untitled
viviti

CHRONIAPOLLA

Kalender

chronologisch

Kalender alfabetisch

Betekenis

van namen

Biografieën

van Heiligen

Zoek

namen

GRIEKSENAAMDAGEN

 Home

Wie zijn wij

Laatste Nieuws

Mailing List

Alle namen

(afgeleide namen)

Categorieën

van heiligen

Iconen

Mythologie

Blog

Gastenboek

Tell-a-Friend

E-cards

Linken

Contact

GRIEKSE NAAMDAGEN – M

A | B | C | D | E | F | G | H | I | J | K | L | M | N | O | P | Q | R | S | T | U | V | W | X | Y | Z

Explanation of the codes: see Footer

 

 

Agion Panton 

Allerheiligen

All-Saints

 

Macarius 5x

Macrina 2x

Magdalena

(Maria Magdalena) 2x

Magi

Magnus

Magon

Malachias

Malgalat

Mamantus (Mamas)

Mamas 2x

Mamminus (Mammius, Mammonius)

Mammius (Mamminus, Mammonius)

Mammonius (Mammius, Mamminus)

Mandelion (Mandylion)

Manuel

Marcella

Marcellinus

Marcellus 2x

Marcianus 5x

Marcus 10x

Mardarius

Mardonius

Margarita 2x

Maria 22x

Maria-Boodschap

(Annunciatie van de Maagd, Evangelos, Euagelismos tis Theotokou)

Mariam

Marianthi

Marianus

Marina

Marinus 2x

Maron

Marsalius (Massalus (Marsalus)

Marsalus (Massalus, Marsalius)

Martha 4x

Martinianus

Martinus 2x

Martyrius

Massalus (Marsalus, Marsalius)

Matrona 4x

Mattheus 3x

Matthias

Maura

Mauricius

Maurus (Mavros) 2x

Mavros (Maurus) 2x

Maximianus 2x

Maximus 6x

Melania 2x

Melchior

Melchisedec

Meletius

Melissenus

Melito

Melodius

Melpomene

Memnon

Memnonus

Menandrus (Menander)

Menas (Minas) 4x

Menodora

Mercurius

Metamórfosi

Methodia

Methodius 3x

Metrodora

Metrophanes

Micah (Michaias)

Michael 5x

Michaias (Micah)

Miltiades 2x

Minas (Menas) 4x

Mirabella

Misael

Mnesarchos

Modestus

Monagrius

Monedimos (Benedimus)

Moscho

Moses 4x

Mucius

Muropis

Mygdonius

Myron

Myronus  

Myrophoron

GREEK NAMEDAYS – M

CHRONIAPOLLA

Calendar

chronological

Calendar alphabetical

Meaning

of names

Biographies

of Saints

Search

names

GREEKNAMEDAYS

 Home

Who are we

Latest News

Mailing List

All names

(derived names)

Classification

of Saints

Icons

Mythology

Blog

Guest Map

Tell-a-Friend

E-cards

Links

Contact

Griekse Naamdagen - M

Greek Namedays - M Ý

 

NAAM HEILIGE / NAME OF SAINT

BIJZONDERHEDEN

NOTES

NAAMDAG/NAMEDAY

INFO

Agion Panton

Allerheiligen

All-Saints

Agion Panton (Allerheiligen) is een feestdag van de Orthodoxe Kerk, waarbij alle Heiligen van de kerk, die anoniem zijn gebleven, collectief worden herdacht. Deze dag wordt gevierd op de Zondag volgende op (orthodox) Pinksteren.

In Griekenland is het de gewoonte dat iedereen die geen “eigen” naamdag heeft, zijn of haar naamdag viert met Orthodox Allerheiligen. In Griekenland kun je iemand tot 40 dagen na zijn of haar naamdag nog feliciteren.

Agion Panton (All-Saints Sunday) is a feast day of the Orthodox Church collectively commemorating all the Saints of the church who have remained anonymous. This feast day is celebrated on the Sunday following (orthodox) Pentecost.

In Greece it is tradition that everybody without their “own” nameday celebrate their nameday on Orthodox All Saints’ Day. In Greece you can say congratulations till 40 days after the nameday.

