untitled
viviti

CHRONIAPOLLA

Kalender

chronologisch

Kalender alfabetisch

Betekenis

van namen

Biografieën

van Heiligen

Zoek

namen

GRIEKSENAAMDAGEN

 Home

Wie zijn wij

Laatste Nieuws

Mailing List

Alle namen

(afgeleide namen)

Categorieën

van heiligen

Iconen

Mythologie

Blog

Gastenboek

Tell-a-Friend

E-cards

Linken

Contact

GRIEKSE NAAMDAGEN – K

A | B | C | D | E | F | G | H | I | J | K | L | M | N | O | P | Q | R | S | T | U | V | W | X | Y | Z

Explanation of the codes: see Footer

 

Agion Panton 

Allerheiligen

All-Saints

 

Kaisarios (Caesarius)

Kallimachos (Callimachus)

Kallinikos (Callinicus) 3x

Kalliopi (Calliopia)

Kalliopios (Calliopius)

Kalliroe

Kallisti (Callista)

Kallistos (Callistus) 3x

Kallistratos (Callistratus)

Kalodotes (Calodotus)

Kandidos (Candidus)

Kapitonos (Capito)

Karpos (Carpus)

Kasiani (Casiana)

Kassianos (Cassianus, Johannes Cassianus, Johannes van Massilia)

Kastor (Castor)

Kastoulos (Castulus)

Kastrichios (Castrichius)

Katherine (Catharina)

Kelsios (Celsius)

Kensourinos (Censorinus)

Kerkyra (Cercyra)

Kerstmis (Christos)

Khusdazades (Usphazanes, Usthazanes)

Kikilia (Cecilia)

Kiprianos (Cyprianus) 2x

Kiriaki (Cyriaca) 3x

Kiriakos (Cyriacus) 2x

Kirykos (Cyricus, Quiricus)

Klaudia (Claudia)

Klaudianos (Claudianus)

Klaudios (Claudius) 6x

Kleio (Cleo, Clio)

Klementos (Clementinus) 3x

Kleoniki

Kleonikou  (Cleonicus)

Kleopas (Cleopas) 2x

Kleopatra (Cleopatra) 2x

Kodratos (Codratus, Quadratus) 3x

Komassios (Comasius)

Komodos (Commodus)

Konon (Conon)

Konstantinos (Constantinus) 3x

Koralia (Coralia)

Kornelios (Cornelius)

Kosmas (Cosmas) 5x

Kovartos (Quartus) 2x

Kreskes (Kriskentos) 4x

Kriskentos (Kreskes) 4x

Krispos (Crispus)

Kruisverheffing (Stavros)

Kurillos (Cyrillus) 10x

Kypros (Cyprus)

Kyriaki

Kyriaki Meta Tin Christou Gennisin (Zondag Na De Geboorte Van Christus, Sunday After The Nativity Of Christ)

Kyriaki Ton Agion Propatoron

(Ton Agion Popatoron, Propatoron, Zondag van de Heilige Voorvaderen van Christus, Sunday of the Holy Ancestors of Christ)

Kyriaki Ton Myrophoron (Ton Myrophoron, Zondag van de Mirre-dragende Vrouwen, Sunday of the Myrrh-Bearing Women)

Kyriaki Tis Pentikostis (Pentikostis, Pentecost, Pinksteren)

Kyriaki tis Samareitidos (Tis Samareitidos, Zondag van de Samaritaanse Vrouw, Sunday of the Samaritan Woman)

Kyriaki ton Baïon (Palmzondag, Palm Sunday, Vaios, Dafnis)

Kyriakos (Kyrinos, Cyriacus, Quirinus)

Kyrillos

Kyrinos (Kyriakos, Cyriacus, Quirinus)

Kyrionos (Cyrius)

Kyros (Cyrus) 2x

GREEK NAMEDAYS – K

CHRONIAPOLLA

Calendar

chronological

Calendar alphabetical

Meaning

of names

Biographies

of Saints

Search

names

GREEKNAMEDAYS

 Home

Who are we

Latest News

Mailing List

All names

(derived names)

Classification

of Saints

Icons

Mythology

Blog

Guest Map

Tell-a-Friend

E-cards

Links

Contact

Griekse Naamdagen - K

Greek Namedays - K Ý

 

NAAM HEILIGE / NAME OF SAINT

BIJZONDERHEDEN

NOTES

NAAMDAG/NAMEDAY

INFO

Agion Panton

Allerheiligen

All-Saints

Agion Panton (Allerheiligen) is een feestdag van de Orthodoxe Kerk, waarbij alle Heiligen van de kerk, die anoniem zijn gebleven, collectief worden herdacht. Deze dag wordt gevierd op de Zondag volgende op (orthodox) Pinksteren.

In Griekenland is het de gewoonte dat iedereen die geen “eigen” naamdag heeft, zijn of haar naamdag viert met Orthodox Allerheiligen. In Griekenland kun je iemand tot 40 dagen na zijn of haar naamdag nog feliciteren.

Agion Panton (All-Saints Sunday) is a feast day of the Orthodox Church collectively commemorating all the Saints of the church who have remained anonymous. This feast day is celebrated on the Sunday following (orthodox) Pentecost.

In Greece it is tradition that everybody without their “own” nameday celebrate their nameday on Orthodox All Saints’ Day. In Greece you can say congratulations till 40 days after the nameday.

22 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2008

14 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2009

30 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2010

19 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2011

10 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2012

30 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2013

15 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2014

07 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2015

26 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2016

11 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2017

D

 

Ý

Kaisarios (Caesarius)

broer van Gregorius de Theoloog

 

 

09 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

D

 

Ý

Kallimachos (Callimachus),

Amonitus, Anicletus, Athanasius, Barachius, Callinicus, Castrichius, Claudianus, Diodotus, Dorotheus, Ducitius, Epiphanius, Eugenius, Eutychius, Gigantius, Hesychius, Hilarion, Longinus, Mamas, Maximianus, Nicander, Nikon, Ostrychius, Themelius, Theodochus, Theodorus, Theodotus, Theodoulus, Theogenes, Theophilus, Valerius en Xanthius, de 32 Metgezellen van Hieron, samen de 33 Martelaren van Melitene in Armenië

Sint Hieron kwam uit Tyana in Cappadocië. Hij was een erg sterke en edele landbewerker. Hij was bezig te graven in zijn veld, toen soldaten kwamen om hem te ronselen voor het leger. Maar Hieron, zelf een Christen, weigerde keizers te dienen, die Christenen vervolgden. Met zijn houten gereedschap joeg hij de gewapende soldaten weg, die in angst vluchtten vanwege zijn kracht. Later echter ging hij uit eigen vrije wil en bekende tegenover de gouverneur een Christen te zijn. Ze hakten zijn rechterhand af en hij werd gevangengezet met 32 anderen, omdat ze hadden geweigerd aan de afgoden te offeren. Samen werden ze allen onthoofd buiten de stad Melitene in Armenië, in het jaar 290. De andere 32 martelaren waren: Amonitus, Anicletus, Athanasius, Barachius, Callimachus, Callinicus, Castrichius, Claudianus, Diodotus, Dorotheus, Ducitius, Epiphanius, Eugenius, Eutychius, Gigantius, Hesychius, Hilarion, Longinus, Mamas, Maximianus, Nicander, Nikon, Ostrychius, Themelius, Theodochus, Theodorus, Theodotus, Theodoulus, Theogenes, Theophilus, Valerius en Xanthius.

Saint Hieron was from Tyana in Cappadocia. He was a very strong and noble husbandman. He was busy digging in his field, when soldiers came to press him into military service. But Hieron, a Christian himself, refused to serve emperors who persecuted Christians. He drove away with his wooden tool the armed soldiers, who fled in fear because of his strength. Later, however, he went of his own free will, and confessed to be a Christian before the governor. They cut off his right hand, and he was imprisoned with thirty-two others, because they had refused to sacrifice to the idols. Together they were all beheaded outside the city of Melitene in Armenia, in the year 290. The other 32 martyrs were: Amonitus, Anicletus, Athanasius, Barachius, Callimachus, Callinicus, Castrichius, Claudian, Diodotus, Dorotheus, Ducitius, Epiphanius, Eugene, Eutychius, Gigantius, Hesychius, Hilarion, Longinus, Mamas, Maximian, Nicander, Nikon, Ostrychius, Themelius, Theodochus, Theodore, Theodotus, Theodoulus, Theogenes, Theophilus, Valerius and Xanthius.

07 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

 

 

Ý

Kallinikos (Callinicus)

Martelaar

Sint Callinicus kwam uit Cilicia. Omdat hij een christelijke predikant was, die vele heidenen zich deed afkeren van de afgoden, liet Sacerdon de Governeur hem arresteren. Hij onderwierp hem aan vele martelingen. Hij liet Sint Callinicus schoenen dragen met spijkers die er ondersteboven in waren vastgezet. Daarmee moest hij naar de stad Gangra rennen, waar hij levend in een oven werd verbrand.

Saint Callinicus was from Cilicia. Because he was a christian preacher, who turned many pagans away from the idols, Sacerdon the Governor had him arrested. He subjected him to many tortures. He made Saint Callinicus wear shoes in which nails had been fixed upright. With these shoes he had to run to the city of Gangra, where he was burned alive in a furnace.

29 JULI

      ΙΟΥΛΙΟΣ

DFIK

M

 

Ý

Kallinikos (Callinicus),

Thyrsus en Leucius,

Martelaren van Apollonia

De heilige Thyrsus en Leucius waren burgers van Caesarea in Bithynië, en beiden Christenen, maar Thyrsus was nog niet gedoopt. Callinicus was een heidense priester. Toen Cumbricius genadeloos Christenen begon te martelen en te doden, verscheen de onbevreesde Leucius voor hem en bekritiseerde hem. Hierom werd Leucius gemarteld en uiteindelijk onthoofdd. Toen verscheen ook Thyrsus voor de rechter en bekritiseerde hem eveneens. Hij werd ook geslagen en in de gevangenis geworpen. Hij genas wonderbaarlijk van zijn wonden, de gevangenisdeur ging open en hij werd op wonderlijke wijze naar buiten geleid. Thyrsus ging direct naar Phileas, de Bisschop van Caesarea, en werd door hem gedoopt. Daarna werd hij opnieuw opgepakt en gemarteld, maar hij verdroeg de folteringen. Tijdens zijn gebeden vielen vele afgodsbeelden om. De heidense priester Callinicus zag dit en bekeerde zich tot het Christelijke geloof. Toen werden hij en Thyrsus ter dood veroordeeld. Callinicus werd onthoofd. Thyrsus werd in een houten kist geplaatst om doormidden te worden gezaagd. Maar op wonderbaarlijke wijze kon de zaag niet door het hout heen komen. Toen verrees Thyrsus uit de kist, bad tot God, en stierf vredig.

Saints Thyrsus and Leucius were citizens of Caesarea of Bithynia, and both Christians, but Thyrsus was not baptized yet. Callinicus was a pagan priest. When Cumbricius began to mercilessly torture and murder Christians, the fearless Leucius appeared before him and criticised him. For this Leucius was tortured and finally beheaded. Then Thyrsus also appeared before the judge and criticised him too. He also was flogged and cast into prison. He was miraculously healed of his wounds, the prison door opened and he was led out miraculously. Thyrsus immediately went to Phileas, the Bishop of Caesarea, and was baptized by him. After that again he was seized and tortured, but he endured the tortures. When he prayed, many idols fell down. The pagan priest Callinicus saw this and converted to the Christian Faith. Then he and Thyrsus were condemned to death. Callinicus was beheaded. Thyrsus was placed in a wooden coffin to be sawn in half. However the saw was miraculously unable to cut into the wood. Then Thyrsus arose from the coffin, prayed to God, and peacefully died.

14 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Kallinikos (Callinicus),

Amonitus, Anicletus, Athanasius, Barachius, Callimachus, Castrichius, Claudianus, Diodotus, Dorotheus, Ducitius, Epiphanius, Eugenius, Eutychius, Gigantius, Hesychius, Hilarion, Longinus, Mamas, Maximianus, Nicander, Nikon, Ostrychius, Themelius, Theodochus, Theodorus, Theodotus, Theodoulus, Theogenes, Theophilus, Valerius en Xanthius, de 32 Metgezellen van Hieron, samen de 33 Martelaren van Melitene in Armenië

Sint Hieron kwam uit Tyana in Cappadocië. Hij was een erg sterke en edele landbewerker. Hij was bezig te graven in zijn veld, toen soldaten kwamen om hem te ronselen voor het leger. Maar Hieron, zelf een Christen, weigerde keizers te dienen, die Christenen vervolgden. Met zijn houten gereedschap joeg hij de gewapende soldaten weg, die in angst vluchtten vanwege zijn kracht. Later echter ging hij uit eigen vrije wil en bekende tegenover de gouverneur een Christen te zijn. Ze hakten zijn rechterhand af en hij werd gevangengezet met 32 anderen, omdat ze hadden geweigerd aan de afgoden te offeren. Samen werden ze allen onthoofd buiten de stad Melitene in Armenië, in het jaar 290. De andere 32 martelaren waren: Amonitus, Anicletus, Athanasius, Barachius, Callimachus, Callinicus, Castrichius, Claudianus, Diodotus, Dorotheus, Ducitius, Epiphanius, Eugenius, Eutychius, Gigantius, Hesychius, Hilarion, Longinus, Mamas, Maximianus, Nicander, Nikon, Ostrychius, Themelius, Theodochus, Theodorus, Theodotus, Theodoulus, Theogenes, Theophilus, Valerius en Xanthius.

Saint Hieron was from Tyana in Cappadocia. He was a very strong and noble husbandman. He was busy digging in his field, when soldiers came to press him into military service. But Hieron, a Christian himself, refused to serve emperors who persecuted Christians. He drove away with his wooden tool the armed soldiers, who fled in fear because of his strength. Later, however, he went of his own free will, and confessed to be a Christian before the governor. They cut off his right hand, and he was imprisoned with thirty-two others, because they had refused to sacrifice to the idols. Together they were all beheaded outside the city of Melitene in Armenia, in the year 290. The other 32 martyrs were: Amonitus, Anicletus, Athanasius, Barachius, Callimachus, Callinicus, Castrichius, Claudian, Diodotus, Dorotheus, Ducitius, Epiphanius, Eugene, Eutychius, Gigantius, Hesychius, Hilarion, Longinus, Mamas, Maximian, Nicander, Nikon, Ostrychius, Themelius, Theodochus, Theodore, Theodotus, Theodoulus, Theogenes, Theophilus, Valerius and Xanthius.

07 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

 

 

Ý

Kalliopi (Calliopia)

 

 

08 JUΝI

      ΙΟΥΝΙΟΣ

ABDF

IM

 

Ý

Kalliopios (Calliopius)

en zijn moeder Theoclea, Martelaren

Sint Calliopius kwam uit Perga in Pamphylia. Hij was in vroomheid opgevoed door zijn moeder Theocleia. Toen Maximianus een vervolging tegen christenen startte, presenteerde Sint Calliopius zichzelf aan Governeur Maximus in Pompeiopolis in Galatië. Hj onderging vele martelingen. Toen zocht zijn moeder hem in de gevangenis op en sprak hem moed in. Toen de driemaal-gezegende Theocleia hoorde dat haar zoon zou worden gekruisigd op Heilige en Grote Donderdag, kocht zij de tyrannen om, om het één dag uit te stellen. Op die manier zou Calliopius de Kruisiging van Christus imiteren op dezelfde dag. Op Heilige en Grote Vrijdag in het jaar 304 werd Sint Calliopius ondersteboven gekruisigd.

Saint Calliopius was from Perga in Pamphylia. He was brought up in piety by his mother Theocleia. When Maximian started a persecution against christians, Saint Calliopius presented himself before the Governor Maximus in Pompeiopolis of Galatia. He suffered many torments. Then his mother visited him in prison and encouraged him. When the thrice-blessed Theocleia learned that her son was to be crucified on Holy and Great Thursday, she bribed the tyrants to defer it one day. That way Calliopius would imitate the Crucifixion of Christ on the same day. On Holy and Great Friday in the year 304 Saint Calliopius was crucified upside down.

07 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

DJ

 

Ý

Kalliroe,

Adamantini, Akrivi, Antigoni, Aphroditi, Areboia, Aspasia, Athena, Chaido, Dione, Dodoni, Elpiniki, Erasmia, Erato, Ermineia, Euterpe, Harikleia, Kallisti, Kleio, Kleoniki, Kleopatra, Koralia, Lampro, Margarita, Marianthi, Melpomene, Moscho, Ourania, Pandora, Penelope, Polymnia, Polynike, Sappho, Terpsichore, Thaleia, Theano, Theonoe, Theonymphi, Theophani, Troada, martelaressen, de 40 Heilige Vrouwen en de martelaar Ammon (Ammoun), Diaken en hun Leraar

De Veertig Heilige Vrouwen waren afkomstig van Heraclea in Thracie. Ze hadden de diaken Ammon als gids, die hen onderwees in het Christendom. Ze stierven als martelaren onder de tiran Licinius rond 321-323. Tien van hen werden verbrand, acht van hen werden doodgeranseld, zes van hen werden aan stukken gesneden met messen, van tien werd het hart doorboord met een zwaard en zes stierven door gloeiend ijzer in hun mond gepropt. St. Ammon werd doodgeranseld. De namen van de 40 Heilige Vrouwen moeten met terughoudendheid worden beschouwd, daar sommige, oa. Chaido en Lampro, toebehoorden aan heiligen uit later eeuwen (16e-18e) en niet zonder twijfel vastgesteld is dat het de heiligen uit de vroege eeuwen betreft.

The Forty Holy Women were natives of Heraclea in Thrace. They had the deacon Ammon for a guide, who instructed them in Christianity. They died as martyrs under the tyrant Licinius around 321-323. Ten of them were burnt, eight of them were whipped to death, six of them were cut up by knifes, ten were pierced in the heart by a sword and six died from having the heated iron enclosed in their mouth. St. Ammon was whipped to death. The names of the 40 Holy Women should be considered with reservation, as some of them, a.o. Chaido and Lampro, belong to saints of later centuries (16th-18th) and are not testified without doubt to be the saints of the first centuries.

01 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

JM

 

Ý

Kallisti (Callista),

Adamantini, Akrivi, Antigoni, Aphroditi, Areboia, Aspasia, Athena, Chaido, Dione, Dodoni, Elpiniki, Erasmia, Erato, Ermineia, Euterpe, Harikleia, Kalliroe, Kleio, Kleoniki, Kleopatra, Koralia, Lampro, Margarita, Marianthi, Melpomene, Moscho, Ourania, Pandora, Penelope, Polymnia, Polynike, Sappho, Terpsichore, Thaleia, Theano, Theonoe, Theonymphi, Theophani, Troada, martelaressen, de 40 Heilige Vrouwen en de martelaar Ammon (Ammoun), Diaken en hun Leraar

De Veertig Heilige Vrouwen waren afkomstig van Heraclea in Thracie. Ze hadden de diaken Ammon als gids, die hen onderwees in het Christendom. Ze stierven als martelaren onder de tiran Licinius rond 321-323. Tien van hen werden verbrand, acht van hen werden doodgeranseld, zes van hen werden aan stukken gesneden met messen, van tien werd het hart doorboord met een zwaard en zes stierven door gloeiend ijzer in hun mond gepropt. St. Ammon werd doodgeranseld. De namen van de 40 Heilige Vrouwen moeten met terughoudendheid worden beschouwd, daar sommige, oa. Chaido en Lampro, toebehoorden aan heiligen uit later eeuwen (16e-18e) en niet zonder twijfel vastgesteld is dat het de heiligen uit de vroege eeuwen betreft.

The Forty Holy Women were natives of Heraclea in Thrace. They had the deacon Ammon for a guide, who instructed them in Christianity. They died as martyrs under the tyrant Licinius around 321-323. Ten of them were burnt, eight of them were whipped to death, six of them were cut up by knifes, ten were pierced in the heart by a sword and six died from having the heated iron enclosed in their mouth. St. Ammon was whipped to death. The names of the 40 Holy Women should be considered with reservation, as some of them, a.o. Chaido and Lampro, belong to saints of later centuries (16th-18th) and are not testified without doubt to be the saints of the first centuries.

01 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

JM

 

Ý

Kallistos (Callistus)

 

 

20 JUΝI

      ΙΟΥΝΙΟΣ

D

 

Ý

Kallistos (Callistus)

“de Onoverwonnene”,

Aetius, Bassoi (Basoes) “de Sterkste”, Constantinus (“de Moedige”), Melissenus, Theodorus (“de Al-Gezegende”), Theophilos (“de Wonderbaarlijke”) en hun metgezellen, de 42 Martelaren van Amorea (Ammoria, Ammorium) in Phrygia

Tijdens een oorlog tussen de Byzantijnse Keizer Theophilus (829-842) en de Saracenen, belegerden de Saracenen de stad Ammoria. Toen Ammoria viel, werden 42 van haar generaals gevangengenomen en naar Syrië gestuurd, waar ze zeven jaar lang opgesloten werden. Tijdens hun gevangenschap probeerden ze de gevangenen over te halen om afstand te doen van hun christelijke geloof en de islam aan te nemen. De gevangenen weerstonden alle verleidelijke aanbiedingen en hielden stand tegen verschrikkelijke bedreigingen. Na vele martelingen werden ze ter dood veroordeeld. De martelaren bleven standvastig. Eén voor één namen de beulen hen mee om te worden onthoofd. Naderhand gooiden ze de lichamen in de rivier Euphrates. Dit gebeurde rond 845. In de dienst voor hen, worden ze geprezen als: de "Al-Gezegende" Theodorus, de "Onoverwonnene" Callistus, de "Moedige" Constantinus, de "Wonderbaarlijke" Theophilus en "de Sterkste" Basoes.

