampled to death (or buried alive). In a cave nearby christians gathered to commemorate these martyrs. When this was discovered, the entrance of the cave was sealed and the people present died as martyrs themselves. Two of them weer the presbyter Diodorus and the deacon Marianus.

19 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DFHI

JKM

 

Ý

Chrysogonus

Theodota, Evodius en Eutychianus en 120 andere Martelaren

Deze Martelaren, die stierven in het jaar 304, worden gevierd op dezelfde dag als Sint Anastasia Pharmacolytria (>>>zie Anastasia, 22 December).

Sint Chrysogonus was de leraar van Sint Anastasia. Diocletianus liet Chrysogonus naar hem toe sturen in Aquileia. De keizer ondervroeg Chrysogonus persoonlijk. Maar Chrysogonus  weigerde om afstand te doen van zijn Christelijke geloof. Daarom werd hij onthoofd en in zee gegooid. Later werden zijn relieken gevonden door een presbyter genaamd Zoilus.

Sint Theodota was een jonge weduwe met drie kinderen. Sint Anastasia woonde bij haar in Macedonië, en de twee vrouwen bezochten Chrisenen in de gevangenis en zorgden voor hen. Toen Theodota wed gearresteerd, werd ze naar Nicetas, de gouverneur van Bithynië, gestuurd voor ondervraging. Theodota weigerde haar Christelijke geloof te ontkennen. Hierom werden zij en haar drie kinderen ter dood veroordeeld, geslagen en door vuur verbrand. Haar oudste zoon heette Evodius (of Evodus). Theodota en Evodius worden ook herdacht op 29 Juli (>>>zie ook Theodota, Evodius, 29 Juli 29).

Sint Eutychianus werd gevangen gezet, omdat hij Christen was. Hij was gemarteld en zijn rijkdom was in beslag genomen. Hij en de andere gevangenen werden veroordeeld tot verdrinking samen met Sint Anastasia. De soldaten hadden gaten in een boot geboord, zodat het zou zinken. De gevangenen werden in deze boot gezet, en ze werden de open zee op gestuurd. Sint Theodota verscheen en stuurde het schip naar wal. Toen 120 men getuige waren van dit wonder, bekeerden ze zich tot het Christelijke geloof. Ze werden gedoopt door Sint Eutychianus en Sint Anastasia. Daarna werden Sint Eutychianus en de 120 mannen gevangen en onthoofd met het zwaard.

These Martyrs, who died in the year 304, are celebrated on the same day as Saint Anastasia Pharmacolytria (>>>see Anastasia, December 22).

Saint Chrysogonus was the teacher of Saint Anastasia. Diocletian had Chrysogonus sent to him at Aquileia. The emperor interrogated Chrysogonus personally. But Chrysogonus  refused to renounce his Christian faith. Therefore, he was beheaded and thrown into the sea. Later, his relics were found by a presbyter named Zoilus.

Saint Theodota was a young widow with three children. Saint Anastasia lived with her in Macedonia, and the two women visited Christians in prison and took care of them. When Theodota was arrested, she was sent to Nicetas, the governor of Bithynia, for interrogation. Theodota refused to deny her Christian faith. For this, she and her three children were sentenced to death, beaten, and burned by fire. Her oldest son was named Evodius (or Evodus). Theodota and Evodius are also commemorated on July 29 (>>>also see Theodota, Evodius, July 29).

Saint Eutychianus was imprisoned for being a Christian. He had been tortured, and his wealth had been confiscated. He and the other prisoners were sentenced to be drowned together with Saint Anastasia. The soldiers had bored holes in a boat, so that it would sink. The prisoners were put into this boat, and they were sent out into the open sea. Saint Theodota appeared, and steered the ship to shore. When 120 men witnessed this miracle, they turned to the Christian faith. They were baptized by Saint Eutychianus and Saint Anastasia. After that, Saint Eutychianus and the 120 men were captured and beheaded by the sword.

22 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

D

 

Ý

Chrysorroas
(Johannes Chrysorroas
Johannes van Damascus)

St. Johannes werd ca. 675 in Damascus geboren uit rijke en vrome ouders van de familie van Mansur. Hij werd tegelijk met St. Cosmas opgevoed, die geadopteerd was door St. Johannes’ vader, Sergius. St. Johannes werd een groot filosoof en verlichter en werd door de Kalief tot raadgever benoemd. Toen hij valselijk werd beschuldigd van verraad, liet de Kalief zijn hand afhakken, maar door gebed tot Maria werd hij genezen. Toen de Kalief dit wonder zag, wilde hij Johannes opnieuw als raadgever aanstellen. Maar Sint Johannes trok zich terug van de wereld om monnik te worden in het Klooster van Sint Sabbas. Sint Johannes kreeg als stroom") vanwege de welsprekendheid van zijn retorische stijl en de grote overvloed van zijn geschriften. Op hoge leeftijd werd hij presbyter, nadat zijn pleegbroer Cosmas tot Bisschop van Mamma was gemaakt. Hij stierf op de leeftijd van 84 in het jaar 760.

Saint John was born in Damascus about the year 675, as a son of wealthy and pious parents of the family of Mansur. He was reared together with Saint Cosmas, who had been adopted by John’s father Sergius. Saint John became a great philosopher and enlightener and was appointed as counsellor by the Caliph of Damascus. When he was falsely accused of treason, the Caliph had his right hand severed, but by prayer to Mary he was healed. When the Caliph saw this miracle, he wanted to restore John to his office as counsellor. However Saint John withdrew from the world to become a monk in the Monastery of Saint Sabbas. Saint John was surnamed Chrysorroas ("Golden-stream") because of the eloquence of his rhetorical style and the great abundance of his writings. In his old age he became presbyter, after his foster-brother Cosmas had been made Bishop of Mamma. He died at the age of 84, in the year 760.

04 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Chrysostomos
(Johannes Chrysostom)
(Ioannou Xrysostomou)
Aartsbisschop van Constantinopel

Translatie van relieken

 

 

27 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DHJK

 

Ý

Chrysostomos
(Johannes Chrysostom)

(Ioannou Xrysostomou)

Aartsbisschop van Constantinopel

St. Johannes Chrysostom werd geboren in Antiochië in 344 of 347. Hij was de zoon van Secundus en Anthusa, die vrome mensen waren. Van 374 tot 381 leidde hij een ascetisch leven in de kluizenaarshutten nabij Antiochië. Omdat zijn extreme asceticisme zijn gezondheid ondermijnde, moest hij terugkeren naar Antiochië. Daar werd hij diaken rond het jaar 381. In 386 werd hij priester van de Kerk van Antiochië. Hij begon zijn buitengewone oratorische gaven te manifesteren in zijn vele preken en commentaren. Vanwege zijn welsprekendheid werd St. Johannes Chrysostom (“gouden mond”) genoemd. Door zijn faam werd hij Patriarch van Constantinopel op 28 februari 398. Toen Sint Johannes de ijdele Eudoxia, vrouw van Keizer Arcadius, bekritiseerde, werd hij naar Pontus verbannen in 403. Het volk kwam in opstand en een aardbeving trof de stad de volgende nacht. Keizerin Eudoxia werd zó bang, dat ze Arcadius smeekte om Chrysostom terug te halen. Maar in Juni 404 werd hij opnieuw verbannen, naar Cucusus, op de grens tussen Cilicië en Armenië. Toen hij hierover brieven begon te schrijven naar Paus Innocent van Rome, werd Johannes naar Pityus nabij de Kaukasus gebracht. Hij overleefde de zware reis niet en stierf nabij Comana in Pontus, in de kapel van de Martelaar Basiliscus, op 14 September 407. 31 jaar later brachten Keizer Theodosius de Jongere en Sint Pulcheria, zijn zuster, de kinderen van Arcadius en Eudoxia, zijn relieken van Comana naar Constantinopel. De terugkeer van zijn heilige relieken wordt gevierd op 27 January.

Omdat 14 September het Feest van de Kruisverheffing is, is de herdenking van Sint Johannes verplaatst naar 13 November.

Johannes Chrysostom wordt samen met Gregorius de Theoloog en Basilius de Grote ook herdacht op 30 januari (Trion Ierarchon) (>>>zie Johannes Chrysostom 30 januari).

Saint John Chrysostom was born in Antioch in the year 344 or 347. He was the son of Secundus and Anthusa, who were pious people. From 374 to 381 he lived the monastic life in the hermitages near Antioch. Because his extreme asceticism undermined his health, he had to return to Antioch. There he became deacon about the year 381. In 386 he became presbyter of the Church of Antioch. Because of his eloquence, Saint John was surnamed Chrysostom ("Golden-mouth"). Because of his fame, he became Patriarch of Constantinople on February 28, 398. When Saint John criticized the vain Eudoxia, wife of the Emperor Arcadius, he was banished to Pontus in 403. The people were in an uproar, and an earthquake shook the city the following night. This frightened the Empress Eudoxia so much, that she begged Arcadius to call Chrysostom back. But in June of 404 he was again exiled, to Cucusus, on the borders of Cilicia and Armenia. When he started to write letters to Pope Innocent of Rome about this, John was taken to Pityus near the Caucasus. He did not survive the cruel journey and died near Comana in Pontus, at the chapel of the Martyr Basiliscus, on September 14, 407. Thirty-one years later the Emperor Theodosius the Younger and Saint Pulcheria, his sister, the children of Arcadius and Eudoxia, brought his relics from Comana to Constantinople. This return of his holy relics is celebrated on January 27. Because September 14 is the Exaltation of the Cross, the Saint's memory has been transferred to November 13.

John Chrysostom is also commemorated together with Gregory the Theologian and Basil the Great on januari 30 (Trion Ierarchon) (>>>see Johannes Chrysostom 30 januari).

13 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

DFHI

JK

 

Ý

Chrysostomos

(Johannes Chrysostom)

(Ioannou Xrysostomou)

Basilius de Grote en Gregorius de Theoloog:

 

Trion Ierarxon

Synaxis van de Drie Hiërarchen

Synaxis ofthe Three Hierarchs

Naamdag van alle kerken genaamd:

 “Drie Hiërarchen”.

Tijdens de elfde eeuw woedden geschillen in Constantinopel over de vraag wie van de drie hiërarchen de grootste was. Toen verschenen de drie hiërarchen aan Sint Johannes de bisschop van Euchaita (14 juni) in het jaar 1084. Ze vertelden hem dat ze voor God gelijk waren en bevalen dat hun gezamenlijke herdenking gevierd moest worden op eenzelfde dag om de geschillen te stoppen. Bisschop Johannes koos 30 januari voor hun gezamenlijk Feest. Aldus eindigde de controversie en de vrede werd hersteld.

>>>zie ook Basilius 1 januari

>>>zie ook Gregorius 25 januari

>>>zie ook Johannes Chrysostom 13 november

Nameday of all churces named

“Three Hierarchs”.

During the eleventh century disputes raged in Constantinople about which of the three hierarchs was the greatest. Then the three hierarchs appeared to Saint John the bishop of Euchaita (June 14) in the year 1084. They told him that they were equal before God and ordered that their common commemoration should be celebrated on a single day to stop the disputes. Bishop John chose January 30 for their joint Feast. Thus the controversy ended and peace was restored.

>>>also see Basilius 1 januari

>>>also see Gregorius 25 januari

>>>also see Johannes Chrysostom 13 november

30 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

 

DFIJK

 

Ý

Cirillus

>>>zie Cyrillus

>>>see Cyrillus

 

Ý

Claudia (Klaudia),

Alexandria (Alexandra), Euphrasia, Julia, Matrona, Phaeina (Thaina, Phaine, Falina) en Tecusa (Thecusa), de 7 Heilige Maagden, en Theodotus van Ancyra

Sint Theodotus stierf als een martelaar tijdens het regime van Diocletianus (284-305). Zijn tante Tecusa en haar metgezellen, de maagden Alexandria, Claudia, Phaeina, Euphrasia, Matrona en Julia (één website noemt ook Theodota, maar deze naam wordt waarschijnlijk verward met Theodotus) werden gemarteld en verdronken omdat ze Christenen waren. Sint Theodotus haalde hun heilige relieken terug en begroef hen. Hierom werd hij opgepakt, gekweld en onthoofd. Hij stierf op 7 juni 303 of 304. Hij wordt herdacht op 18 mei, op de sterfdag van de Heilige Maagden.

Sint Theodotus wordt ook herdacht op 7 Juni (>>>zie Theodotus, 7 Juni).

Saint Theodotus died as a martyr during the reign of Diocletian (284-305). His aunt Tecusa and her companions, the virgins Alexandria, Claudia, Phaeina, Euphrasia, Matrona and Julia (one website also mentions Theodota, but this name is probably confused with Theodotus) were tortured and drowned for being Christians. Saint Theodotus recovered their holy relics and buried them. For this he was seized, tormented and beheaded. He died on the 7th of June 303 or 304. He is commemorated on the 18th of May, on the day of death of the Holy Virgins.

Saint Theodotus is also commemorated on June 7 (>>>see Theodotus, June 7).

18 MEI

     ΜΑΙΟΣ

D

 

Ý

Claudianus (Klaudianos),

Amonitus, Anicletus, Athanasius, Barachius, Callimachus, Callinicus, Castrichius, Diodotus, Dorotheus, Ducitius, Epiphanius, Eugenius, Eutychius, Gigantius, Hesychius, Hilarion, Longinus, Mamas, Maximianus, Nicander, Nikon, Ostrychius, Themelius, Theodochus, Theodorus, Theodotus, Theodoulus, Theogenes, Theophilus, Valerius en Xanthius, de 32 Metgezellen van Hieron, samen de 33 Martelaren van Melitene in Armenië

Sint Hieron kwam uit Tyana in Cappadocië. Hij was een erg sterke en edele landbewerker. Hij was bezig te graven in zijn veld, toen soldaten kwamen om hem te ronselen voor het leger. Maar Hieron, zelf een Christen, weigerde keizers te dienen, die Christenen vervolgden. Met zijn houten gereedschap joeg hij de gewapende soldaten weg, die in angst vluchtten vanwege zijn kracht. Later echter ging hij uit eigen vrije wil en bekende tegenover de gouverneur een Christen te zijn. Ze hakten zijn rechterhand af en hij werd gevangengezet met 32 anderen, omdat ze hadden geweigerd aan de afgoden te offeren. Samen werden ze allen onthoofd buiten de stad Melitene in Armenië, in het jaar 290. De andere 32 martelaren waren: Amonitus, Anicletus, Athanasius, Barachius, Callimachus, Callinicus, Castrichius, Claudianus, Diodotus, Dorotheus, Ducitius, Epiphanius, Eugenius, Eutychius, Gigantius, Hesychius, Hilarion, Longinus, Mamas, Maximianus, Nicander, Nikon, Ostrychius, Themelius, Theodochus, Theodorus, Theodotus, Theodoulus, Theogenes, Theophilus, Valerius en Xanthius.

Saint Hieron was from Tyana in Cappadocia. He was a very strong and noble husbandman. He was busy digging in his field, when soldiers came to press him into military service. But Hieron, a Christian himself, refused to serve emperors who persecuted Christians. He drove away with his wooden tool the armed soldiers, who fled in fear because of his strength. Later, however, he went of his own free will, and confessed to be a Christian before the governor. They cut off his right hand, and he was imprisoned with thirty-two others, because they had refused to sacrifice to the idols. Together they were all beheaded outside the city of Melitene in Armenia, in the year 290. The other 32 martyrs were: Amonitus, Anicletus, Athanasius, Barachius, Callimachus, Callinicus, Castrichius, Claudian, Diodotus, Dorotheus, Ducitius, Epiphanius, Eugene, Eutychius, Gigantius, Hesychius, Hilarion, Longinus, Mamas, Maximian, Nicander, Nikon, Ostrychius, Themelius, Theodochus, Theodore, Theodotus, Theodoulus, Theogenes, Theophilus, Valerius and Xanthius.

07 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

 

 

Ý

Claudius (Klaudios),

Diodorus, Victor, Victorinos, Pappius, Nicephorus en Serapion, Martelaren

Volgens sommigen stierven deze martelaren in Korinthië onder Decius in 251. Volgens anderen stierven ze in Diospolis in Egypte onder Numerianus in 284. De armen en benen van Sint Claudius werden afgerukt. De heiligen Diodorus en Serapion werden levend verbrand. De heiligen Nicephorus, Victor en Victorinus werden doodgedrukt door een grote kei en Sint Pappias werd in zee gegooid.

According to some these martyrs died in Corinth under Decius in 251. According to others they died in Diospolis in Egypt under Numerian in 284. The arms and legs of Saint Claudius were severed. The Saints Diodore and Serapion were burned alive. The Saints Nicephorus, Victor and Victorinus were crushed to death by a large boulder and Saint Pappias was cast into the sea.