22 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2008

14 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2009

30 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2010

19 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2011

10 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2012

30 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2013

15 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2014

07 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2015

26 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2016

11 JUΝI    - ΙΟΥΝΙΟΣ  2017

D

 

Ý

Macarius

Aartsbisschop van Korinthië

Afrikanos, Terentios, Pompeius, Maximos, Makarios en hun metgezellen waren allen afkomstig uit Afrika. Deze heilige martelaren leden voor het geloof onder Keizer Decius (249-251). Keizer Theodosius (379-395) gaf opdracht hun heilige relieken te plaatsen n het martyrium van Sint Euphemia in Petra bij Constantinopel.

Afrikanos, Terentios, Pompeius, Maximos, Makarios and their companions were all natives of Africa. These holy martyrs suffered for the faith under Emperor Decius (249-251). Emperor Theodosius (379-395) ordered that their holy relics had to be placed in the martyrium of Saint Euphemia in Petra near Constantinople.

17 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

D

 

Ý

Macarius de Grote van Egypte

Sint Macarius de Grote kwam uit de Thebaid (Thebais) in Egypte. Volgens sommigen was hij een discipel van Sint Anthonius de Grote. Hij werd geboren rond 331 en leidde een ascetisch leven in de woestijn in Scete. Vanwege zijn grote wijsheid en strenge manier van leven op jonge leeftijd, werd hij "het oudere kind" genoemd. Eens betrapte hij een dief, die zijn spullen stal en ze op een kameel aan het laden was. Macarius' bezittingsdrang was zo klein, dat hij de dief hielp de kamele te laden. Hij werd tot presbyter verordend en overleed op 60-jarige leeftijd in het jaar 391.

Saint Macarius the Great was from the Thebaid (Thebais) of Egypt. According to some, he was a disciple of Saint Anthony the Great. He was born about 331 and lived an ascetical life in the desert at Scete. Because of his great wisdom and austere manner of life at a young age, he was called "the child elder". Once he found a thief taking his things and loading them on a camel. Macarius' non-possessiveness was so great, that he helped the thief load the camel. He was ordained presbyter and reposed at the age of sixty in the year 391.

19 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DFIJK

 

Ý

Macarius van Calogeras

 

 

16 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

D

 

Ý

Macarius,

Terentius, Pompius (Pompilius), Maximus, Afrikanus, Alexander, Theodorus, Zenon en hun Metgezellen, de 40 Martelaren van Carthage, Afrika

Afrikanos, Terentios, Pompeius, Maximos, Makarios, Alexander, Theodorus en hun metgezellen waren allen afkomstig uit Afrika. Deze heilige martelaren leden voor het geloof onder Keizer Decius (249-251) en werden onthoofd in Carthago in 251. Keizer Theodosius (379-395) gaf opdracht hun heilige relieken te plaatsen in het martyrium van Sint Euphemia in Petra bij Constantinopel. De precieze namen van de andere martelaren zijn niet met zekerheid bekend. Mogelijk zijn hun namen te vinden onder: Alexander, Anaxandros (Anaxarchos), Anaximenes, Aristeides, Chronis (Chronios), Dimaratos, Demokles, Dimosthenes, Dionysios, Elias, Epameinondas, Esaias, Eteokles, Hephaistion, Herakles, Homeros, Isokrates, Lucas, Miltiades, Mnesarchos, Parmenion, Pelopidas, Perikles, Philopimen, Phokion, Pindaros, Polybios, Polynikes, Prometheus, Sokrates, Sophokles, Themistokles, Theodorus, Theophrastos, Theseus, Thomas, Timotheos, Titos, Xenophon en Zenon, de 40 Martelaren van Afrika, die ook op 10 april worden herdacht (>>>zie één van deze namen voor meer informatie).