During a war between the Byzantine Emperor Theophilus (829-842) and the Saracens, the Saracens besieged the city of Ammoria. When Ammoria fell, 42 of its generals were taken captive and sent off to Syria, where they were imprisoned for seven years. During their imprisonment they tried to persuade the captives to renounce Christianity and accept Islam. The captives resisted all their seductive offers and held out against terrible threats. After many torments they were condemned to death. The martyrs remained steadfast. One by one the executioners took them and led them off to be beheaded. Afterwards they threw the bodies into the river Euphrates. This happened around 845. In the service to them, they are glorified as: the "All-Blessed" Theodore, the "Unconquered" Callistus, the "Valiant" Constantine, the "Wondrous" Theophilus and "the Most Strong" Basoes.

06 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DJK

 

Ý

Kallistos (Callistus),

Evodius en Hermogenes, de Broeder-Martelaren

 

 

01 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

J

 

Ý

Kallistratos (Callistratus)

Martelaar

en zijn 49 Metgezellen

 

 

27 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

DFIJK

M

 

Ý

Kalodotes (Calodotus)

Martelaar

 

 

06 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

D

 

Ý

Kandidos (Candidus),

Acacius, Aesychius, Aetius, Aggia, Alexander, Athanasius, Cirillus, Claudius, Cudio, Cyrius, Domitian, Domninus, Ecdicius, Eunoicus, Eutychius, Eutychus (Aglaius), Flavius, Gaius, Gorgonius, Helianus, Heraclius, Ile, Johannes, Leontius (Theoctistus), Lisimachus, Melito, Nicallus, Philotemon, Priscus, Sacerdos, Severianus, Sisinnius, Smaragdus, Theodulus, Theophilus, Valens, Valerius, Vicratius (Vibianus), Xantius, de 40 Martelaren van Sebaste

De 40 Martelaren van Sebaste waren Christelijke soldaten in het Romeinse leger in het jaar 320 A.D. Toen de vervolging van de Christenen begon tijdens het regime van Licinius, werden de martelaren vastgebonden en in een meer gegooid. Een wacht werd neergezet om te voorkomen dat ze zouden ontsnappen. Er was een verschrikkelijke vorst en het meer bevroor rondom de lichamen van de martelaren. De folteraars verwarmden een bad aan de rand van het meer om de martelaren over te halen Christus te loochenen. Eén van hen kwam uit het water en klom in het bad. Toen verscheen er een buitengewoon licht uit de hemel, dat het water en de lichamen van de martelaren verwarmde, en 39 kronen daalden uit de hemel neer op hun hoofden. De wacht aan de oever zag dit, trok al zijn kleren uit en voegde zich bij de martelaren in het meer. Inderdaad daalde de laatste en 40e kroon op zijn hoofd neer. De volgende dag waren de martelaren nog steeds in leven, dus gaven de rechtes het bevel om hun onderbenen te breken en in het water te gooien, zodat Christenen ze niet meer terug konden vinden. Op de derde nacht dreef elk been dat gescheiden was van hun lichamen aan de oppervlakte en gloeide als een kaars. Bisschop Petrus verzamelde en begroef ze eervol.

The 40 Martyrs of Sebaste were Christian soldiers in the Roman army in the year 320 A.D. When the persecution of Christians began during the reign of Licinius, the martyrs were bound and tossed into the lake. A guard was stationed to prevent them from escaping. There was a terrible frost and the lake froze around the bodies of the martyrs. The torturers heated a bath by the side of the lake in sight of the frozen martyrs to persuade them to deny Christ. One of them came out of the water and entered the bath. Then an extraordinary light appeared from heaven which warmed the water in the lake and the bodies of the martyrs and thirty-nine wreaths descended from heaven over their heads. The guard on the shore saw this, removed all his clothes and entered the lake to join the martyrs. Indeed, the last and fourtieth wreath descended upon him. The next day the martyrs were still alive, so the judges ordered that the lower part of their legs be broken and their bodies thrown into the water so Christians could not recover them. On the third night every bone which was separated from their bodies floated to the top and glowed like a candle. Bishop Peter gathered and honorably buried them.

09 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DJKM

 

Ý

Kapitonos (Capito),

Aetherius, Basilius, Eugenius, Agathodorus, Elpidius en Ephraim, Patriarch van Antiochië,

de Zeven Heilige Hiero-Martelaren van Cherson

De Zeven Heilige Hiero-Martelaren van Cherson waren allen bisschoppen in Cherson in verschillende periodes. Ze stierven allen de marteldood gedurende de vroege jaren van de vierde eeuw, behalve Aetherius, die in vrede stief. Allemaal waren ze door de Patriarch van Jeruzalem uitgezonden als missionarissen. Basilius wekte de zoon van de prins op uit de dood. Hierom werd hij aan zijn voeten vastgebonden en door de straten gesleurd tot hij stierf. Ephrem werd onthoofd. Eugenius, Elpidus en Agathadorus werden met staven geslagen en dood gestenigd. Aetherius leefde gedurende het regime van Constantinus de Grote. Hij regeerde de Kerk in vrijheid en vrede, stichtte een grote kerk in Cherson, en stierf in vrede. Capito (een enkele website noemt hem Caption) was de laatste van de bisschoppen. Hij werd gevangen genomen door heidense Scythianen en werd verdronken.

The Seven Holy Hiero-Martyrs of Cherson were all bishops in Cherson at different times. They were all martyred during the early years of the fourth century, except Aetherius, who died peacefully. All of them were sent by the Patriarch of Jerusalem as missionaries. Basil raised the son of a prince from the dead. For this he was tied and bound by the feet and dragged through the streets until he died. Ephrem was beheaded. Eugenius, Elpidus and Agathadorus were beaten with rods and stoned to death. Aetherius lived during the reign of Emperor Constantine the Great. He governed the Church in freedom and peace, erected a large church in Cherson, and died peacefully. Capito (on one website he is called Caption) was the last of the bishops. He was captured by pagan Scythians and was drowned.

07 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DJK

 

Ý

Karpos (Carpus),

bisschop van Beroea (Varna)

en Alphaeus, Apostelen van de 70

Carpus was één van de Zeventig Apostelen en een volgeling en metgezel van de Apostel Paulus. Paulus benoemde hem tot bisschop van Beroea (Varna) in Thracië. Hij preekte ook de Gospel op Kreta. Na vele aanvallen verdragen te hebben werd hij uiteindelijk gemarteld door de Joden en gedood. Carpus wordt tegelijk met Alphaeus herdacht, ook Apostel van de 70 (>>>zie Alphaeus 26 mei). Carpus wordt ook herdacht op 4 januari (Synaxis van de 70 Apostelen/Discipelen).

Carpus was one of the Seventy Apostles and a follower and companion of the Apostle Paul. Paul appointed him as bishop of Beroea (Varna) in Thrace. He also preached the Gospel on Crete. Enduring many assaults he finally suffered martyrdom at the hands of the Jews and was killed. Carpus is commemorated together with Alphaeus, also Apostle of the 70 (>>>see Alphaeus 26th of may). Carpus is also commemorated on the 4th of january (Synaxis of the 70 Apostles/Disciples).

26 MEI

     ΜΑΙΟΣ

DJKM

 

Ý

Karpos (Carpus)

Bisschop van Phiatirea

en Paphylus, Martelaren, vrijwillig gevolgd door Agathodorus en Agathanica

De Heilige Martelaren Karpos, Bisschop van Phiatirea, Diaken Papila (Paphylus), Agathodoros en Agathonika (de zuster van Papila), leden in de tijd van de Christenvervolging onder de keizer Decius in de 3e Eeuw. Toen Karpos en Papila de heidense feesten niet vierden, gaf de gouverneur orders hen te arresteren. Ze werden vastgebonden en in ijzeren ketenen door de stad geleid. Toen werden ze aan paarden vastgebonden en naar de nabijgelegen stad Sardis gesleept. Agathodoros en Agathonika volgden vrijwillig na Karpos en Papila. In Sardis werd Agathonika gewurgd. Karpos, Papila en Agathodoros werden onthoofd. Tijdens zijn leven was Saint Papila bekend om zijn gave zieken te behandelen. Ook na zijn martelaarsdood geeft hij genezing aan iedereen die zijn toevlucht tot hem zoekt.

The Holy Martyrs Karpos, Bishop of Phiatirea, Deacon Papila (Paphylus), Agathodoros and Agathonika (the sister of Papila), suffered during a time of persecution against Christians under the emperor Decius in the 3rd Century. When Karpos and Papila did not celebrate the pagan feasts, the governor gave orders to arrest them. They were bound and led through the city in iron chains. Then they were tied to horses and dragged to the nearby city of Sardis. Agathodoros and Agathonika voluntarily followed after Karpos and Papila. In Sardis Agathonika was choked to death with ox sinews. Karpos, Papila and Agathodoros were beheaded. During life Saint Papila was known for his gift of treating the sick. Also after his martyr's death he gives healing to all who have recourse to him.

13 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

DJKM

 

Ý

Karpos (Carpus)

 

Synaxis van de 70 apostelen

Sunaksi ton 70 Apostolon

Carpus was één van de 70 Discipelen en Apostelen van Christus waren door Hem gekozen ter aanvulling op de Twaalf en heengezonden voor de prediking. Zij begeleidden en assisteerden de Heilige Twaalf Apostelen, die in verschillende landen de Gospel van Christus preekten. In de loop van de tijd werden anderen aan hun aantal toegevoegd door de Heilige Apostelen en hun aantal werd uiteindelijk groter dan zeventig. Niettemin werd altijd naar hen verwezen als “van de Zeventig”:

Carpus was one of the 70 Disciples and Apostles of Christ were chosen by Him in addition to the Twelve and sent forth unto the work of preaching. They accompanied and assisted the Holy Twelve Apostles, who were preaching the Gospel of Christ in various lands. With the passage of time others were added to their number by the Holy Apostles and their number eventually exceeded seventy. Nonetheless they were all referred to as "of the Seventy":

04 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Kassianos

(Cassianus, Johannes Cassianus, Johannes van Massilia)

en Germanus (Hermanus) van Dacia Pontica (Dobrogea)

Sint Johannes Cassianus werd geboren rond het jaar 350. Volgens sommigen kwam hij uit Rome, volgens anderen kwam hij uit Dacia Pontica (Dobrogea in het hedendaagse Roemenië). Sint Johannes Cassianus was een geleerd man die dienst had gedaan in het leger. Later werd hij monnik in Bethlehem met zijn vriend en mede-asceet Germanus van Dacia Pontica (Dobrogea). Ze gingen naar Egypte rond het jaar 390 om de beroemde monniken van Scete te ontmoeten. In het jaar 403 gingen ze naar Constantinopel. Daar werd Johannes Cassianus tot diaken benoemd. In Rome werd Sint Cassianus tot priester gewijd. Hij ging naar Marseille en stichtte daar het beroemde klooster van Sint Victor. Hij overleed in vrede rond het jaar 433 of 435. Zijn hoofd en rechterhand verblijven in de belangrijkste kerk. Het is onbekend waar Sint Germanus overleed. Hij werd verheerlijkt door de Orthodoxe Kerk van Roemenië in 1992. Het is niet zeker of Sint Germanus ook wordt herdacht in de Grieks Orthodoxe Kerk. Ik vond op geen enkele Grieks Orthodoxe kalender een aantekening, maar één Griekse website merkt in de biographie van Johannes Cassianus op, dat Sint Germanus ook vandaag wordt herdacht.

Saint John Cassian was born about the year 350. According to some he was from Rome, according to others he was from Dacia Pontica (Dobrogea in present-day Romania). Saint John Cassian was a learned man who had served in the military. Later he became a monk in Bethlehem with his friend and fellow-ascetic Germanus of Dacia Pontica (Dobrogea). They went to Egypt about the year 390 to meet the famous monks of Scete. In the year 403 they went to Constantinople. There John Cassian was ordained deacon. In Rome Saint Cassian was ordained priest. He went to Marseilles and established the famous monastery of Saint Victor. He reposed in peace about the year 433 or 435. His head and right hand are in the main church. It is not known where Saint Germanus reposed. He was glorified by the Orthodox Church of Romania in 1992. It is not certain if Saint Germanus is also commemorated in the Greek Orthodox Church. I found no notation on any Greek Orthodox calendar, but one Greek website mentions in the biography of John Cassian that Saint Germanus is also commemorated today.

29 FEBRUARI

    ΦΕΒΡΟΥΑΡΙΟΣ

In schrikkeljaren:

If it is not a leap year:

28 FEBRUARI

    ΦΕΒΡΟΥΑΡΙΟΣ

DM

 

Ý

Kastor (Castor),

Tiburtius, Claudius en Castulus, Tranquillinus en zijn zonen Markus en Marcellinus, Nicostratus en zijn vrouw Zoe,  Metgezellen van Sebastianus,  de Martelaar

Sint Sebastianus kwam uit de stad Milaan. Hij was een lid van de Senaat, en had velen tot het Christelijke geloof bekeerd. Toen Diocletianus en Maximianus een Vervolging begonnen tegen de Christenen, werd Sint Sebastianus gearresteerd. Hij werd doorboord met scherpe pijlen, en de beenderen van zijn lichaam werden verbrijzeld met stokken. Nadat hij in stukken was gesneden, stierf hij in het jaar 288. Zijn metgezellen, die samen met hem stierven, waren: Marcellinus en Markus de broers, Tranquillinus hun vader, Nicostratus en zijn vrouw Zoë, Tiburtius, Claudius, Castulus en Castor.

Saint Sebastian was from the city of Milan. He was a member of the Senate, and had converted many to the Christian faith. When Diocletian and Maximian began a Persecution against the Christians, Saint Sebastian was arrested. He was pierced with sharp arrows, and the bones of his body were shattered with clubs. When he was being cut into pieces, he died in the year 288. His companions, who died together with him, were: Marcellinus and Mark the brethren, Tranquillinus their father, Nicostratus and his spouse Zoe, Tiburtius, Claudius, Castulus, and Castor.

18 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

D

 

Ý

Kastoulos (Castulus),

Castor, Tiburtius en Claudius, Tranquillinus en zijn zonen Markus en Marcellinus, Nicostratus en zijn vrouw Zoe,  Metgezellen van Sebastianus, de Martelaar

Sint Sebastianus kwam uit de stad Milaan. Hij was een lid van de Senaat, en had velen tot het Christelijke geloof bekeerd. Toen Diocletianus en Maximianus een Vervolging begonnen tegen de Christenen, werd Sint Sebastianus gearresteerd. Hij werd doorboord met scherpe pijlen, en de beenderen van zijn lichaam werden verbrijzeld met stokken. Nadat hij in stukken was gesneden, stierf hij in het jaar 288. Zijn metgezellen, die samen met hem stierven, waren: Marcellinus en Markus de broers, Tranquillinus hun vader, Nicostratus en zijn vrouw Zoë, Tiburtius, Claudius, Castulus en Castor.

Saint Sebastian was from the city of Milan. He was a member of the Senate, and had converted many to the Christian faith. When Diocletian and Maximian began a Persecution against the Christians, Saint Sebastian was arrested. He was pierced with sharp arrows, and the bones of his body were shattered with clubs. When he was being cut into pieces, he died in the year 288. His companions, who died together with him, were: Marcellinus and Mark the brethren, Tranquillinus their father, Nicostratus and his spouse Zoe, Tiburtius, Claudius, Castulus, and Castor.

18 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

D

 

Ý

Kastrichios (Castrichius),

Amonitus, Anicletus, Athanasius, Barachius, Callimachus, Callinicus, Claudianus, Diodotus, Dorotheus, Ducitius, Epiphanius, Eugenius, Eutychius, Gigantius, Hesychius, Hilarion, Longinus, Mamas, Maximianus, Nicander, Nikon, Ostrychius, Themelius, Theodochus, Theodorus, Theodotus, Theodoulus, Theogenes, Theophilus, Valerius en Xanthius, de 32 Metgezellen van Hieron, samen de 33 Martelaren van Melitene in Armenië

Sint Hieron kwam uit Tyana in Cappadocië. Hij was een erg sterke en edele landbewerker. Hij was bezig te graven in zijn veld, toen soldaten kwamen om hem te ronselen voor het leger. Maar Hieron, zelf een Christen, weigerde keizers te dienen, die Christenen vervolgden. Met zijn houten gereedschap joeg hij de gewapende soldaten weg, die in angst vluchtten vanwege zijn kracht. Later echter ging hij uit eigen vrije wil en bekende tegenover de gouverneur een Christen te zijn. Ze hakten zijn rechterhand af en hij werd gevangengezet met 32 anderen, omdat ze hadden geweigerd aan de afgoden te offeren. Samen werden ze allen onthoofd buiten de stad Melitene in Armenië, in het jaar 290. De andere 32 martelaren waren: Amonitus, Anicletus, Athanasius, Barachius, Callimachus, Callinicus, Castrichius, Claudianus, Diodotus, Dorotheus, Ducitius, Epiphanius, Eugenius, Eutychius, Gigantius, Hesychius, Hilarion, Longinus, Mamas, Maximianus, Nicander, Nikon, Ostrychius, Themelius, Theodochus, Theodorus, Theodotus, Theodoulus, Theogenes, Theophilus, Valerius en Xanthius.

Saint Hieron was from Tyana in Cappadocia. He was a very strong and noble husbandman. He was busy digging in his field, when soldiers came to press him into military service. But Hieron, a Christian himself, refused to serve emperors who persecuted Christians. He drove away with his wooden tool the armed soldiers, who fled in fear because of his strength. Later, however, he went of his own free will, and confessed to be a Christian before the governor. They cut off his right hand, and he was imprisoned with thirty-two others, because they had refused to sacrifice to the idols. Together they were all beheaded outside the city of Melitene in Armenia, in the year 290. The other 32 martyrs were: Amonitus, Anicletus, Athanasius, Barachius, Callimachus, Callinicus, Castrichius, Claudian, Diodotus, Dorotheus, Ducitius, Epiphanius, Eugene, Eutychius, Gigantius, Hesychius, Hilarion, Longinus, Mamas, Maximian, Nicander, Nikon, Ostrychius, Themelius, Theodochus, Theodore, Theodotus, Theodoulus, Theogenes, Theophilus, Valerius and Xanthius.

07 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

 

 

Ý

Katherine (Catharina)

Groot-Martelares

Sint Catharina was van Alexandrie, dochter van Constas (of Cestus). Ze was een buitengewoon mooie maagd, zeer bevallig en befaamd om haar rijkdom, gedrag en intelligentie. Door haar standvastige schranderheid overwon ze de hartstochtelijke ziel van Maximinus (de tiran van Alexandrie), en met haar welsprekendheid deed ze de filosofen verstommen. In 305 stierf ze de marteldood. Haar heilige relieken werden vele jaren later op de Heilige Berg Sinai gevonden.

Oorspronkelijk werden de heiligen Catharina en Mercurius herdacht op 24 november, en de Hiero-Martelaren Clementinus van Rome en Petrus van Alexandrie op 25 november. Op verzoek van de Kerk en het Klooster van de Berg Sinai werden deze data omgewisseld, zodat het festival van St. Catharina, hun patrones, meer feestelijk gevierd kon worden samen met de Apodosis van de Entree van de Theotokos. De Slavische kerken herdenken deze heiligen echter op de oorsponkelijke data.

Saint Catharina was from Alexandria, daughter of Constas (or Cestus). She was a very beautiful virgin, very chaste and illustrious in wealth, lineage, and learning. By her steadfast understanding she vanquished the passionate soul of Maximinus (the tyrant of Alexandria), and by her eloquence she stopped the mouths of the philosophers. In 305 she died as a martyr. Many years later her holy relics were found on the Holy Mountain of Sinai.

According to the ancient usage, Saints Catherine and Mercurius were celebrated on the 24th of november, whereas the holy Hieromartyrs Clement of Rome and Peter of Alexandria were celebrated on the 25th. The dates were interchanged at the request of the Church and Monastery of Mount Sinai, so that the festival of Saint Catherine, their patron, might be celebrated more festively together with the Apodosis of the Feast of the Entry of the Theotokos. The Slavic Churches, however, commemorate these Saints on their original dates.

Griekse kalender:

Greek calendar:

25 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

Slavische kalender:

Slavic calendar:

24 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

ABCD

FHIJ

M

 

Ý

Kelsios (Celsius),

Nazarius, Gervasius en Protasius,

Martelaren van Milaan

De Martelaren Nazarius, Gervasius, Protasius en Celsius van Milaan leden tijdens het regime van keizer Nero (54-68). Sint Nazarius was de zoon van de Christin Perpetua en de Jood Afrikanus. Hij werd in Rome geboren en werd gedoopt door Bisschop Linus. Hij verliet Rome en kwam aan in Mediolanum (Milaan). Daar ontmoette hij de tweeling Protasius en Gervasius toen hij Christenen bezocht in de Mediolanum gevangenis. Toen de heerser hoorde, dat hij de gevangenen bezocht, werd Sint Nazarius met staven geslagen en uit de stad verdreven. Hij ging naar Gaul (modern Frankrijk), waar hij het Christendom preekte en vele heidenen bekeerde. In de stad Kimel doopte en adopteerd hij Celsius, die hij in vroomheid opvoedde. Celsius werd zijn medewerker in zijn missionariswerk. Nazarius en Celsius gingen naar Milaan en bezochten Gervasius en Protasius in de gevangenis. Hierom werden ze voor Nero gebracht, die opdracht gaf om Nazarius en Celsius te onthoofden. Kort daarna werden de broers Gervasius en Protasius ook geëxecuteerd. De relieken van de 4 martelaren werden gestolen. Ze werden vele jaren later teruggevonden en overgebracht naar de kathedraal van Milaan.

The Martyrs Nazarius, Gervasius, Protasius and Celsius of Milan suffered during the reign of the emperor Nero (54-68). Saint Nazarius was the son of the Christian Perpetua and the Jew Africanus. He was born at Rome and was baptized by Bishop Linus. He left Rome and arrived in Mediolanum (Milan). There he met the twins Protasius and Gervasius, when he was visiting Christians in the Mediolanum prison. When the ruler heard that he was visiting the prisoners, Saint Nazarius was beaten with rods, and driven from the city. He went to Gaul (modern France), where he preached Christianity and converted many pagans. In the city of Kimel he baptized and adopted Celsius, whom he raised in piety. Celsius became his coworker in his missionary labors. Nazarius and Celsius went to Milan and visited Gervasius and Protasius in prison. For this, they were brought before Nero, who ordered that Nazarius and Celsius to be beheaded. Soon after, the brothers Gervasius and Protasius were also executed. The relics of all four martyrs were stolen. They were found back many years later, and transferred to the Milan cathedral.