05 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

DJ

 

Ý

Claudius (Klaudios),

Hypatius, Paulus en Dionysus, de Kinderen, Metgezellen van Lucillianus en Paula, Martelaren

Sint Lucillianus was een priester van de afgoden nabij Nicomedia. Toen hij op hoge leeftijd Christen werd, tijdens het regime van Aurelianus (270-275), werd hij voor Silvanus de Graaf gebracht. Toen hij weigerde zijn Christelijke geloof op te geven, werd zijn kaak gebroken, werd hij met staven geslagen, werd hij ondersteboven gehangen, en toen gevangen gezet met vier Christelijke kinderen, Claudius, Hypatius, Paulus en Dionysius. Ze werden allemaal weer voor Silvanus gebracht. Toen ze standvastig bleven in hun geloof werden ze in een felbrandende oven gegooid, maar ze bleven ongedeerd. Toen werden ze naar Byzantium gestuurd. De kinderen werden onthoofd en Lucillianus werd gekruisigd. De maagd Paula, ook een Christin, begroef hun heilige relieken. Hierom werd ze naakt uitgekleed en genadeloos gegeseld. Na vele kwellingen werd ze onthoofd  in het jaar 270.

Saint Lucillian was a priest of the idols near Nicomedia. When he became a Christian in his old age, during the reign of Aurelian (270-275), he was brought before Silvan the Count. When he refused to give up his Christian faith, his jaw was broken, he was beaten with rods, he was hanged upside down, and then imprisoned with four Christian children, Claudius, Hypatius, Paul, and Dionysius. All of them were brought before Silvan again. When they remained constant in their faith, they were cast into a raging furnace, but they remained unharmed. Then they were sent to Byzantium. The children were beheaded, and Lucillian was crucified. The virgin Paula, also a Christian, buried their holy relics. For this, she was stripped naked and mercilessly thrashed. After other torments, she was beheaded, in the year 270.

03 JUΝI

      ΙΟΥΝΙΟΣ

DJK

 

Ý

Claudius (Klaudios),

Castulus, Castor en Tiburtius, Tranquillinus en zijn zonen Markus en Marcellinus, Nicostratus en zijn vrouw Zoe,  Metgezellen van Sebastianus, de Martelaar

Sint Sebastianus kwam uit de stad Milaan. Hij was een lid van de Senaat, en had velen tot het Christelijke geloof bekeerd. Toen Diocletianus en Maximianus een Vervolging begonnen tegen de Christenen, werd Sint Sebastianus gearresteerd. Hij werd doorboord met scherpe pijlen, en de beenderen van zijn lichaam werden verbrijzeld met stokken. Nadat hij in stukken was gesneden, stierf hij in het jaar 288. Zijn metgezellen, die samen met hem stierven, waren: Marcellinus en Markus de broers, Tranquillinus hun vader, Nicostratus en zijn vrouw Zoë, Tiburtius, Claudius, Castulus en Castor.

Saint Sebastian was from the city of Milan. He was a member of the Senate, and had converted many to the Christian faith. When Diocletian and Maximian began a Persecution against the Christians, Saint Sebastian was arrested. He was pierced with sharp arrows, and the bones of his body were shattered with clubs. When he was being cut into pieces, he died in the year 288. His companions, who died together with him, were: Marcellinus and Mark the brethren, Tranquillinus their father, Nicostratus and his spouse Zoe, Tiburtius, Claudius, Castulus, and Castor.

18 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

D

 

Ý

Claudius (Klaudios) de Tribuun,

zijn vrouw Hilaria (Ilaria) en hun zonen Jason (Iason) en Maurus (Mavros), Chrysanthus en zijn vrouw Daria, Diodorus de presbyter en Marianus de diaken, martelaren

Deze heiligen leefden tijdens het regime van keizer Numerianus in 283 of 284. Sint Chrysanthos was de zoon van Pelemon, Senator van Alexandria. Toen hij zich liet dopen en het christendom preekte, liet zijn vader hem in de gevangenis werpen. Hij dwong hem met Sint Daria, een filosofe (of een priesteres van Minerva) uit Athene, te trouwen, in de hoop hem van zijn christelijke geloof af te brengen. In plaats hiervan liet Sint Daria zich ook dopen. Beiden wilden tot hun dood zuiver blijven en preekten preutsheid en puurheid. Hierom werden ze gefolterd door de tribuun Claudius. Toen deze zag dat de heiligen ongedeerd bleven, bekeerden hij en zijn vrouw Hilaria en hun zonen Jason en Maurus zich ook tot het christendom. Ook zij werden vanwege hun geloof gemarteld en uiteindelijk gedood. Chrysanthos en Daria werden in een modderige kuil gegooid en doodgetrapt (of levend begraven). In een grot vlakbij kwamen christenen samen om deze martelaren te herdenken. Toen dit uitkwam, werd de ingang van de grot afgesloten en de stierven de aanwezigen zelf ook als martelaren. Twee van hen waren de priester Diodorus en de diaken Marianus.

These saints lived during the reign of emperor Numerianus in 283 or 284. Saint Chrysanthos was the son of Pelemon, Senator of Alexandria. When he was baptised and preached christianity, his father put him in prison. He forced him to marry Saint Daria, a philosopher (or a priestess of Minerva) from Athens, with the hope that this would move him away from his christian faith. Instead of this, also Saint Daria was baptised. Both of them wanted to stay pure till their death en preached prudence and purity. For this they were tortured bu the tribune Claudius. When Claudius saw that the saints remained unharmed, he and his wife Hilaria and their sons Jason and Maurus were concerted to the christian faith. They also were tortured for this and finally killed. Chrysanthos and Daria were thrown in a muddy pit and trampled to death (or buried alive). In a cave nearby christians gathered to commemorate these martyrs. When this was discovered, the entrance of the cave was sealed and the people present died as martyrs themselves. Two of them weer the presbyter Diodorus and the deacon Marianus.

19 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

D

 

Ý

Claudius (Klaudios),

Acacius, Aesychius, Aetius, Aggia, Alexander, Athanasius, Candidus, Cirillus, Cudio, Cyrius, Domitian, Domninus, Ecdicius, Eunoicus, Eutychius, Eutychus (Aglaius), Flavius, Gaius, Gorgonius, Helianus, Heraclius, Ile, Johannes, Leontius (Theoctistus), Lisimachus, Melito, Nicallus, Philotemon, Priscus, Sacerdos, Severianus, Sisinnius, Smaragdus, Theodulus, Theophilus, Valens, Valerius, Vicratius (Vibianus), Xantius, de 40 Martelaren van Sebaste

De 40 Martelaren van Sebaste waren Christelijke soldaten in het Romeinse leger in het jaar 320 A.D. Toen de vervolging van de Christenen begon tijdens het regime van Licinius, werden de martelaren vastgebonden en in een meer gegooid. Een wacht werd neergezet om te voorkomen dat ze zouden ontsnappen. Er was een verschrikkelijke vorst en het meer bevroor rondom de lichamen van de martelaren. De folteraars verwarmden een bad aan de rand van het meer om de martelaren over te halen Christus te loochenen. Eén van hen kwam uit het water en klom in het bad. Toen verscheen er een buitengewoon licht uit de hemel, dat het water en de lichamen van de martelaren verwarmde, en 39 kronen daalden uit de hemel neer op hun hoofden. De wacht aan de oever zag dit, trok al zijn kleren uit en voegde zich bij de martelaren in het meer. Inderdaad daalde de laatste en 40e kroon op zijn hoofd neer. De volgende dag waren de martelaren nog steeds in leven, dus gaven de rechtes het bevel om hun onderbenen te breken en in het water te gooien, zodat Christenen ze niet meer terug konden vinden. Op de derde nacht dreef elk been dat gescheiden was van hun lichamen aan de oppervlakte en gloeide als een kaars. Bisschop Petrus verzamelde en begroef ze eervol.

The 40 Martyrs of Sebaste were Christian soldiers in the Roman army in the year 320 A.D. When the persecution of Christians began during the reign of Licinius, the martyrs were bound and tossed into the lake. A guard was stationed to prevent them from escaping. There was a terrible frost and the lake froze around the bodies of the martyrs. The torturers heated a bath by the side of the lake in sight of the frozen martyrs to persuade them to deny Christ. One of them came out of the water and entered the bath. Then an extraordinary light appeared from heaven which warmed the water in the lake and the bodies of the martyrs and thirty-nine wreaths descended from heaven over their heads. The guard on the shore saw this, removed all his clothes and entered the lake to join the martyrs. Indeed, the last and fourtieth wreath descended upon him. The next day the martyrs were still alive, so the judges ordered that the lower part of their legs be broken and their bodies thrown into the water so Christians could not recover them. On the third night every bone which was separated from their bodies floated to the top and glowed like a candle. Bishop Peter gathered and honorably buried them.

09 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DJKM

 

Ý

Claudius (Klaudios),  

Asterius (Astericus), Neon, Neonilla (of Theonilla) en Donuina (Domnina), martelaren van Aegae (Cilicia)

De Martelaren Claudius, Asterius en Neones waren broers. Volgens sommige websites was Neonilla hun zuster. Volgens anderen was ze een weduwe op leeftijd. De drie broers werden verraden door hun stiefmoeder, die de kinderen hun erfenis niet wilde geven na de dood van hun vader. Ze werden gemarteld omdat ze Christenen waren en uiteindelijk gekruisigd. Na hen werden Donvina (Domnina) en Neonilla (volgens anderen Theonilla) gemarteld. Donvina werd doodgeslagen en Neonilla werd onder hete kolen begraven. De lichamen van de vrouwen werden in zee gegooid. Volgens anderen werd Neonilla verdronken. Dit gebeurde in het jaar 285 (ook genoemd 289 en 303).

The Martyrs Claudius, Asterius and Neones were brothers. According to some websites Neonilla was their sister. According to others she was an aged widow. The three brothers were betrayed by their stepmother, who did not want to give the children the inheritance after the death of their father. They were tortured for being Christians and eventually crucified. After them Donvina (Domnina) and Neonilla (according to others Theonilla) were tortured. Donvina was beaten to death and Neonilla was buried in hot coals. The bodies of the woman were thrown into the sea. According to others Neonilla was drowned. This happened in the year 285 (also mentioned 289 and 303).

Griekse kalender:

Greek Calendar:

30 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

Slavische kalender:

Slavic Calendar:

29 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

 

 

Ý

Clementinus (Klementos)

Hiero-Martelaar, Bisschop van Ancyra

en zijn discipel Agathangelos

St. Clementinus was afkomstig van Ancyra in Galatia, en de zoon van een ongelovige vader, maar een gelovige moeder, genaamd Sophia. Aanvankelijk leefde hij als monnik, later werd hij de bisschop van zijn stad. Gedurende een periode van 28 jaar moest hij lijden vanwege zijn geloof. Uiteindelijk werden hij en zijn discipel St. Agathangelus (uit Rome) samen onthoofd in het jaar 296 (of 312), tijdens het regime van Diocletianus en Maximian.

Saint Clement was from Ancyra in Galatia, and the son of an unbelieving father, but a believing mother named Sophia. At first he lived as a monk, later he became the bishop of his city. He suffered many things being a Christian, during a period of twenty-eight years. Finally he and his disciple Saint Agathangelus (from Rome) were beheaded together in the year 296 (or 312), during the reign of Diocletian and Maximian.

23 JANUARI

     ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Clementinus (Klementos)

Paus van Rome

Hiero-Martelaar

Sint Clementinus werd tot het christendom bekeerd door de Apostel Petrus. Hij werd de derde Bischop van Rome na de dood van de Apostelen in het jaar 91. Hij stierf als een martelaar tijdens het regime van Trajanus rond het jaar 100.

Oorspronkelijk werden de heiligen Catharina en Mercurius herdacht op 24 november, en de Hiero-Martelaren Clementinus van Rome en Petrus van Alexandrie op 25 november. Op verzoek van de Kerk en het Klooster van de Berg Sinai werden deze data omgewisseld, zodat het festival van St. Catharina, hun patrones, meer feestelijk gevierd kon worden samen met de Apodosis van de Entree van de Theotokos. De Slavische kerken herdenken deze heiligen echter op de oorsponkelijke data.

Saint Clement was converted to christianity by the Apostle Peter. He became the third Bishop of Rome after the death of the Apostles in the year 91. He died as a martyr during the reign of Trajan about the year 100.

According to the ancient usage, Saints Catherine and Mercurius were celebrated on the 24th of november, whereas the holy Hieromartyrs Clement of Rome and Peter of Alexandria were celebrated on the 25th. The dates were interchanged at the request of the Church and Monastery of Mount Sinai, so that the festival of Saint Catherine, their patron, might be celebrated more festively together with the Apodosis of the Feast of the Entry of the Theotokos. The Slavic Churches, however, commemorate these Saints on their original dates.

Griekse kalender:

Greek calendar:

24 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

Slavische kalender:

Slavic calendar:

25 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

DJ

 

Ý

Clementinus (Klementos)

 

Synaxis van de 70 apostelen

Sunaksi ton 70 Apostolon

 

Clementinus was één van de 70 Discipelen en Apostelen van Christus waren door Hem gekozen ter aanvulling op de Twaalf en heengezonden voor de prediking. Zij begeleidden en assisteerden de Heilige Twaalf Apostelen, die in verschillende landen de Gospel van Christus preekten. In de loop van de tijd werden anderen aan hun aantal toegevoegd door de Heilige Apostelen en hun aantal werd uiteindelijk groter dan zeventig. Niettemin werd altijd naar hen verwezen als “van de Zeventig”:

Clementinus was one of the 70 Disciples and Apostles of Christ were chosen by Him in addition to the Twelve and sent forth unto the work of preaching. They accompanied and assisted the Holy Twelve Apostles, who were preaching the Gospel of Christ in various lands. With the passage of time others were added to their number by the Holy Apostles and their number eventually exceeded seventy. Nonetheless they were all referred to as "of the Seventy":

04 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Cleo (Kleio, Clio),

Adamantini, Akrivi, Antigoni, Aphroditi, Areboia, Aspasia, Athena, Chaido, Dione, Dodoni, Elpiniki, Erasmia, Erato, Ermineia, Euterpe, Harikleia, Kalliroe, Kallisti, Kleoniki, Kleopatra, Koralia, Lampro, Margarita, Marianthi, Melpomene, Moscho, Ourania, Pandora, Penelope, Polymnia, Polynike, Sappho, Terpsichore, Thaleia, Theano, Theonoe, Theonymphi, Theophani, Troada, martelaressen, de 40 Heilige Vrouwen en de martelaar Ammon (Ammoun), Diaken en hun Leraar

De Veertig Heilige Vrouwen waren afkomstig van Heraclea in Thracie. Ze hadden de diaken Ammon als gids, die hen onderwees in het Christendom. Ze stierven als martelaren onder de tiran Licinius rond 321-323. Tien van hen werden verbrand, acht van hen werden doodgeranseld, zes van hen werden aan stukken gesneden met messen, van tien werd het hart doorboord met een zwaard en zes stierven door gloeiend ijzer in hun mond gepropt. St. Ammon werd doodgeranseld. De namen van de 40 Heilige Vrouwen moeten met terughoudendheid worden beschouwd, daar sommige, oa. Chaido en Lampro, toebehoorden aan heiligen uit later eeuwen (16e-18e) en niet zonder twijfel vastgesteld is dat het de heiligen uit de vroege eeuwen betreft.

The Forty Holy Women were natives of Heraclea in Thrace. They had the deacon Ammon for a guide, who instructed them in Christianity. They died as martyrs under the tyrant Licinius around 321-323. Ten of them were burnt, eight of them were whipped to death, six of them were cut up by knifes, ten were pierced in the heart by a sword and six died from having the heated iron enclosed in their mouth. St. Ammon was whipped to death. The names of the 40 Holy Women should be considered with reservation, as some of them, a.o. Chaido and Lampro, belong to saints of later centuries (16th-18th) and are not testified without doubt to be the saints of the first centuries.

01 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

JM

 

Ý

Cleonicus (Kleonikou)

Basiliscus en Eutropius,

de Martelaren van Amasea

Deze martelaren waren inwoners van Cappadocië. Ze waren strijdmakkers en verwanten van de martelaar Theodorus de Tyron (17 februari). Ze werden voor President Asclepiodotus gebracht en wreed geslagen. Sint Eutropios werd op zijn mond geslagen voor het beledigen van de President. Ze werden van hun wonden genezen door een verschijning van de Heer en Sint Theodorus. Een groot aantal heidenen, die hier getuige van waren, waren zo verbaasd door dit wonder, dat ze zich bekeerden tot het christendom. Hierom werden zij onthoofd. Toen veranderde de President zijn methode. Hij probeerde Sint Cleonicosdoor vleierij en beloftes te verleiden afstand te doen van zijn geloof. Maar Sint Cleonicos lachte om de domheid van de President en de machteloosheid van de afgoden. Door hun gebeden wierpen de martelaren het standbeeld van Artemis om. Toen zij in kokende was werden gegooid, bleven ze ongedeerd. Uiteindelijk werden Eutropios en Cleonicos gekruisigd en Basiliskos werd in de gevangenis gegooid. Hij werd een jaar later onthoofd, op 22 mei (>>>zie ook Basiliscus 22 mei).