Afrikanos, Terentios, Pompeius, Maximos, Makarios, Alexander, Theodorus and their companions were all natives of Africa. These holy martyrs suffered for the faith under Emperor Decius (249-251) and were beheaded in Carthage in 251. Emperor Theodosius (379-395) ordered that their holy relics had to be placed in the martyrium of Saint Euphemia in Petra near Constantinople. The exact names of the other martyrs are not known for sure. Possibly their names can be found here: Alexander, Anaxandros (Anaxarchos), Anaximenes, Aristeides, Chronis (Chronios), Dimaratos, Demokles, Dimosthenes, Dionysios, Elias, Epameinondas, Esaias, Eteokles, Hephaistion, Herakles, Homeros, Isokrates, Lucas, Miltiades, Mnesarchos, Parmenion, Pelopidas, Perikles, Philopimen, Phokion, Pindaros, Polybios, Polynikes, Prometheus, Sokrates, Sophokles, Themistokles, Theodorus, Theophrastos, Theseus, Thomas, Timotheos, Titos, Xenophon and Zenon, the 40 Martyrs of Africa, who are also commemorated on april 10 (>>>see one of these names for more information).

10 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

J

 

Ý

Macarius,

Adam, Benjamin, Domnus, Elias, Eusebius, Hypatius, Isaac, Isaiah, Jeremiah, Mark, Moses, Paul, Proclus, Sabbas en Sergius, Martelaren van Sinai en Raithu

De Martelaren die gedood werden in Sinai en Raithu worden samen vereerd op 14 januari. Het waren twee verschillende groepen heiligen en ze werden gedood in verschillende periodes en op verschillende locaties. Eén groep van deze martelaren werd gedood in Sinai rond het jaar 296, tijdens het regime van Diocletianus. De andere groep martelaren werd gedood in Raithu rond het midden van de vijfde eeuw. Beide groepen martelaren werden gedood door de Blemmyes (Blemmyae), een nomadische Nubische stam uit delen van Arabië en Egypte.

The Martyrs slain at Sinai and Raithu are venerated together on January 14th. They were two different groups of saints and were killed at different times and at different locations. One group of these martyrs were killed at Sinai about the year 296, during the reign of Diocletian. The other group of martyrs were killed in Raithu about the middle of the fifth century. Both groups of martyrs were killed by the Blemmyes (Blemmyae), a nomadic Nubian tribe from parts of Arabia and Egypt.

14 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DJ

 

Ý

Macrina de Jongere

zuster van Basilius de Grote en Gregorius van Nyssa

Haar moeder Emilia, haar grootmoeder Macrina, en haar broers Basilius de Grote, Gregorius van Nyssa, Petrus van Sebastia en Naucratius zijn allen Heiligen van de Kerk. Volgens sommigen was ook Theosebia, de diakonesse, haar zuster. Haar identificatie is echter dubbelzinnig (>>>zie Theosebia, 10 januari). Sint Macrina (327-380) was een voorbeeld van een ascetisch leven. Zij oefende sterke invloed uit op het leven en karakter van Sint Basilius.

Her mother Emilia, her grandmother Macrina, and her brothers Basil the Great, Gregory of Nyssa, Petrus of Sebastia and Naucratius are all Saints of the Church. According to some, also Theosebia, the deaconess, was her sister. However her identification is ambiguous (>>>see Theosebia, January 10). Saint Macrina (327-380) was an exemplar of ascetic life. She exerted strong influence on the life and character of Saint Basil.

19 JULI

      ΙΟΥΛΙΟΣ

DJ

 

Ý

Macrina de Oudere,

Emilia en Basilius de Oudere

Sint Macrina de Oudere was de moeder van Sint Basilius de Oudere en de grootmoeder van de Heiligen Basilius de Grote, Gregorius van Nyssa, Petrus van Sebaste en Macrina de Jongere. Ze leefde in Neocaesarea in Pontus tijdens het regime van de Romeinse keizers Galerius en Diocletianus. Er is weinig bekend over haar leven. Ze werd geboren rond het jaar 270. Gedurende de vervolgingen door Galerius en Diocletianus hielden Macrina en haar man zich zes of meer jaren verborgen aan de kusten van de Zwarte Zee. Sint Macrina de Oudere stierf rond 340.