14 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

DJ

 

Ý

Kensourinos (Censorinus),

20 soldaten en gevangenisbewaarders met hem, de Hiero-Martelaar Hippolytus (Ippolytos), priester van de Kerk van Rome, Sabinos (of Sabaïnos), Chrysa (of Aura, Avra) de maagd en haar 20 metgezellen: Amandinus, Archelaus de Diaken, Ares, Commodus (Komodos), Cyprus (Kypros), Cyriacus (of Quirinus) (Kyriakos of Kyrinos) de bisschop, Eusebius, Felix (Felikos), Herculianus (of Herculinus) (Erkoulios of Erkoulinos), Hermes (Ermis), Maurus (Mavros), Maximus, Maximus de presbyter, Mennas (Minas), Monagrius, Olympius (of Olympinos), Rusticus (Roustikos), Stiracius (Styrakios), Theodorus de Tribuun en Venerius (Benerios), martelaren.

Sint Hippolytus wordt genoemd als een paus of een bisschop van Rome. Eén website noemt hem als een antipope. Hij was een discipel van Sint Irenaeus, bisschop van Lugdunum (Lyons in Frankrijk) en een christelijke theoloog, die vele verhandelingen en commentaren op de Bijbelse Boeken schreef. Hij was één van de laatste Westerse Vaders, die in het Grieks schreef. Toen Sint Hippolytus hoorde over het lijden van deze martelaren, verscheen hij voor de gouverneur en protesteerde tegen hun onmenselijkheid. De woedende gouverneur veroordeelde hem tot martelingen. Na lange kwellingen bonden ze zijn handen en voeten en gooiden hem in zee. Zijn relieken werden naar de kerk van de Martelaren Laurentius en Paus Damasus in Rome overgebracht..

Sint Censorinus was een hooggeplaatste magistraat. Hij werd gearresteerd en in de gevangenis gegooid omdat hij christen was. Toen hij een dode man tot leven wekte, bekeerden twintig soldaten en gevangenisbewaarders zich tot het christendom. Zij werden samen met Sint Censorinus onthoofd.

Toen werd de maagd Chryse, die uit een aristocratische familie kwam, ondervraagd. Zij bekende een christin te zijn en werd gemarteld. Eerst openden ze haar zijden en verbrandden haar wonden met brandende kaarsen. Na vele verschrikkelijke kwellingen bonden ze een grote steen om haar nek en verdronken haar in zee. Samen met Sint Chryse stierven de martelaren Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore de tribuun, Maximus de presbyter, Archelaus de diaken en Cyriacus de bisschop.

Met zware stenen rond zijn nek gebonden werd Sint Sabinus aan een boom opgehangen. De heidenen verbrandden zijn zijden met toortsen tot hij stierf.

Al deze Romeinse martelaren stierven in het jaar 269 AD. Met name het martelaarschap van Sint Chrysa wordt gerapporteerd.

Saint Hippolytus is mentioned as a pope or a bishop of Rome. One website mentions him as an antipope. He was a disciple of St Irenaeus, bishop of Lugdunum (Lyons in France) and a christian theologian who wrote many treatises and commentories on the Biblical Books. He was one of the last Western Fathers to write in Greek. When Saint Hippolytus he learned of the suffering of these martyrs, he appeared before the governor and protested against their inhumanity. The enraged governor sentenced him to be tortured. After long torments, they tied his hand and feet and threw him into the sea. His relics were put in the church of the martyrs Laurence and Pope Damasus in Rome.

St Censorinus was a high-ranking magistrate. He was arrested and thrown into prison being a christian. When he raised up a dead man, twenty soldiers and prison guards were converted to christianity. They were beheaded with St Censorinus.

Then the virgin Chryse, who was from an aristocratic family, was brought for interrogation. She confessed being a christian and was tortured. At first they opened her sides and they burned her wounds with burning candles. After many other horrible torments, they tied a big rock around her neck and drowned her in the sea. With Saint Chryse suffered the martyrs Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore the Tribune, Maximus the Presbyter, Archelaus the Deacon, and Cyriacus the Bishop.

With heavy rocks tied around his neck, Saint Sabinus was hung on a tree. The idolaters burned his sides with torches untill he died.

All these Roman martyrs suffered in the year 269 AD. Especially the martyrdom of Saint Chrysa is reported.

30 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

 

 

Ý

Kerkyra (Cercyra)

Euphrasius, Faustianus, Jakishol (Jakischolus of Inischolus), Januarius, Mamminus (Mammius, Mammonius), Marsalus (Massalus, Marsalius) en Sagornius (of Saturninus), Martelaren van Corfu en Metgezellen van Jason (Iason) en Sosipatrus, Apostelen van de 70

Jason en Sosipater, Discipelen van Paulus, waren van de 70 Apostelen. Cercyra was de dochter van de koning van het eiland Corfu. Jason was geboren in Tarsus in Cilicië en werd daar Bisschop. Sosipater, die Bisschop van Iconium werd, was geboren in Patras in Achaea. Tijdens hun reizen, de Gospel prekend, kwamen Jason en Sosipater aan op het eiland Corfu. Daar bouwden ze een kerk en bekeerden heidenen. Hierom liet de koning van het eiland hen in de gevangenis werpen. Daar bekeerden ze zeven dieven, die ook gevangen zaten, tot het Christelijke geloof. De namen van de dieven waren: Sagornius, Jakishol, Faustian, Januarius, Marsalus, Euphrasius en Mamminus. Hierom beval de koning, dat de zeven bekeerde dieven in kokende pek moesten worden gedood. De maagd Cercyra, de dochter van de koning, bekeek uit haar raam hoe haar vader de apostelen martelde. Dit ziend, verklaarde ze zichzelf een Christen en verdeelde al haar juwelen onder de armen. De koning, woedend, zette zijn dochter in een speciale gevangenis. Toen ze weigerde afstand te doen van haar Christelijke geloof, liet de koning de gevangenis platbranden, maar Cercyra bleef in leven. Veel mensen die dit wonder zagen, werden gedoopt. Toen liet de koning zijn dochter aan een boom binden en  met pijlen doodschieten. Veel Christenen vluchtten naar het dichtsbijzijnde eiland om zich te verstoppen voor de vreselijke koning. Toen de koning hen per boot achtervolgde, zond de boot en de koning stierf. Jason en Sosipater preekten vrijelijk de Gospel in Corfu tot ze op hoge leeftijd stierven. Jason en Sosipater worden ook herdacht op 4 januari (Synaxis van de 70 Apostelen/Discipelen).

Jason and Sosipater, Disciples of Paul, were of the Seventy Apostles. Cercyra was the daughter of the king from the island of Corfu. Jason was born in Tarsus in Cilicia and became Bishop there. Sosipater, who became Bishop of Iconium, was born in Patras in Achaea. During their travels, preaching the Gospel, Jason and Sosipater arrived on the island of Corfu. There they built a church and converted heathens. Because of this, the king of the island threw them into prison. There they converted seven thieves, who were als imprisoned, to the Christian faith. The names of the thieves were: Sagornius, Jakishol, Faustian, Januarius, Marsalus, Euphrasius and Mamminus. For this the king ordered the seven converted thieves to be put to death in boiling pitch. The virgin Cercyra, the daughter of the king, watched from the window how her father was torturing the apostles. Seeing this, she declared herself a Christian and distributed all of her jewels to the poor. The king, enraged, put his daughter in a special prison. When she refused to renounce her Christian faith, the king had the prison burned, but Cercyra remained alive. Many people who saw this miracle, were baptized. Then the king had his daughter tied to a tree and slain by arrows. Many Christians fled to the nearest island to hide themselves from the terrible king. When the king pursued them by boat, the boat sank and the king died. Jason and Sosipater freely preached the Gospel in Corfu until they died at old age. Jason and Sosipater are also commemorated on the 4th of january (Synaxis of the 70 Apostles/Disciples).

Griekse kalender:

Greek calendar:

29 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

Slavische kalender:

Slavic calendar:

28 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

DM

 

Ý

Kerstmis (Christos)
Gennesis Iesou Christou

Kerstmis, Geboorte van Christus

Christmas, Nativity of Christ

Eerste Kerstdag.

Geboorte van Jezus Christus.

De dag dat de geboorte van Jezus Christus in Bethlehem, en stad in Judea, wordt gevierd. Niet zo belangrijk als Pasen in Griekse ogen, en evenmin zo commerciëel als in vele landen – eerder een dag voor kerkelijke bezoeken en vieringen in huiselijke kring.

First Christmasday.

Nativity of Jesus Christ.

the day that the birth of Jesus Christ in Bethlehem, a city of Judea, is celebrated. Not as important as Easter in Greek eyes, nor as commercial as in many countries – more a day for church services and private celebrations.

25 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

 

 

Ý

Khusdazades

(Usphazanes, Usthazanes)

de Eunuch

en Abdaiklas (Abdelchalas, Habdelai), Ananias, Phusikos (Pusei), diens dochter Askritea, Azates, Pherbutha (Tarbula), de zus van Simeon, en ca 1.250 anderen, waaronder 100 bisschoppen, priesters en diakenen, Martelaars en metgezellen van Simeon, Aartsbisschop van Seleucia

Sint Simeon was Aartsbisschop van Seleucia-Ctesiphon in Perzië, tijdens het regime van Koning Sapor. Hij stierf als martelaar op Goede Vrijdag in het jaar 341 of 344, vergezeld door zijn twee presbyters Abdaiklas en Ananius, de keizer’s eunuch Ustazan, de keizerlijke hofbediende Phusikos en diens dochter Askritea en nog 1.000 andere martelaren. In de dagen darana werden nog eens 100 of 150 martelaren afgeslacht, waaronder Azates de Eunuch, een naaste medewerker van de keizer, en Pherbutha (Tarbula), de zus van Simeon. De meeste martelaren werden onthoofd, sommigen doormidden gezaagd.

Saint Simeon was Archbishop of Seleucia-Ctesiphon in Persia, in the time of King Sapor. He suffered martyrdom on Great Friday in the year 341 or 344, accompanied by his two presbyters Abdaiklas and Ananius, the emperor’s eunuch Ustazan, the emperor's court clerk Phusikos and his daughter Askritea and another 1.000 martyrs. In the days after another 100 or 150 more martyrs were slained, amongst others Azates the Eunuch, a close official to the emperor, and Pherbutha (Tarbula), the sister of Simeon. Most of the martyrs were beheaded, some sawn in half.

17 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

J

 

Ý

Kikilia (Cecilia),

Valerian en Tiburtius, Martelaren

Sint Cecilia kwam uit een vermaarde Romeinse familie. Toen ze getrouwd was met Valerianus, bekeerde ze hem tot het christendom. Valerianus op zijn beurt bekeerde zijn broer Tiburtius. Ze stierven als martelaren tijdens het regime van Diocletianus in het jaar 288.

Saint Cecilia was of an illustrious Roman family. When she was betrothed to Valerian, she converted him to christianity. Valerian in turn converted his brother Tiburtius. They died as martyrs during the reign of Diocletian in the year 288.

22 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

DJM

 

Ý

Kiprianos (Cyprianus)

Hiero-Martelaar

en Justina de Maagd-Martelares

Sint Justina kwam uit Damascus en was christen. Sint Cyprianus uit Antiochië was magie-ingewijde en demonen-aanbidder. Een jongeman huurde Sint Cyprianus in om met magie Sint Justina’s liefde te winnen. Toen Cyprianus op alle fronten faalde, raakte hij overtuigd van het christelijke geloof. Hij liet zich dopen en besteeg later de episcopale troon in zijn land. Nadat hij en Sint Justina gearresteerd werden door de Graaf van Damascus, werden ze na vele folteringen aan de handen uiteindelijk naar Diocletianus in Nicomedia gestuurd. Daar werden ze onthoofd in het jaar 304.

Saint Justina was from Damascus and was a christian. Saint Cyprian from Antioch was an initiate of magic and a worshipper of demons. A young man hired Saint Cyprian to win the love of Saint Justina by magic. When Cyprian failed completely, he got convinced of the christian faith. He was baptized and later ascended the episcopal throne in his country. After he and Saint Justina were arrested by the Count of Damascus, after many torments at the hands finally they were sent to Diocletian in Nicomedia. There they were beheaded in the year 304.

02 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

DFHI

JKM

 

Ý

Kiprianos (Cyprianus),

Crescens, Anektos, Paulus en Dionysios, Metgezellen van Quadratus (Codratus) van Korinthië

Tijdens de vervolging van Christenen vluchtte de moeder van Codratus naar de bergen en in de grotten. Ze was toen zwanger en beviel van Codratus in het bos. Kort daarna stierf ze. Codratus groeide op in de natuur en in eenzaamheid en werd verzorgd, gevoed en geleid door God. Op twaalfjarige leeftijd kwam hij naar de stad en daar gaven mensen hem een opleiding. Hij studeerde medicijnen en genas de zieken. Toen zich weer nieuwe vervolgingen voordeden werd Codratus voor het gerecht gebracht en in de gevangenis geworpen. Vijf metgezellen sloten zich bij hem aan vanwege hun Christen zijjn: Cyprian, Dionysius, Anectus, Paulus en Crescens. Ze werden allen door de straten gesleept, met staven geslagen en gestenigd tot ze uiteindelijk naar het schavot gesleept werden. Daar werden de martelaren onthoofd. Op deze plek spoot een waterbron uit de grond die zelfs vandaag nog Codratus wordt genoemd. Dit gebeurde in Korinthie tijdens het regime van Keizer Valerianus (253-260) of in het jaar 250 A.D. tijdens het regime van Keizer Decius en zijn gouverneur Jason.

During the time of the persecution of Christians the mother of Codratus fled to the mountains and into the caves. She was pregnant at the time and gave birth to Codratus in the forest. She died shortly thereafter. Codratus grew up in nature and in solitude and was cared for by, fed by and guided by God. In the age of twelve he entered into town and there some people provided him with an education. He studied medicine and healed the sick. When a new persecution arose again Codratus was brought to trial and cast into prison. Five companions joined him for being Christians: Cyprian, Dionysius, Anectus, Paul and Crescens. They were all dragged through the streets, beaten with rods and stoned until they were eventually dragged to the scaffold. There the martyrs were beheaded. On this spot a source of water gushed out of the ground which is still called Codratus even today. This happened in Corinth during the reign of Emperor Valerian (253-260) or in the year 250 A.D. during the reign of Emperor Decius and his governor Jason.

10 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DJK

 

Ý

Kiriaki (Cyriaca)
Groot-Martelares

Sint Kyriake was de dochter van christelijke ouders, Dorotheus en Eusebia. Ze kreeg deze naam, omdat ze geboren was op Zondag, de dag van de Heer (in het Grieks “Kyriake”). Ze streed in Nicomedia tijdens het regime van Diocletianus in het jaar 300. Na vele bittere folteringen werd ze veroordeeld tot onthoofding, maar ze kreeg toestemming om van tevoren te bidden. Na haar gebed stierf ze in vrede.

Saint Kyriake was the daughter of Christian parents, Dorotheus and Eusebia. She was given her name because she was born on Sunday, the day of the Lord (in Greek “Kyriake”). She contested in Nicomedia during the reign of Diocletian, in the year 300. After many bitter torments she was condemned to suffer beheading, but she was granted to pray first. After het prayer she died in peace.

07 JULI

      ΙΟΥΛΙΟΣ

ABDF

HIJK

 

Ý

Kiriaki (Cyriaca),

Anatola, Phota, Photis (Photida), Parasceva (Paraskevi), Cyriaca (Kiriaki, Kyriaki), de vijf zusters (of dochters) van Photine de Samaritaanse, Photinus (voorheen Victor) en Joses (Josiah, Joseph), de twee zonen van Photine de Samaritaanse, Nero’s dochter Anthusa (voorheen Domnina) en haar hoofd dienstmeisje Stephanida, en de martelaren Victor, Sebastianus de Hertog, Christodulus en Theoclitus (voorheen Lampadios), metgezellen van Photine de Samaritaanse van Sychar (Fotini, Swetlana, La Samaritana), “vrouw aan de bron”, Gelijke-van-de-Apostelen, Groot-Martelares

Photine van Sychar, Gelijke-van-de-Apostelen en Evangelist, of de “vrouw aan de bron”, was de Samaritaanse vrouw die Christus ontmoette aan de Bron van Jacob bij Sychar (St. Johannes 4:4-31). Christus gaf haar de naam Photine, haar vroegere naam is onbekend. Na deze ontmoeting was Photina de eerste om de Gospel te preken. Ze bekeerde haar zoons en zusters (op sommige websites genoemd als haar dochters). Volgens sommige websites zijn Victor en Photinus dezelfde persoon (zoon van Photini), volgens anderen zijn ze twee verschillende personen. Sommige websites noemen slechts vier zusters, anderen vijf. De andere martelaren worden soms genoemd, soms niet, en soms slechts een paar van hen. Haar zoon Victor werd Photinos genoemd na zijn doop. Photine en haar familie gingen naar Carthaga in Afrika om de Gospel te preken. Ze werden gearresteerd en naar Rome gebracht gedurende het regime van Keizer Nero en werden in de gevangenis gegooid. Domnina, de dochter van Nero, kwam in contact met St. Photina en werd door haar tot het Christelijke geloof bekeerd. Domnina werd Anthusa genoemd na haar doop en de naam van haar hoofd dienstmeisje werd veranderd in Stephanida. De chemicus Lampadios, die orders had de heiligen te vergiftigen, werd ook bekeerd en gedoopt. Zijn naam werd veranderd in Theoclitos. Na gevangenschap stierven ze allen de martelaarsdood. Photina werd in een bron gegooid waar ze stierf (66 na Chr.).

Er zijn veel details gevonden over de martelingen en de dood van de martelaars, behalve van Anthusa (Domnina) en haar dienstmeisjes, waaronder Stephanida. Misschien is er een verband met Sint Anthusa en haar 12 dienstmeisjes, die worden herdacht op 22 februari (>>>zie Anthusa 22 februari).

Photine en haar metgezellen worden in Griekenland herdacht op 26 februari (Griekse belangrijkste feest) en 20 maart (Slavische belangrijkste feest). In de Russisch Orthodoxe Kerk wordt Photine vereerd als Swetlana (Oekraïne: Svetlana) en in Mexico als La Samaritana.

Photine of Sychar, Equal-to-the-Apostles and Evangelist, or the “woman at the well”, was the Samaritan woman who encountered Christ at the Well of Jacob near Sychar (St. John 4:4-31). Christ gave her the name Photine, her former name is not known. After this encountering Photina was the first to preach the Gospel. She converted her sons and sisters (on some websites mentioned as her daughters). According to some websites Victor and Photinus are the same person (son of Photini), according to others they are two different persons. Some websites mention only four sisters, others five. The other martyrs sometimes are mentioned, sometimes not, and sometimes only een few of them. Her son Victor was called Photinos after his baptism. Photine and her family went to Carthage in Africa to preach the Gospel. There they were arrested and taken to Rome during the reign of Emperor Nero and were thrown into prison. Domnina, the daughter of Nero, came into contact with St. Photina and was converted to the Christian faith by her. Domnina was called Anthusa after her baptism and her head servant’s name was changed to Stephanida. The chemist Lampadios, who had orders to poison the saints, was also concerted and baptized. His name changed into Theoclitos. After imprisonment they all suffered martyrdom. Photina was thrown into a well where she died (66).

Many details were found about the torturing and the death of the martyrs, except for Anthusa (Domnina) and her servants, amongst which Stephanida. Perhaps there is a link with Saint Anthusa and her 12 servants, who are commemorated on february  22 (>>>see Anthusa February 22).

Photine and her companions are commemorated in Greece on February 26 (Greek principal feast) and March 20 (Slavic principal feast). In the Russian Orthodox Church Photine is venerated as Swetlana (Ukraina: Svetlana) and in Mexico as La Samaritana.

26 FEBRUARI

    ΦΕΒΡΟΥΑΡΙΟΣ

D

 

Ý

 

 

Kiriaki (Cyriaca),

Anatola, Phota, Photis (Photida), Parasceva (Paraskevi), Cyriaca (Kiriaki, Kyriaki), de vijf zusters (of dochters) van Photine de Samaritaanse, Photinus (voorheen Victor) en Joses (Josiah, Joseph), de twee zonen van Photine de Samaritaanse, Nero’s dochter Anthusa (voorheen Domnina) en haar hoofd dienstmeisje Stephanida, en de martelaren Victor, Sebastianus de Hertog, Christodulus en Theoclitus (voorheen Lampadios), metgezellen van Photine de Samaritaanse van Sychar (Fotini, Swetlana, La Samaritana), “vrouw aan de bron”, Gelijke-van-de-Apostelen, Groot-Martelares

>>>zie Kiriaki (Cyriaca) 26 februari

>>>see Kiriaki (Cyriaca) february 26

20 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

K

 

Ý

 

 

Kiriakos (Cyriacus)

de Anchoriet

 

 

29 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

ADFH

IJK

 

Ý

Kiriakos (Cyriacus) 

Aartsbisschop van Constanstinopel

 

 

27 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

D

 

Ý

Kirykos (Cyricus, Quiricus)

van Tarsus, Martelaar

en zijn moeder Julitta!

Sint Julitta kwam uit de stad Iconium. Ze was bang van Diocletianus, die de christenen vervolgde, nam haar drie jaar oude zoon Cyricus en vertrok naar Seleucië. Daar vond ze hetzelfde kwaad, dus trok zij verder naar Tarsus in Cilicië. In Cilicië werd ze gearresteerd. De heerser nam haar zoon van haar weg, maar het kind schopte hem in de buik. De tiran werd woedend en gooide hem van de trappen van de rechtbank. Het hoofd van het kind werd verbrijzeld en het kind stierf. Zijn moeder onderging vele martelingen. Uiteindelijk werd ze onthoofd in het jaar 296.

Saint Julitta was from the city of Iconium. She was afraid of Diocletian, who persecuted the christians, took her three year old son Cyricus and departed for Seleucia. There she found the same evil, so she went over to Tarsus in Cilicia. In Cilicia she was arrested. The ruler took her son from her, but the child kicked him in the belly. The tyrant became enraged and cast him down the steps of the tribunal. The child's head was crushed and he died. His mother endured many torments. Finally she was beheaded in the year 296.