These martyrs were natives of Cappadocië. They were comrades in arms and relatives of the martyr Theodore the Tyro (February 17). They were brought before President Asclepiodotus and beaten cruelly. Saint Eutropios was slapped on the mouth for offending the President. They were cured of their wounds by an apparition of the Lord and Saint Theodore. A large number of pagans who whitnessed this, were so amazed by this miracle, that they converted to christianity. For this they were beheaded. Then the President changed his method. He tried to lead Saint Cleonicos to renounce his faith by flattery and promises. But Saint Cleonicos laughed at the President's stupidity and the idols' powerlessness. By their prayers the martyrs turned over Artemis' statue. When they were plunged into boiling wax, they remained unharmed. Finally Eutropios and Cleonicos were crucified and Basiliskos was thrown into prison. He was beheaded a year later, on May 22 (>>>also see Basiliscus May 22).

03 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DFIJK

 

Ý

Cleopas (Kleopas),

Artemas, Justus, Marcus en Tertius van de 70 Apostelen

St. Artemas was Bisschop van Lystra in Lycaonië, en overleed in vrede.

St. Cleopas is één van de Zeventig Apostelen. Het was door hem dat Christus verscheen op de weg naar Emmaus.

St. Justus (ook bekend als Joses, Joseph of Barsabas Justus) was een zoon van Joseph de Toegezegde en zijn eerste vrouw Salome, samen met Jacobus de Rechtschapene, Judas en Simon. Hij was kandidaat als vervanger voor Judas Iscariot, maar werd niet gekozen. Hij werd Bisschop van Eleutheropolis en stierf als martelaar.

St. Marcus (of Johannes Marcus) is de auteur van de Gospel van Marcus en de metgezel van de Apostel Paulus. Hij is de stichter van de Kerk van Alexandrië en wordt beschouwd als de eerste paus daar. Hij wordt ook herdacht op 25 April en op  27 September met Aristarchus en Zenas.

St. Tertius (ook Tertios) schreef de brief van Apostel Paulus aan de Romeinen neer. Hij was Bisschop van Iconium en stierf als martelaar. Hij wordt ook herdacht op 10 November.

Artemas, Cleopas, Justus, Marcus en Tertius worden ook herdacht op 4 januari (Synaxis van de 70 Apostelen/Discipelen).

St. Artemas was Bishop of Lystra in Lycaonia, and reposed peacefully.

St. Cleopas is numbered among the Seventy Apostles. It was to St. Cleopas that Christ appeared on the road to Emmaus.

St. Justus (also known as Joses, Joseph or Barsabas Justus) was a son of Joseph the Betrothed and his first wife Salome, along with James the Just, Jude and Simon. He was a candidate to replace Judas Iscariot, but was not chosen. He became Bishop of Eleutheropolis and died as a martyr.

St. Mark (or John Mark) is the author of the Gospel of Mark and the companion of the Apostle Paul. He is the founder of the Church of Alexandria and is regarded as its first pope. He is also commemorated on April 25 and on September 27 with Aristarchus and Zenas.

St. Tertius (also Tertios) wrote down the Apostle Paul's letter to the Romans. He was Bishop of Iconium and died as a martyr. He is also commemorated on November 10.

Artemas, Cleopas, Justus, Marcus and Tertius are also commemorated on the 4th of january (Synaxis of the 70 Apostles/Disciples).

30 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

DM

 

Ý

Cleopas (Kleopas)

broer van Joseph de Toegezegde

 

Synaxis van de 70 apostelen

Sunaksi ton 70 Apostolon

 

 

Cleopas (die Christus begeleidde naar Emmaus), broer van Joseph de Toegezegde, was één van de 70 Discipelen en Apostelen van Christus waren door Hem gekozen ter aanvulling op de Twaalf en heengezonden voor de prediking. Zij begeleidden en assisteerden de Heilige Twaalf Apostelen, die in verschillende landen de Gospel van Christus preekten. In de loop van de tijd werden anderen aan hun aantal toegevoegd door de Heilige Apostelen en hun aantal werd uiteindelijk groter dan zeventig. Niettemin werd altijd naar hen verwezen als “van de Zeventig”:

Cleopas (who accompanied Christ to Emmaus), brother of Joseph the Betrothed, was one of the 70 Disciples and Apostles of Christ were chosen by Him in addition to the Twelve and sent forth unto the work of preaching. They accompanied and assisted the Holy Twelve Apostles, who were preaching the Gospel of Christ in various lands. With the passage of time others were added to their number by the Holy Apostles and their number eventually exceeded seventy. Nonetheless they were all referred to as "of the Seventy":

04 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Cleopatra (Kleopatra)

 

 

19 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

FIM

 

Ý

Cleopatra (Kleopatra),

Adamantini, Akrivi, Antigoni, Aphroditi, Areboia, Aspasia, Athena, Chaido, Dione, Dodoni, Elpiniki, Erasmia, Erato, Ermineia, Euterpe, Harikleia, Kalliroe, Kallisti, Kleio, Kleoniki, Koralia, Lampro, Margarita, Marianthi, Melpomene, Moscho, Ourania, Pandora, Penelope, Polymnia, Polynike, Sappho, Terpsichore, Thaleia, Theano, Theonoe, Theonymphi, Theophani, Troada, martelaressen, de 40 Heilige Vrouwen en de martelaar Ammon (Ammoun), Diaken en hun Leraar

De Veertig Heilige Vrouwen waren afkomstig van Heraclea in Thracie. Ze hadden de diaken Ammon als gids, die hen onderwees in het Christendom. Ze stierven als martelaren onder de tiran Licinius rond 321-323. Tien van hen werden verbrand, acht van hen werden doodgeranseld, zes van hen werden aan stukken gesneden met messen, van tien werd het hart doorboord met een zwaard en zes stierven door gloeiend ijzer in hun mond gepropt. St. Ammon werd doodgeranseld. De namen van de 40 Heilige Vrouwen moeten met terughoudendheid worden beschouwd, daar sommige, oa. Chaido en Lampro, toebehoorden aan heiligen uit later eeuwen (16e-18e) en niet zonder twijfel vastgesteld is dat het de heiligen uit de vroege eeuwen betreft.

The Forty Holy Women were natives of Heraclea in Thrace. They had the deacon Ammon for a guide, who instructed them in Christianity. They died as martyrs under the tyrant Licinius around 321-323. Ten of them were burnt, eight of them were whipped to death, six of them were cut up by knifes, ten were pierced in the heart by a sword and six died from having the heated iron enclosed in their mouth. St. Ammon was whipped to death. The names of the 40 Holy Women should be considered with reservation, as some of them, a.o. Chaido and Lampro, belong to saints of later centuries (16th-18th) and are not testified without doubt to be the saints of the first centuries.

01 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

JM

 

Ý

Clio (Kleio, Cleo),

Adamantini, Akrivi, Antigoni, Aphroditi, Areboia, Aspasia, Athena, Chaido, Dione, Dodoni, Elpiniki, Erasmia, Erato, Ermineia, Euterpe, Harikleia, Kalliroe, Kallisti, Kleoniki, Kleopatra, Koralia, Lampro, Margarita, Marianthi, Melpomene, Moscho, Ourania, Pandora, Penelope, Polymnia, Polynike, Sappho, Terpsichore, Thaleia, Theano, Theonoe, Theonymphi, Theophani, Troada, martelaressen, de 40 Heilige Vrouwen en de martelaar Ammon (Ammoun), Diaken en hun Leraar

De Veertig Heilige Vrouwen waren afkomstig van Heraclea in Thracie. Ze hadden de diaken Ammon als gids, die hen onderwees in het Christendom. Ze stierven als martelaren onder de tiran Licinius rond 321-323. Tien van hen werden verbrand, acht van hen werden doodgeranseld, zes van hen werden aan stukken gesneden met messen, van tien werd het hart doorboord met een zwaard en zes stierven door gloeiend ijzer in hun mond gepropt. St. Ammon werd doodgeranseld. De namen van de 40 Heilige Vrouwen moeten met terughoudendheid worden beschouwd, daar sommige, oa. Chaido en Lampro, toebehoorden aan heiligen uit later eeuwen (16e-18e) en niet zonder twijfel vastgesteld is dat het de heiligen uit de vroege eeuwen betreft.

The Forty Holy Women were natives of Heraclea in Thrace. They had the deacon Ammon for a guide, who instructed them in Christianity. They died as martyrs under the tyrant Licinius around 321-323. Ten of them were burnt, eight of them were whipped to death, six of them were cut up by knifes, ten were pierced in the heart by a sword and six died from having the heated iron enclosed in their mouth. St. Ammon was whipped to death. The names of the 40 Holy Women should be considered with reservation, as some of them, a.o. Chaido and Lampro, belong to saints of later centuries (16th-18th) and are not testified without doubt to be the saints of the first centuries.

01 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

JM

 

Ý

Codratus

(Kodratos, Quadratus)

van Korinthië

en zijn Metgezellen Anektos, Paulus, Dionysios, Cyprianus en Crescens

Tijdens de vervolging van Christenen vluchtte de moeder van Codratus naar de bergen en in de grotten. Ze was toen zwanger en beviel van Codratus in het bos. Kort daarna stierf ze. Codratus groeide op in de natuur en in eenzaamheid en werd verzorgd, gevoed en geleid door God. Op twaalfjarige leeftijd kwam hij naar de stad en daar gaven mensen hem een opleiding. Hij studeerde medicijnen en genas de zieken. Toen zich weer nieuwe vervolgingen voordeden werd Codratus voor het gerecht gebracht en in de gevangenis geworpen. Vijf metgezellen sloten zich bij hem aan vanwege hun Christen zijjn: Cyprian, Dionysius, Anectus, Paulus en Crescens. Ze werden allen door de straten gesleept, met staven geslagen en gestenigd tot ze uiteindelijk naar het schavot gesleept werden. Daar werden de martelaren onthoofd. Op deze plek spoot een waterbron uit de grond die zelfs vandaag nog Codratus wordt genoemd. Dit gebeurde in Korinthie tijdens het regime van Keizer Valerianus (253-260) of in het jaar 250 A.D. tijdens het regime van Keizer Decius en zijn gouverneur Jason.

During the time of the persecution of Christians the mother of Codratus fled to the mountains and into the caves. She was pregnant at the time and gave birth to Codratus in the forest. She died shortly thereafter. Codratus grew up in nature and in solitude and was cared for by, fed by and guided by God. In the age of twelve he entered into town and there some people provided him with an education. He studied medicine and healed the sick. When a new persecution arose again Codratus was brought to trial and cast into prison. Five companions joined him for being Christians: Cyprian, Dionysius, Anectus, Paul and Crescens. They were all dragged through the streets, beaten with rods and stoned until they were eventually dragged to the scaffold. There the martyrs were beheaded. On this spot a source of water gushed out of the ground which is still called Codratus even today. This happened in Corinth during the reign of Emperor Valerian (253-260) or in the year 250 A.D. during the reign of Emperor Decius and his governor Jason.

10 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DJK

 

Ý

Codratus

(Kodratos, Quadratus)

van Magnesia

Apostel

Sint Quadratus (Codratus) was een Apostel van de Zeventig en Bisschop van Athene. Hij preekte in Athene en in Magnesia (eiland ten oosten van Thessalië). Hij bekeerde vele heidenen tot het christendom. Dit maakte andere heidenen kwaad en een menigte bekogelde hem met stenen. Sint Quadratus bleef in leven en werd in de gevangenis gegooid. Daar stierf hij door uithongering. Zijn lichaam werd begraven in Magnesia. Hij wordt ook herdacht op 4 januari (Synaxis van de 70 Apostelen/Discipelen).

Saint Quadratus (Codratus) was an Apostle of the Seventy and Bishop of Athens. He preached at Athens and at Magnesia (eastern peninsula of Thessaly). He converted many pagans to christianity. This made other pagans angry and a mob pelt him with stones. Saint Quadratus remained alive and he was thrown into prison. There he died of starvation. His body was buried in Magnesia. He is also commemorated on the 4th of january (Synaxis of the 70 Apostles/Disciples).

21 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Codratus

(Kodratos, Quadratus)

 

Synaxis van de 70 apostelen

Sunaksi ton 70 Apostolon

 

Quadratus (Codratus) was één van de 70 Discipelen en Apostelen van Christus waren door Hem gekozen ter aanvulling op de Twaalf en heengezonden voor de prediking. Zij begeleidden en assisteerden de Heilige Twaalf Apostelen, die in verschillende landen de Gospel van Christus preekten. In de loop van de tijd werden anderen aan hun aantal toegevoegd door de Heilige Apostelen en hun aantal werd uiteindelijk groter dan zeventig. Niettemin werd altijd naar hen verwezen als “van de Zeventig”.

Quadratus (Codratus) was one of the 70 Disciples and Apostles of Christ were chosen by Him in addition to the Twelve and sent forth unto the work of preaching. They accompanied and assisted the Holy Twelve Apostles, who were preaching the Gospel of Christ in various lands. With the passage of time others were added to their number by the Holy Apostles and their number eventually exceeded seventy. Nonetheless they were all referred to as "of the Seventy".

04 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Comasius (Komassios)

de Monnik,

Basilius (diaken), Chariton (monnik), Daniel (monnik), Etymasius (Hetoimassios) (monnik of leek) en/of Eusebius (monnik), Hierotheus (monnik), Johannes (priester), Nicephorus (Nikephoros) (priester), Petrus (priester), Sergius (priester), Socrates (monnik), Theodorus (bisschop), Theodorus (priester), Thomas (diaken) en Timotheus (bisschop), de 15 (or 16) Hieromartelaren van Tiberiopolis (Tiberioupolis)

De Martelaren Basilius (diaken), Chariton (monnik), Comasius (monnik), Daniel (monnik), Etymasius (monnik of leek) en/of Eusebius (monnik), Hierotheus (monnik), Johannes (priester), Nicephorus (priester), Petrus (priester), Sergius (priester), Socrates (monnik), Theodorus  (bisschop), Theodorus (priester), Thomas (diaken) en Timotheus (bisschop) waren geestelijken uit Nicaea en andere plaatsen. Toen Keizer Julianus de Apostaat (361-3) alle Christenen wilde dwingen de afgoden te aanbidden, vluchtten ze naar Thessalonica. Daar vonden ze geen vrede en ze gingen op weg naar Tiberiopolis (Strumica, ook Cilicia wordt genoemd). Gedurende korte tijd leidden ze daar een apostolisch leven, tot de soldaten van de tiran hen inhaalden en hen terug brachten naar Thessalonica. Toen ze weigerden Christus te verloochenen, werden ze met het zwaard onthoofd in Tiberiopolis in 361. Verschillende websites noemen 16 martelaren. Het zou mogelijk kunnen zijn dat de martelaren Etymasius en Eusebius met elkaar verward worden, of dat één van deze twee namen verkeerd is. Dit is echter niet zeker. Volgens slechts één website was Etymasius een leek, Volgens alle andere die ik gevonden heb was hij een presbyter (priester).

The Martyrs Basil (deacon), Chariton (monk), Comasius (Comassius, Komassios) (monk), Daniel (monk), Etymasius (Etimassius, Hetoimassios) (monk or layman) and/or Eusebius (Eusebios) (monk), Hierotheus (Hierotheos) (monk), John (priest), Nicephorus (Nikephoros) (priest), Peter (priest), Sergius (Sergios) (priest), Socrates (monk), Theodore (Theodor) (bisshop), Theodore (priest), Thomas (Thom) (deacon) and Timothy (bisshop) were clergy from Nicaea and other places. When Emperor Julian the Apostate (361-3) wanted to compel all Christians to turn back to idolatrous worship, they sought refuge in Thessalonica. They did not find peace there and they made their way to Tiberiopolis (Strumica, also Cilicia is mentioned). For a short while they led an apostolic life there, until the tyrant’s soldiers caught up with them and brought them back to Thessalonica. When they refused to deny Christ, they were beheaded by the sword in Tiberiopolis in 361. Several websites mention 16 martyrs. It might be possible that the martyrs Etymasius and Eusebius are being confused with eachother, or that one of these two names is wrong. However this is not certain. According to only one website Etymasius was a layman, according to all others that I found he was a presbyter.

28 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

 

 

Ý

Commodus (Komodos),

Metgezel van Chrysa (Aura, Avra)

de Hiero-Martelaar Hippolytus (Ippolytos), priester van de Kerk van Rome, de martelaren Censorinus (Kensourinos), en 20 soldaten en gevangenisbewaarders met hem, Sabinos (of Sabaïnos), Chrysa (of Aura, Avra) de maagd en haar 20 metgezellen: Amandinus, Archelaus de Diaken, Ares, Commodus (Komodos), Cyprus (Kypros), Cyriacus (of Quirinus) (Kyriakos of Kyrinos) de bisschop, Eusebius, Felix (Felikos), Herculianus (of Herculinus) (Erkoulios of Erkoulinos), Hermes (Ermis), Maurus (Mavros), Maximus, Maximus de presbyter, Mennas (Minas), Monagrius, Olympius (of Olympinos), Rusticus (Roustikos), Stiracius (Styrakios), Theodorus de Tribuun en Venerius (Benerios), martelaren.