Saint Macrina the Elder was the mother of Saint Basil the Elder and the grandmother of Saints Basil the Great, Gregory of Nyssa, Peter of Sebaste and Macrina the Younger. She lived in Neocaesarea in Pontus during the reign of the Roman emperors Galerius and Diocletian. Little is known about her life. She was born about the year 270. During the persecutions of Galerius and Diocletian, Macrina and her husband spent six or more years hiding along the shores of the Black Sea. Saint Macrina the Elder died about 340.

30 MEI

     ΜΑΙΟΣ

 

 

Ý

Magdalena
(Maria Magdalena)

(Marias Magdalinis)

de Mirre-Draagster,

Gelijke van de Apostelen

Sint Maria kwam van Magdala in Galilee aan de Zee van Tiberias, en heette daarom Magdalena. Nadat Jezus 7 demonen bij haar had uitgedreven, werd zij een trouwe discipel. Op de ochtend van de Opstanding vonden de Mirre-Dragers (waaronder Maria Magdalena) het graf leeg. Maria Magdalenae was de eerste om de Opgestane Jezus te zien. Sommigen zeggen dat zij na de Opstanding naar Rome ging en later terugkeerde naar Jeruzalem en vandaar naar Ephesus, waar zij prekend haar leven eindigde. Hoewel sommigen zeggen dat zij een “zondige vrouw” was, wordt dit nergens in de Bijbel vermeld.

Saint Mary was from Magdala in Galilee on the Sea of Tiberias, and for this was named Magdalene. When Jesus cast out 7 demons from her, she became a faithful disciple. On the morning of the Resurrection, the Myrrh-Bearers (amongst whom Mary Magdalene) found the tomb empty. Mary Magdalene was the first to behold Jesus arisen from the dead. According to some, after the Ascension she went to Rome and later returned to Jerusalem, and from there to Ephesus, where she ended her life, preaching. Although some say that she was a "sinful woman", this is nowhere stated in the Bible.

22 JULI

      ΙΟΥΛΙΟΣ

DFHI

JK

 

Ý

Magdalena

Maria (Magdalena)

de Maagd Maria (de Theotokos), Joanna, Salome, Maria de vrouw van Cleopas (of Alphaeus), Susanna, Maria van Bethanië en Martha van Bethanië, de Mirre-Dragers

 

Ton Myrophoron (Myrophoron)

Kyriaki Ton Myrophoron

Zondag van de Mirre-dragende Vrouwen

Sunday of the Myrrh-Bearing Women

De Mirre-Dragers hadden begrafeniskruiden en –zalven naar het graf gebracht voor het lichaam van Christus. Zij waren de eersten die de lege tombe zagen. Er zijn 8 vrouwen die algemeen geïdentificeerd worden als de Mirre-Dragers. Zij zijn: Maria Magdalena (22 Juli), de Maagd Maria (de Theotokos), Joanna (27 juni), Salome (3 Augustus), Maria de vrouw van Cleopas (of Alphaeus), Susanna, Maria van Bethanië (4 Juni) en Martha van Bethanië (4 Juni), de zusters van Lazarus. De Zondag van de Mirre-dragende Vrouwen valt op de 2e Zondag na Pasen.

The Myrrh-Bearers had brought funeral spices and ointments to finish commiting Christ's body to the grave. They were the first to see the empty tomb. There are eight women who are generally identified as the Myrrh-Bearers. They are: Mary Magdalene (July 22), the Virgin Mary (the Theotokos), Joanna (june 27 toevoegen), Salome (August 3), Mary the wife of Cleopas (or Alphaeus), Susanna, Mary of Bethany (June 4) and Martha of Bethany (June 4), the sisters of Lazarus. The Sunday of Myrrh-bearing Women falls on the second Sunday following Pascha.