15 JULI

      ΙΟΥΛΙΟΣ

DJK

 

Ý

Klaudia (Claudia),

Alexandria (Alexandra), Euphrasia, Julia, Matrona, Phaeina (Thaina, Phaine, Falina) en Tecusa (Thecusa), de 7 Heilige Maagden, en Theodotus van Ancyra

Sint Theodotus stierf als een martelaar tijdens het regime van Diocletianus (284-305). Zijn tante Tecusa en haar metgezellen, de maagden Alexandria, Claudia, Phaeina, Euphrasia, Matrona en Julia (één website noemt ook Theodota, maar deze naam wordt waarschijnlijk verward met Theodotus) werden gemarteld en verdronken omdat ze Christenen waren. Sint Theodotus haalde hun heilige relieken terug en begroef hen. Hierom werd hij opgepakt, gekweld en onthoofd. Hij stierf op 7 juni 303 of 304. Hij wordt herdacht op 18 mei, op de sterfdag van de Heilige Maagden.

Sint Theodotus wordt ook herdacht op 7 Juni (>>>zie Theodotus, 7 Juni).

Saint Theodotus died as a martyr during the reign of Diocletian (284-305). His aunt Tecusa and her companions, the virgins Alexandria, Claudia, Phaeina, Euphrasia, Matrona and Julia (one website also mentions Theodota, but this name is probably confused with Theodotus) were tortured and drowned for being Christians. Saint Theodotus recovered their holy relics and buried them. For this he was seized, tormented and beheaded. He died on the 7th of June 303 or 304. He is commemorated on the 18th of May, on the day of death of the Holy Virgins.

Saint Theodotus is also commemorated on June 7 (>>>see Theodotus, June 7).

18 MEI

     ΜΑΙΟΣ

D

 

Ý

Klaudianos (Claudianus),

Amonitus, Anicletus, Athanasius, Barachius, Callimachus, Callinicus, Castrichius, Diodotus, Dorotheus, Ducitius, Epiphanius, Eugenius, Eutychius, Gigantius, Hesychius, Hilarion, Longinus, Mamas, Maximianus, Nicander, Nikon, Ostrychius, Themelius, Theodochus, Theodorus, Theodotus, Theodoulus, Theogenes, Theophilus, Valerius en Xanthius, de 32 Metgezellen van Hieron, samen de 33 Martelaren van Melitene in Armenië

Sint Hieron kwam uit Tyana in Cappadocië. Hij was een erg sterke en edele landbewerker. Hij was bezig te graven in zijn veld, toen soldaten kwamen om hem te ronselen voor het leger. Maar Hieron, zelf een Christen, weigerde keizers te dienen, die Christenen vervolgden. Met zijn houten gereedschap joeg hij de gewapende soldaten weg, die in angst vluchtten vanwege zijn kracht. Later echter ging hij uit eigen vrije wil en bekende tegenover de gouverneur een Christen te zijn. Ze hakten zijn rechterhand af en hij werd gevangengezet met 32 anderen, omdat ze hadden geweigerd aan de afgoden te offeren. Samen werden ze allen onthoofd buiten de stad Melitene in Armenië, in het jaar 290. De andere 32 martelaren waren: Amonitus, Anicletus, Athanasius, Barachius, Callimachus, Callinicus, Castrichius, Claudianus, Diodotus, Dorotheus, Ducitius, Epiphanius, Eugenius, Eutychius, Gigantius, Hesychius, Hilarion, Longinus, Mamas, Maximianus, Nicander, Nikon, Ostrychius, Themelius, Theodochus, Theodorus, Theodotus, Theodoulus, Theogenes, Theophilus, Valerius en Xanthius.

Saint Hieron was from Tyana in Cappadocia. He was a very strong and noble husbandman. He was busy digging in his field, when soldiers came to press him into military service. But Hieron, a Christian himself, refused to serve emperors who persecuted Christians. He drove away with his wooden tool the armed soldiers, who fled in fear because of his strength. Later, however, he went of his own free will, and confessed to be a Christian before the governor. They cut off his right hand, and he was imprisoned with thirty-two others, because they had refused to sacrifice to the idols. Together they were all beheaded outside the city of Melitene in Armenia, in the year 290. The other 32 martyrs were: Amonitus, Anicletus, Athanasius, Barachius, Callimachus, Callinicus, Castrichius, Claudian, Diodotus, Dorotheus, Ducitius, Epiphanius, Eugene, Eutychius, Gigantius, Hesychius, Hilarion, Longinus, Mamas, Maximian, Nicander, Nikon, Ostrychius, Themelius, Theodochus, Theodore, Theodotus, Theodoulus, Theogenes, Theophilus, Valerius and Xanthius.

07 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

 

 

Ý

Klaudios (Claudius),

Diodorus, Victor, Victorinos, Pappius, Nicephorus en Serapion, Martelaren

Volgens sommigen stierven deze martelaren in Korinthië onder Decius in 251. Volgens anderen stierven ze in Diospolis in Egypte onder Numerianus in 284. De armen en benen van Sint Claudius werden afgerukt. De heiligen Diodorus en Serapion werden levend verbrand. De heiligen Nicephorus, Victor en Victorinus werden doodgedrukt door een grote kei en Sint Pappias werd in zee gegooid.

According to some these martyrs died in Corinth under Decius in 251. According to others they died in Diospolis in Egypt under Numerian in 284. The arms and legs of Saint Claudius were severed. The Saints Diodore and Serapion were burned alive. The Saints Nicephorus, Victor and Victorinus were crushed to death by a large boulder and Saint Pappias was cast into the sea.

05 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

DJ

 

Ý

Klaudios (Claudius),

Hypatius, Paulus en Dionysus, de Kinderen, Metgezellen van Lucillianus en Paula, Martelaren

Sint Lucillianus was een priester van de afgoden nabij Nicomedia. Toen hij op hoge leeftijd Christen werd, tijdens het regime van Aurelianus (270-275), werd hij voor Silvanus de Graaf gebracht. Toen hij weigerde zijn Christelijke geloof op te geven, werd zijn kaak gebroken, werd hij met staven geslagen, werd hij ondersteboven gehangen, en toen gevangen gezet met vier Christelijke kinderen, Claudius, Hypatius, Paulus en Dionysius. Ze werden allemaal weer voor Silvanus gebracht. Toen ze standvastig bleven in hun geloof werden ze in een felbrandende oven gegooid, maar ze bleven ongedeerd. Toen werden ze naar Byzantium gestuurd. De kinderen werden onthoofd en Lucillianus werd gekruisigd. De maagd Paula, ook een Christin, begroef hun heilige relieken. Hierom werd ze naakt uitgekleed en genadeloos gegeseld. Na vele kwellingen werd ze onthoofd  in het jaar 270.

Saint Lucillian was a priest of the idols near Nicomedia. When he became a Christian in his old age, during the reign of Aurelian (270-275), he was brought before Silvan the Count. When he refused to give up his Christian faith, his jaw was broken, he was beaten with rods, he was hanged upside down, and then imprisoned with four Christian children, Claudius, Hypatius, Paul, and Dionysius. All of them were brought before Silvan again. When they remained constant in their faith, they were cast into a raging furnace, but they remained unharmed. Then they were sent to Byzantium. The children were beheaded, and Lucillian was crucified. The virgin Paula, also a Christian, buried their holy relics. For this, she was stripped naked and mercilessly thrashed. After other torments, she was beheaded, in the year 270.

03 JUΝI

      ΙΟΥΝΙΟΣ

DJK

 

Ý

Klaudios (Claudius),

Castulus, Castor en Tiburtius, Tranquillinus en zijn zonen Markus en Marcellinus, Nicostratus en zijn vrouw Zoe,  Metgezellen van Sebastianus, de Martelaar

Sint Sebastianus kwam uit de stad Milaan. Hij was een lid van de Senaat, en had velen tot het Christelijke geloof bekeerd. Toen Diocletianus en Maximianus een Vervolging begonnen tegen de Christenen, werd Sint Sebastianus gearresteerd. Hij werd doorboord met scherpe pijlen, en de beenderen van zijn lichaam werden verbrijzeld met stokken. Nadat hij in stukken was gesneden, stierf hij in het jaar 288. Zijn metgezellen, die samen met hem stierven, waren: Marcellinus en Markus de broers, Tranquillinus hun vader, Nicostratus en zijn vrouw Zoë, Tiburtius, Claudius, Castulus en Castor.

Saint Sebastian was from the city of Milan. He was a member of the Senate, and had converted many to the Christian faith. When Diocletian and Maximian began a Persecution against the Christians, Saint Sebastian was arrested. He was pierced with sharp arrows, and the bones of his body were shattered with clubs. When he was being cut into pieces, he died in the year 288. His companions, who died together with him, were: Marcellinus and Mark the brethren, Tranquillinus their father, Nicostratus and his spouse Zoe, Tiburtius, Claudius, Castulus, and Castor.

18 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

D

 

Ý

Klaudios (Claudius) de Tribuun,

zijn vrouw Hilaria (Ilaria) en hun zonen Jason (Iason) en Maurus (Mavros), Chrysanthus en zijn vrouw Daria, Diodorus de presbyter en Marianus de diaken, martelaren

Deze heiligen leefden tijdens het regime van keizer Numerianus in 283 of 284. Sint Chrysanthos was de zoon van Pelemon, Senator van Alexandria. Toen hij zich liet dopen en het christendom preekte, liet zijn vader hem in de gevangenis werpen. Hij dwong hem met Sint Daria, een filosofe (of een priesteres van Minerva) uit Athene, te trouwen, in de hoop hem van zijn christelijke geloof af te brengen. In plaats hiervan liet Sint Daria zich ook dopen. Beiden wilden tot hun dood zuiver blijven en preekten preutsheid en puurheid. Hierom werden ze gefolterd door de tribuun Claudius. Toen deze zag dat de heiligen ongedeerd bleven, bekeerden hij en zijn vrouw Hilaria en hun zonen Jason en Maurus zich ook tot het christendom. Ook zij werden vanwege hun geloof gemarteld en uiteindelijk gedood. Chrysanthos en Daria werden in een modderige kuil gegooid en doodgetrapt (of levend begraven). In een grot vlakbij kwamen christenen samen om deze martelaren te herdenken. Toen dit uitkwam, werd de ingang van de grot afgesloten en de stierven de aanwezigen zelf ook als martelaren. Twee van hen waren de priester Diodorus en de diaken Marianus.

These saints lived during the reign of emperor Numerianus in 283 or 284. Saint Chrysanthos was the son of Pelemon, Senator of Alexandria. When he was baptised and preached christianity, his father put him in prison. He forced him to marry Saint Daria, a philosopher (or a priestess of Minerva) from Athens, with the hope that this would move him away from his christian faith. Instead of this, also Saint Daria was baptised. Both of them wanted to stay pure till their death en preached prudence and purity. For this they were tortured bu the tribune Claudius. When Claudius saw that the saints remained unharmed, he and his wife Hilaria and their sons Jason and Maurus were concerted to the christian faith. They also were tortured for this and finally killed. Chrysanthos and Daria were thrown in a muddy pit and trampled to death (or buried alive). In a cave nearby christians gathered to commemorate these martyrs. When this was discovered, the entrance of the cave was sealed and the people present died as martyrs themselves. Two of them weer the presbyter Diodorus and the deacon Marianus.

19 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

D

 

Ý

Klaudios (Claudius),

Acacius, Aesychius, Aetius, Aggia, Alexander, Athanasius, Candidus, Cirillus, Cudio, Cyrius, Domitian, Domninus, Ecdicius, Eunoicus, Eutychius, Eutychus (Aglaius), Flavius, Gaius, Gorgonius, Helianus, Heraclius, Ile, Johannes, Leontius (Theoctistus), Lisimachus, Melito, Nicallus, Philotemon, Priscus, Sacerdos, Severianus, Sisinnius, Smaragdus, Theodulus, Theophilus, Valens, Valerius, Vicratius (Vibianus), Xantius, de 40 Martelaren van Sebaste

De 40 Martelaren van Sebaste waren Christelijke soldaten in het Romeinse leger in het jaar 320 A.D. Toen de vervolging van de Christenen begon tijdens het regime van Licinius, werden de martelaren vastgebonden en in een meer gegooid. Een wacht werd neergezet om te voorkomen dat ze zouden ontsnappen. Er was een verschrikkelijke vorst en het meer bevroor rondom de lichamen van de martelaren. De folteraars verwarmden een bad aan de rand van het meer om de martelaren over te halen Christus te loochenen. Eén van hen kwam uit het water en klom in het bad. Toen verscheen er een buitengewoon licht uit de hemel, dat het water en de lichamen van de martelaren verwarmde, en 39 kronen daalden uit de hemel neer op hun hoofden. De wacht aan de oever zag dit, trok al zijn kleren uit en voegde zich bij de martelaren in het meer. Inderdaad daalde de laatste en 40e kroon op zijn hoofd neer. De volgende dag waren de martelaren nog steeds in leven, dus gaven de rechtes het bevel om hun onderbenen te breken en in het water te gooien, zodat Christenen ze niet meer terug konden vinden. Op de derde nacht dreef elk been dat gescheiden was van hun lichamen aan de oppervlakte en gloeide als een kaars. Bisschop Petrus verzamelde en begroef ze eervol.

The 40 Martyrs of Sebaste were Christian soldiers in the Roman army in the year 320 A.D. When the persecution of Christians began during the reign of Licinius, the martyrs were bound and tossed into the lake. A guard was stationed to prevent them from escaping. There was a terrible frost and the lake froze around the bodies of the martyrs. The torturers heated a bath by the side of the lake in sight of the frozen martyrs to persuade them to deny Christ. One of them came out of the water and entered the bath. Then an extraordinary light appeared from heaven which warmed the water in the lake and the bodies of the martyrs and thirty-nine wreaths descended from heaven over their heads. The guard on the shore saw this, removed all his clothes and entered the lake to join the martyrs. Indeed, the last and fourtieth wreath descended upon him. The next day the martyrs were still alive, so the judges ordered that the lower part of their legs be broken and their bodies thrown into the water so Christians could not recover them. On the third night every bone which was separated from their bodies floated to the top and glowed like a candle. Bishop Peter gathered and honorably buried them.

09 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DJKM

 

Ý

Klaudios (Claudius),  

Asterius (Astericus), Neon, Neonilla (of Theonilla) en Donuina (Domnina), martelaren van Aegae (Cilicia)

De Martelaren Claudius, Asterius en Neones waren broers. Volgens sommige websites was Neonilla hun zuster. Volgens anderen was ze een weduwe op leeftijd. De drie broers werden verraden door hun stiefmoeder, die de kinderen hun erfenis niet wilde geven na de dood van hun vader. Ze werden gemarteld omdat ze Christenen waren en uiteindelijk gekruisigd. Na hen werden Donvina (Domnina) en Neonilla (volgens anderen Theonilla) gemarteld. Donvina werd doodgeslagen en Neonilla werd onder hete kolen begraven. De lichamen van de vrouwen werden in zee gegooid. Volgens anderen werd Neonilla verdronken. Dit gebeurde in het jaar 285 (ook genoemd 289 en 303).

The Martyrs Claudius, Asterius and Neones were brothers. According to some websites Neonilla was their sister. According to others she was an aged widow. The three brothers were betrayed by their stepmother, who did not want to give the children the inheritance after the death of their father. They were tortured for being Christians and eventually crucified. After them Donvina (Domnina) and Neonilla (according to others Theonilla) were tortured. Donvina was beaten to death and Neonilla was buried in hot coals. The bodies of the woman were thrown into the sea. According to others Neonilla was drowned. This happened in the year 285 (also mentioned 289 and 303).

Griekse kalender:

Greek Calendar:

30 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

Slavische kalender:

Slavic Calendar:

29 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

 

 

Ý

Kleio (Cleo, Clio),

Adamantini, Akrivi, Antigoni, Aphroditi, Areboia, Aspasia, Athena, Chaido, Dione, Dodoni, Elpiniki, Erasmia, Erato, Ermineia, Euterpe, Harikleia, Kalliroe, Kallisti, Kleoniki, Kleopatra, Koralia, Lampro, Margarita, Marianthi, Melpomene, Moscho, Ourania, Pandora, Penelope, Polymnia, Polynike, Sappho, Terpsichore, Thaleia, Theano, Theonoe, Theonymphi, Theophani, Troada, martelaressen, de 40 Heilige Vrouwen en de martelaar Ammon (Ammoun), Diaken en hun Leraar

De Veertig Heilige Vrouwen waren afkomstig van Heraclea in Thracie. Ze hadden de diaken Ammon als gids, die hen onderwees in het Christendom. Ze stierven als martelaren onder de tiran Licinius rond 321-323. Tien van hen werden verbrand, acht van hen werden doodgeranseld, zes van hen werden aan stukken gesneden met messen, van tien werd het hart doorboord met een zwaard en zes stierven door gloeiend ijzer in hun mond gepropt. St. Ammon werd doodgeranseld. De namen van de 40 Heilige Vrouwen moeten met terughoudendheid worden beschouwd, daar sommige, oa. Chaido en Lampro, toebehoorden aan heiligen uit later eeuwen (16e-18e) en niet zonder twijfel vastgesteld is dat het de heiligen uit de vroege eeuwen betreft.

The Forty Holy Women were natives of Heraclea in Thrace. They had the deacon Ammon for a guide, who instructed them in Christianity. They died as martyrs under the tyrant Licinius around 321-323. Ten of them were burnt, eight of them were whipped to death, six of them were cut up by knifes, ten were pierced in the heart by a sword and six died from having the heated iron enclosed in their mouth. St. Ammon was whipped to death. The names of the 40 Holy Women should be considered with reservation, as some of them, a.o. Chaido and Lampro, belong to saints of later centuries (16th-18th) and are not testified without doubt to be the saints of the first centuries.

01 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

JM

 

Ý

Klementos (Clementinus)

Hiero-Martelaar, Bisschop van Ancyra

en zijn discipel Agathangelos

St. Clementinus was afkomstig van Ancyra in Galatia, en de zoon van een ongelovige vader, maar een gelovige moeder, genaamd Sophia. Aanvankelijk leefde hij als monnik, later werd hij de bisschop van zijn stad. Gedurende een periode van 28 jaar moest hij lijden vanwege zijn geloof. Uiteindelijk werden hij en zijn discipel St. Agathangelus (uit Rome) samen onthoofd in het jaar 296 (of 312), tijdens het regime van Diocletianus en Maximian.

Saint Clement was from Ancyra in Galatia, and the son of an unbelieving father, but a believing mother named Sophia. At first he lived as a monk, later he became the bishop of his city. He suffered many things being a Christian, during a period of twenty-eight years. Finally he and his disciple Saint Agathangelus (from Rome) were beheaded together in the year 296 (or 312), during the reign of Diocletian and Maximian.

23 JANUARI

     ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Klementos (Clementinus)

Hiero-Martelaar, Paus van Rome

Sint Clementinus werd tot het christendom bekeerd door de Apostel Petrus. Hij werd de derde Bischop van Rome na de dood van de Apostelen in het jaar 91. Hij stierf als een martelaar tijdens het regime van Trajanus rond het jaar 100.

Oorspronkelijk werden de heiligen Catharina en Mercurius herdacht op 24 november, en de Hiero-Martelaren Clementinus van Rome en Petrus van Alexandrie op 25 november. Op verzoek van de Kerk en het Klooster van de Berg Sinai werden deze data omgewisseld, zodat het festival van St. Catharina, hun patrones, meer feestelijk gevierd kon worden samen met de Apodosis van de Entree van de Theotokos. De Slavische kerken herdenken deze heiligen echter op de oorsponkelijke data.

Saint Clement was converted to christianity by the Apostle Peter. He became the third Bishop of Rome after the death of the Apostles in the year 91. He died as a martyr during the reign of Trajan about the year 100.

According to the ancient usage, Saints Catherine and Mercurius were celebrated on the 24th of november, whereas the holy Hieromartyrs Clement of Rome and Peter of Alexandria were celebrated on the 25th. The dates were interchanged at the request of the Church and Monastery of Mount Sinai, so that the festival of Saint Catherine, their patron, might be celebrated more festively together with the Apodosis of the Feast of the Entry of the Theotokos. The Slavic Churches, however, commemorate these Saints on their original dates.

Griekse kalender:

Greek calendar:

24 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

Slavische kalender:

Slavic calendar:

25 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

DJ

 

Ý

Klementos (Clementinus)

 

Synaxis van de 70 apostelen

Sunaksi ton 70 Apostolon

Clementinus was één van de 70 Discipelen en Apostelen van Christus waren door Hem gekozen ter aanvulling op de Twaalf en heengezonden voor de prediking. Zij begeleidden en assisteerden de Heilige Twaalf Apostelen, die in verschillende landen de Gospel van Christus preekten. In de loop van de tijd werden anderen aan hun aantal toegevoegd door de Heilige Apostelen en hun aantal werd uiteindelijk groter dan zeventig. Niettemin werd altijd naar hen verwezen als “van de Zeventig”:

Clementinus was one of the 70 Disciples and Apostles of Christ were chosen by Him in addition to the Twelve and sent forth unto the work of preaching. They accompanied and assisted the Holy Twelve Apostles, who were preaching the Gospel of Christ in various lands. With the passage of time others were added to their number by the Holy Apostles and their number eventually exceeded seventy. Nonetheless they were all referred to as "of the Seventy":

04 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Kleoniki,

Adamantini, Akrivi, Antigoni, Aphroditi, Areboia, Aspasia, Athena, Chaido, Dione, Dodoni, Elpiniki, Erasmia, Erato, Ermineia, Euterpe, Harikleia, Kalliroe, Kallisti, Kleio, Kleopatra, Koralia, Lampro, Margarita, Marianthi, Melpomene, Moscho, Ourania, Pandora, Penelope, Polymnia, Polynike, Sappho, Terpsichore, Thaleia, Theano, Theonoe, Theonymphi, Theophani, Troada, martelaressen, de 40 Heilige Vrouwen en de martelaar Ammon (Ammoun), Diaken en hun Leraar

De Veertig Heilige Vrouwen waren afkomstig van Heraclea in Thracie. Ze hadden de diaken Ammon als gids, die hen onderwees in het Christendom. Ze stierven als martelaren onder de tiran Licinius rond 321-323. Tien van hen werden verbrand, acht van hen werden doodgeranseld, zes van hen werden aan stukken gesneden met messen, van tien werd het hart doorboord met een zwaard en zes stierven door gloeiend ijzer in hun mond gepropt. St. Ammon werd doodgeranseld. De namen van de 40 Heilige Vrouwen moeten met terughoudendheid worden beschouwd, daar sommige, oa. Chaido en Lampro, toebehoorden aan heiligen uit later eeuwen (16e-18e) en niet zonder twijfel vastgesteld is dat het de heiligen uit de vroege eeuwen betreft.