Sint Hippolytus wordt genoemd als een paus of een bisschop van Rome. Eén website noemt hem als een antipope. Hij was een discipel van Sint Irenaeus, bisschop van Lugdunum (Lyons in Frankrijk) en een christelijke theoloog, die vele verhandelingen en commentaren op de Bijbelse Boeken schreef. Hij was één van de laatste Westerse Vaders, die in het Grieks schreef. Toen Sint Hippolytus hoorde over het lijden van deze martelaren, verscheen hij voor de gouverneur en protesteerde tegen hun onmenselijkheid. De woedende gouverneur veroordeelde hem tot martelingen. Na lange kwellingen bonden ze zijn handen en voeten en gooiden hem in zee. Zijn relieken werden naar de kerk van de Martelaren Laurentius en Paus Damasus in Rome overgebracht..

Sint Censorinus was een hooggeplaatste magistraat. Hij werd gearresteerd en in de gevangenis gegooid omdat hij christen was. Toen hij een dode man tot leven wekte, bekeerden twintig soldaten en gevangenisbewaarders zich tot het christendom. Zij werden samen met Sint Censorinus onthoofd. Toen werd de maagd Chryse, die uit een aristocratische familie kwam, ondervraagd. Zij bekende een christin te zijn en werd gemarteld. Eerst openden ze haar zijden en verbrandden haar wonden met brandende kaarsen. Na vele verschrikkelijke kwellingen bonden ze een grote steen om haar nek en verdronken haar in zee. Samen met Sint Chryse stierven de martelaren Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore de tribuun, Maximus de presbyter, Archelaus de diaken en Cyriacus de bisschop. Met zware stenen rond zijn nek gebonden werd Sint Sabinus aan een boom opgehangen. De heidenen verbrandden zijn zijden met toortsen tot hij stierf. Al deze Romeinse martelaren stierven in het jaar 269 AD. Met name het martelaarschap van Sint Chrysa wordt gerapporteerd.

Saint Hippolytus is mentioned as a pope or a bishop of Rome. One website mentions him as an antipope. He was a disciple of St Irenaeus, bishop of Lugdunum (Lyons in France) and a christian theologian who wrote many treatises and commentories on the Biblical Books. He was one of the last Western Fathers to write in Greek. When Saint Hippolytus he learned of the suffering of these martyrs, he appeared before the governor and protested against their inhumanity. The enraged governor sentenced him to be tortured. After long torments, they tied his hand and feet and threw him into the sea. His relics were put in the church of the martyrs Laurence and Pope Damasus in Rome.

St Censorinus was a high-ranking magistrate. He was arrested and thrown into prison being a christian. When he raised up a dead man, twenty soldiers and prison guards were converted to christianity. They were beheaded with St Censorinus.

Then the virgin Chryse, who was from an aristocratic family, was brought for interrogation. She confessed being a christian and was tortured. At first they opened her sides and they burned her wounds with burning candles. After many other horrible torments, they tied a big rock around her neck and drowned her in the sea. With Saint Chryse suffered the martyrs Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore the Tribune, Maximus the Presbyter, Archelaus the Deacon, and Cyriacus the Bishop.

With heavy rocks tied around his neck, Saint Sabinus was hung on a tree. The idolaters burned his sides with torches untill he died.

All these Roman martyrs suffered in the year 269 AD. Especially the martyrdom of Saint Chrysa is reported.

30 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

 

 

Ý

Conon (Konon)
de tuinman van Isauria

Martelaar

Saint Conon the gardener lived during the reign of emperor Decius in 251 and was from Nazareth. He went to the city of Mandron, in the province of Pamphylia, where he stayed at a place called Karmela or Karmena. There he cultivated a garden which he watered and planted with various vegetables. He obtained from this garden what is necessary for life. Because he was a christian, he was arrested and brought to governor Publius. Because Conon refused to worship the idols, Publius made Saint Conon run with nailed feet in front of his coach. But the saint fainted in the street, fell on his knees, prayed and died.

Saint Conon the gardener lived during the reign of emperor Decius in 251 and was from Nazareth. He went to the city of Mandron, in the province of Pamphylia, where he stayed at a place called Karmela or Karmena. There he cultivated a garden which he watered and planted with various vegetables. He obtained from this garden what is necessary for life. Because he was a christian, he was arrested and brought to governor Publius. Because Conon refused to worship the idols, Publius made Saint Conon run with nailed feet in front of his coach. But the saint fainted in the street, fell on his knees, prayed and died.

05 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DFIJK

M

 

Ý

Constantinus (Konstantinos)

en Helena, Keizer en Keizerin

Gelijken van de Apostelen

Sint Constantinus was de zoon van Constantius Chlorus (heerser van het Westen van het Romeinse keizerrijk) en Sint Helena. Hij werd volgens sommigen geboren in 272 in Naissus in Dardanië, een stad op de Hellespont. Na zijn vijanden overwonnen te hebben werd hij op 28 october 312 door de Senaat van Rome tot Keizer van het Westen uitgeroepen, terwijl zijn schoonbroer Licinius over het Oosten heerste. Licinius vervolgde later de christenen. Sint Constantinus bevocht hem tot hij hem uiteindelijk overwon in 324 en werd Monarch van het Westen en het Oosten. Onder zijn regime kwam er een eind aan alle christenvervolgingen. In 325 riep hij het 1e Oecumenische Concilie in Nicaea bijeen. Hij overleed op 21 of 22 mei 337 op 65-jarige leeftijd. Zijn overblijfselen werden overgebracht naar Constantinopel (het oude Byzantium, wat naar Sint Constantinus was genoemd).

Zijn moeder Sint Helena ondernam een reis naar Jeruzalem. Ze vond het Heilige Kruis waaraan Jezus Christus was gekruisigd. Hierna richtte Sint Helena kerken op in Jeruzalem op de plaatsen van de Kruisiging en Opstanding, in Bethlehem bij de grot waar Jezus Christus was geboren, op de Olijfberg, in Cyprus en vele andere plaatsen. Ze werd tot Augusta uitgeroepen, haar afbeelding werd op gouden munten geslagen en twee steden in Bithynië en Palestina werden Helenopolis naar haar genoemd. Volgens sommigen stierf ze in het jaar 330, volgens anderen in 336, op de leeftijd van ongeveer 80 jaar.

Twee belangrijke Orthodoxe heiligen, Gelijken van de Apostelen, en naamdagvieringen voor diegenen die naar hen genoemd zijn. Ook de tijd voor vuurlopen in Lagkadás bij Thessaloniki. In de laatste jaren zijn er pogingen gedaan deze oude rites te onderdrukken, maar ze blijken nog steeds springlevend.

De officiële naamdag wordt gevierd op 21 mei. Wanneer deze dag samenvalt met Zaterdag van de Doden, wordt dit feest verzet naar de volgende vrijdag en gevierd met de laatste dag van de Ascension.

Saint Constantine was the son of Constantius Chlorus (ruler of the West of the Roman empire) and Saint Helena. According to some he was born in 272 in Naissus in Dardania, a city on the Hellespont. After he defeated his enemies he was proclaimed Emperor of the West on 28 october 312 by the Senate of Rome, while his brother-in-law Licinius ruled in the East. Later Licinius prosecuted the christians. Saint Constantine fought against him untill he finally defeated him in 324 and became Monarch of the West and the East. Under his reign the prosecution of christians came to an end. In 325 he gathered the 1st Oecumenical Council in Nicaea. He died on 21 or 22 may 337 in the age of 65. His relics were transferred to Constantinople (the old Byzantium, which was named after Saint Constantine).

His mother Saint Helen undertook a journey to Jerusalem. She found the Holy Cross on which Jesus Christ was crucified. Hereafter Saint Helen erected churches in Jerusalem at the sites of the Crucifixion and Resurrection, in Bethlehem at the cave where Jesus Christ was born, on the Mount of Olives, in Cyprus and and many other places. She was proclaimed Augusta, her image was stamped upon golden coins and two cities in Bithynia and Palestine were named Helenopolis after her. According to some she died in the year 330, accordig to others in 336, in the age of about 80 years.

Two important Orthodox saints, Equals of the Apostles, and nameday-celebrations for those named after them. Also the time for fire-walking ceremonies at Lagkadás near Thessaloníki. There have been attempts to suppress these ancient rites in recent years, but they appear to be surviving.

The official nameday is celebrated on 21st of may. In occurrence with the Saturday of the Dead, this feast is transferred to the preceeding Friday and celebrated with the Closing Day of the Ascension.

21 MEI

     ΜΑΙΟΣ

 

ABCD

FGHI

JKM

 

Ý

Constantinus (Konstantinos) van Cyprus

Nieuw-Martelaar

 

 

01 JULI

      ΙΟΥΛΙΟΣ

D

 

Ý

Constantinus (Konstantinos)

“de Moedige”,

Aetius, Bassoi (Basoes) “de Sterkste”, Callistos (“de Onoverwonnene”), Melissenus, Theodorus (“de Al-Gezegende”), Theophilos (“de Wonderbaarlijke”) en hun metgezellen, de 42 Martelaren van Amorea (Ammoria, Ammorium) in Phrygia

Tijdens een oorlog tussen de Byzantijnse Keizer Theophilus (829-842) en de Saracenen, belegerden de Saracenen de stad Ammoria. Toen Ammoria viel, werden 42 van haar generaals gevangengenomen en naar Syrië gestuurd, waar ze zeven jaar lang opgesloten werden. Tijdens hun gevangenschap probeerden ze de gevangenen over te halen om afstand te doen van hun christelijke geloof en de islam aan te nemen. De gevangenen weerstonden alle verleidelijke aanbiedingen en hielden stand tegen verschrikkelijke bedreigingen. Na vele martelingen werden ze ter dood veroordeeld. De martelaren bleven standvastig. Eén voor één namen de beulen hen mee om te worden onthoofd. Naderhand gooiden ze de lichamen in de rivier Euphrates. Dit gebeurde rond 845. In de dienst voor hen, worden ze geprezen als: de "Al-Gezegende" Theodorus, de "Onoverwonnene" Callistus, de "Moedige" Constantinus, de "Wonderbaarlijke" Theophilus en "de Sterkste" Basoes.

During a war between the Byzantine Emperor Theophilus (829-842) and the Saracens, the Saracens besieged the city of Ammoria. When Ammoria fell, 42 of its generals were taken captive and sent off to Syria, where they were imprisoned for seven years. During their imprisonment they tried to persuade the captives to renounce Christianity and accept Islam. The captives resisted all their seductive offers and held out against terrible threats. After many torments they were condemned to death. The martyrs remained steadfast. One by one the executioners took them and led them off to be beheaded. Afterwards they threw the bodies into the river Euphrates. This happened around 845. In the service to them, they are glorified as: the "All-Blessed" Theodore, the "Unconquered" Callistus, the "Valiant" Constantine, the "Wondrous" Theophilus and "the Most Strong" Basoes.

06 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DJK

 

Ý

Coralia (Koralia),

Adamantini, Akrivi, Antigoni, Aphroditi, Areboia, Aspasia, Athena, Chaido, Dione, Dodoni, Elpiniki, Erasmia, Erato, Ermineia, Euterpe, Harikleia, Kalliroe, Kallisti, Kleio, Kleoniki, Kleopatra, Lampro, Margarita, Marianthi, Melpomene, Moscho, Ourania, Pandora, Penelope, Polymnia, Polynike, Sappho, Terpsichore, Thaleia, Theano, Theonoe, Theonymphi, Theophani, Troada, martelaressen, de 40 Heilige Vrouwen en de martelaar Ammon (Ammoun), Diaken en hun Leraar

De Veertig Heilige Vrouwen waren afkomstig van Heraclea in Thracie. Ze hadden de diaken Ammon als gids, die hen onderwees in het Christendom. Ze stierven als martelaren onder de tiran Licinius rond 321-323. Tien van hen werden verbrand, acht van hen werden doodgeranseld, zes van hen werden aan stukken gesneden met messen, van tien werd het hart doorboord met een zwaard en zes stierven door gloeiend ijzer in hun mond gepropt. St. Ammon werd doodgeranseld. De namen van de 40 Heilige Vrouwen moeten met terughoudendheid worden beschouwd, daar sommige, oa. Chaido en Lampro, toebehoorden aan heiligen uit later eeuwen (16e-18e) en niet zonder twijfel vastgesteld is dat het de heiligen uit de vroege eeuwen betreft.

The Forty Holy Women were natives of Heraclea in Thrace. They had the deacon Ammon for a guide, who instructed them in Christianity. They died as martyrs under the tyrant Licinius around 321-323. Ten of them were burnt, eight of them were whipped to death, six of them were cut up by knifes, ten were pierced in the heart by a sword and six died from having the heated iron enclosed in their mouth. St. Ammon was whipped to death. The names of the 40 Holy Women should be considered with reservation, as some of them, a.o. Chaido and Lampro, belong to saints of later centuries (16th-18th) and are not testified without doubt to be the saints of the first centuries.

01 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

JM

 

Ý

Cornelius (Kornelios)

de Centurion

Hiero-Martelaar

 

 

13 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

FIJKM

 

Ý

Cosmas (Kosmas)

de Hymneschrijver

de Hagiopoliet

Bisschop van Maiuma

Sint Cosmas kwam van Jeruzalem en was een tijdgenoot en gelijke van Sint Johannes van Damascus, met wie hij ook samen opgevoed was, daar hij als wees was geadopteerd door Sergius, Sint. Johannes’ vader. In 743 werd hij Bisschop van Maiuma, een kustplaats in Palestina (later Constantia geheten, naar Constantinus, de zoon van de keizer). Sint Cosmas werd een uitstekend hymneschrijver, waarom hij “de Componist en Melodist” genoemd werd.

Saint Cosmas was from Jerusalem and was a contemporary and peer of Saint John of Damascus, with whom he also was raised together, because he was adopted as an orphan by Sergius, Saint John’s father. In 743 he became Bishop of Maiuma, a coastal city in Palestina (later renamed Constantia, after Constantine, the son of the emperor). Saint Cosmas became an excellent hymnographer, because of which he was called “the Composer and Melodist” genoemd werd.

14 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

DJ

 

Ý

Cosmas(Kosmas) van Rome

en Damianus, Wonderdoeners en Zilverlozen, Martelaren

De heiligen Damianus en Cosmas kwamen uit Rome. Zij waren niét dezelfde heiligen, die worden herdacht op 1 November! Zij waren artsen, die gratis dieren en mensen genazen. Het enige wat zij van hen vroegen, was om in Christus te geloven. Damianus en Cosmas stierven als martelaren in het jaar 284, tijdens de keizers Carinus en Numerianus.

(>>>zie ook Anargiros 1 juli)

Saints Damian and Cosmas were from Rome. They were nót the same saints, who are celebrated on the 1st of November! They were physicians, bestowing healing freely upon beasts and men. The only thing they asked from the healed was to believe in Christ. Damian and Cosmas died as martyrs in the year 284, under the emperors Carinus and Numerian.

(>>>also see Anargiros 1st of july).

01 JULI

      ΙΟΥΛΙΟΣ

ABCD

FGHI

JKM

 

Ý

Cosmas (Kosmas)

en Damianus, de Wonderdoeners en Zilverlozen, en hun moeder Theodote

St. Cosmas en St. Damianus kwamen van Klein-Azie. Na de dood van hun vader voedde hun moeder St. Theodota hen christelijk op, en liet hen iedere wetenschap bestuderen, met name medicijnen. Dit werd hun roeping en ze gingen er op uit om iedere ziekte, van zowel mensen als dieren, gratis te genezen. Vanwege dit werden ze “Unmercenaries” (Grieks: Argyroi “zilverlozen”of “geen geld accepterenden”) genoemd. Aan het eind van hun leven overleden zij in vrede (>>>zie ook Anargiros 1 november en Anarron op 1 november)

St. Cosmas and St. Damian were from Asia Minor. After the death of their father their mother Theodota reared them in Christianity and had them instructed in every science, especially that of medicine. This became their vocation and they went about healing every illness, bestowing healing freely on both men and beasts alike. Because of this they are called "Unmercenaries" (Greek: Argyroi “not accepting money”) At the end of their life they reposed in peace (>>>also see Anargiros 1st of november and Anarron on the 1st of november).

01 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

ADFH

IJKM

 

Ý

Cosmas (Kosmas) Aitolos

(Kosma tou Aitolou)

Cosmas van Aitola

Sint Cosmas kwam uit de stad Mega Dendron (Grote Boom) in Aitola. Na de kloosterschool van Vatopedi op de Heilige Berg ging hij naar het Athonieten Klooster van Philotheou. In Constantinopel leerde hij de kunst van de retoriek en daarna ging hij preken in Noord-Griekenland, de Ionische Eilanden en in Albanie. Uiteindelijk, na vele wonderen, werd hij vals beschuldigd door Joodse leiders en geëxecuteerd door verwurging door de Turken in Albanië (>>>zie ook Aitolia (Etolia) 24 augustus).