11 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2008

03 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2009

18 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2010

08 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2011

29 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2012

19 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2013

04 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2014

26 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2015

15 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2016

30 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2017

 

 

Ý

Magi

Aanbidding van de Magi

I Proskynese Ton Magon

Adoration of the Magi

Balthasar, Melchior en Gaspar

Een wonderbaarlijke ster openbaarde de Geboorte van Christus aan de Wijzen Balthasar, Melchior en Gaspar. Dit was geen gewone ster, maar een "manifestatie van goddelijke energie" (Verhaal van de Aanbidding van de Magi). Toen de Wijzen het huis binnen gingen waar de Zuigeling Christus lag, vielen de Wijzen neer "en aanbaden Hem: en toen zij hun schatten hadden geopend, gaven zij Hem giften: goud, wierook en mirre" (Mt. 2:11). Het Evangelie vermeldt niet de namen van de drie Wijzen (Magi). De overlevering dat er drie bezoekers van het oosten waren is zeer oud. Hun namen worden echter pas in de Middeleeuwen vermeld. De beenderen waarvan beweerd wordt dat ze de overblijfselen van de Magi zijn, verblijven sinds 1164 in de kathedraal van Keulen, Duitsland.

Volgens één website zijn de namen Balthasar, Melchior en Gaspar Verlatijnste Perzische namen. Hun Griekse namen zouden zijn: Apellius, Amerius en Damascus; en hun Hebreeuwse namen: Galgalat, Malgalat en Sarathin (>>>zie ook deze namen)

A wondrous star revealed the Nativity of Christ to the Magi Balthasar, Melchior and Gaspar. This was no ordinary star, but a "manifestation of divine energy" (Narrative of the Adoration of the Magi). When the Magi entered the house where the Infant Christ lay, the Magi "fell down, and worshipped Him: and when they had opened their treasures, they presented Him gifts: gold, frankincense and myrrh" (Mt. 2:11). The Gospel doesn’t mention the names of the three Wise Men (Magi). The tradition that there were three visitors from the east is very ancient. However their names are only mentioned in the Middle Ages. Bones that are said to be the relics of the three Magi have been in the cathedral at Cologne, Germany, since 1164.

According to one website the names Balthasar, Melchior and Gaspar are Latinized Persian names. The site states that their Greek names are: Apellius, Amerius and Damascus; and their Hebrew names: Galgalat, Malgalat and Sarathin (>>>also see these names).

25 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

 

 

Ý

Magnus,

Antipater, Artemas, Rufus, Thaumasius, Theodotos, Theognis, Theosticus en Philemon, de Negen Monnik-Martelaren van Cyzicus

De Negen Monnik-Martelaren van Cyzikos waren Theognis (Theognes), Rufus, Antipater, Theosticus (Theostichus, Theostoichus), Artemas (Arcemas), Magnus, Theodotos (Theodorus), Thaumasius (Thaumasilas) en Philemon. Ze kwamen uit verschillende gebieden. Ze weigerden aan afgoden te offeren of Christus te loochenen. Hierom werden ze wreed gemarteld en uiteindelijk samen onthoofd in Cyzicus, een stad in Klein-Azië aan de zuidkust van de Zee van Marmara, waarschijnlijk onder de tiran Licinius rond het jaar 322-323, volgens anderen in de 3e eeuw.

The Nine Monk-Martyrs of Cyzikos were Theognis (Theognes), Rufus, Antipater, Theosticus (Theostichus, Theostoichus), Artemas (Arcemas), Magnus, Theodotos (Theodorus), Thaumasius (Thaumasilas) and Philemon. They were from various regions. They refused to offer sacrifice to idols or to deny Christ. For this they were harshly tortured and finally beheaded together in Cyzicus, a city in Asia Minor on the southern coast of the Sea of Marmara, probably under the tyrant Licinius around the year 322-323, according to others in the 3rd century.

Griekse kalender:

Greek Calendar:

28 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

Slavische kalender:

Slavic Calendar:

29 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

DJ

 

Ý

Magon

I Proskynese Ton Magon

Adoration of the Magi

Aanbidding van de Magi

Balthasar, Melchior en Gaspar

Een wonderbaarlijke ster openbaarde de Geboorte van Christus aan de Wijzen Balthasar, Melchior en Gaspar. Dit was geen gewone ster, maar een "manifestatie van goddelijke energie" (Verhaal van de Aanbidding van de Magi). Toen de Wijzen het huis binnen gingen waar de Zuigeling Christus lag, vielen de Wijzen neer "en aanbaden Hem: en toen zij hun schatten hadden geopend, gaven zij Hem giften: goud, wierook en mirre" (Mt. 2:11). Het Evangelie vermeldt niet de namen van de drie Wijzen (Magi). De overlevering dat er drie bezoekers van het oosten waren is zeer oud. Hun namen worden echter pas in de Middeleeuwen vermeld. De beenderen waarvan beweerd wordt dat ze de overblijfselen van de Magi zijn, verblijven sinds 1164 in de kathedraal van Keulen, Duitsland.