The Forty Holy Women were natives of Heraclea in Thrace. They had the deacon Ammon for a guide, who instructed them in Christianity. They died as martyrs under the tyrant Licinius around 321-323. Ten of them were burnt, eight of them were whipped to death, six of them were cut up by knifes, ten were pierced in the heart by a sword and six died from having the heated iron enclosed in their mouth. St. Ammon was whipped to death. The names of the 40 Holy Women should be considered with reservation, as some of them, a.o. Chaido and Lampro, belong to saints of later centuries (16th-18th) and are not testified without doubt to be the saints of the first centuries.

01 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

JM

 

Ý

Kleonikou  (Cleonicus)

Basiliscus en Eutropius, de Martelaren van Amasea

Deze martelaren waren inwoners van Cappadocië. Ze waren strijdmakkers en verwanten van de martelaar Theodorus de Tyron (17 februari). Ze werden voor President Asclepiodotus gebracht en wreed geslagen. Sint Eutropios werd op zijn mond geslagen voor het beledigen van de President. Ze werden van hun wonden genezen door een verschijning van de Heer en Sint Theodorus. Een groot aantal heidenen, die hier getuige van waren, waren zo verbaasd door dit wonder, dat ze zich bekeerden tot het christendom. Hierom werden zij onthoofd. Toen veranderde de President zijn methode. Hij probeerde Sint Cleonicosdoor vleierij en beloftes te verleiden afstand te doen van zijn geloof. Maar Sint Cleonicos lachte om de domheid van de President en de machteloosheid van de afgoden. Door hun gebeden wierpen de martelaren het standbeeld van Artemis om. Toen zij in kokende was werden gegooid, bleven ze ongedeerd. Uiteindelijk werden Eutropios en Cleonicos gekruisigd en Basiliskos werd in de gevangenis gegooid. Hij werd een jaar later onthoofd, op 22 mei (>>>zie ook Basiliscus 22 mei).

These martyrs were natives of Cappadocië. They were comrades in arms and relatives of the martyr Theodore the Tyro (February 17). They were brought before President Asclepiodotus and beaten cruelly. Saint Eutropios was slapped on the mouth for offending the President. They were cured of their wounds by an apparition of the Lord and Saint Theodore. A large number of pagans who whitnessed this, were so amazed by this miracle, that they converted to christianity. For this they were beheaded. Then the President changed his method. He tried to lead Saint Cleonicos to renounce his faith by flattery and promises. But Saint Cleonicos laughed at the President's stupidity and the idols' powerlessness. By their prayers the martyrs turned over Artemis' statue. When they were plunged into boiling wax, they remained unharmed. Finally Eutropios and Cleonicos were crucified and Basiliskos was thrown into prison. He was beheaded a year later, on May 22 (>>>also see Basiliscus May 22).

03 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DFIJK

 

Ý

Kleopas (Cleopas),

Artemas, Justus, Marcus en Tertius van de 70 Apostelen

St. Artemas was Bisschop van Lystra in Lycaonië, en overleed in vrede.

St. Cleopas is één van de Zeventig Apostelen. Het was door hem dat Christus verscheen op de weg naar Emmaus.

St. Justus (ook bekend als Joses, Joseph of Barsabas Justus) was een zoon van Joseph de Toegezegde en zijn eerste vrouw Salome, samen met Jacobus de Rechtschapene, Judas en Simon. Hij was kandidaat als vervanger voor Judas Iscariot, maar werd niet gekozen. Hij werd Bisschop van Eleutheropolis en stierf als martelaar.

St. Marcus (of Johannes Marcus) is de auteur van de Gospel van Marcus en de metgezel van de Apostel Paulus. Hij is de stichter van de Kerk van Alexandrië en wordt beschouwd als de eerste paus daar. Hij wordt ook herdacht op 25 April en op  27 September met Aristarchus en Zenas.

St. Tertius (ook Tertios) schreef de brief van Apostel Paulus aan de Romeinen neer. Hij was Bisschop van Iconium en stierf als martelaar. Hij wordt ook herdacht op 10 November.

Artemas, Cleopas, Justus, Marcus en Tertius worden ook herdacht op 4 januari (Synaxis van de 70 Apostelen/Discipelen).

St. Artemas was Bishop of Lystra in Lycaonia, and reposed peacefully.

St. Cleopas is numbered among the Seventy Apostles. It was to St. Cleopas that Christ appeared on the road to Emmaus.

St. Justus (also known as Joses, Joseph or Barsabas Justus) was a son of Joseph the Betrothed and his first wife Salome, along with James the Just, Jude and Simon. He was a candidate to replace Judas Iscariot, but was not chosen. He became Bishop of Eleutheropolis and died as a martyr.

St. Mark (or John Mark) is the author of the Gospel of Mark and the companion of the Apostle Paul. He is the founder of the Church of Alexandria and is regarded as its first pope. He is also commemorated on April 25 and on September 27 with Aristarchus and Zenas.

St. Tertius (also Tertios) wrote down the Apostle Paul's letter to the Romans. He was Bishop of Iconium and died as a martyr. He is also commemorated on November 10.

Artemas, Cleopas, Justus, Marcus and Tertius are also commemorated on the 4th of january (Synaxis of the 70 Apostles/Disciples).

30 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

DM

 

Ý

Kleopas (Cleopas)

broer van Joseph de Toegezegde

 

Synaxis van de 70 apostelen

Sunaksi ton 70 Apostolon

Cleopas (die Christus begeleidde naar Emmaus), broer van Joseph de Toegezegde, was één van de 70 Discipelen en Apostelen van Christus waren door Hem gekozen ter aanvulling op de Twaalf en heengezonden voor de prediking. Zij begeleidden en assisteerden de Heilige Twaalf Apostelen, die in verschillende landen de Gospel van Christus preekten. In de loop van de tijd werden anderen aan hun aantal toegevoegd door de Heilige Apostelen en hun aantal werd uiteindelijk groter dan zeventig. Niettemin werd altijd naar hen verwezen als “van de Zeventig”:

Cleopas (who accompanied Christ to Emmaus), brother of Joseph the Betrothed, was one of the 70 Disciples and Apostles of Christ were chosen by Him in addition to the Twelve and sent forth unto the work of preaching. They accompanied and assisted the Holy Twelve Apostles, who were preaching the Gospel of Christ in various lands. With the passage of time others were added to their number by the Holy Apostles and their number eventually exceeded seventy. Nonetheless they were all referred to as "of the Seventy":

04 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Kleopatra (Cleopatra),

Adamantini, Akrivi, Antigoni, Aphroditi, Areboia, Aspasia, Athena, Chaido, Dione, Dodoni, Elpiniki, Erasmia, Erato, Ermineia, Euterpe, Harikleia, Kalliroe, Kallisti, Kleio, Kleoniki, Koralia, Lampro, Margarita, Marianthi, Melpomene, Moscho, Ourania, Pandora, Penelope, Polymnia, Polynike, Sappho, Terpsichore, Thaleia, Theano, Theonoe, Theonymphi, Theophani, Troada, martelaressen, de 40 Heilige Vrouwen en de martelaar Ammon (Ammoun), Diaken en hun Leraar

De Veertig Heilige Vrouwen waren afkomstig van Heraclea in Thracie. Ze hadden de diaken Ammon als gids, die hen onderwees in het Christendom. Ze stierven als martelaren onder de tiran Licinius rond 321-323. Tien van hen werden verbrand, acht van hen werden doodgeranseld, zes van hen werden aan stukken gesneden met messen, van tien werd het hart doorboord met een zwaard en zes stierven door gloeiend ijzer in hun mond gepropt. St. Ammon werd doodgeranseld. De namen van de 40 Heilige Vrouwen moeten met terughoudendheid worden beschouwd, daar sommige, oa. Chaido en Lampro, toebehoorden aan heiligen uit later eeuwen (16e-18e) en niet zonder twijfel vastgesteld is dat het de heiligen uit de vroege eeuwen betreft.

The Forty Holy Women were natives of Heraclea in Thrace. They had the deacon Ammon for a guide, who instructed them in Christianity. They died as martyrs under the tyrant Licinius around 321-323. Ten of them were burnt, eight of them were whipped to death, six of them were cut up by knifes, ten were pierced in the heart by a sword and six died from having the heated iron enclosed in their mouth. St. Ammon was whipped to death. The names of the 40 Holy Women should be considered with reservation, as some of them, a.o. Chaido and Lampro, belong to saints of later centuries (16th-18th) and are not testified without doubt to be the saints of the first centuries.

01 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

JM

 

Ý

Kodratos

(Codratus, Quadratus)

van Korinthië

en zijn Metgezellen Anektos, Paulus, Dionysios, Cyprianus en Crescens

Tijdens de vervolging van Christenen vluchtte de moeder van Codratus naar de bergen en in de grotten. Ze was toen zwanger en beviel van Codratus in het bos. Kort daarna stierf ze. Codratus groeide op in de natuur en in eenzaamheid en werd verzorgd, gevoed en geleid door God. Op twaalfjarige leeftijd kwam hij naar de stad en daar gaven mensen hem een opleiding. Hij studeerde medicijnen en genas de zieken. Toen zich weer nieuwe vervolgingen voordeden werd Codratus voor het gerecht gebracht en in de gevangenis geworpen. Vijf metgezellen sloten zich bij hem aan vanwege hun Christen zijjn: Cyprian, Dionysius, Anectus, Paulus en Crescens. Ze werden allen door de straten gesleept, met staven geslagen en gestenigd tot ze uiteindelijk naar het schavot gesleept werden. Daar werden de martelaren onthoofd. Op deze plek spoot een waterbron uit de grond die zelfs vandaag nog Codratus wordt genoemd. Dit gebeurde in Korinthie tijdens het regime van Keizer Valerianus (253-260) of in het jaar 250 A.D. tijdens het regime van Keizer Decius en zijn gouverneur Jason.

During the time of the persecution of Christians the mother of Codratus fled to the mountains and into the caves. She was pregnant at the time and gave birth to Codratus in the forest. She died shortly thereafter. Codratus grew up in nature and in solitude and was cared for by, fed by and guided by God. In the age of twelve he entered into town and there some people provided him with an education. He studied medicine and healed the sick. When a new persecution arose again Codratus was brought to trial and cast into prison. Five companions joined him for being Christians: Cyprian, Dionysius, Anectus, Paul and Crescens. They were all dragged through the streets, beaten with rods and stoned until they were eventually dragged to the scaffold. There the martyrs were beheaded. On this spot a source of water gushed out of the ground which is still called Codratus even today. This happened in Corinth during the reign of Emperor Valerian (253-260) or in the year 250 A.D. during the reign of Emperor Decius and his governor Jason.

10 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DJK

 

Ý

Kodratos

(Codratus, Quadratus)

van Magnesia

Apostel

Sint Quadratus (Codratus) was een Apostel van de Zeventig en Bisschop van Athene. Hij preekte in Athene en in Magnesia (eiland ten oosten van Thessalië). Hij bekeerde vele heidenen tot het christendom. Dit maakte andere heidenen kwaad en een menigte bekogelde hem met stenen. Sint Quadratus bleef in leven en werd in de gevangenis gegooid. Daar stierf hij door uithongering. Zijn lichaam werd begraven in Magnesia. Hij wordt ook herdacht op 4 januari (Synaxis van de 70 Apostelen/Discipelen).

Saint Quadratus (Codratus) was an Apostle of the Seventy and Bishop of Athens. He preached at Athens and at Magnesia (eastern peninsula of Thessaly). He converted many pagans to christianity. This made other pagans angry and a mob pelt him with stones. Saint Quadratus remained alive and he was thrown into prison. There he died of starvation. His body was buried in Magnesia. He is also commemorated on the 4th of january (Synaxis of the 70 Apostles/Disciples).

21 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Kodratos

(Codratus, Quadratus)

 

Synaxis van de 70 apostelen

Sunaksi ton 70 Apostolon

Quadratus (Codratus) was één van de 70 Discipelen en Apostelen van Christus waren door Hem gekozen ter aanvulling op de Twaalf en heengezonden voor de prediking. Zij begeleidden en assisteerden de Heilige Twaalf Apostelen, die in verschillende landen de Gospel van Christus preekten. In de loop van de tijd werden anderen aan hun aantal toegevoegd door de Heilige Apostelen en hun aantal werd uiteindelijk groter dan zeventig. Niettemin werd altijd naar hen verwezen als “van de Zeventig”.

Quadratus (Codratus) was one of the 70 Disciples and Apostles of Christ were chosen by Him in addition to the Twelve and sent forth unto the work of preaching. They accompanied and assisted the Holy Twelve Apostles, who were preaching the Gospel of Christ in various lands. With the passage of time others were added to their number by the Holy Apostles and their number eventually exceeded seventy. Nonetheless they were all referred to as "of the Seventy".

04 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Komassios (Comasius)

de Monnik,

Basilius (diaken), Chariton (monnik), Daniel (monnik), Etymasius (Hetoimassios) (monnik of leek) en/of Eusebius (monnik), Hierotheus (monnik), Johannes (priester), Nicephorus (Nikephoros) (priester), Petrus (priester), Sergius (priester), Socrates (monnik), Theodorus (bisschop), Theodorus (priester), Thomas (diaken) en Timotheus (bisschop), de 15 (or 16) Hieromartelaren van Tiberiopolis (Tiberioupolis)

De Martelaren Basilius (diaken), Chariton (monnik), Comasius (monnik), Daniel (monnik), Etymasius (monnik of leek) en/of Eusebius (monnik), Hierotheus (monnik), Johannes (priester), Nicephorus (priester), Petrus (priester), Sergius (priester), Socrates (monnik), Theodorus  (bisschop), Theodorus (priester), Thomas (diaken) en Timotheus (bisschop) waren geestelijken uit Nicaea en andere plaatsen. Toen Keizer Julianus de Apostaat (361-3) alle Christenen wilde dwingen de afgoden te aanbidden, vluchtten ze naar Thessalonica. Daar vonden ze geen vrede en ze gingen op weg naar Tiberiopolis (Strumica, ook Cilicia wordt genoemd). Gedurende korte tijd leidden ze daar een apostolisch leven, tot de soldaten van de tiran hen inhaalden en hen terug brachten naar Thessalonica. Toen ze weigerden Christus te verloochenen, werden ze met het zwaard onthoofd in Tiberiopolis in 361. Verschillende websites noemen 16 martelaren. Het zou mogelijk kunnen zijn dat de martelaren Etymasius en Eusebius met elkaar verward worden, of dat één van deze twee namen verkeerd is. Dit is echter niet zeker. Volgens slechts één website was Etymasius een leek, Volgens alle andere die ik gevonden heb was hij een presbyter (priester).

The Martyrs Basil (deacon), Chariton (monk), Comasius (Comassius, Komassios) (monk), Daniel (monk), Etymasius (Etimassius, Hetoimassios) (monk or layman) and/or Eusebius (Eusebios) (monk), Hierotheus (Hierotheos) (monk), John (priest), Nicephorus (Nikephoros) (priest), Peter (priest), Sergius (Sergios) (priest), Socrates (monk), Theodore (Theodor) (bisshop), Theodore (priest), Thomas (Thom) (deacon) and Timothy (bisshop) were clergy from Nicaea and other places. When Emperor Julian the Apostate (361-3) wanted to compel all Christians to turn back to idolatrous worship, they sought refuge in Thessalonica. They did not find peace there and they made their way to Tiberiopolis (Strumica, also Cilicia is mentioned). For a short while they led an apostolic life there, until the tyrant’s soldiers caught up with them and brought them back to Thessalonica. When they refused to deny Christ, they were beheaded by the sword in Tiberiopolis in 361. Several websites mention 16 martyrs. It might be possible that the martyrs Etymasius and Eusebius are being confused with eachother, or that one of these two names is wrong. However this is not certain. According to only one website Etymasius was a layman, according to all others that I found he was a presbyter.

28 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

 

 

Ý

Komodos (Commodus),

Metgezel van Chrysa (Aura, Avra)

de Hiero-Martelaar Hippolytus (Ippolytos), priester van de Kerk van Rome, de martelaren Censorinus (Kensourinos), en 20 soldaten en gevangenisbewaarders met hem, Sabinos (of Sabaïnos), Chrysa (of Aura, Avra) de maagd en haar 20 metgezellen: Amandinus, Archelaus de Diaken, Ares, Commodus (Komodos), Cyprus (Kypros), Cyriacus (of Quirinus) (Kyriakos of Kyrinos) de bisschop, Eusebius, Felix (Felikos), Herculianus (of Herculinus) (Erkoulios of Erkoulinos), Hermes (Ermis), Maurus (Mavros), Maximus, Maximus de presbyter, Mennas (Minas), Monagrius, Olympius (of Olympinos), Rusticus (Roustikos), Stiracius (Styrakios), Theodorus de Tribuun en Venerius (Benerios), martelaren.

Sint Hippolytus wordt genoemd als een paus of een bisschop van Rome. Eén website noemt hem als een antipope. Hij was een discipel van Sint Irenaeus, bisschop van Lugdunum (Lyons in Frankrijk) en een christelijke theoloog, die vele verhandelingen en commentaren op de Bijbelse Boeken schreef. Hij was één van de laatste Westerse Vaders, die in het Grieks schreef. Toen Sint Hippolytus hoorde over het lijden van deze martelaren, verscheen hij voor de gouverneur en protesteerde tegen hun onmenselijkheid. De woedende gouverneur veroordeelde hem tot martelingen. Na lange kwellingen bonden ze zijn handen en voeten en gooiden hem in zee. Zijn relieken werden naar de kerk van de Martelaren Laurentius en Paus Damasus in Rome overgebracht..

Sint Censorinus was een hooggeplaatste magistraat. Hij werd gearresteerd en in de gevangenis gegooid omdat hij christen was. Toen hij een dode man tot leven wekte, bekeerden twintig soldaten en gevangenisbewaarders zich tot het christendom. Zij werden samen met Sint Censorinus onthoofd.

Toen werd de maagd Chryse, die uit een aristocratische familie kwam, ondervraagd. Zij bekende een christin te zijn en werd gemarteld. Eerst openden ze haar zijden en verbrandden haar wonden met brandende kaarsen. Na vele verschrikkelijke kwellingen bonden ze een grote steen om haar nek en verdronken haar in zee. Samen met Sint Chryse stierven de martelaren Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore de tribuun, Maximus de presbyter, Archelaus de diaken en Cyriacus de bisschop.

Met zware stenen rond zijn nek gebonden werd Sint Sabinus aan een boom opgehangen. De heidenen verbrandden zijn zijden met toortsen tot hij stierf.

Al deze Romeinse martelaren stierven in het jaar 269 AD. Met name het martelaarschap van Sint Chrysa wordt gerapporteerd.

Saint Hippolytus is mentioned as a pope or a bishop of Rome. One website mentions him as an antipope. He was a disciple of St Irenaeus, bishop of Lugdunum (Lyons in France) and a christian theologian who wrote many treatises and commentories on the Biblical Books. He was one of the last Western Fathers to write in Greek. When Saint Hippolytus he learned of the suffering of these martyrs, he appeared before the governor and protested against their inhumanity. The enraged governor sentenced him to be tortured. After long torments, they tied his hand and feet and threw him into the sea. His relics were put in the church of the martyrs Laurence and Pope Damasus in Rome.

St Censorinus was a high-ranking magistrate. He was arrested and thrown into prison being a christian. When he raised up a dead man, twenty soldiers and prison guards were converted to christianity. They were beheaded with St Censorinus.

Then the virgin Chryse, who was from an aristocratic family, was brought for interrogation. She confessed being a christian and was tortured. At first they opened her sides and they burned her wounds with burning candles. After many other horrible torments, they tied a big rock around her neck and drowned her in the sea. With Saint Chryse suffered the martyrs Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore the Tribune, Maximus the Presbyter, Archelaus the Deacon, and Cyriacus the Bishop.

With heavy rocks tied around his neck, Saint Sabinus was hung on a tree. The idolaters burned his sides with torches untill he died.

All these Roman martyrs suffered in the year 269 AD. Especially the martyrdom of Saint Chrysa is reported.

30 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

 

 

Ý

Konon (Conon)
de tuinman van Isauria

Martelaar

Saint Conon the gardener lived during the reign of emperor Decius in 251 and was from Nazareth. He went to the city of Mandron, in the province of Pamphylia, where he stayed at a place called Karmela or Karmena. There he cultivated a garden which he watered and planted with various vegetables. He obtained from this garden what is necessary for life. Because he was a christian, he was arrested and brought to governor Publius. Because Conon refused to worship the idols, Publius made Saint Conon run with nailed feet in front of his coach. But the saint fainted in the street, fell on his knees, prayed and died.

Saint Conon the gardener lived during the reign of emperor Decius in 251 and was from Nazareth. He went to the city of Mandron, in the province of Pamphylia, where he stayed at a place called Karmela or Karmena. There he cultivated a garden which he watered and planted with various vegetables. He obtained from this garden what is necessary for life. Because he was a christian, he was arrested and brought to governor Publius. Because Conon refused to worship the idols, Publius made Saint Conon run with nailed feet in front of his coach. But the saint fainted in the street, fell on his knees, prayed and died.