Saint Cosmas wasfrom from the town Mega Dendron (Great Tree) in Aitola. After the monastry school of Vatopedi on the Holy Mountain he went to the Athonite Monastry of Philotheou. In Constantinople he learned the art of rhetoric and after that he went to preach in Northern-Greece, the Ionian Islands and in Albania. Eventually, after manu miracles, he was falsely accused by Jewish leaders and executed by strangulation by the Turks in Albania (>>>also see Aitolia (Etolia) August 24).

24 AUGUSTUS

     AYΓΟΥΣΤΟΣ

BDFI

 

Ý

Cosmas (Kosmas) van Arabië

en Damianus, Martelaren

 

 

17 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

D

 

Ý

Crescens (Crescenus)

(Criscus, Criscentus)   

(Kreskes, Kriskentos),

Anektos, Paulus, Dionysios en Cyprianus, Metgezellen van Quadratus (Codratus) van Korinthië

Tijdens de vervolging van Christenen vluchtte de moeder van Codratus naar de bergen en in de grotten. Ze was toen zwanger en beviel van Codratus in het bos. Kort daarna stierf ze. Codratus groeide op in de natuur en in eenzaamheid en werd verzorgd, gevoed en geleid door God. Op twaalfjarige leeftijd kwam hij naar de stad en daar gaven mensen hem een opleiding. Hij studeerde medicijnen en genas de zieken. Toen zich weer nieuwe vervolgingen voordeden werd Codratus voor het gerecht gebracht en in de gevangenis geworpen. Vijf metgezellen sloten zich bij hem aan vanwege hun Christen zijjn: Cyprian, Dionysius, Anectus, Paulus en Crescens. Ze werden allen door de straten gesleept, met staven geslagen en gestenigd tot ze uiteindelijk naar het schavot gesleept werden. Daar werden de martelaren onthoofd. Op deze plek spoot een waterbron uit de grond die zelfs vandaag nog Codratus wordt genoemd. Dit gebeurde in Korinthie tijdens het regime van Keizer Valerianus (253-260) of in het jaar 250 A.D. tijdens het regime van Keizer Decius en zijn gouverneur Jason.

During the time of the persecution of Christians the mother of Codratus fled to the mountains and into the caves. She was pregnant at the time and gave birth to Codratus in the forest. She died shortly thereafter. Codratus grew up in nature and in solitude and was cared for by, fed by and guided by God. In the age of twelve he entered into town and there some people provided him with an education. He studied medicine and healed the sick. When a new persecution arose again Codratus was brought to trial and cast into prison. Five companions joined him for being Christians: Cyprian, Dionysius, Anectus, Paul and Crescens. They were all dragged through the streets, beaten with rods and stoned until they were eventually dragged to the scaffold. There the martyrs were beheaded. On this spot a source of water gushed out of the ground which is still called Codratus even today. This happened in Corinth during the reign of Emperor Valerian (253-260) or in the year 250 A.D. during the reign of Emperor Decius and his governor Jason.

10 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DJK

 

Ý

Crescens (Crescenus)

(Criscus, Criscentus)   

(Kreskes, Kriskentos)

 

Synaxis van de 70 apostelen

Sunaksi ton 70 Apostolon

 

 

Crescens (Criscentus) of Criscus, was één van de 70 Discipelen en Apostelen van Christus waren door Hem gekozen ter aanvulling op de Twaalf en heengezonden voor de prediking. Zij begeleidden en assisteerden de Heilige Twaalf Apostelen, die in verschillende landen de Gospel van Christus preekten. In de loop van de tijd werden anderen aan hun aantal toegevoegd door de Heilige Apostelen en hun aantal werd uiteindelijk groter dan zeventig. Niettemin werd altijd naar hen verwezen als “van de Zeventig”:

Crescens (Criscentus) or Criscus, was one of the 70 Disciples and Apostles of Christ were chosen by Him in addition to the Twelve and sent forth unto the work of preaching. They accompanied and assisted the Holy Twelve Apostles, who were preaching the Gospel of Christ in various lands. With the passage of time others were added to their number by the Holy Apostles and their number eventually exceeded seventy. Nonetheless they were all referred to as "of the Seventy":

04 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Crescens (Crescenus)

(Criscus, Criscentus)   

(Kreskes, Kriskentos),

Epaenetus, Andronicus, Silas en Silvanus,

Apostelen van de 70

Silas, Silvanos, Crescens, Epenetos en Andronicos waren allen van de Zeventig Discipelen (Eerste eeuw).

Algemeen wordt aangenomen dat de Silas uit Handelingen dezelfde persoon is als de Silvanos uit Paulus’ brieven. Hij werd met Paulus en Barnabas naar Antiochië gestuurd. Daarom was hij één van de eminente personen van de Kerk van Jeruzalem. Later volgde hij Paulus naar vele landen en werd benoemd tot bisschop van Korinthië, waar hij in vrede stierf.

Sint Silvanus werd Bisschop van Thessalonika, waar hij veel werkte en veel leed. Ook hij overleed in vrede.

Sint Crescens volgde ook Apostel Paulus en bereikte Galatië. Hij werd bisschop in Galatië en missionaris in Gaul. Daar stierf hij als martelaar tijdens het regime van Trajanus.

In de brief aan de Romeinen (Romeinen 16:5) wordt Sint Epenetos het "eerste fruit van Azië" genoemd (d.w.z.: van Ephesus en niet van Achaia zoals soms wordt gezegd). Hij werd Bisschop van Carthage. Na veel kwelllingen door de afgodaanbidders te hebben ondergaan, en velen van hen te hebben bekeerd, overleed hij.

Sint Andronicos is dezelfde persoon als de Andronicos die wordt herdacht op 17 mei met Sint Junias. Sint Andronicus was bisschop van Pannonia. Hij wordt ook herdacht op 4 januari (Synaxis van de 70 Apostelen/Discipelen).

Silas, Silvanos, Crescens, Epenetos and Andronicos were all of the Seventy Disciples (First century).

It is commonly believed that the Silas of the Acts is the same person as the Silvanos of Saint Paul's epistles. He was sent with Paul and Barnabas to Antioch. Because of that he was one of the eminent persons of the Church of Jerusalem. Afterwards he followed Paul into many countries and was appointed as the bishop in Corinth, where he peacefully died.

Saint Silvan became Bishop of Thessalonica, where he labored much and suffered much. He also reposed in peace.

Saint Crescens also followed the Apostle Saint Paul and reached Galatia. He became bishop in Galatia and a missionary in Gaul. There he died as a martyr during the reign of Trajan.

In the epistle to the Romans (Romans 16:5) Saint Epenetos is called the "first-fruits of Asia" (that is: of Ephesus and not of Achaia as it is sometimes said). He became Bishop of Carthage. After enduring many afflictions from the idolators and bringing many of them to Christ, he reposed.

Saint Andronicos is the same person as the Andronicos who is commemorated on May 17 with Saint Junias. Saint Andronicus was bishop of Pannonia. He is also commemorated on the 4th of january (Synaxis of the 70 Apostles/Disciples).

30 JULI

      ΙΟΥΛΙΟΣ

DJ

 

Ý

Crescens (Crescenus)

(Criscus, Criscentus)   

(Kreskes, Kriskentos)

Martelaar

Sint Crescenus kwam uit Myra in Lycië. Hij kwam uit een befaamde familie. Omdat hij christen was, werd hij gearresteerd. Omdat hij weigerde aan de afgoden te offeren, werd hij opgehangen, geslagen, geschaafd en daarna in het vuur gegooid. Hij stierf in de vlammen, maar zijn hoofdhaar bleef ongedeerd.

Saint Crescens was from Myra of Lycia. He was born of an illustrious family. For being a christian he was arrested. Because he refused to offer sacrifice to the idols he was hung up and beaten, scraped and then cast into fire. He died in the flames, but the hair of his head was unharmed.

15 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

DJ

 

Ý

Crescenus (Crescens)

(Criscus, Criscentus)   

(Kreskes, Kriskentos),

Anektos, Paulus, Dionysios en Cyprianus, Metgezellen van Quadratus (Codratus) van Korinthië

Tijdens de vervolging van Christenen vluchtte de moeder van Codratus naar de bergen en in de grotten. Ze was toen zwanger en beviel van Codratus in het bos. Kort daarna stierf ze. Codratus groeide op in de natuur en in eenzaamheid en werd verzorgd, gevoed en geleid door God. Op twaalfjarige leeftijd kwam hij naar de stad en daar gaven mensen hem een opleiding. Hij studeerde medicijnen en genas de zieken. Toen zich weer nieuwe vervolgingen voordeden werd Codratus voor het gerecht gebracht en in de gevangenis geworpen. Vijf metgezellen sloten zich bij hem aan vanwege hun Christen zijjn: Cyprian, Dionysius, Anectus, Paulus en Crescens. Ze werden allen door de straten gesleept, met staven geslagen en gestenigd tot ze uiteindelijk naar het schavot gesleept werden. Daar werden de martelaren onthoofd. Op deze plek spoot een waterbron uit de grond die zelfs vandaag nog Codratus wordt genoemd. Dit gebeurde in Korinthie tijdens het regime van Keizer Valerianus (253-260) of in het jaar 250 A.D. tijdens het regime van Keizer Decius en zijn gouverneur Jason.

During the time of the persecution of Christians the mother of Codratus fled to the mountains and into the caves. She was pregnant at the time and gave birth to Codratus in the forest. She died shortly thereafter. Codratus grew up in nature and in solitude and was cared for by, fed by and guided by God. In the age of twelve he entered into town and there some people provided him with an education. He studied medicine and healed the sick. When a new persecution arose again Codratus was brought to trial and cast into prison. Five companions joined him for being Christians: Cyprian, Dionysius, Anectus, Paul and Crescens. They were all dragged through the streets, beaten with rods and stoned until they were eventually dragged to the scaffold. There the martyrs were beheaded. On this spot a source of water gushed out of the ground which is still called Codratus even today. This happened in Corinth during the reign of Emperor Valerian (253-260) or in the year 250 A.D. during the reign of Emperor Decius and his governor Jason.

10 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DJK

 

Ý

Crescenus (Crescens)

(Criscus, Criscentus)   

(Kreskes, Kriskentos)

 

Synaxis van de 70 apostelen

Sunaksi ton 70 Apostolon

 

 

Crescens (Criscentus) of Criscus, was één van de 70 Discipelen en Apostelen van Christus waren door Hem gekozen ter aanvulling op de Twaalf en heengezonden voor de prediking. Zij begeleidden en assisteerden de Heilige Twaalf Apostelen, die in verschillende landen de Gospel van Christus preekten. In de loop van de tijd werden anderen aan hun aantal toegevoegd door de Heilige Apostelen en hun aantal werd uiteindelijk groter dan zeventig. Niettemin werd altijd naar hen verwezen als “van de Zeventig”:

Crescens (Criscentus) or Criscus, was one of the 70 Disciples and Apostles of Christ were chosen by Him in addition to the Twelve and sent forth unto the work of preaching. They accompanied and assisted the Holy Twelve Apostles, who were preaching the Gospel of Christ in various lands. With the passage of time others were added to their number by the Holy Apostles and their number eventually exceeded seventy. Nonetheless they were all referred to as "of the Seventy":

04 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Crescenus (Crescens)

(Criscus, Criscentus)   

(Kreskes, Kriskentos),

Epaenetus, Andronicus, Silas en Silvanus,

Apostelen van de 70

Silas, Silvanos, Crescens, Epenetos en Andronicos waren allen van de Zeventig Discipelen (Eerste eeuw).

Algemeen wordt aangenomen dat de Silas uit Handelingen dezelfde persoon is als de Silvanos uit Paulus’ brieven. Hij werd met Paulus en Barnabas naar Antiochië gestuurd. Daarom was hij één van de eminente personen van de Kerk van Jeruzalem. Later volgde hij Paulus naar vele landen en werd benoemd tot bisschop van Korinthië, waar hij in vrede stierf.

Sint Silvanus werd Bisschop van Thessalonika, waar hij veel werkte en veel leed. Ook hij overleed in vrede.

Sint Crescens volgde ook Apostel Paulus en bereikte Galatië. Hij werd bisschop in Galatië en missionaris in Gaul. Daar stierf hij als martelaar tijdens het regime van Trajanus.

In de brief aan de Romeinen (Romeinen 16:5) wordt Sint Epenetos het "eerste fruit van Azië" genoemd (d.w.z.: van Ephesus en niet van Achaia zoals soms wordt gezegd). Hij werd Bisschop van Carthage. Na veel kwelllingen door de afgodaanbidders te hebben ondergaan, en velen van hen te hebben bekeerd, overleed hij.

Sint Andronicos is dezelfde persoon als de Andronicos die wordt herdacht op 17 mei met Sint Junias. Sint Andronicus was bisschop van Pannonia. Hij wordt ook herdacht op 4 januari (Synaxis van de 70 Apostelen/Discipelen).

Silas, Silvanos, Crescens, Epenetos and Andronicos were all of the Seventy Disciples (First century).

It is commonly believed that the Silas of the Acts is the same person as the Silvanos of Saint Paul's epistles. He was sent with Paul and Barnabas to Antioch. Because of that he was one of the eminent persons of the Church of Jerusalem. Afterwards he followed Paul into many countries and was appointed as the bishop in Corinth, where he peacefully died.

Saint Silvan became Bishop of Thessalonica, where he labored much and suffered much. He also reposed in peace.

Saint Crescens also followed the Apostle Saint Paul and reached Galatia. He became bishop in Galatia and a missionary in Gaul. There he died as a martyr during the reign of Trajan.

In the epistle to the Romans (Romans 16:5) Saint Epenetos is called the "first-fruits of Asia" (that is: of Ephesus and not of Achaia as it is sometimes said). He became Bishop of Carthage. After enduring many afflictions from the idolators and bringing many of them to Christ, he reposed.

Saint Andronicos is the same person as the Andronicos who is commemorated on May 17 with Saint Junias. Saint Andronicus was bishop of Pannonia. He is also commemorated on the 4th of january (Synaxis of the 70 Apostles/Disciples).

30 JULI

      ΙΟΥΛΙΟΣ

DJ

 

Ý

Crescenus (Crescens)

(Criscus, Criscentus)   

(Kreskes, Kriskentos)

Martelaar

Sint Crescenus kwam uit Myra in Lycië. Hij kwam uit een befaamde familie. Omdat hij christen was, werd hij gearresteerd. Omdat hij weigerde aan de afgoden te offeren, werd hij opgehangen, geslagen, geschaafd en daarna in het vuur gegooid. Hij stierf in de vlammen, maar zijn hoofdhaar bleef ongedeerd.

Saint Crescens was from Myra of Lycia. He was born of an illustrious family. For being a christian he was arrested. Because he refused to offer sacrifice to the idols he was hung up and beaten, scraped and then cast into fire. He died in the flames, but the hair of his head was unharmed.

15 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

DJ

 

Ý

Criscentus (Criscus)

(Crescens, Crescenus)

(Kreskes, Kriskentos),

Anektos, Paulus, Dionysios en Cyprianus, Metgezellen van Quadratus (Codratus) van Korinthië

Tijdens de vervolging van Christenen vluchtte de moeder van Codratus naar de bergen en in de grotten. Ze was toen zwanger en beviel van Codratus in het bos. Kort daarna stierf ze. Codratus groeide op in de natuur en in eenzaamheid en werd verzorgd, gevoed en geleid door God. Op twaalfjarige leeftijd kwam hij naar de stad en daar gaven mensen hem een opleiding. Hij studeerde medicijnen en genas de zieken. Toen zich weer nieuwe vervolgingen voordeden werd Codratus voor het gerecht gebracht en in de gevangenis geworpen. Vijf metgezellen sloten zich bij hem aan vanwege hun Christen zijjn: Cyprian, Dionysius, Anectus, Paulus en Crescens. Ze werden allen door de straten gesleept, met staven geslagen en gestenigd tot ze uiteindelijk naar het schavot gesleept werden. Daar werden de martelaren onthoofd. Op deze plek spoot een waterbron uit de grond die zelfs vandaag nog Codratus wordt genoemd. Dit gebeurde in Korinthie tijdens het regime van Keizer Valerianus (253-260) of in het jaar 250 A.D. tijdens het regime van Keizer Decius en zijn gouverneur Jason.

During the time of the persecution of Christians the mother of Codratus fled to the mountains and into the caves. She was pregnant at the time and gave birth to Codratus in the forest. She died shortly thereafter. Codratus grew up in nature and in solitude and was cared for by, fed by and guided by God. In the age of twelve he entered into town and there some people provided him with an education. He studied medicine and healed the sick. When a new persecution arose again Codratus was brought to trial and cast into prison. Five companions joined him for being Christians: Cyprian, Dionysius, Anectus, Paul and Crescens. They were all dragged through the streets, beaten with rods and stoned until they were eventually dragged to the scaffold. There the martyrs were beheaded. On this spot a source of water gushed out of the ground which is still called Codratus even today. This happened in Corinth during the reign of Emperor Valerian (253-260) or in the year 250 A.D. during the reign of Emperor Decius and his governor Jason.