Volgens één website zijn de namen Balthasar, Melchior en Gaspar Verlatijnste Perzische namen. Hun Griekse namen zouden zijn: Apellius, Amerius en Damascus; en hun Hebreeuwse namen: Galgalat, Malgalat en Sarathin (>>>zie ook deze namen)

A wondrous star revealed the Nativity of Christ to the Magi Balthasar, Melchior and Gaspar. This was no ordinary star, but a "manifestation of divine energy" (Narrative of the Adoration of the Magi). When the Magi entered the house where the Infant Christ lay, the Magi "fell down, and worshipped Him: and when they had opened their treasures, they presented Him gifts: gold, frankincense and myrrh" (Mt. 2:11). The Gospel doesn’t mention the names of the three Wise Men (Magi). The tradition that there were three visitors from the east is very ancient. However their names are only mentioned in the Middle Ages. Bones that are said to be the relics of the three Magi have been in the cathedral at Cologne, Germany, since 1164.

According to one website the names Balthasar, Melchior and Gaspar are Latinized Persian names. The site states that their Greek names are: Apellius, Amerius and Damascus; and their Hebrew names: Galgalat, Malgalat and Sarathin (>>>also see these names).

25 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

 

 

Ý

Malachias de Profeet

Malachias is de laatste van de 12 kleine Profeten en ook van al de Profeten van het Oude Testament. Hij profeteerde in de dagen van Nehemias.

Malachias is the last of the twelve minor Prophets and also of all the Prophets of the Old Testament. He prophesied in the days of Nehemias.

03 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Malgalat,

Galgalat en Sarathin

Hebreeuwse namen van de Drie Wijzen Balthasar, Melchior en Gaspar. Geen erkende Griekse naamdagen voor zover bekend.

>>>zie Balthasar, Melchior en Gaspar

Hebrew names of the Three Magi Balthasar, Melchior and Gaspar. No accepted Greek namedays as far as known.

>>>see Balthasar, Melchior and Gaspar.

25 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

 

 

Ý

Mamantus (Mamas)

van Caesarea in Cappadocië

Martelaar

en zijn ouders Theodotus en Rufina

De ouders van Sint Mamas, Theodotos en Roufina, leefden in Gaggra in Paflagina tijdens het regime van Keizer Aurilianos, die systematisch christenen vervolgde (270-275 AD). Vanwege hun geloof werden Theodotos en de zwangere Roufina gearresteerd en gevangengezet. Nadat Theodotos overleed, beviel Roufina in de gevangenis van haar zoon en korte tijd later overleed ook zij. Sint Mamas werd opgevoed door Ammia (of Matrona), en tijdens zijn tienerjaren werd hij christen. Op zijn 15e werd hij vanwege zijn geloof gearresteerd, gemarteld en uiteindelijk gedood, omdat hij weigerde zijn Christelijke geloof te verloochenen.  Een icoon uit Cyprus beeldt Mamas met een leeuw af. Dit verwijst naar een monnik Mamas, die weigerde belasting te betalen en op een leeuw naar de rechtbank reed. De rechter gaf hem ontheffing van de belasting.

The parents of Saint Mamas, Theodotos and Roufina, lived in Gaggra of Paflagonia during the reign of emperor Aurilianos, who exercised a systematic campaign against the Christians (270 - 275 AD). Because of their Christian faith, Theodotos and the pregnant Roufina were arrested and imprisoned. After her husband died, Roufina gave birth to her son in prison and soon after she died also. Saint Mamas was raised by Ammia (or Matrona), and during his teenage years he became a christian. At the age of 15 he was arrested, tortured and finally killed because he refused to deny his Christian faith. A Cypriot icon presents Saint Mamas riding a lion. This refers to a monk Mamas, who refused to pay taxes and rode to the court on a lion’s back. The judge granted him exclusion from taxation.