05 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DFIJK

M

 

Ý

Konstantinos (Constantinus)

en Helena, Keizer en Keizerin

Gelijken van de Apostelen

Sint Constantinus was de zoon van Constantius Chlorus (heerser van het Westen van het Romeinse keizerrijk) en Sint Helena. Hij werd volgens sommigen geboren in 272 in Naissus in Dardanië, een stad op de Hellespont. Na zijn vijanden overwonnen te hebben werd hij op 28 october 312 door de Senaat van Rome tot Keizer van het Westen uitgeroepen, terwijl zijn schoonbroer Licinius over het Oosten heerste. Licinius vervolgde later de christenen. Sint Constantinus bevocht hem tot hij hem uiteindelijk overwon in 324 en werd Monarch van het Westen en het Oosten. Onder zijn regime kwam er een eind aan alle christenvervolgingen. In 325 riep hij het 1e Oecumenische Concilie in Nicaea bijeen. Hij overleed op 21 of 22 mei 337 op 65-jarige leeftijd. Zijn overblijfselen werden overgebracht naar Constantinopel (het oude Byzantium, wat naar Sint Constantinus was genoemd).

Zijn moeder Sint Helena ondernam een reis naar Jeruzalem. Ze vond het Heilige Kruis waaraan Jezus Christus was gekruisigd. Hierna richtte Sint Helena kerken op in Jeruzalem op de plaatsen van de Kruisiging en Opstanding, in Bethlehem bij de grot waar Jezus Christus was geboren, op de Olijfberg, in Cyprus en vele andere plaatsen. Ze werd tot Augusta uitgeroepen, haar afbeelding werd op gouden munten geslagen en twee steden in Bithynië en Palestina werden Helenopolis naar haar genoemd. Volgens sommigen stierf ze in het jaar 330, volgens anderen in 336, op de leeftijd van ongeveer 80 jaar.

Twee belangrijke Orthodoxe heiligen, Gelijken van de Apostelen, en naamdagvieringen voor diegenen die naar hen genoemd zijn. Ook de tijd voor vuurlopen in Lagkadás bij Thessaloniki. In de laatste jaren zijn er pogingen gedaan deze oude rites te onderdrukken, maar ze blijken nog steeds springlevend.

De officiële naamdag wordt gevierd op 21 mei. Wanneer deze dag samenvalt met Zaterdag van de Doden, wordt dit feest verzet naar de volgende vrijdag en gevierd met de laatste dag van de Ascension.

Saint Constantine was the son of Constantius Chlorus (ruler of the West of the Roman empire) and Saint Helena. According to some he was born in 272 in Naissus in Dardania, a city on the Hellespont. After he defeated his enemies he was proclaimed Emperor of the West on 28 october 312 by the Senate of Rome, while his brother-in-law Licinius ruled in the East. Later Licinius prosecuted the christians. Saint Constantine fought against him untill he finally defeated him in 324 and became Monarch of the West and the East. Under his reign the prosecution of christians came to an end. In 325 he gathered the 1st Oecumenical Council in Nicaea. He died on 21 or 22 may 337 in the age of 65. His relics were transferred to Constantinople (the old Byzantium, which was named after Saint Constantine).

His mother Saint Helen undertook a journey to Jerusalem. She found the Holy Cross on which Jesus Christ was crucified. Hereafter Saint Helen erected churches in Jerusalem at the sites of the Crucifixion and Resurrection, in Bethlehem at the cave where Jesus Christ was born, on the Mount of Olives, in Cyprus and and many other places. She was proclaimed Augusta, her image was stamped upon golden coins and two cities in Bithynia and Palestine were named Helenopolis after her. According to some she died in the year 330, accordig to others in 336, in the age of about 80 years.

Two important Orthodox saints, Equals of the Apostles, and nameday-celebrations for those named after them. Also the time for fire-walking ceremonies at Lagkadás near Thessaloníki. There have been attempts to suppress these ancient rites in recent years, but they appear to be surviving.

The official nameday is celebrated on 21st of may. In occurrence with the Saturday of the Dead, this feast is transferred to the preceeding Friday and celebrated with the Closing Day of the Ascension.

21 MEI

     ΜΑΙΟΣ

ABCD

FGHI

JKM

 

Ý

Konstantinos (Constantinus) van Cyprus

Nieuw-Martelaar

 

 

01 JULI

      ΙΟΥΛΙΟΣ

D

 

Ý

Konstantinos (Constantinus)

“de Moedige”,

Aetius, Bassoi (Basoes) “de Sterkste”, Callistos (“de Onoverwonnene”), Melissenus, Theodorus (“de Al-Gezegende”), Theophilos (“de Wonderbaarlijke”) en hun metgezellen, de 42 Martelaren van Amorea (Ammoria, Ammorium) in Phrygia

Tijdens een oorlog tussen de Byzantijnse Keizer Theophilus (829-842) en de Saracenen, belegerden de Saracenen de stad Ammoria. Toen Ammoria viel, werden 42 van haar generaals gevangengenomen en naar Syrië gestuurd, waar ze zeven jaar lang opgesloten werden. Tijdens hun gevangenschap probeerden ze de gevangenen over te halen om afstand te doen van hun christelijke geloof en de islam aan te nemen. De gevangenen weerstonden alle verleidelijke aanbiedingen en hielden stand tegen verschrikkelijke bedreigingen. Na vele martelingen werden ze ter dood veroordeeld. De martelaren bleven standvastig. Eén voor één namen de beulen hen mee om te worden onthoofd. Naderhand gooiden ze de lichamen in de rivier Euphrates. Dit gebeurde rond 845. In de dienst voor hen, worden ze geprezen als: de "Al-Gezegende" Theodorus, de "Onoverwonnene" Callistus, de "Moedige" Constantinus, de "Wonderbaarlijke" Theophilus en "de Sterkste" Basoes.

During a war between the Byzantine Emperor Theophilus (829-842) and the Saracens, the Saracens besieged the city of Ammoria. When Ammoria fell, 42 of its generals were taken captive and sent off to Syria, where they were imprisoned for seven years. During their imprisonment they tried to persuade the captives to renounce Christianity and accept Islam. The captives resisted all their seductive offers and held out against terrible threats. After many torments they were condemned to death. The martyrs remained steadfast. One by one the executioners took them and led them off to be beheaded. Afterwards they threw the bodies into the river Euphrates. This happened around 845. In the service to them, they are glorified as: the "All-Blessed" Theodore, the "Unconquered" Callistus, the "Valiant" Constantine, the "Wondrous" Theophilus and "the Most Strong" Basoes.

06 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DJK

 

Ý

Koralia (Coralia),

Adamantini, Akrivi, Antigoni, Aphroditi, Areboia, Aspasia, Athena, Chaido, Dione, Dodoni, Elpiniki, Erasmia, Erato, Ermineia, Euterpe, Harikleia, Kalliroe, Kallisti, Kleio, Kleoniki, Kleopatra, Lampro, Margarita, Marianthi, Melpomene, Moscho, Ourania, Pandora, Penelope, Polymnia, Polynike, Sappho, Terpsichore, Thaleia, Theano, Theonoe, Theonymphi, Theophani, Troada, martelaressen, de 40 Heilige Vrouwen en de martelaar Ammon (Ammoun), Diaken en hun Leraar

De Veertig Heilige Vrouwen waren afkomstig van Heraclea in Thracie. Ze hadden de diaken Ammon als gids, die hen onderwees in het Christendom. Ze stierven als martelaren onder de tiran Licinius rond 321-323. Tien van hen werden verbrand, acht van hen werden doodgeranseld, zes van hen werden aan stukken gesneden met messen, van tien werd het hart doorboord met een zwaard en zes stierven door gloeiend ijzer in hun mond gepropt. St. Ammon werd doodgeranseld. De namen van de 40 Heilige Vrouwen moeten met terughoudendheid worden beschouwd, daar sommige, oa. Chaido en Lampro, toebehoorden aan heiligen uit later eeuwen (16e-18e) en niet zonder twijfel vastgesteld is dat het de heiligen uit de vroege eeuwen betreft.

The Forty Holy Women were natives of Heraclea in Thrace. They had the deacon Ammon for a guide, who instructed them in Christianity. They died as martyrs under the tyrant Licinius around 321-323. Ten of them were burnt, eight of them were whipped to death, six of them were cut up by knifes, ten were pierced in the heart by a sword and six died from having the heated iron enclosed in their mouth. St. Ammon was whipped to death. The names of the 40 Holy Women should be considered with reservation, as some of them, a.o. Chaido and Lampro, belong to saints of later centuries (16th-18th) and are not testified without doubt to be the saints of the first centuries.

01 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

JM

 

Ý

Kornelios (Cornelius)

de Centurion

Hiero-Martelaar

 

 

13 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

FIJKM

 

Ý

Kosmas (Cosmas)

de Hymneschrijver (de Poëet)

de Hagiopoliet, Bisschop van Maiuma

Sint Cosmas kwam van Jeruzalem en was een tijdgenoot en gelijke van Sint Johannes van Damascus, met wie hij ook samen opgevoed was, daar hij als wees was geadopteerd door Sergius, Sint. Johannes’ vader. In 743 werd hij Bisschop van Maiuma, een kustplaats in Palestina (later Constantia geheten, naar Constantinus, de zoon van de keizer). Sint Cosmas werd een uitstekend hymne-schrijver, waarom hij “de Componist en Melodist” genoemd werd.

Saint Cosmas was from Jerusalem and was a contemporary and peer of Saint John of Damascus, with whom he also was raised together, because he was adopted as an orphan by Sergius, Saint John’s father. In 743 he became Bishop of Maiuma, a coastal city in Palestina (later renamed Constantia, after Constantine, the son of the emperor). Saint Cosmas became an excellent hymnographer, because of which he was called “the Composer and Melodist” genoemd werd.

14 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

DJ

 

Ý

Kosmas (Cosmas) van Rome

en Damianus, Wonderdoeners en Zilverlozen, Martelaren

De heiligen Damianus en Cosmas kwamen uit Rome. Zij waren niét dezelfde heiligen, die worden herdacht op 1 November! Zij waren artsen, die gratis dieren en mensen genazen. Het enige wat zij van hen vroegen, was om in Christus te geloven. Damianus en Cosmas stierven als martelaren in het jaar 284, tijdens de keizers Carinus en Numerianus.

(>>>zie ook Anargiros 1 juli)

Saints Damian and Cosmas were from Rome. They were nót the same saints, who are celebrated on the 1st of November! They were physicians, bestowing healing freely upon beasts and men. The only thing they asked from the healed was to believe in Christ. Damian and Cosmas died as martyrs in the year 284, under the emperors Carinus and Numerian.

(>>>also see Anargiros 1st of july).

01 JULI

      ΙΟΥΛΙΟΣ

ABCD

FGHI

JKM

 

Ý

Kosmas (Cosmas)

en Damianus, de Wonderdoeners en Zilverlozen, en hun moeder Theodote

St. Cosmas en St. Damianus kwamen van Klein-Azie. Na de dood van hun vader voedde hun moeder St. Theodota hen christelijk op, en liet hen iedere wetenschap bestuderen, met name medicijnen. Dit werd hun roeping en ze gingen er op uit om iedere ziekte, van zowel mensen als dieren, gratis te genezen. Vanwege dit werden ze “Unmercenaries” (Grieks: Argyroi “zilverlozen”of “geen geld accepterenden”) genoemd. Aan het eind van hun leven overleden zij in vrede (>>>zie ook Anargiros 1 november en Anarron op 1 november)

St. Cosmas and St. Damian were from Asia Minor. After the death of their father their mother Theodota reared them in Christianity and had them instructed in every science, especially that of medicine. This became their vocation and they went about healing every illness, bestowing healing freely on both men and beasts alike. Because of this they are called "Unmercenaries" (Greek: Argyroi “not accepting money”) At the end of their life they reposed in peace (>>>also see Anargiros 1st of november and Anarron on the 1st of november).

01 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

ADFH

IJKM

 

Ý

Kosmas (Cosmas) Aitolos

(Kosma tou Aitolou)

Kosmas van Aitola

Sint Cosmas kwam uit de stad Mega Dendron (Grote Boom) in Aitola. Na de kloosterschool van Vatopedi op de Heilige Berg ging hij naar het Athonieten Klooster van Philotheou. In Constantinopel leerde hij de kunst van de retoriek en daarna ging hij preken in Noord-Griekenland, de Ionische Eilanden en in Albanie. Uiteindelijk, na vele wonderen, werd hij vals beschuldigd door Joodse leiders en geëxecuteerd door verwurging door de Turken in Albanië (>>>zie ook Aitolia (Etolia) 24 augustus).

Saint Cosmas wasfrom from the town Mega Dendron (Great Tree) in Aitola. After the monastry school of Vatopedi on the Holy Mountain he went to the Athonite Monastry of Philotheou. In Constantinople he learned the art of rhetoric and after that he went to preach in Northern-Greece, the Ionian Islands and in Albania. Eventually, after manu miracles, he was falsely accused by Jewish leaders and executed by strangulation by the Turks in Albania (>>>also see Aitolia (Etolia) August 24).

24 AUGUSTUS

     AYΓΟΥΣΤΟΣ

BDFI

 

Ý

Kosmas (Cosmas) van Arabië

en Damianus, Martelaren

 

 

17 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

D

 

Ý

Kovartos (Quartus),

Orestes, Olympus, Herodion, Erastus en Sosipatrus, Apostelen van de 70

De Heiligen Olympas en Rodionos werden discipelen van Petrus, de hoofd-Apostel. Ze kwamen naar Rome, en daar werden ze onthoofd door Nero. De anderen werden bisschoppen en overleden in vrede: Sosipatrus werd bisschop van Iconium, Quartus van Beirut, en Erastus van Paneas (of Paneias, wat ook Caesarea in Philippi werd genoemd). Sint Erastus was kamerheer van de stad Korinthië. Zij worden ook herdacht op 4 januari (Synaxis van de 70 Apostelen/Discipelen).

Saints Olympas and Rodion became disciples of Peter, the chief Apostle. They came to Rome, and there they were beheaded by Nero. The others became bishops and reposed in peace: Sosipater became bishop of Iconium, Quartus of Beirut, and Erastus of Paneas (or Paneias, which was also called Caesarea of Philippi). Saint Erastus had been chamberlain of the city of Corinth. They are also commemorated on the 4th of january (Synaxis of the 70 Apostles/Disciples).

10 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Kovartos (Quartus)

 

Synaxis van de 70 apostelen

Sunaksi ton 70 Apostolon

Quartus (Kovartos) was één van de 70 Discipelen en Apostelen van Christus waren door Hem gekozen ter aanvulling op de Twaalf en heengezonden voor de prediking. Zij begeleidden en assisteerden de Heilige Twaalf Apostelen, die in verschillende landen de Gospel van Christus preekten. In de loop van de tijd werden anderen aan hun aantal toegevoegd door de Heilige Apostelen en hun aantal werd uiteindelijk groter dan zeventig. Niettemin werd altijd naar hen verwezen als “van de Zeventig”.

Quartus (Kovartos) was one of the 70 Disciples and Apostles of Christ were chosen by Him in addition to the Twelve and sent forth unto the work of preaching. They accompanied and assisted the Holy Twelve Apostles, who were preaching the Gospel of Christ in various lands. With the passage of time others were added to their number by the Holy Apostles and their number eventually exceeded seventy. Nonetheless they were all referred to as "of the Seventy".

04 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Kreskes (Kriskentos)

(Crescens, Crescenus)

(Criscus, Criscentus),

Anektos, Paulus, Dionysios en Cyprianus, Metgezellen van Quadratus (Codratus) van Korinthië

Tijdens de vervolging van Christenen vluchtte de moeder van Codratus naar de bergen en in de grotten. Ze was toen zwanger en beviel van Codratus in het bos. Kort daarna stierf ze. Codratus groeide op in de natuur en in eenzaamheid en werd verzorgd, gevoed en geleid door God. Op twaalfjarige leeftijd kwam hij naar de stad en daar gaven mensen hem een opleiding. Hij studeerde medicijnen en genas de zieken. Toen zich weer nieuwe vervolgingen voordeden werd Codratus voor het gerecht gebracht en in de gevangenis geworpen. Vijf metgezellen sloten zich bij hem aan vanwege hun Christen zijjn: Cyprian, Dionysius, Anectus, Paulus en Crescens. Ze werden allen door de straten gesleept, met staven geslagen en gestenigd tot ze uiteindelijk naar het schavot gesleept werden. Daar werden de martelaren onthoofd. Op deze plek spoot een waterbron uit de grond die zelfs vandaag nog Codratus wordt genoemd. Dit gebeurde in Korinthie tijdens het regime van Keizer Valerianus (253-260) of in het jaar 250 A.D. tijdens het regime van Keizer Decius en zijn gouverneur Jason.

During the time of the persecution of Christians the mother of Codratus fled to the mountains and into the caves. She was pregnant at the time and gave birth to Codratus in the forest. She died shortly thereafter. Codratus grew up in nature and in solitude and was cared for by, fed by and guided by God. In the age of twelve he entered into town and there some people provided him with an education. He studied medicine and healed the sick. When a new persecution arose again Codratus was brought to trial and cast into prison. Five companions joined him for being Christians: Cyprian, Dionysius, Anectus, Paul and Crescens. They were all dragged through the streets, beaten with rods and stoned until they were eventually dragged to the scaffold. There the martyrs were beheaded. On this spot a source of water gushed out of the ground which is still called Codratus even today. This happened in Corinth during the reign of Emperor Valerian (253-260) or in the year 250 A.D. during the reign of Emperor Decius and his governor Jason.

10 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DJK

 

Ý

Kreskes (Kriskentos)

(Crescens, Crescenus)

(Criscus, Criscentus)

 

Synaxis van de 70 apostelen

Sunaksi ton 70 Apostolon

Crescens (Criscentus) of Criscus, was één van de 70 Discipelen en Apostelen van Christus waren door Hem gekozen ter aanvulling op de Twaalf en heengezonden voor de prediking. Zij begeleidden en assisteerden de Heilige Twaalf Apostelen, die in verschillende landen de Gospel van Christus preekten. In de loop van de tijd werden anderen aan hun aantal toegevoegd door de Heilige Apostelen en hun aantal werd uiteindelijk groter dan zeventig. Niettemin werd altijd naar hen verwezen als “van de Zeventig”:

Crescens (Criscentus) or Criscus, was one of the 70 Disciples and Apostles of Christ were chosen by Him in addition to the Twelve and sent forth unto the work of preaching. They accompanied and assisted the Holy Twelve Apostles, who were preaching the Gospel of Christ in various lands. With the passage of time others were added to their number by the Holy Apostles and their number eventually exceeded seventy. Nonetheless they were all referred to as "of the Seventy":

04 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Kreskes (Kriskentos)

(Crescens, Crescenus)

(Criscus, Criscentus)

Epaenetus, Andronicus, Silas en Silvanus,

Apostelen van de 70

Silas, Silvanos, Crescens, Epenetos en Andronicos waren allen van de Zeventig Discipelen (Eerste eeuw).

Algemeen wordt aangenomen dat de Silas uit Handelingen dezelfde persoon is als de Silvanos uit Paulus’ brieven. Hij werd met Paulus en Barnabas naar Antiochië gestuurd. Daarom was hij één van de eminente personen van de Kerk van Jeruzalem. Later volgde hij Paulus naar vele landen en werd benoemd tot bisschop van Korinthië, waar hij in vrede stierf.

Sint Silvanus werd Bisschop van Thessalonika, waar hij veel werkte en veel leed. Ook hij overleed in vrede.

Sint Crescens volgde ook Apostel Paulus en bereikte Galatië. Hij werd bisschop in Galatië en missionaris in Gaul. Daar stierf hij als martelaar tijdens het regime van Trajanus.

In de brief aan de Romeinen (Romeinen 16:5) wordt Sint Epenetos het "eerste fruit van Azië" genoemd (d.w.z.: van Ephesus en niet van Achaia zoals soms wordt gezegd). Hij werd Bisschop van Carthage. Na veel kwelllingen door de afgodaanbidders te hebben ondergaan, en velen van hen te hebben bekeerd, overleed hij.

Sint Andronicos is dezelfde persoon als de Andronicos die wordt herdacht op 17 mei met Sint Junias. Sint Andronicus was bisschop van Pannonia. Hij wordt ook herdacht op 4 januari (Synaxis van de 70 Apostelen/Discipelen).

Silas, Silvanos, Crescens, Epenetos and Andronicos were all of the Seventy Disciples (First century).

It is commonly believed that the Silas of the Acts is the same person as the Silvanos of Saint Paul's epistles. He was sent with Paul and Barnabas to Antioch. Because of that he was one of the eminent persons of the Church of Jerusalem. Afterwards he followed Paul into many countries and was appointed as the bishop in Corinth, where he peacefully died.

Saint Silvan became Bishop of Thessalonica, where he labored much and suffered much. He also reposed in peace.

Saint Crescens also followed the Apostle Saint Paul and reached Galatia. He became bishop in Galatia and a missionary in Gaul. There he died as a martyr during the reign of Trajan.

In the epistle to the Romans (Romans 16:5) Saint Epenetos is called the "first-fruits of Asia" (that is: of Ephesus and not of Achaia as it is sometimes said). He became Bishop of Carthage. After enduring many afflictions from the idolators and bringing many of them to Christ, he reposed.

Saint Andronicos is the same person as the Andronicos who is commemorated on May 17 with Saint Junias. Saint Andronicus was bishop of Pannonia. He is also commemorated on the 4th of january (Synaxis of the 70 Apostles/Disciples).

30 JULI

      ΙΟΥΛΙΟΣ

DJ

 

Ý

Kreskes (Kriskentos)

(Crescens, Crescenus)

(Criscus, Criscentus)

Martelaar

Sint Crescenus kwam uit Myra in Lycië. Hij kwam uit een befaamde familie. Omdat hij christen was, werd hij gearresteerd. Omdat hij weigerde aan de afgoden te offeren, werd hij opgehangen, geslagen, geschaafd en daarna in het vuur gegooid. Hij stierf in de vlammen, maar zijn hoofdhaar bleef ongedeerd.

Saint Crescens was from Myra of Lycia. He was born of an illustrious family. For being a christian he was arrested. Because he refused to offer sacrifice to the idols he was hung up and beaten, scraped and then cast into fire. He died in the flames, but the hair of his head was unharmed.