10 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DJK

 

Ý

Criscentus (Criscus)

(Crescens, Crescenus)

(Kreskes, Kriskentos)

 

Synaxis van de 70 apostelen

Sunaksi ton 70 Apostolon

 

 

Crescens (Criscentus) of Criscus, was één van de 70 Discipelen en Apostelen van Christus waren door Hem gekozen ter aanvulling op de Twaalf en heengezonden voor de prediking. Zij begeleidden en assisteerden de Heilige Twaalf Apostelen, die in verschillende landen de Gospel van Christus preekten. In de loop van de tijd werden anderen aan hun aantal toegevoegd door de Heilige Apostelen en hun aantal werd uiteindelijk groter dan zeventig. Niettemin werd altijd naar hen verwezen als “van de Zeventig”:

Crescens (Criscentus) or Criscus, was one of the 70 Disciples and Apostles of Christ were chosen by Him in addition to the Twelve and sent forth unto the work of preaching. They accompanied and assisted the Holy Twelve Apostles, who were preaching the Gospel of Christ in various lands. With the passage of time others were added to their number by the Holy Apostles and their number eventually exceeded seventy. Nonetheless they were all referred to as "of the Seventy":

04 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Criscentus (Criscus)

(Crescens, Crescenus)

(Kreskes, Kriskentos),

Epaenetus, Andronicus, Silas en Silvanus,

Apostelen van de 70

Silas, Silvanos, Crescens, Epenetos en Andronicos waren allen van de Zeventig Discipelen (Eerste eeuw).

Algemeen wordt aangenomen dat de Silas uit Handelingen dezelfde persoon is als de Silvanos uit Paulus’ brieven. Hij werd met Paulus en Barnabas naar Antiochië gestuurd. Daarom was hij één van de eminente personen van de Kerk van Jeruzalem. Later volgde hij Paulus naar vele landen en werd benoemd tot bisschop van Korinthië, waar hij in vrede stierf.

Sint Silvanus werd Bisschop van Thessalonika, waar hij veel werkte en veel leed. Ook hij overleed in vrede.

Sint Crescens volgde ook Apostel Paulus en bereikte Galatië. Hij werd bisschop in Galatië en missionaris in Gaul. Daar stierf hij als martelaar tijdens het regime van Trajanus.

In de brief aan de Romeinen (Romeinen 16:5) wordt Sint Epenetos het "eerste fruit van Azië" genoemd (d.w.z.: van Ephesus en niet van Achaia zoals soms wordt gezegd). Hij werd Bisschop van Carthage. Na veel kwelllingen door de afgodaanbidders te hebben ondergaan, en velen van hen te hebben bekeerd, overleed hij.

Sint Andronicos is dezelfde persoon als de Andronicos die wordt herdacht op 17 mei met Sint Junias. Sint Andronicus was bisschop van Pannonia. Hij wordt ook herdacht op 4 januari (Synaxis van de 70 Apostelen/Discipelen).

Silas, Silvanos, Crescens, Epenetos and Andronicos were all of the Seventy Disciples (First century).

It is commonly believed that the Silas of the Acts is the same person as the Silvanos of Saint Paul's epistles. He was sent with Paul and Barnabas to Antioch. Because of that he was one of the eminent persons of the Church of Jerusalem. Afterwards he followed Paul into many countries and was appointed as the bishop in Corinth, where he peacefully died.

Saint Silvan became Bishop of Thessalonica, where he labored much and suffered much. He also reposed in peace.

Saint Crescens also followed the Apostle Saint Paul and reached Galatia. He became bishop in Galatia and a missionary in Gaul. There he died as a martyr during the reign of Trajan.

In the epistle to the Romans (Romans 16:5) Saint Epenetos is called the "first-fruits of Asia" (that is: of Ephesus and not of Achaia as it is sometimes said). He became Bishop of Carthage. After enduring many afflictions from the idolators and bringing many of them to Christ, he reposed.

Saint Andronicos is the same person as the Andronicos who is commemorated on May 17 with Saint Junias. Saint Andronicus was bishop of Pannonia. He is also commemorated on the 4th of january (Synaxis of the 70 Apostles/Disciples).

30 JULI

      ΙΟΥΛΙΟΣ

DJ

 

Ý

Criscentus (Criscus)

(Crescens, Crescenus)

(Kreskes, Kriskentos),

Martelaar

Sint Crescenus kwam uit Myra in Lycië. Hij kwam uit een befaamde familie. Omdat hij christen was, werd hij gearresteerd. Omdat hij weigerde aan de afgoden te offeren, werd hij opgehangen, geslagen, geschaafd en daarna in het vuur gegooid. Hij stierf in de vlammen, maar zijn hoofdhaar bleef ongedeerd.

Saint Crescens was from Myra of Lycia. He was born of an illustrious family. For being a christian he was arrested. Because he refused to offer sacrifice to the idols he was hung up and beaten, scraped and then cast into fire. He died in the flames, but the hair of his head was unharmed.

15 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

DJ

 

Ý

Criscus (Criscentus)

(Crescens, Crescenus)

(Kreskes, Kriskentos),

Anektos, Paulus, Dionysios en Cyprianus, Metgezellen van Quadratus (Codratus) van Korinthië

Tijdens de vervolging van Christenen vluchtte de moeder van Codratus naar de bergen en in de grotten. Ze was toen zwanger en beviel van Codratus in het bos. Kort daarna stierf ze. Codratus groeide op in de natuur en in eenzaamheid en werd verzorgd, gevoed en geleid door God. Op twaalfjarige leeftijd kwam hij naar de stad en daar gaven mensen hem een opleiding. Hij studeerde medicijnen en genas de zieken. Toen zich weer nieuwe vervolgingen voordeden werd Codratus voor het gerecht gebracht en in de gevangenis geworpen. Vijf metgezellen sloten zich bij hem aan vanwege hun Christen zijjn: Cyprian, Dionysius, Anectus, Paulus en Crescens. Ze werden allen door de straten gesleept, met staven geslagen en gestenigd tot ze uiteindelijk naar het schavot gesleept werden. Daar werden de martelaren onthoofd. Op deze plek spoot een waterbron uit de grond die zelfs vandaag nog Codratus wordt genoemd. Dit gebeurde in Korinthie tijdens het regime van Keizer Valerianus (253-260) of in het jaar 250 A.D. tijdens het regime van Keizer Decius en zijn gouverneur Jason.

During the time of the persecution of Christians the mother of Codratus fled to the mountains and into the caves. She was pregnant at the time and gave birth to Codratus in the forest. She died shortly thereafter. Codratus grew up in nature and in solitude and was cared for by, fed by and guided by God. In the age of twelve he entered into town and there some people provided him with an education. He studied medicine and healed the sick. When a new persecution arose again Codratus was brought to trial and cast into prison. Five companions joined him for being Christians: Cyprian, Dionysius, Anectus, Paul and Crescens. They were all dragged through the streets, beaten with rods and stoned until they were eventually dragged to the scaffold. There the martyrs were beheaded. On this spot a source of water gushed out of the ground which is still called Codratus even today. This happened in Corinth during the reign of Emperor Valerian (253-260) or in the year 250 A.D. during the reign of Emperor Decius and his governor Jason.

10 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DJK

 

Ý

Criscus (Criscentus)

(Crescens, Crescenus)

(Kreskes, Kriskentos)

 

Synaxis van de 70 apostelen

Sunaksi ton 70 Apostolon

 

 

Crescens (Criscentus) of Criscus, was één van de 70 Discipelen en Apostelen van Christus waren door Hem gekozen ter aanvulling op de Twaalf en heengezonden voor de prediking. Zij begeleidden en assisteerden de Heilige Twaalf Apostelen, die in verschillende landen de Gospel van Christus preekten. In de loop van de tijd werden anderen aan hun aantal toegevoegd door de Heilige Apostelen en hun aantal werd uiteindelijk groter dan zeventig. Niettemin werd altijd naar hen verwezen als “van de Zeventig”:

Crescens (Criscentus) or Criscus, was one of the 70 Disciples and Apostles of Christ were chosen by Him in addition to the Twelve and sent forth unto the work of preaching. They accompanied and assisted the Holy Twelve Apostles, who were preaching the Gospel of Christ in various lands. With the passage of time others were added to their number by the Holy Apostles and their number eventually exceeded seventy. Nonetheless they were all referred to as "of the Seventy":

04 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Criscus (Criscentus)

(Crescens, Crescenus)

(Kreskes, Kriskentos),

Epaenetus, Andronicus, Silas en Silvanus,

Apostelen van de 70

Silas, Silvanos, Crescens, Epenetos en Andronicos waren allen van de Zeventig Discipelen (Eerste eeuw).

Algemeen wordt aangenomen dat de Silas uit Handelingen dezelfde persoon is als de Silvanos uit Paulus’ brieven. Hij werd met Paulus en Barnabas naar Antiochië gestuurd. Daarom was hij één van de eminente personen van de Kerk van Jeruzalem. Later volgde hij Paulus naar vele landen en werd benoemd tot bisschop van Korinthië, waar hij in vrede stierf.

Sint Silvanus werd Bisschop van Thessalonika, waar hij veel werkte en veel leed. Ook hij overleed in vrede.

Sint Crescens volgde ook Apostel Paulus en bereikte Galatië. Hij werd bisschop in Galatië en missionaris in Gaul. Daar stierf hij als martelaar tijdens het regime van Trajanus.

In de brief aan de Romeinen (Romeinen 16:5) wordt Sint Epenetos het "eerste fruit van Azië" genoemd (d.w.z.: van Ephesus en niet van Achaia zoals soms wordt gezegd). Hij werd Bisschop van Carthage. Na veel kwelllingen door de afgodaanbidders te hebben ondergaan, en velen van hen te hebben bekeerd, overleed hij.

Sint Andronicos is dezelfde persoon als de Andronicos die wordt herdacht op 17 mei met Sint Junias. Sint Andronicus was bisschop van Pannonia. Hij wordt ook herdacht op 4 januari (Synaxis van de 70 Apostelen/Discipelen).

Silas, Silvanos, Crescens, Epenetos and Andronicos were all of the Seventy Disciples (First century).

It is commonly believed that the Silas of the Acts is the same person as the Silvanos of Saint Paul's epistles. He was sent with Paul and Barnabas to Antioch. Because of that he was one of the eminent persons of the Church of Jerusalem. Afterwards he followed Paul into many countries and was appointed as the bishop in Corinth, where he peacefully died.

Saint Silvan became Bishop of Thessalonica, where he labored much and suffered much. He also reposed in peace.

Saint Crescens also followed the Apostle Saint Paul and reached Galatia. He became bishop in Galatia and a missionary in Gaul. There he died as a martyr during the reign of Trajan.

In the epistle to the Romans (Romans 16:5) Saint Epenetos is called the "first-fruits of Asia" (that is: of Ephesus and not of Achaia as it is sometimes said). He became Bishop of Carthage. After enduring many afflictions from the idolators and bringing many of them to Christ, he reposed.

Saint Andronicos is the same person as the Andronicos who is commemorated on May 17 with Saint Junias. Saint Andronicus was bishop of Pannonia. He is also commemorated on the 4th of january (Synaxis of the 70 Apostles/Disciples).

30 JULI

      ΙΟΥΛΙΟΣ

DJ

 

Ý

Criscus (Criscentus)

(Crescens, Crescenus)

(Kreskes, Kriskentos),

Martelaar

Sint Crescenus kwam uit Myra in Lycië. Hij kwam uit een befaamde familie. Omdat hij christen was, werd hij gearresteerd. Omdat hij weigerde aan de afgoden te offeren, werd hij opgehangen, geslagen, geschaafd en daarna in het vuur gegooid. Hij stierf in de vlammen, maar zijn hoofdhaar bleef ongedeerd.

Saint Crescens was from Myra of Lycia. He was born of an illustrious family. For being a christian he was arrested. Because he refused to offer sacrifice to the idols he was hung up and beaten, scraped and then cast into fire. He died in the flames, but the hair of his head was unharmed.

15 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

DJ

 

Ý

Crispus (Krispos)

 

Synaxis van de 70 apostelen

Sunaksi ton 70 Apostolon

Crispus was één van de 70 Discipelen en Apostelen van Christus waren door Hem gekozen ter aanvulling op de Twaalf en heengezonden voor de prediking. Zij begeleidden en assisteerden de Heilige Twaalf Apostelen, die in verschillende landen de Gospel van Christus preekten. In de loop van de tijd werden anderen aan hun aantal toegevoegd door de Heilige Apostelen en hun aantal werd uiteindelijk groter dan zeventig. Niettemin werd altijd naar hen verwezen als “van de Zeventig”:

Crispus was one of the 70 Disciples and Apostles of Christ were chosen by Him in addition to the Twelve and sent forth unto the work of preaching. They accompanied and assisted the Holy Twelve Apostles, who were preaching the Gospel of Christ in various lands. With the passage of time others were added to their number by the Holy Apostles and their number eventually exceeded seventy. Nonetheless they were all referred to as "of the Seventy":

04 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Cudio (Choudion),

Acacius, Aesychius, Aetius, Aggia, Alexander, Athanasius, Candidus, Cirillus, Claudius, Cyrius, Domitian, Domninus, Ecdicius, Eunoicus, Eutychius, Eutychus (Aglaius), Flavius, Gaius, Gorgonius, Helianus, Heraclius, Ile, Johannes, Leontius (Theoctistus), Lisimachus, Melito, Nicallus, Philotemon, Priscus, Sacerdos, Severianus, Sisinnius, Smaragdus, Theodulus, Theophilus, Valens, Valerius, Vicratius (Vibianus), Xantius, de 40 Martelaren van Sebaste

De 40 Martelaren van Sebaste waren Christelijke soldaten in het Romeinse leger in het jaar 320 A.D. Toen de vervolging van de Christenen begon tijdens het regime van Licinius, werden de martelaren vastgebonden en in een meer gegooid. Een wacht werd neergezet om te voorkomen dat ze zouden ontsnappen. Er was een verschrikkelijke vorst en het meer bevroor rondom de lichamen van de martelaren. De folteraars verwarmden een bad aan de rand van het meer om de martelaren over te halen Christus te loochenen. Eén van hen kwam uit het water en klom in het bad. Toen verscheen er een buitengewoon licht uit de hemel, dat het water en de lichamen van de martelaren verwarmde, en 39 kronen daalden uit de hemel neer op hun hoofden. De wacht aan de oever zag dit, trok al zijn kleren uit en voegde zich bij de martelaren in het meer. Inderdaad daalde de laatste en 40e kroon op zijn hoofd neer. De volgende dag waren de martelaren nog steeds in leven, dus gaven de rechtes het bevel om hun onderbenen te breken en in het water te gooien, zodat Christenen ze niet meer terug konden vinden. Op de derde nacht dreef elk been dat gescheiden was van hun lichamen aan de oppervlakte en gloeide als een kaars. Bisschop Petrus verzamelde en begroef ze eervol.

The 40 Martyrs of Sebaste were Christian soldiers in the Roman army in the year 320 A.D. When the persecution of Christians began during the reign of Licinius, the martyrs were bound and tossed into the lake. A guard was stationed to prevent them from escaping. There was a terrible frost and the lake froze around the bodies of the martyrs. The torturers heated a bath by the side of the lake in sight of the frozen martyrs to persuade them to deny Christ. One of them came out of the water and entered the bath. Then an extraordinary light appeared from heaven which warmed the water in the lake and the bodies of the martyrs and thirty-nine wreaths descended from heaven over their heads. The guard on the shore saw this, removed all his clothes and entered the lake to join the martyrs. Indeed, the last and fourtieth wreath descended upon him. The next day the martyrs were still alive, so the judges ordered that the lower part of their legs be broken and their bodies thrown into the water so Christians could not recover them. On the third night every bone which was separated from their bodies floated to the top and glowed like a candle. Bishop Peter gathered and honorably buried them.

09 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DJKM

 

Ý

Cyprianus (Kiprianos)

Hiero-Martelaar

en Justina de Maagd-Martelares

Sint Justina kwam uit Damascus en was christen. Sint Cyprianus uit Antiochië was magie-ingewijde en demonen-aanbidder. Een jongeman huurde Sint Cyprianus in om met magie Sint Justina’s liefde te winnen. Toen Cyprianus op alle fronten faalde, raakte hij overtuigd van het christelijke geloof. Hij liet zich dopen en besteeg later de episcopale troon in zijn land. Nadat hij en Sint Justina gearresteerd werden door de Graaf van Damascus, werden ze na vele folteringen aan de handen uiteindelijk naar Diocletianus in Nicomedia gestuurd. Daar werden ze onthoofd in het jaar 304.

Saint Justina was from Damascus and was a christian. Saint Cyprian from Antioch was an initiate of magic and a worshipper of demons. A young man hired Saint Cyprian to win the love of Saint Justina by magic. When Cyprian failed completely, he got convinced of the christian faith. He was baptized and later ascended the episcopal throne in his country. After he and Saint Justina were arrested by the Count of Damascus, after many torments at the hands finally they were sent to Diocletian in Nicomedia. There they were beheaded in the year 304.