02 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

CDJK

 

Ý

Mamas (Mamantus)

van Caesarea in Cappadocië

Martelaar

en zijn ouders Theodotus en Rufina

De ouders van Sint Mamas, Theodotos en Roufina, leefden in Gaggra in Paflagina tijdens het regime van Keizer Aurilianos, die systematisch christenen vervolgde (270-275 AD). Vanwege hun geloof werden Theodotos en de zwangere Roufina gearresteerd en gevangengezet. Nadat Theodotos overleed, beviel Roufina in de gevangenis van haar zoon en korte tijd later overleed ook zij. Sint Mamas werd opgevoed door Ammia (of Matrona), en tijdens zijn tienerjaren werd hij christen. Op zijn 15e werd hij vanwege zijn geloof gearresteerd, gemarteld en uiteindelijk gedood, omdat hij weigerde zijn Christelijke geloof te verloochenen.  Een icoon uit Cyprus beeldt Mamas met een leeuw af. Dit verwijst naar een monnik Mamas, die weigerde belasting te betalen en op een leeuw naar de rechtbank reed. De rechter gaf hem ontheffing van de belasting.

The parents of Saint Mamas, Theodotos and Roufina, lived in Gaggra of Paflagonia during the reign of emperor Aurilianos, who exercised a systematic campaign against the Christians (270 - 275 AD). Because of their Christian faith, Theodotos and the pregnant Roufina were arrested and imprisoned. After her husband died, Roufina gave birth to her son in prison and soon after she died also. Saint Mamas was raised by Ammia (or Matrona), and during his teenage years he became a christian. At the age of 15 he was arrested, tortured and finally killed because he refused to deny his Christian faith. A Cypriot icon presents Saint Mamas riding a lion. This refers to a monk Mamas, who refused to pay taxes and rode to the court on a lion’s back. The judge granted him exclusion from taxation.

02 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

CDJK

 

Ý

Mamas,

Amonitus, Anicletus, Athanasius, Barachius, Callimachus, Callinicus, Castrichius, Claudianus, Diodotus, Dorotheus, Epiphanius, Eugenius, Eutychius, Gigantius, Hesychius, Hilarion, Longinus, Maximianus, Nicander, Nikon, Ostrychius, Themelius, Theodochus, Theodorus, Theodotus, Theodoulus, Theogenes, Theophilus, Valerius en Xanthius, de 32 Metgezellen van Hieron, samen de 33 Martelaren van Melitene in Armenië

Sint Hieron kwam uit Tyana in Cappadocië. Hij was een erg sterke en edele landbewerker. Hij was bezig te graven in zijn veld, toen soldaten kwamen om hem te ronselen voor het leger. Maar Hieron, zelf een Christen, weigerde keizers te dienen, die Christenen vervolgden. Met zijn houten gereedschap joeg hij de gewapende soldaten weg, die in angst vluchtten vanwege zijn kracht. Later echter ging hij uit eigen vrije wil en bekende tegenover de gouverneur een Christen te zijn. Ze hakten zijn rechterhand af en hij werd gevangengezet met 32 anderen, omdat ze hadden geweigerd aan de afgoden te offeren. Samen werden ze allen onthoofd buiten de stad Melitene in Armenië, in het jaar 290. De andere 32 martelaren waren: Amonitus, Anicletus, Athanasius, Barachius, Callimachus, Callinicus, Castrichius, Claudianus, Diodotus, Dorotheus, Ducitius, Epiphanius, Eugenius, Eutychius, Gigantius, Hesychius, Hilarion, Longinus, Mamas, Maximianus, Nicander, Nikon, Ostrychius, Themelius, Theodochus, Theodorus, Theodotus, Theodoulus, Theogenes, Theophilus, Valerius en Xanthius.