15 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

DJ

 

Ý

Kriskentos (Kreskes)

(Crescens, Crescenus)

(Criscus, Criscentus),

Anektos, Paulus, Dionysios en Cyprianus, Metgezellen van Quadratus (Codratus) van Korinthië

Tijdens de vervolging van Christenen vluchtte de moeder van Codratus naar de bergen en in de grotten. Ze was toen zwanger en beviel van Codratus in het bos. Kort daarna stierf ze. Codratus groeide op in de natuur en in eenzaamheid en werd verzorgd, gevoed en geleid door God. Op twaalfjarige leeftijd kwam hij naar de stad en daar gaven mensen hem een opleiding. Hij studeerde medicijnen en genas de zieken. Toen zich weer nieuwe vervolgingen voordeden werd Codratus voor het gerecht gebracht en in de gevangenis geworpen. Vijf metgezellen sloten zich bij hem aan vanwege hun Christen zijjn: Cyprian, Dionysius, Anectus, Paulus en Crescens. Ze werden allen door de straten gesleept, met staven geslagen en gestenigd tot ze uiteindelijk naar het schavot gesleept werden. Daar werden de martelaren onthoofd. Op deze plek spoot een waterbron uit de grond die zelfs vandaag nog Codratus wordt genoemd. Dit gebeurde in Korinthie tijdens het regime van Keizer Valerianus (253-260) of in het jaar 250 A.D. tijdens het regime van Keizer Decius en zijn gouverneur Jason.

During the time of the persecution of Christians the mother of Codratus fled to the mountains and into the caves. She was pregnant at the time and gave birth to Codratus in the forest. She died shortly thereafter. Codratus grew up in nature and in solitude and was cared for by, fed by and guided by God. In the age of twelve he entered into town and there some people provided him with an education. He studied medicine and healed the sick. When a new persecution arose again Codratus was brought to trial and cast into prison. Five companions joined him for being Christians: Cyprian, Dionysius, Anectus, Paul and Crescens. They were all dragged through the streets, beaten with rods and stoned until they were eventually dragged to the scaffold. There the martyrs were beheaded. On this spot a source of water gushed out of the ground which is still called Codratus even today. This happened in Corinth during the reign of Emperor Valerian (253-260) or in the year 250 A.D. during the reign of Emperor Decius and his governor Jason.

10 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DJK

 

Ý

Kriskentos (Kreskes)

(Crescens, Crescenus)

(Criscus, Criscentus)

 

Synaxis van de 70 apostelen

Sunaksi ton 70 Apostolon

Crescens (Criscentus) of Criscus, was één van de 70 Discipelen en Apostelen van Christus waren door Hem gekozen ter aanvulling op de Twaalf en heengezonden voor de prediking. Zij begeleidden en assisteerden de Heilige Twaalf Apostelen, die in verschillende landen de Gospel van Christus preekten. In de loop van de tijd werden anderen aan hun aantal toegevoegd door de Heilige Apostelen en hun aantal werd uiteindelijk groter dan zeventig. Niettemin werd altijd naar hen verwezen als “van de Zeventig”:

Crescens (Criscentus) or Criscus, was one of the 70 Disciples and Apostles of Christ were chosen by Him in addition to the Twelve and sent forth unto the work of preaching. They accompanied and assisted the Holy Twelve Apostles, who were preaching the Gospel of Christ in various lands. With the passage of time others were added to their number by the Holy Apostles and their number eventually exceeded seventy. Nonetheless they were all referred to as "of the Seventy":

04 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Kriskentos (Kreskes)

(Crescens, Crescenus)

(Criscus, Criscentus)

Epaenetus, Andronicus, Silas en Silvanus,

Apostelen van de 70

Silas, Silvanos, Crescens, Epenetos en Andronicos waren allen van de Zeventig Discipelen (Eerste eeuw).

Algemeen wordt aangenomen dat de Silas uit Handelingen dezelfde persoon is als de Silvanos uit Paulus’ brieven. Hij werd met Paulus en Barnabas naar Antiochië gestuurd. Daarom was hij één van de eminente personen van de Kerk van Jeruzalem. Later volgde hij Paulus naar vele landen en werd benoemd tot bisschop van Korinthië, waar hij in vrede stierf.

Sint Silvanus werd Bisschop van Thessalonika, waar hij veel werkte en veel leed. Ook hij overleed in vrede.

Sint Crescens volgde ook Apostel Paulus en bereikte Galatië. Hij werd bisschop in Galatië en missionaris in Gaul. Daar stierf hij als martelaar tijdens het regime van Trajanus.

In de brief aan de Romeinen (Romeinen 16:5) wordt Sint Epenetos het "eerste fruit van Azië" genoemd (d.w.z.: van Ephesus en niet van Achaia zoals soms wordt gezegd). Hij werd Bisschop van Carthage. Na veel kwelllingen door de afgodaanbidders te hebben ondergaan, en velen van hen te hebben bekeerd, overleed hij.

Sint Andronicos is dezelfde persoon als de Andronicos die wordt herdacht op 17 mei met Sint Junias. Sint Andronicus was bisschop van Pannonia. Hij wordt ook herdacht op 4 januari (Synaxis van de 70 Apostelen/Discipelen).

Silas, Silvanos, Crescens, Epenetos and Andronicos were all of the Seventy Disciples (First century).

It is commonly believed that the Silas of the Acts is the same person as the Silvanos of Saint Paul's epistles. He was sent with Paul and Barnabas to Antioch. Because of that he was one of the eminent persons of the Church of Jerusalem. Afterwards he followed Paul into many countries and was appointed as the bishop in Corinth, where he peacefully died.

Saint Silvan became Bishop of Thessalonica, where he labored much and suffered much. He also reposed in peace.

Saint Crescens also followed the Apostle Saint Paul and reached Galatia. He became bishop in Galatia and a missionary in Gaul. There he died as a martyr during the reign of Trajan.

In the epistle to the Romans (Romans 16:5) Saint Epenetos is called the "first-fruits of Asia" (that is: of Ephesus and not of Achaia as it is sometimes said). He became Bishop of Carthage. After enduring many afflictions from the idolators and bringing many of them to Christ, he reposed.

Saint Andronicos is the same person as the Andronicos who is commemorated on May 17 with Saint Junias. Saint Andronicus was bishop of Pannonia. He is also commemorated on the 4th of january (Synaxis of the 70 Apostles/Disciples).

30 JULI

      ΙΟΥΛΙΟΣ

DJ

 

Ý

Kriskentos (Kreskes)

(Crescens, Crescenus)

(Criscus, Criscentus)

Martelaar

Sint Crescenus kwam uit Myra in Lycië. Hij kwam uit een befaamde familie. Omdat hij christen was, werd hij gearresteerd. Omdat hij weigerde aan de afgoden te offeren, werd hij opgehangen, geslagen, geschaafd en daarna in het vuur gegooid. Hij stierf in de vlammen, maar zijn hoofdhaar bleef ongedeerd.

Saint Crescens was from Myra of Lycia. He was born of an illustrious family. For being a christian he was arrested. Because he refused to offer sacrifice to the idols he was hung up and beaten, scraped and then cast into fire. He died in the flames, but the hair of his head was unharmed.

15 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

DJ

 

Ý

Krispos (Crispus)

 

Synaxis van de 70 apostelen

Sunaksi ton 70 Apostolon

Crispus was één van de 70 Discipelen en Apostelen van Christus waren door Hem gekozen ter aanvulling op de Twaalf en heengezonden voor de prediking. Zij begeleidden en assisteerden de Heilige Twaalf Apostelen, die in verschillende landen de Gospel van Christus preekten. In de loop van de tijd werden anderen aan hun aantal toegevoegd door de Heilige Apostelen en hun aantal werd uiteindelijk groter dan zeventig. Niettemin werd altijd naar hen verwezen als “van de Zeventig”:

Crispus was one of the 70 Disciples and Apostles of Christ were chosen by Him in addition to the Twelve and sent forth unto the work of preaching. They accompanied and assisted the Holy Twelve Apostles, who were preaching the Gospel of Christ in various lands. With the passage of time others were added to their number by the Holy Apostles and their number eventually exceeded seventy. Nonetheless they were all referred to as "of the Seventy":

04 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Kruisverheffing (Stavros)

Feest van Kruisverheffing

Exaltation of the Life-Giving Cross

Ypsosi tou Timiou Staurou

In het jaar 324 ging Sint Helena op pelgrimstocht naar Jeruzalem. Daar vond zij het spoorloos verdwenen Kruis waaraan Christus was gestorven. Dit vond plaats op 14 september.

In the year 324 Saint Helena went to Jerusalem on pilgrimage. There she found the Cross, on which Christ had died, and that had been disappeared without a trace. This happened on september 14.

14 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

ABDF

GHIJ

K

 

Ý

Kurillos (Cyrillus)

Aartsbisschop van Alexandrië

Sint Cyrillus werd rond 376 in Alexandrië geboren, neef van Theophilus, Patriarch van Alexandrie, die hem ook christelijk opvoedde. Sint Cyrillus volgde zijn oom op in 412. Hij presideerde over het 3e Eucumenische Concilie van de 200 Vaders in 431 in Ephesus, en veroordeelde de goddeloze leer van Nestorius, die weigerde voor hem te verschijnen. Hij was 32 jaar Patriarch van de Kerk en overleed in 444. Vandaag wordt zijn sterfdag herdacht. Sint Cyrillus wordt ook herdacht op 18 januari (>>>zie Cyrillus 18 januari).

Saint Cyril was born about the year 376 in Alexandria, nephew of Theophilus, Patriarch of Alexandria, who also raised him in christianity. Saint Cyril succeeded his uncle in 412. He presided over the 3rd Ecumenical Council of the 200 Fathers in 431 in Ephesus, and condemned the heretic teaching of Nestorius, who refused to appear before him. He was Patriarch of the Church for 32 years and died in 444. Today his death is commemorated. Saint Cyril is also commemorated on the 18th of january (>>>see Cyrillus 18 january).

09 JUΝI

      ΙΟΥΝΙΟΣ

DJK

 

Ý

Kurillos (Cyrillus)

patriarch van Alexandrië

Vanwege problemen met de Nestorianen werd Sint Cyrillus korte tijd verbannen. Vandaag wordt herdacht dat Sint Cyrillus opnieuw zijn zetel in Alexandrië besteeg. De dag van zijn dood wordt herdacht op 9 juni (>>>zie Cyrillus 19 juni).

Because of problems with the Nestorians Saint Cyril suffered a brief exile. Today is the commemoration of the restoration of Saint Cyril to his see in Alexandria. The day of his death is commemorated on the 9th of june (>>>see Cyrillus 19 june).

18 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DFGIJ

M

 

Ý

Kurillos (Cyrillus)

Aartsbisschop van Jeruzalem

Sint Cyrillus leefde gedurende het regime van Constantius, de zoon van Constantinus de Grote, in 340. Hij was de zoon van vrome en orthodoxe pareoudersnts, die hem christelijk opvoedden. Hij werd Patriarch van Jeruzalem, maar werd afgezet van zijn troon door Arius (met de toestemming van keizer Constantius) en verbanen van Jeruzalem. Toen Constantius stierf in 361, werd hij opgevolgd door Julianus de apostaat. Julianus beval dat allen die waren verbannen door Constantius terug konden keren naar hun bisdommen. Sint Cyrillus ontving de troon van Jerusalem. Na een paar jaar overleed hij.

Saint Cyril lived during the reign of Constantius, the son of Constantine the Great, in 340. He was the son of pious and orthodox parents, who educated him in christianity. He became the Patriarch of Jerusalem, but was deposed from his throne by Arius (with the approval of the emperor Constantius) and banished from Jerusalem. When Constantius died in 361, he was succeeded by Julian the apostate. Julian ordered that all who had been exiled by Constantius could return to their dioceses. Saint Cyril received the throne of Jerusalem. After a few years he reposed.

18 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DFIJK

 

Ý

Kurillos (Cyrillus)

Apostel voor de Slaviërs

 

 

14 FEBRUARI

    ΦΕΒΡΟΥΑΡΙΟΣ

D

 

Ý

Kurillos (Cyrillus)

en Methodius, Gelijken van de Apostelen,

Apostels voor de Slaviërs

 

 

11 MEI

     ΜΑΙΟΣ

CFIJK

 

Ý

Kurillos (Cyrillus) de Diaken,

Marcus van Arethusa, en hun Metgezellen

 

 

29 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DJK

 

Ý

Kurillos (Cyrillus) van Phileus

 

 

02 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

D

 

Ý

Kurillos (Cyrillus),

Photios en 152 (of 142) andere martelaren, metgezellen van Archelous, Martelaar

Sint Archelous stierf de martelaarsdood door het zwaard samen met 152 anderen (volgens sommigen waren het 142 martelaren). Onder deze martelaren waren Kyrillos en Photios.

Saint Archelous was martyred by the sword together with 152 others (according to some it were 142 martyrs). Amongst these martyrs were Kyrillos and Photios.

05 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

 

 

Ý

Kurillos (Cyrillus),

Acacius, Aesychius, Aetius, Aggia, Alexander, Athanasius, Candidus, Claudius, Cudio, Cyrius, Domitian, Domninus, Ecdicius, Eunoicus, Eutychius, Eutychus (Aglaius), Flavius, Gaius, Gorgonius, Helianus, Heraclius, Ile, Johannes, Leontius (Theoctistus), Lisimachus, Melito, Nicallus, Philotemon, Priscus, Sacerdos, Severianus, Sisinnius, Smaragdus, Theodulus, Theophilus, Valens, Valerius, Vicratius (Vibianus), Xantius, de 40 Martelaren van Sebaste

De 40 Martelaren van Sebaste waren Christelijke soldaten in het Romeinse leger in het jaar 320 A.D. Toen de vervolging van de Christenen begon tijdens het regime van Licinius, werden de martelaren vastgebonden en in een meer gegooid. Een wacht werd neergezet om te voorkomen dat ze zouden ontsnappen. Er was een verschrikkelijke vorst en het meer bevroor rondom de lichamen van de martelaren. De folteraars verwarmden een bad aan de rand van het meer om de martelaren over te halen Christus te loochenen. Eén van hen kwam uit het water en klom in het bad. Toen verscheen er een buitengewoon licht uit de hemel, dat het water en de lichamen van de martelaren verwarmde, en 39 kronen daalden uit de hemel neer op hun hoofden. De wacht aan de oever zag dit, trok al zijn kleren uit en voegde zich bij de martelaren in het meer. Inderdaad daalde de laatste en 40e kroon op zijn hoofd neer. De volgende dag waren de martelaren nog steeds in leven, dus gaven de rechtes het bevel om hun onderbenen te breken en in het water te gooien, zodat Christenen ze niet meer terug konden vinden. Op de derde nacht dreef elk been dat gescheiden was van hun lichamen aan de oppervlakte en gloeide als een kaars. Bisschop Petrus verzamelde en begroef ze eervol.

The 40 Martyrs of Sebaste were Christian soldiers in the Roman army in the year 320 A.D. When the persecution of Christians began during the reign of Licinius, the martyrs were bound and tossed into the lake. A guard was stationed to prevent them from escaping. There was a terrible frost and the lake froze around the bodies of the martyrs. The torturers heated a bath by the side of the lake in sight of the frozen martyrs to persuade them to deny Christ. One of them came out of the water and entered the bath. Then an extraordinary light appeared from heaven which warmed the water in the lake and the bodies of the martyrs and thirty-nine wreaths descended from heaven over their heads. The guard on the shore saw this, removed all his clothes and entered the lake to join the martyrs. Indeed, the last and fourtieth wreath descended upon him. The next day the martyrs were still alive, so the judges ordered that the lower part of their legs be broken and their bodies thrown into the water so Christians could not recover them. On the third night every bone which was separated from their bodies floated to the top and glowed like a candle. Bishop Peter gathered and honorably buried them.

09 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DJKM

 

Ý

Kurillos (Cyrillus)

Aartsbisschop van Jeruzalem

 

 

07 MEI

     ΜΑΙΟΣ

D

 

Ý

Kypros (Cyprus),

Metgezel van Chrysa (Aura, Avra)

de Hiero-Martelaar Hippolytus (Ippolytos), priester van de Kerk van Rome, de martelaren Censorinus (Kensourinos), en 20 soldaten en gevangenisbewaarders met hem, Sabinos (of Sabaïnos), Chrysa (of Aura, Avra) de maagd en haar 20 metgezellen: Amandinus, Archelaus de Diaken, Ares, Commodus (Komodos), Cyprus (Kypros), Cyriacus (of Quirinus) (Kyriakos of Kyrinos) de bisschop, Eusebius, Felix (Felikos), Herculianus (of Herculinus) (Erkoulios of Erkoulinos), Hermes (Ermis), Maurus (Mavros), Maximus, Maximus de presbyter, Mennas (Minas), Monagrius, Olympius (of Olympinos), Rusticus (Roustikos), Stiracius (Styrakios), Theodorus de Tribuun en Venerius (Benerios), martelaren.

Sint Hippolytus wordt genoemd als een paus of een bisschop van Rome. Eén website noemt hem als een antipope. Hij was een discipel van Sint Irenaeus, bisschop van Lugdunum (Lyons in Frankrijk) en een christelijke theoloog, die vele verhandelingen en commentaren op de Bijbelse Boeken schreef. Hij was één van de laatste Westerse Vaders, die in het Grieks schreef. Toen Sint Hippolytus hoorde over het lijden van deze martelaren, verscheen hij voor de gouverneur en protesteerde tegen hun onmenselijkheid. De woedende gouverneur veroordeelde hem tot martelingen. Na lange kwellingen bonden ze zijn handen en voeten en gooiden hem in zee. Zijn relieken werden naar de kerk van de Martelaren Laurentius en Paus Damasus in Rome overgebracht..

Sint Censorinus was een hooggeplaatste magistraat. Hij werd gearresteerd en in de gevangenis gegooid omdat hij christen was. Toen hij een dode man tot leven wekte, bekeerden twintig soldaten en gevangenisbewaarders zich tot het christendom. Zij werden samen met Sint Censorinus onthoofd.

Toen werd de maagd Chryse, die uit een aristocratische familie kwam, ondervraagd. Zij bekende een christin te zijn en werd gemarteld. Eerst openden ze haar zijden en verbrandden haar wonden met brandende kaarsen. Na vele verschrikkelijke kwellingen bonden ze een grote steen om haar nek en verdronken haar in zee. Samen met Sint Chryse stierven de martelaren Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore de tribuun, Maximus de presbyter, Archelaus de diaken en Cyriacus de bisschop.

Met zware stenen rond zijn nek gebonden werd Sint Sabinus aan een boom opgehangen. De heidenen verbrandden zijn zijden met toortsen tot hij stierf.

Al deze Romeinse martelaren stierven in het jaar 269 AD. Met name het martelaarschap van Sint Chrysa wordt gerapporteerd.

Saint Hippolytus is mentioned as a pope or a bishop of Rome. One website mentions him as an antipope. He was a disciple of St Irenaeus, bishop of Lugdunum (Lyons in France) and a christian theologian who wrote many treatises and commentories on the Biblical Books. He was one of the last Western Fathers to write in Greek. When Saint Hippolytus he learned of the suffering of these martyrs, he appeared before the governor and protested against their inhumanity. The enraged governor sentenced him to be tortured. After long torments, they tied his hand and feet and threw him into the sea. His relics were put in the church of the martyrs Laurence and Pope Damasus in Rome.

St Censorinus was a high-ranking magistrate. He was arrested and thrown into prison being a christian. When he raised up a dead man, twenty soldiers and prison guards were converted to christianity. They were beheaded with St Censorinus.

Then the virgin Chryse, who was from an aristocratic family, was brought for interrogation. She confessed being a christian and was tortured. At first they opened her sides and they burned her wounds with burning candles. After many other horrible torments, they tied a big rock around her neck and drowned her in the sea. With Saint Chryse suffered the martyrs Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore the Tribune, Maximus the Presbyter, Archelaus the Deacon, and Cyriacus the Bishop.

With heavy rocks tied around his neck, Saint Sabinus was hung on a tree. The idolaters burned his sides with torches untill he died.

All these Roman martyrs suffered in the year 269 AD. Especially the martyrdom of Saint Chrysa is reported.

30 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

 

 

Ý

Kyriaki

>>>zie Kiriaki (Cyriaca)

>>>see Kiriaki (Cyriaca)

 

 

 

Ý

Kyriaki Meta Tin Christou Gennisin

Zondag Na De Geboorte Van Christus

Sunday After The Nativity Of Christ

David de Profeet, Jacobus broer van Christus, en Joseph de Toegezegde

Zondag na eerste Kerstdag (dag na de geboorte van Jezus Christus’Tweede Kerstdag).

Sunday after the Nativity of Jesus Christ (one day after the Nativity of Jesus Christ).

26 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

DJ

 

Ý

Kyriaki Ton Agion Propatoron

(Ton Agion Popatoron, Propatoron)

Zondag van de Heilige Voorvaderen van Christus

Sunday of the Holy Ancestors of Christ

Adam de Eerste Vader, Enoch, Melchisedec, Abraham de Vriend van God, Isaac het Fruit van de Belofte, Jacob en de 12 Patriarchen, Vervolgens degenen die onder de Wet leefden: Moses Aaron, Josue, Samuel, David, en de Profeten: Isaia, Jeremia, Ezechiel, de 12 kleine profeten, Elia, Eliseus, Zacharia en Johannes de Doper en tot slot de Maagd Maria.

Zondag van de Heilige Voorvaderen van Christus. Op de zondag tussen 11 en 17 December worden alle Voorvaderen van Christus volgens het vlees herdacht::

Adam de Eerste Vader, Enoch, Melchisedec, Abraham, de vriend van God, Isaac, het fruit van de Belofte, Jacob en de twaalf patriarchen.

Vervolgens degenen die onder de Wet leefden:

Moses, Aaron, Josue, Samuel, David, en de Profeten: Isaia, Jeremia, Ezechiel, de 12 kleine profeten, Elia, Eliseus, Zacharia, en Johannes de Doper, en tot slot de Maagd Maria.

Sunday of the Holy Ancestors of Christ.