02 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

DFHI

JKM

 

Ý

Cyprianus (Kiprianos),

Crescens, Anektos, Paulus en Dionysios, Metgezellen van Quadratus (Codratus) van Korinthië

Tijdens de vervolging van Christenen vluchtte de moeder van Codratus naar de bergen en in de grotten. Ze was toen zwanger en beviel van Codratus in het bos. Kort daarna stierf ze. Codratus groeide op in de natuur en in eenzaamheid en werd verzorgd, gevoed en geleid door God. Op twaalfjarige leeftijd kwam hij naar de stad en daar gaven mensen hem een opleiding. Hij studeerde medicijnen en genas de zieken. Toen zich weer nieuwe vervolgingen voordeden werd Codratus voor het gerecht gebracht en in de gevangenis geworpen. Vijf metgezellen sloten zich bij hem aan vanwege hun Christen zijjn: Cyprian, Dionysius, Anectus, Paulus en Crescens. Ze werden allen door de straten gesleept, met staven geslagen en gestenigd tot ze uiteindelijk naar het schavot gesleept werden. Daar werden de martelaren onthoofd. Op deze plek spoot een waterbron uit de grond die zelfs vandaag nog Codratus wordt genoemd. Dit gebeurde in Korinthie tijdens het regime van Keizer Valerianus (253-260) of in het jaar 250 A.D. tijdens het regime van Keizer Decius en zijn gouverneur Jason.

During the time of the persecution of Christians the mother of Codratus fled to the mountains and into the caves. She was pregnant at the time and gave birth to Codratus in the forest. She died shortly thereafter. Codratus grew up in nature and in solitude and was cared for by, fed by and guided by God. In the age of twelve he entered into town and there some people provided him with an education. He studied medicine and healed the sick. When a new persecution arose again Codratus was brought to trial and cast into prison. Five companions joined him for being Christians: Cyprian, Dionysius, Anectus, Paul and Crescens. They were all dragged through the streets, beaten with rods and stoned until they were eventually dragged to the scaffold. There the martyrs were beheaded. On this spot a source of water gushed out of the ground which is still called Codratus even today. This happened in Corinth during the reign of Emperor Valerian (253-260) or in the year 250 A.D. during the reign of Emperor Decius and his governor Jason.

10 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DJK

 

Ý

Cyprus (Kypros),

Metgezel van Chrysa (Aura, Avra)

de Hiero-Martelaar Hippolytus (Ippolytos), priester van de Kerk van Rome, de martelaren Censorinus (Kensourinos), en 20 soldaten en gevangenisbewaarders met hem, Sabinos (of Sabaïnos), Chrysa (of Aura, Avra) de maagd en haar 20 metgezellen: Amandinus, Archelaus de Diaken, Ares, Commodus (Komodos), Cyprus (Kypros), Cyriacus (of Quirinus) (Kyriakos of Kyrinos) de bisschop, Eusebius, Felix (Felikos), Herculianus (of Herculinus) (Erkoulios of Erkoulinos), Hermes (Ermis), Maurus (Mavros), Maximus, Maximus de presbyter, Mennas (Minas), Monagrius, Olympius (of Olympinos), Rusticus (Roustikos), Stiracius (Styrakios), Theodorus de Tribuun en Venerius (Benerios), martelaren.

Sint Hippolytus wordt genoemd als een paus of een bisschop van Rome. Eén website noemt hem als een antipope. Hij was een discipel van Sint Irenaeus, bisschop van Lugdunum (Lyons in Frankrijk) en een christelijke theoloog, die vele verhandelingen en commentaren op de Bijbelse Boeken schreef. Hij was één van de laatste Westerse Vaders, die in het Grieks schreef. Toen Sint Hippolytus hoorde over het lijden van deze martelaren, verscheen hij voor de gouverneur en protesteerde tegen hun onmenselijkheid. De woedende gouverneur veroordeelde hem tot martelingen. Na lange kwellingen bonden ze zijn handen en voeten en gooiden hem in zee. Zijn relieken werden naar de kerk van de Martelaren Laurentius en Paus Damasus in Rome overgebracht..

Sint Censorinus was een hooggeplaatste magistraat. Hij werd gearresteerd en in de gevangenis gegooid omdat hij christen was. Toen hij een dode man tot leven wekte, bekeerden twintig soldaten en gevangenisbewaarders zich tot het christendom. Zij werden samen met Sint Censorinus onthoofd.

Toen werd de maagd Chryse, die uit een aristocratische familie kwam, ondervraagd. Zij bekende een christin te zijn en werd gemarteld. Eerst openden ze haar zijden en verbrandden haar wonden met brandende kaarsen. Na vele verschrikkelijke kwellingen bonden ze een grote steen om haar nek en verdronken haar in zee. Samen met Sint Chryse stierven de martelaren Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore de tribuun, Maximus de presbyter, Archelaus de diaken en Cyriacus de bisschop.

Met zware stenen rond zijn nek gebonden werd Sint Sabinus aan een boom opgehangen. De heidenen verbrandden zijn zijden met toortsen tot hij stierf.

Al deze Romeinse martelaren stierven in het jaar 269 AD. Met name het martelaarschap van Sint Chrysa wordt gerapporteerd.

Saint Hippolytus is mentioned as a pope or a bishop of Rome. One website mentions him as an antipope. He was a disciple of St Irenaeus, bishop of Lugdunum (Lyons in France) and a christian theologian who wrote many treatises and commentories on the Biblical Books. He was one of the last Western Fathers to write in Greek. When Saint Hippolytus he learned of the suffering of these martyrs, he appeared before the governor and protested against their inhumanity. The enraged governor sentenced him to be tortured. After long torments, they tied his hand and feet and threw him into the sea. His relics were put in the church of the martyrs Laurence and Pope Damasus in Rome.

St Censorinus was a high-ranking magistrate. He was arrested and thrown into prison being a christian. When he raised up a dead man, twenty soldiers and prison guards were converted to christianity. They were beheaded with St Censorinus.

Then the virgin Chryse, who was from an aristocratic family, was brought for interrogation. She confessed being a christian and was tortured. At first they opened her sides and they burned her wounds with burning candles. After many other horrible torments, they tied a big rock around her neck and drowned her in the sea. With Saint Chryse suffered the martyrs Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore the Tribune, Maximus the Presbyter, Archelaus the Deacon, and Cyriacus the Bishop.

With heavy rocks tied around his neck, Saint Sabinus was hung on a tree. The idolaters burned his sides with torches untill he died.

All these Roman martyrs suffered in the year 269 AD. Especially the martyrdom of Saint Chrysa is reported.

30 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

 

 

Ý

Cyriaca (Kiriaki)

Groot-Martelares

Sint Kyriake was de dochter van christelijke ouders, Dorotheus en Eusebia. Ze kreeg deze naam, omdat ze geboren was op Zondag, de dag van de Heer (in het Grieks “Kyriake”). Ze streed in Nicomedia tijdens het regime van Diocletianus in het jaar 300. Na vele bittere folteringen werd ze veroordeeld tot onthoofding, maar ze kreeg toestemming om van tevoren te bidden. Na haar gebed stierf ze in vrede.

Saint Kyriake was the daughter of Christian parents, Dorotheus and Eusebia. She was given her name because she was born on Sunday, the day of the Lord (in Greek “Kyriake”). She contested in Nicomedia during the reign of Diocletian, in the year 300. After many bitter torments she was condemned to suffer beheading, but she was granted to pray first. After het prayer she died in peace.

07 JULI

      ΙΟΥΛΙΟΣ

ABDF

HIJK

 

Ý

Cyriaca (Kiriaki),

Anatola, Phota, Photis (Photida), Parasceva (Paraskevi), Cyriaca (Kiriaki, Kyriaki), de vijf zusters (of dochters) van Photine de Samaritaanse, Photinus (voorheen Victor) en Joses (Josiah, Joseph), de twee zonen van Photine de Samaritaanse, Nero’s dochter Anthusa (voorheen Domnina) en haar hoofd dienstmeisje Stephanida, en de martelaren Victor, Sebastianus de Hertog, Christodulus en Theoclitus (voorheen Lampadios), metgezellen van Photine de Samaritaanse van Sychar (Fotini, Swetlana, La Samaritana), “vrouw aan de bron”, Gelijke-van-de-Apostelen, Groot-Martelares

Photine van Sychar, Gelijke-van-de-Apostelen en Evangelist, of de “vrouw aan de bron”, was de Samaritaanse vrouw die Christus ontmoette aan de Bron van Jacob bij Sychar (St. Johannes 4:4-31). Christus gaf haar de naam Photine, haar vroegere naam is onbekend. Na deze ontmoeting was Photina de eerste om de Gospel te preken. Ze bekeerde haar zoons en zusters (op sommige websites genoemd als haar dochters). Volgens sommige websites zijn Victor en Photinus dezelfde persoon (zoon van Photini), volgens anderen zijn ze twee verschillende personen. Sommige websites noemen slechts vier zusters, anderen vijf. De andere martelaren worden soms genoemd, soms niet, en soms slechts een paar van hen. Haar zoon Victor werd Photinos genoemd na zijn doop. Photine en haar familie gingen naar Carthaga in Afrika om de Gospel te preken. Ze werden gearresteerd en naar Rome gebracht gedurende het regime van Keizer Nero en werden in de gevangenis gegooid. Domnina, de dochter van Nero, kwam in contact met St. Photina en werd door haar tot het Christelijke geloof bekeerd. Domnina werd Anthusa genoemd na haar doop en de naam van haar hoofd dienstmeisje werd veranderd in Stephanida. De chemicus Lampadios, die orders had de heiligen te vergiftigen, werd ook bekeerd en gedoopt. Zijn naam werd veranderd in Theoclitos. Na gevangenschap stierven ze allen de martelaarsdood. Photina werd in een bron gegooid waar ze stierf (66 na Chr.).

Er zijn veel details gevonden over de martelingen en de dood van de martelaars, behalve van Anthusa (Domnina) en haar dienstmeisjes, waaronder Stephanida. Misschien is er een verband met Sint Anthusa en haar 12 dienstmeisjes, die worden herdacht op 22 februari (>>>zie Anthusa 22 februari).

Photine en haar metgezellen worden in Griekenland herdacht op 26 februari (Griekse belangrijkste feest) en 20 maart (Slavische belangrijkste feest). In de Russisch Orthodoxe Kerk wordt Photine vereerd als Swetlana (Oekraïne: Svetlana) en in Mexico als La Samaritana.

Photine of Sychar, Equal-to-the-Apostles and Evangelist, or the “woman at the well”, was the Samaritan woman who encountered Christ at the Well of Jacob near Sychar (St. John 4:4-31). Christ gave her the name Photine, her former name is not known. After this encountering Photina was the first to preach the Gospel. She converted her sons and sisters (on some websites mentioned as her daughters). According to some websites Victor and Photinus are the same person (son of Photini), according to others they are two different persons. Some websites mention only four sisters, others five. The other martyrs sometimes are mentioned, sometimes not, and sometimes only een few of them. Her son Victor was called Photinos after his baptism. Photine and her family went to Carthage in Africa to preach the Gospel. There they were arrested and taken to Rome during the reign of Emperor Nero and were thrown into prison. Domnina, the daughter of Nero, came into contact with St. Photina and was converted to the Christian faith by her. Domnina was called Anthusa after her baptism and her head servant’s name was changed to Stephanida. The chemist Lampadios, who had orders to poison the saints, was also concerted and baptized. His name changed into Theoclitos. After imprisonment they all suffered martyrdom. Photina was thrown into a well where she died (66).

Many details were found about the torturing and the death of the martyrs, except for Anthusa (Domnina) and her servants, amongst which Stephanida. Perhaps there is a link with Saint Anthusa and her 12 servants, who are commemorated on february  22 (>>>see Anthusa February 22).

Photine and her companions are commemorated in Greece on February 26 (Greek principal feast) and March 20 (Slavic principal feast). In the Russian Orthodox Church Photine is venerated as Swetlana (Ukraina: Svetlana) and in Mexico as La Samaritana.

26 FEBRUARI

    ΦΕΒΡΟΥΑΡΙΟΣ

D

 

Ý

 

 

Cyriaca (Kiriaki),

Anatola, Phota, Photis (Photida), Parasceva (Paraskevi), Cyriaca (Kiriaki, Kyriaki), de vijf zusters (of dochters) van Photine de Samaritaanse, Photinus (voorheen Victor) en Joses (Josiah, Joseph), de twee zonen van Photine de Samaritaanse, Nero’s dochter Anthusa (voorheen Domnina) en haar hoofd dienstmeisje Stephanida, en de martelaren Victor, Sebastianus de Hertog, Christodulus en Theoclitus (voorheen Lampadios), metgezellen van Photine de Samaritaanse van Sychar (Fotini, Swetlana, La Samaritana), “vrouw aan de bron”, Gelijke-van-de-Apostelen, Groot-Martelares

>>>zie Cyriaca (Kiriaki) 26 februari

>>>see Cyriaca (Kiriaki) february 26

20 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

K

 

Ý

 

 

Cyriacus (Kiriakos)

Aartsbisschop van Constantinopel

 

 

27 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

D

 

Ý

Cyriacus (Kiriakos)

de Anchoriet

 

 

29 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

ADFH

IJK

 

Ý

Cyriacus

(Quirinus, Kyriakos, Kyrinos)

Metgezel van Chrysa (Aura, Avra)

de Hiero-Martelaar Hippolytus (Ippolytos), priester van de Kerk van Rome, de martelaren Censorinus (Kensourinos), en 20 soldaten en gevangenisbewaarders met hem, Sabinos (of Sabaïnos), Chrysa (of Aura, Avra) de maagd en haar 20 metgezellen: Amandinus, Archelaus de Diaken, Ares, Commodus (Komodos), Cyprus (Kypros), Cyriacus (of Quirinus) (Kyriakos of Kyrinos) de bisschop, Eusebius, Felix (Felikos), Herculianus (of Herculinus) (Erkoulios of Erkoulinos), Hermes (Ermis), Maurus (Mavros), Maximus, Maximus de presbyter, Mennas (Minas), Monagrius, Olympius (of Olympinos), Rusticus (Roustikos), Stiracius (Styrakios), Theodorus de Tribuun en Venerius (Benerios), martelaren.

Sint Hippolytus wordt genoemd als een paus of een bisschop van Rome. Eén website noemt hem als een antipope. Hij was een discipel van Sint Irenaeus, bisschop van Lugdunum (Lyons in Frankrijk) en een christelijke theoloog, die vele verhandelingen en commentaren op de Bijbelse Boeken schreef. Hij was één van de laatste Westerse Vaders, die in het Grieks schreef. Toen Sint Hippolytus hoorde over het lijden van deze martelaren, verscheen hij voor de gouverneur en protesteerde tegen hun onmenselijkheid. De woedende gouverneur veroordeelde hem tot martelingen. Na lange kwellingen bonden ze zijn handen en voeten en gooiden hem in zee. Zijn relieken werden naar de kerk van de Martelaren Laurentius en Paus Damasus in Rome overgebracht..

Sint Censorinus was een hooggeplaatste magistraat. Hij werd gearresteerd en in de gevangenis gegooid omdat hij christen was. Toen hij een dode man tot leven wekte, bekeerden twintig soldaten en gevangenisbewaarders zich tot het christendom. Zij werden samen met Sint Censorinus onthoofd.

Toen werd de maagd Chryse, die uit een aristocratische familie kwam, ondervraagd. Zij bekende een christin te zijn en werd gemarteld. Eerst openden ze haar zijden en verbrandden haar wonden met brandende kaarsen. Na vele verschrikkelijke kwellingen bonden ze een grote steen om haar nek en verdronken haar in zee. Samen met Sint Chryse stierven de martelaren Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore de tribuun, Maximus de presbyter, Archelaus de diaken en Cyriacus de bisschop.

Met zware stenen rond zijn nek gebonden werd Sint Sabinus aan een boom opgehangen. De heidenen verbrandden zijn zijden met toortsen tot hij stierf.

Al deze Romeinse martelaren stierven in het jaar 269 AD. Met name het martelaarschap van Sint Chrysa wordt gerapporteerd.

Saint Hippolytus is mentioned as a pope or a bishop of Rome. One website mentions him as an antipope. He was a disciple of St Irenaeus, bishop of Lugdunum (Lyons in France) and a christian theologian who wrote many treatises and commentories on the Biblical Books. He was one of the last Western Fathers to write in Greek. When Saint Hippolytus he learned of the suffering of these martyrs, he appeared before the governor and protested against their inhumanity. The enraged governor sentenced him to be tortured. After long torments, they tied his hand and feet and threw him into the sea. His relics were put in the church of the martyrs Laurence and Pope Damasus in Rome.

St Censorinus was a high-ranking magistrate. He was arrested and thrown into prison being a christian. When he raised up a dead man, twenty soldiers and prison guards were converted to christianity. They were beheaded with St Censorinus.