On the Sunday between December 11 and 17, all the Ancestors of Christ according to the flesh are being remembered:

Adam the first Father, Enoch, Melchisedec, Abraham, the friend of God, Isaac, the fruit of the Promise, Jacob and the twelve patriarchs.

Then those who lived under the Law:

Moses, Aaron, Josue, Samuel, David, and the Prophets: Isaia, Jeremia, Ezechiel, the twelve minor prophets, Elia, Eliseus, Zacharia, and John the Baptist, and finally the Virgin Mary.

14 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2008

13 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2009

12 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2010

11 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2011

16 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2012

15 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2013

14 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2014

13 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2015

11 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2016

17 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2017

JM

 

Ý

Kyriaki Ton Myrophoron

Ton Myrophoron (Myrophoron)

Zondag van de Mirre-dragende Vrouwen

Sunday of the Myrrh-Bearing Women

 

Maria Magdalena, de Maagd Maria (de Theotokos), Joanna, Salome, Maria de vrouw van Cleopas (of Alphaeus), Susanna, Maria van Bethanië en Martha van Bethanië

De Mirre-Dragers hadden begrafeniskruiden en –zalven naar het graf gebracht voor het lichaam van Christus. Zij waren de eersten die de lege tombe zagen. Er zijn 8 vrouwen die algemeen geïdentificeerd worden als de Mirre-Dragers. Zij zijn: Maria Magdalena (22 Juli), de Maagd Maria (de Theotokos), Joanna (27 juni), Salome (3 Augustus), Maria de vrouw van Cleopas (of Alphaeus), Susanna, Maria van Bethanië (4 Juni) en Martha van Bethanië (4 Juni), de zusters van Lazarus. De Zondag van de Mirre-dragende Vrouwen valt op de 2e Zondag na Pasen.

The Myrrh-Bearers had brought funeral spices and ointments to finish commiting Christ's body to the grave. They were the first to see the empty tomb. There are eight women who are generally identified as the Myrrh-Bearers. They are: Mary Magdalene (July 22), the Virgin Mary (the Theotokos), Joanna (june 27 toevoegen), Salome (August 3), Mary the wife of Cleopas (or Alphaeus), Susanna, Mary of Bethany (June 4) and Martha of Bethany (June 4), the sisters of Lazarus. The Sunday of Myrrh-bearing Women falls on the second Sunday following Pascha.

11 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2008

03 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2009

18 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2010

08 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2011

29 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2012

19 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2013

04 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2014

26 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2015

15 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2016

30 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2017

 

 

Ý

Kyriaki Tis Pentikostis

(Kyriaki Tis Pentekostes)

 

Pentikostis

Pinksteren

Pentecost

Binnen het Orthodox christendom is Pinksteren het feest van de Triniteit. Het is een van de grote feesten waarin de theophanie, de Godsverschijning, wordt gevierd en het behoort bij de twaalf hoofdfeesten van de orthodoxe kerk, de Dodekaorton. Al deze feesten zijn gegroepeerd rond het grote feest der feesten, namelijk Pasen. Het feest van Pinksteren is altijd in de rij van de grote feesten opgenomen geweest, hoewel de definitie van de twaalf feesten in verschillende kerken uiteenloopt. Met Pinksteren wordt de komst van de Heilige Geest herdacht. Zoals Jezus met Hemelvaart beloofde, ontvingen zijn leerlingen op de vijftigste dag na Pasen Gods Geest. Deze Geest kwam in de vorm van vurige vlammen, die zich verspreidden en op elke discipel bleven rusten. Pinksteren wordt beschouwd als de verjaardag van de Kerk, omdat Orthodoxe christenen geloven dat Gods Geest steeds onder de mensen is blijven wonen. Vanaf Pinksteren wordt er weer geknield bij gebeden thuis en in de kerk, behalve op zondag. Elke zondag is gewijd aan de opstanding van Jezus uit de doden, en daarom wordt er op die dag alleen staand gebeden (in de Orthodoxe Kerk wordt hoofdzakelijk staande gebeden).

Within orthodox Christianity, Pentecost is the festival of the Trinity. It is one of the major feasts in which the theophany, is celebrated, and it belongs to the twelve head feasts of the orthodox church, the Dodekaorton. All these feasts have been grouped around the grand feast of the feasts, namely Easter. The feast of Pentecost has always been incorporated in the file of the grand feasts, although the definition of the twelve feasts in several churches diverges. With Pentecost the arrival of the Holy Spirit is commemorated. As Jesus with Ascension promised, his students received God’s Sipirit on the fiftieth day after Easter. This Spirit came in the form of enthusiastic flames, which spread and continued to rest on each disciple. Pentecost is considered to be the anniversary of the Church, because orthodox Christians believe that God’s Spirit always continued to live among people. As from Pentecost people kneel again at prayers at home and in the church, except on Sunday. Each Sunday has been dedicated to the rise of Jesus from death, and for this reason on that day people only pray standing up (in the orthodox church people mainly pray standing up).

15 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2008

07 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2009

23 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2010

12 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2011

03 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2012

23 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2013

08 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2014

31 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2015

19 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2016

04 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2017

 

 

Ý

Kyriaki tis Samareitidos

(Tis Samareitidos)

Zondag van de Samaritaanse Vrouw

Sunday of the Samaritan Woman

 

 

25 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2008

17 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2009

02 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2010

22 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2011

13 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2012

02 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2013

18 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2014

10 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2015

29 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2016

14 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2017

D

 

Ý

Kyriaki ton Baïon

Κυριακή των Βαΐων

Palmzondag

Palm Sunday

(Vaios, Dafnis)

Palmzondag. Eén week vóór Pasen.

Palm Sunday. One week before Easter.

20 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2008

12 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2009

28 MRT   - ΜΑΡΤΙΟΣ 2010

17 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2011

08 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2012

28 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2013

13 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2014

05 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2015

24 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2016

09 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2017

ADHM

 

Ý

Kyriakos

(Kyrinos, Cyriacus, Quirinus)

Metgezel van Chrysa (Aura, Avra)

de Hiero-Martelaar Hippolytus (Ippolytos), priester van de Kerk van Rome, de martelaren Censorinus (Kensourinos), en 20 soldaten en gevangenisbewaarders met hem, Sabinos (of Sabaïnos), Chrysa (of Aura, Avra) de maagd en haar 20 metgezellen: Amandinus, Archelaus de Diaken, Ares, Commodus (Komodos), Cyprus (Kypros), Cyriacus (of Quirinus) (Kyriakos of Kyrinos) de bisschop, Eusebius, Felix (Felikos), Herculianus (of Herculinus) (Erkoulios of Erkoulinos), Hermes (Ermis), Maurus (Mavros), Maximus, Maximus de presbyter, Mennas (Minas), Monagrius, Olympius (of Olympinos), Rusticus (Roustikos), Stiracius (Styrakios), Theodorus de Tribuun en Venerius (Benerios), martelaren.

Sint Hippolytus wordt genoemd als een paus of een bisschop van Rome. Eén website noemt hem als een antipope. Hij was een discipel van Sint Irenaeus, bisschop van Lugdunum (Lyons in Frankrijk) en een christelijke theoloog, die vele verhandelingen en commentaren op de Bijbelse Boeken schreef. Hij was één van de laatste Westerse Vaders, die in het Grieks schreef. Toen Sint Hippolytus hoorde over het lijden van deze martelaren, verscheen hij voor de gouverneur en protesteerde tegen hun onmenselijkheid. De woedende gouverneur veroordeelde hem tot martelingen. Na lange kwellingen bonden ze zijn handen en voeten en gooiden hem in zee. Zijn relieken werden naar de kerk van de Martelaren Laurentius en Paus Damasus in Rome overgebracht..

Sint Censorinus was een hooggeplaatste magistraat. Hij werd gearresteerd en in de gevangenis gegooid omdat hij christen was. Toen hij een dode man tot leven wekte, bekeerden twintig soldaten en gevangenisbewaarders zich tot het christendom. Zij werden samen met Sint Censorinus onthoofd.

Toen werd de maagd Chryse, die uit een aristocratische familie kwam, ondervraagd. Zij bekende een christin te zijn en werd gemarteld. Eerst openden ze haar zijden en verbrandden haar wonden met brandende kaarsen. Na vele verschrikkelijke kwellingen bonden ze een grote steen om haar nek en verdronken haar in zee. Samen met Sint Chryse stierven de martelaren Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore de tribuun, Maximus de presbyter, Archelaus de diaken en Cyriacus de bisschop.

Met zware stenen rond zijn nek gebonden werd Sint Sabinus aan een boom opgehangen. De heidenen verbrandden zijn zijden met toortsen tot hij stierf.

Al deze Romeinse martelaren stierven in het jaar 269 AD. Met name het martelaarschap van Sint Chrysa wordt gerapporteerd.

Saint Hippolytus is mentioned as a pope or a bishop of Rome. One website mentions him as an antipope. He was a disciple of St Irenaeus, bishop of Lugdunum (Lyons in France) and a christian theologian who wrote many treatises and commentories on the Biblical Books. He was one of the last Western Fathers to write in Greek. When Saint Hippolytus he learned of the suffering of these martyrs, he appeared before the governor and protested against their inhumanity. The enraged governor sentenced him to be tortured. After long torments, they tied his hand and feet and threw him into the sea. His relics were put in the church of the martyrs Laurence and Pope Damasus in Rome.

St Censorinus was a high-ranking magistrate. He was arrested and thrown into prison being a christian. When he raised up a dead man, twenty soldiers and prison guards were converted to christianity. They were beheaded with St Censorinus.

Then the virgin Chryse, who was from an aristocratic family, was brought for interrogation. She confessed being a christian and was tortured. At first they opened her sides and they burned her wounds with burning candles. After many other horrible torments, they tied a big rock around her neck and drowned her in the sea. With Saint Chryse suffered the martyrs Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore the Tribune, Maximus the Presbyter, Archelaus the Deacon, and Cyriacus the Bishop.

With heavy rocks tied around his neck, Saint Sabinus was hung on a tree. The idolaters burned his sides with torches untill he died.

All these Roman martyrs suffered in the year 269 AD. Especially the martyrdom of Saint Chrysa is reported.

30 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

 

 

Ý

Kyrillos

>>>zie Kurillos

>>>see Kurillos

 

Ý

Kyrinos

(Kyriakos, Cyriacus, Quirinus)

Metgezel van Chrysa (Aura, Avra)

de Hiero-Martelaar Hippolytus (Ippolytos), priester van de Kerk van Rome, de martelaren Censorinus (Kensourinos), en 20 soldaten en gevangenisbewaarders met hem, Sabinos (of Sabaïnos), Chrysa (of Aura, Avra) de maagd en haar 20 metgezellen: Amandinus, Archelaus de Diaken, Ares, Commodus (Komodos), Cyprus (Kypros), Cyriacus (of Quirinus) (Kyriakos of Kyrinos) de bisschop, Eusebius, Felix (Felikos), Herculianus (of Herculinus) (Erkoulios of Erkoulinos), Hermes (Ermis), Maurus (Mavros), Maximus, Maximus de presbyter, Mennas (Minas), Monagrius, Olympius (of Olympinos), Rusticus (Roustikos), Stiracius (Styrakios), Theodorus de Tribuun en Venerius (Benerios), martelaren.

Sint Hippolytus wordt genoemd als een paus of een bisschop van Rome. Eén website noemt hem als een antipope. Hij was een discipel van Sint Irenaeus, bisschop van Lugdunum (Lyons in Frankrijk) en een christelijke theoloog, die vele verhandelingen en commentaren op de Bijbelse Boeken schreef. Hij was één van de laatste Westerse Vaders, die in het Grieks schreef. Toen Sint Hippolytus hoorde over het lijden van deze martelaren, verscheen hij voor de gouverneur en protesteerde tegen hun onmenselijkheid. De woedende gouverneur veroordeelde hem tot martelingen. Na lange kwellingen bonden ze zijn handen en voeten en gooiden hem in zee. Zijn relieken werden naar de kerk van de Martelaren Laurentius en Paus Damasus in Rome overgebracht..

Sint Censorinus was een hooggeplaatste magistraat. Hij werd gearresteerd en in de gevangenis gegooid omdat hij christen was. Toen hij een dode man tot leven wekte, bekeerden twintig soldaten en gevangenisbewaarders zich tot het christendom. Zij werden samen met Sint Censorinus onthoofd.

Toen werd de maagd Chryse, die uit een aristocratische familie kwam, ondervraagd. Zij bekende een christin te zijn en werd gemarteld. Eerst openden ze haar zijden en verbrandden haar wonden met brandende kaarsen. Na vele verschrikkelijke kwellingen bonden ze een grote steen om haar nek en verdronken haar in zee. Samen met Sint Chryse stierven de martelaren Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore de tribuun, Maximus de presbyter, Archelaus de diaken en Cyriacus de bisschop.

Met zware stenen rond zijn nek gebonden werd Sint Sabinus aan een boom opgehangen. De heidenen verbrandden zijn zijden met toortsen tot hij stierf.

Al deze Romeinse martelaren stierven in het jaar 269 AD. Met name het martelaarschap van Sint Chrysa wordt gerapporteerd.

Saint Hippolytus is mentioned as a pope or a bishop of Rome. One website mentions him as an antipope. He was a disciple of St Irenaeus, bishop of Lugdunum (Lyons in France) and a christian theologian who wrote many treatises and commentories on the Biblical Books. He was one of the last Western Fathers to write in Greek. When Saint Hippolytus he learned of the suffering of these martyrs, he appeared before the governor and protested against their inhumanity. The enraged governor sentenced him to be tortured. After long torments, they tied his hand and feet and threw him into the sea. His relics were put in the church of the martyrs Laurence and Pope Damasus in Rome.

St Censorinus was a high-ranking magistrate. He was arrested and thrown into prison being a christian. When he raised up a dead man, twenty soldiers and prison guards were converted to christianity. They were beheaded with St Censorinus.

Then the virgin Chryse, who was from an aristocratic family, was brought for interrogation. She confessed being a christian and was tortured. At first they opened her sides and they burned her wounds with burning candles. After many other horrible torments, they tied a big rock around her neck and drowned her in the sea. With Saint Chryse suffered the martyrs Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore the Tribune, Maximus the Presbyter, Archelaus the Deacon, and Cyriacus the Bishop.

With heavy rocks tied around his neck, Saint Sabinus was hung on a tree. The idolaters burned his sides with torches untill he died.

All these Roman martyrs suffered in the year 269 AD. Especially the martyrdom of Saint Chrysa is reported.

30 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

 

 

Ý

Kyrionos (Cyrius),

Acacius, Aesychius, Aetius, Aggia, Alexander, Athanasius, Candidus, Cirillus, Claudius, Cudio, Domitian, Domninus, Ecdicius, Eunoicus, Eutychius, Eutychus (Aglaius), Flavius, Gaius, Gorgonius, Helianus, Heraclius, Ile, Johannes, Leontius (Theoctistus), Lisimachus, Melito, Nicallus, Philotemon, Priscus, Sacerdos, Severianus, Sisinnius, Smaragdus, Theodulus, Theophilus, Valens, Valerius, Vicratius (Vibianus), Xantius, de 40 Martelaren van Sebaste

De 40 Martelaren van Sebaste waren Christelijke soldaten in het Romeinse leger in het jaar 320 A.D. Toen de vervolging van de Christenen begon tijdens het regime van Licinius, werden de martelaren vastgebonden en in een meer gegooid. Een wacht werd neergezet om te voorkomen dat ze zouden ontsnappen. Er was een verschrikkelijke vorst en het meer bevroor rondom de lichamen van de martelaren. De folteraars verwarmden een bad aan de rand van het meer om de martelaren over te halen Christus te loochenen. Eén van hen kwam uit het water en klom in het bad. Toen verscheen er een buitengewoon licht uit de hemel, dat het water en de lichamen van de martelaren verwarmde, en 39 kronen daalden uit de hemel neer op hun hoofden. De wacht aan de oever zag dit, trok al zijn kleren uit en voegde zich bij de martelaren in het meer. Inderdaad daalde de laatste en 40e kroon op zijn hoofd neer. De volgende dag waren de martelaren nog steeds in leven, dus gaven de rechtes het bevel om hun onderbenen te breken en in het water te gooien, zodat Christenen ze niet meer terug konden vinden. Op de derde nacht dreef elk been dat gescheiden was van hun lichamen aan de oppervlakte en gloeide als een kaars. Bisschop Petrus verzamelde en begroef ze eervol.

The 40 Martyrs of Sebaste were Christian soldiers in the Roman army in the year 320 A.D. When the persecution of Christians began during the reign of Licinius, the martyrs were bound and tossed into the lake. A guard was stationed to prevent them from escaping. There was a terrible frost and the lake froze around the bodies of the martyrs. The torturers heated a bath by the side of the lake in sight of the frozen martyrs to persuade them to deny Christ. One of them came out of the water and entered the bath. Then an extraordinary light appeared from heaven which warmed the water in the lake and the bodies of the martyrs and thirty-nine wreaths descended from heaven over their heads. The guard on the shore saw this, removed all his clothes and entered the lake to join the martyrs. Indeed, the last and fourtieth wreath descended upon him. The next day the martyrs were still alive, so the judges ordered that the lower part of their legs be broken and their bodies thrown into the water so Christians could not recover them. On the third night every bone which was separated from their bodies floated to the top and glowed like a candle. Bishop Peter gathered and honorably buried them.

09 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DJKM

 

Ý

Kyros (Cyrus)

en Johannes de Wonderdoeners en Zilverlozen, Athanasia, haar dochters Theodora, Theoctiste en Eudoxia

Sint Cyrus leefde tijdens het regime van Diocletanus in Alexandrië. Vanwege de vervolgingen vluchtte hij naar een kleine monnikengemeenschap in de Golf van Arabië. Sint Johannes was soldaat. Toen hij hoorde over Sint Cyrus sloot hij zich bij hem aan. Ze leidden een leven van deugdzaamheid, genazen iedere ziekte en kregen de titel “Zilverlozen”. Athanasia en haar dochters werden gevangen genomen en voor het gerecht gesleept vanwege hun christelijke geloof. Toen Johannes en Cyrus hen wilden bijstaan, werden zij ook gevangengenomen. Na vele folteringen werden allen onthoofd in 292. Hun tombe werd een befaamd pelgrimsoord in Egypte. Het werd gevonden in het gebied van een modern vakantieoord nabij Alexandrë genaamd Abu Kyr. Cyrus en Johannes worden ook herdacht op 28 juni (>>>zie Anargiros 28 juni)

Saint Cyrus lived during the reign of Diocletan in Alexandria. Because of the persecutions he fled to a small community of monks in the Gulf of Arabia. Saint John was a soldier. When he heard about Saint Cyrus he joined him. They led a life of virtue, healed every disease and received the title of “Unmercenaries”. Athanasia and her daughters were arrested and taken to the tribunal because they were christians. When John and Cyrus wanted to support them, they were arrested too. After many torments all were beheaded in 292. Their tombe became a famous place of pilgrimage in Egypt. It was found in the area of a modern day resort near Alexandria called Abu Kyr. Cyrus and John are also commemmorated on 28 june (>>>see Anargiros 28 june)

31 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DFIJK

 

Ý

Kyros (Cyrus)

en Johannes de Wonderdoeners en Zilverlozen, Translatie van Relieken

Vandaag wordt Anargiros gevierd. Het Griekse woord anargyros betekent "geen geld accepterend" (zilverloos). Het was een epithet wat gegeven werd aan arts-heiligen die betaling voor hun vaardigheden weigerden. Cyrus en Johannes ontvingen deze titel (>>>zie Anargiros 28 juni). Zij worden ook herdacht op 31 januari (>>>zie Cyrus en Johannes 31 januari).

Today Anargiros is celebrated. The Greek word anargyros means "without accepting money" (unmercenary). It was an epithet given to physician saints who refused payment for their skills. Cyrus and John received this title (see Anargiros June 28). They are also commemorated on 31 january (>>>see Cyrus and Johannes january 31).

28 JUΝI

      ΙΟΥΝΙΟΣ

DJK

 

Ý

 

 

ABC

Belangrijkste naamdagen

Most important namedays

ABC

Waarschijnlijk onbetrouwbare info

Probably false information

ABC

Veranderlijke feestdagen

Variable feastdays

ABC

Officiële feestdag, wordt in bepaalde gevallen op een andere dag gevierd

Official feastday, in certain cases celebrated on another day

ABC

Onduidelijke informatie

Obscure information

 

A

naamdagen van de Griekse Gids

http://www.grieksegids.nl/naamdagen/naamdagenindex.htm

B

Explore Crete, the real guide about Crete

http://www.explorecrete.com/dutch/namedays-du.html

C

Festival dates of the Greek Orthodox church

http://www.theodorou.freeserve.co.uk/greekcyp/links/saints.htm

D

Greek Orthodox Archdiocese of America

http://www.goarch.org/en/Chapel/calendar.asp

E

Nostos

http://nostos.com

F

Greek Namedays (Eortologie)

http://www.sfakia-crete.com/sfakia-crete/greeknamedays.html

G

Cyprus-Namedays

http://www.xenofontravel.nl/paginas/cyprus_algemeen_b.html

H

Namedays-in2greece

http://www.in2greece.com/english/factstrivia/facts/namedays.htm

I

goGreece.com: Event Calendar – Namedays

http://www.gogreece.com/events/Namedays.html

J

Rongolini Synaxarion Calendar

http://www.rongolini.com/synaxariontoc.htm

K

Serbian Unity Congres – Servisch-Orthodoxe kalender

http://www.serbianunity.net/spc/kalendar.html

L

Behind the Name – Names – Meaning of names – Namedays etc.

http://behindthename.com

M

Reference on the Greek namedays

http://www.namedays.gr/data/eortes/namedays_A.htm

 

Ý

ã Marina Moundrea 2003-2008. Alle rechten voorbehouden / All rights reserved.

Laatste update / Last update: 1 December 2008

 

 

 


Web Hosting · Blog · Guestbooks · Message Forums · Mailing Lists
Easiest Website Builder ever! · Build your own toolbar · Free Talking Character · Email Marketing
powered by a free webtools company bravenet.com