Then the virgin Chryse, who was from an aristocratic family, was brought for interrogation. She confessed being a christian and was tortured. At first they opened her sides and they burned her wounds with burning candles. After many other horrible torments, they tied a big rock around her neck and drowned her in the sea. With Saint Chryse suffered the martyrs Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore the Tribune, Maximus the Presbyter, Archelaus the Deacon, and Cyriacus the Bishop.

With heavy rocks tied around his neck, Saint Sabinus was hung on a tree. The idolaters burned his sides with torches untill he died.

All these Roman martyrs suffered in the year 269 AD. Especially the martyrdom of Saint Chrysa is reported.

30 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

 

 

Ý

Cyricus (Kirykos, Quiricus)

van Tarsus, Martelaar

en zijn moeder Julitta

Sint Julitta kwam uit de stad Iconium. Ze was bang van Diocletianus, die de christenen vervolgde, nam haar drie jaar oude zoon Cyricus en vertrok naar Seleucië. Daar vond ze hetzelfde kwaad, dus trok zij verder naar Tarsus in Cilicië. In Cilicië werd ze gearresteerd. De heerser nam haar zoon van haar weg, maar het kind schopte hem in de buik. De tiran werd woedend en gooide hem van de trappen van de rechtbank. Het hoofd van het kind werd verbrijzeld en het kind stierf. Zijn moeder onderging vele martelingen. Uiteindelijk werd ze onthoofd in het jaar 296.

Saint Julitta was from the city of Iconium. She was afraid of Diocletian, who persecuted the christians, took her three year old son Cyricus and departed for Seleucia. There she found the same evil, so she went over to Tarsus in Cilicia. In Cilicia she was arrested. The ruler took her son from her, but the child kicked him in the belly. The tyrant became enraged and cast him down the steps of the tribunal. The child's head was crushed and he died. His mother endured many torments. Finally she was beheaded in the year 296.

15 JULI

      ΙΟΥΛΙΟΣ

DJK

 

Ý

Cyrillus (Kurillos)

Aartsbisschop van Alexandria

Sint Cyrillus werd rond 376 in Alexandrië geboren, neef van Theophilus, Patriarch van Alexandrie, die hem ook christelijk opvoedde. Sint Cyrillus volgde zijn oom op in 412. Hij presideerde over het 3e Eucumenische Concilie van de 200 Vaders in 431 in Ephesus, en veroordeelde de goddeloze leer van Nestorius, die weigerde voor hem te verschijnen. Hij was 32 jaar Patriarch van de Kerk en overleed in 444. Vandaag wordt zijn sterfdag herdacht. Sint Cyrillus wordt ook herdacht op 18 januari (>>>zie Cyrillus 18 januari).

Saint Cyril was born about the year 376 in Alexandria, nephew of Theophilus, Patriarch of Alexandria, who also raised him in christianity. Saint Cyril succeeded his uncle in 412. He presided over the 3rd Ecumenical Council of the 200 Fathers in 431 in Ephesus, and condemned the heretic teaching of Nestorius, who refused to appear before him. He was Patriarch of the Church for 32 years and died in 444. Today his death is commemorated. Saint Cyril is also commemorated on the 18th of january (>>>see Cyrillus 18 january).

09 JUΝI

      ΙΟΥΝΙΟΣ

DJK

 

Ý

Cyrillus (Kurillos)

patriarch van Alexandria

Vanwege problemen met de Nestorianen werd Sint Cyrillus korte tijd verbannen. Vandaag wordt herdacht dat Sint Cyrillus opnieuw zijn zetel in Alexandrië besteeg. De dag van zijn dood wordt herdacht op 9 juni (>>>zie Cyrillus 19 juni).

Because of problems with the Nestorians Saint Cyril suffered a brief exile. Today is the commemoration of the restoration of Saint Cyril to his see in Alexandria. The day of his death is commemorated on the 9th of june (>>>see Cyrillus 19 june).

18 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DFGIJ

M

 

Ý

Cyrillus (Kurillos)

Aartsbisschop van Jeruzalem

Sint Cyrillus leefde gedurende het regime van Constantius, de zoon van Constantinus de Grote, in 340. Hij was de zoon van vrome en orthodoxe pareoudersnts, die hem christelijk opvoedden. Hij werd Patriarch van Jeruzalem, maar werd afgezet van zijn troon door Arius (met de toestemming van keizer Constantius) en verbanen van Jeruzalem. Toen Constantius stierf in 361, werd hij opgevolgd door Julianus de apostaat. Julianus beval dat allen die waren verbannen door Constantius terug konden keren naar hun bisdommen. Sint Cyrillus ontving de troon van Jerusalem. Na een paar jaar overleed hij.

Saint Cyril lived during the reign of Constantius, the son of Constantine the Great, in 340. He was the son of pious and orthodox parents, who educated him in christianity. He became the Patriarch of Jerusalem, but was deposed from his throne by Arius (with the approval of the emperor Constantius) and banished from Jerusalem. When Constantius died in 361, he was succeeded by Julian the apostate. Julian ordered that all who had been exiled by Constantius could return to their dioceses. Saint Cyril received the throne of Jerusalem. After a few years he reposed.

18 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DFIJK

 

Ý

Cyrillus (Kurillos)

Apostel voor de Slaviërs

 

 

14 FEBRUARI

    ΦΕΒΡΟΥΑΡΙΟΣ

D

 

Ý

Cyrillus (Kurillos)

en Methodius, Gelijken van de Apostelen,

Apostels voor de Slaviërs

 

 

11 MEI

     ΜΑΙΟΣ

CFIJK

 

Ý

Cyrillus (Kurillos) de Diaken,

Marcus van Arethusa, en hun Metgezellen

 

 

29 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DJK

 

Ý

Cyrillus (Kurillos) van Phileus

 

 

02 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

D

 

Ý

Cyrillus (Kurillos),

Photios en 152 (of 142) andere martelaren, metgezellen van Archelous, Martelaar

Sint Archelous stierf de martelaarsdood door het zwaard samen met 152 anderen (volgens sommigen waren het 142 martelaren). Onder deze martelaren waren Kyrillos en Photios.

Saint Archelous was martyred by the sword together with 152 others (according to some it were 142 martyrs). Amongst these martyrs were Kyrillos and Photios.

05 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

 

 

Ý

Cyrillus (Kurillos),

Acacius, Aesychius, Aetius, Aggia, Alexander, Athanasius, Candidus, Claudius, Cudio, Cyrius, Domitian, Domninus, Ecdicius, Eunoicus, Eutychius, Eutychus (Aglaius), Flavius, Gaius, Gorgonius, Helianus, Heraclius, Ile, Johannes, Leontius (Theoctistus), Lisimachus, Melito, Nicallus, Philotemon, Priscus, Sacerdos, Severianus, Sisinnius, Smaragdus, Theodulus, Theophilus, Valens, Valerius, Vicratius (Vibianus), Xantius, de 40 Martelaren van Sebaste

De 40 Martelaren van Sebaste waren Christelijke soldaten in het Romeinse leger in het jaar 320 A.D. Toen de vervolging van de Christenen begon tijdens het regime van Licinius, werden de martelaren vastgebonden en in een meer gegooid. Een wacht werd neergezet om te voorkomen dat ze zouden ontsnappen. Er was een verschrikkelijke vorst en het meer bevroor rondom de lichamen van de martelaren. De folteraars verwarmden een bad aan de rand van het meer om de martelaren over te halen Christus te loochenen. Eén van hen kwam uit het water en klom in het bad. Toen verscheen er een buitengewoon licht uit de hemel, dat het water en de lichamen van de martelaren verwarmde, en 39 kronen daalden uit de hemel neer op hun hoofden. De wacht aan de oever zag dit, trok al zijn kleren uit en voegde zich bij de martelaren in het meer. Inderdaad daalde de laatste en 40e kroon op zijn hoofd neer. De volgende dag waren de martelaren nog steeds in leven, dus gaven de rechtes het bevel om hun onderbenen te breken en in het water te gooien, zodat Christenen ze niet meer terug konden vinden. Op de derde nacht dreef elk been dat gescheiden was van hun lichamen aan de oppervlakte en gloeide als een kaars. Bisschop Petrus verzamelde en begroef ze eervol.

The 40 Martyrs of Sebaste were Christian soldiers in the Roman army in the year 320 A.D. When the persecution of Christians began during the reign of Licinius, the martyrs were bound and tossed into the lake. A guard was stationed to prevent them from escaping. There was a terrible frost and the lake froze around the bodies of the martyrs. The torturers heated a bath by the side of the lake in sight of the frozen martyrs to persuade them to deny Christ. One of them came out of the water and entered the bath. Then an extraordinary light appeared from heaven which warmed the water in the lake and the bodies of the martyrs and thirty-nine wreaths descended from heaven over their heads. The guard on the shore saw this, removed all his clothes and entered the lake to join the martyrs. Indeed, the last and fourtieth wreath descended upon him. The next day the martyrs were still alive, so the judges ordered that the lower part of their legs be broken and their bodies thrown into the water so Christians could not recover them. On the third night every bone which was separated from their bodies floated to the top and glowed like a candle. Bishop Peter gathered and honorably buried them.

09 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DJKM

 

Ý

Cyrillus (Kurillos)

Aartsbisschop van Jeruzalem

 

 

07 MEI

     ΜΑΙΟΣ

D

 

Ý

Cyrius (Kyrionos),

Acacius, Aesychius, Aetius, Aggia, Alexander, Athanasius, Candidus, Cirillus, Claudius, Cudio, Domitian, Domninus, Ecdicius, Eunoicus, Eutychius, Eutychus (Aglaius), Flavius, Gaius, Gorgonius, Helianus, Heraclius, Ile, Johannes, Leontius (Theoctistus), Lisimachus, Melito, Nicallus, Philotemon, Priscus, Sacerdos, Severianus, Sisinnius, Smaragdus, Theodulus, Theophilus, Valens, Valerius, Vicratius (Vibianus), Xantius, de 40 Martelaren van Sebaste

De 40 Martelaren van Sebaste waren Christelijke soldaten in het Romeinse leger in het jaar 320 A.D. Toen de vervolging van de Christenen begon tijdens het regime van Licinius, werden de martelaren vastgebonden en in een meer gegooid. Een wacht werd neergezet om te voorkomen dat ze zouden ontsnappen. Er was een verschrikkelijke vorst en het meer bevroor rondom de lichamen van de martelaren. De folteraars verwarmden een bad aan de rand van het meer om de martelaren over te halen Christus te loochenen. Eén van hen kwam uit het water en klom in het bad. Toen verscheen er een buitengewoon licht uit de hemel, dat het water en de lichamen van de martelaren verwarmde, en 39 kronen daalden uit de hemel neer op hun hoofden. De wacht aan de oever zag dit, trok al zijn kleren uit en voegde zich bij de martelaren in het meer. Inderdaad daalde de laatste en 40e kroon op zijn hoofd neer. De volgende dag waren de martelaren nog steeds in leven, dus gaven de rechtes het bevel om hun onderbenen te breken en in het water te gooien, zodat Christenen ze niet meer terug konden vinden. Op de derde nacht dreef elk been dat gescheiden was van hun lichamen aan de oppervlakte en gloeide als een kaars. Bisschop Petrus verzamelde en begroef ze eervol.

The 40 Martyrs of Sebaste were Christian soldiers in the Roman army in the year 320 A.D. When the persecution of Christians began during the reign of Licinius, the martyrs were bound and tossed into the lake. A guard was stationed to prevent them from escaping. There was a terrible frost and the lake froze around the bodies of the martyrs. The torturers heated a bath by the side of the lake in sight of the frozen martyrs to persuade them to deny Christ. One of them came out of the water and entered the bath. Then an extraordinary light appeared from heaven which warmed the water in the lake and the bodies of the martyrs and thirty-nine wreaths descended from heaven over their heads. The guard on the shore saw this, removed all his clothes and entered the lake to join the martyrs. Indeed, the last and fourtieth wreath descended upon him. The next day the martyrs were still alive, so the judges ordered that the lower part of their legs be broken and their bodies thrown into the water so Christians could not recover them. On the third night every bone which was separated from their bodies floated to the top and glowed like a candle. Bishop Peter gathered and honorably buried them.

09 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DJKM

 

Ý

Cyrus (Kyros)

en Johannes de Wonderdoeners en Zilverlozen, Athanasia, haar dochters Theodora, Theoctiste en Eudoxia

Sint Cyrus leefde tijdens het regime van Diocletanus in Alexandrië. Vanwege de vervolgingen vluchtte hij naar een kleine monnikengemeenschap in de Golf van Arabië. Sint Johannes was soldaat. Toen hij hoorde over Sint Cyrus sloot hij zich bij hem aan. Ze leidden een leven van deugdzaamheid, genazen iedere ziekte en kregen de titel “Zilverlozen”. Athanasia en haar dochters werden gevangen genomen en voor het gerecht gesleept vanwege hun christelijke geloof. Toen Johannes en Cyrus hen wilden bijstaan, werden zij ook gevangengenomen. Na vele folteringen werden allen onthoofd in 292. Hun tombe werd een befaamd pelgrimsoord in Egypte. Het werd gevonden in het gebied van een modern vakantieoord nabij Alexandrë genaamd Abu Kyr. Cyrus en Johannes worden ook herdacht op 28 juni (>>>zie Anargiros 28 juni)

Saint Cyrus lived during the reign of Diocletan in Alexandria. Because of the persecutions he fled to a small community of monks in the Gulf of Arabia. Saint John was a soldier. When he heard about Saint Cyrus he joined him. They led a life of virtue, healed every disease and received the title of “Unmercenaries”. Athanasia and her daughters were arrested and taken to the tribunal because they were christians. When John and Cyrus wanted to support them, they were arrested too. After many torments all were beheaded in 292. Their tombe became a famous place of pilgrimage in Egypt. It was found in the area of a modern day resort near Alexandria called Abu Kyr. Cyrus and John are also commemmorated on 28 june (>>>see Anargiros 28 june)

31 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DFIJK

 

Ý

Cyrus (Kyros)

en Johannes de Wonderdoeners en Zilverlozen, Translatie van Relieken

Vandaag wordt Anargiros gevierd. Het Griekse woord anargyros betekent "geen geld accepterend" (zilverloos). Het was een epithet wat gegeven werd aan arts-heiligen die betaling voor hun vaardigheden weigerden. Cyrus en Johannes ontvingen deze titel (>>>zie Anargiros 28 juni). Zij worden ook herdacht op 31 januari (>>>zie Cyrus en Johannes 31 januari).

Today Anargiros is celebrated. The Greek word anargyros means "without accepting money" (unmercenary). It was an epithet given to physician saints who refused payment for their skills. Cyrus and John received this title (see Anargiros June 28). They are also commemorated on 31 january (>>>see Cyrus and Johannes january 31).

28 JUΝI

      ΙΟΥΝΙΟΣ

DJK

 

Ý

 

 

ABC

Belangrijkste naamdagen

Most important namedays

ABC

Waarschijnlijk onbetrouwbare info

Probably false information

ABC

Veranderlijke feestdagen

Variable feastdays

ABC

Officiële feestdag, wordt in bepaalde gevallen op een andere dag gevierd

Official feastday, in certain cases celebrated on another day

ABC

Onduidelijke informatie

Obscure information

 

A

naamdagen van de Griekse Gids

http://www.grieksegids.nl/naamdagen/naamdagenindex.htm

B

Explore Crete, the real guide about Crete

http://www.explorecrete.com/dutch/namedays-du.html

C

Festival dates of the Greek Orthodox church

http://www.theodorou.freeserve.co.uk/greekcyp/links/saints.htm

D

Greek Orthodox Archdiocese of America

http://www.goarch.org/en/Chapel/calendar.asp

E

Nostos

http://nostos.com

F

Greek Namedays (Eortologie)

http://www.sfakia-crete.com/sfakia-crete/greeknamedays.html

G

Cyprus-Namedays

http://www.xenofontravel.nl/paginas/cyprus_algemeen_b.html

H

Namedays-in2greece

http://www.in2greece.com/english/factstrivia/facts/namedays.htm

I

goGreece.com: Event Calendar – Namedays

http://www.gogreece.com/events/Namedays.html

J

Rongolini Synaxarion Calendar

http://www.rongolini.com/synaxariontoc.htm

K

Serbian Unity Congres – Servisch-Orthodoxe kalender

http://www.serbianunity.net/spc/kalendar.html

L

Behind the Name – Names – Meaning of names – Namedays etc.

http://behindthename.com

M

Reference on the Greek namedays

http://www.namedays.gr/data/eortes/namedays_A.htm

 

Ý

ã Marina Moundrea 2003-2008. Alle rechten voorbehouden / All rights reserved.

Laatste update / Last update: 1 December 2008

 

 

 


Web Hosting · Blog · Guestbooks · Message Forums · Mailing Lists
Easiest Website Builder ever! · Build your own toolbar · Free Talking Character · Email Marketing
powered by a free webtools company bravenet.com