Saint Hieron was from Tyana in Cappadocia. He was a very strong and noble husbandman. He was busy digging in his field, when soldiers came to press him into military service. But Hieron, a Christian himself, refused to serve emperors who persecuted Christians. He drove away with his wooden tool the armed soldiers, who fled in fear because of his strength. Later, however, he went of his own free will, and confessed to be a Christian before the governor. They cut off his right hand, and he was imprisoned with thirty-two others, because they had refused to sacrifice to the idols. Together they were all beheaded outside the city of Melitene in Armenia, in the year 290. The other 32 martyrs were: Amonitus, Anicletus, Athanasius, Barachius, Callimachus, Callinicus, Castrichius, Claudian, Diodotus, Dorotheus, Ducitius, Epiphanius, Eugene, Eutychius, Gigantius, Hesychius, Hilarion, Longinus, Mamas, Maximian, Nicander, Nikon, Ostrychius, Themelius, Theodochus, Theodore, Theodotus, Theodoulus, Theogenes, Theophilus, Valerius and Xanthius.

07 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

 

 

Ý

Mamminus

(Mammius, Mammonius),

Cercyra, Euphrasius, Faustianus, Jakishol (Jakischolus of Inischolus), Januarius, Marsalus (Massalus, Marsalius) en Sagornius (of Saturninus), Martelaren van Corfu en Metgezellen van Jason (Iason) en Sosipatrus, Apostelen van de 70

Jason en Sosipater, Discipelen van Paulus, waren van de 70 Apostelen. Cercyra was de dochter van de koning van het eiland Corfu. Jason was geboren in Tarsus in Cilicië en werd daar Bisschop. Sosipater, die Bisschop van Iconium werd, was geboren in Patras in Achaea. Tijdens hun reizen, de Gospel prekend, kwamen Jason en Sosipater aan op het eiland Corfu. Daar bouwden ze een kerk en bekeerden heidenen. Hierom liet de koning van het eiland hen in de gevangenis werpen. Daar bekeerden ze zeven dieven, die ook gevangen zaten, tot het Christelijke geloof. De namen van de dieven waren: Sagornius, Jakishol, Faustian, Januarius, Marsalus, Euphrasius en Mamminus. Hierom beval de koning, dat de zeven bekeerde dieven in kokende pek moesten worden gedood. De maagd Cercyra, de dochter van de koning, bekeek uit haar raam hoe haar vader de apostelen martelde. Dit ziend, verklaarde ze zichzelf een Christen en verdeelde al haar juwelen onder de armen. De koning, woedend, zette zijn dochter in een speciale gevangenis. Toen ze weigerde afstand te doen van haar Christelijke geloof, liet de koning de gevangenis platbranden, maar Cercyra bleef in leven. Veel mensen die dit wonder zagen, werden gedoopt. Toen liet de koning zijn dochter aan een boom binden en  met pijlen doodschieten. Veel Christenen vluchtten naar het dichtsbijzijnde eiland om zich te verstoppen voor de vreselijke koning. Toen de koning hen per boot achtervolgde, zond de boot en de koning stierf. Jason en Sosipater preekten vrijelijk de Gospel in Corfu tot ze op hoge leeftijd stierven. Jason en Sosipater worden ook herdacht op 4 januari (Synaxis van de 70 Apostelen/Discipelen).

Jason and Sosipater, Disciples of Paul, were of the Seventy Apostles. Cercyra was the daughter of the king from the island of Corfu. Jason was born in Tarsus in Cilicia and became Bishop there. Sosipater, who became Bishop of Iconium, was born in Patras in Achaea. During their travels, preaching the Gospel, Jason and Sosipater arrived on the island of Corfu. There they built a church and converted heathens. Because of this, the king of the island threw them into prison. There they converted seven thieves, who were als imprisoned, to the Christian faith. The names of the thieves were: Sagornius, Jakishol, Faustian, Januarius, Marsalus, Euphrasius and Mamminus. For this the king ordered the seven converted thieves to be put to death in boiling pitch. The virgin Cercyra, the daughter of the king, watched from the window how her father was torturing the apostles. Seeing this, she declared herself a Christian and distributed all of her jewels to the poor. The king, enraged, put his daughter in a special prison. When she refused to renounce her Christian faith, the king had the prison burned, but Cercyra remained alive. Many people who saw this miracle, were baptized. Then the king had his daughter tied to a tree and slain by arrows. Many Christians fled to the nearest island to hide themselves from the terrible king. When the king pursued them by boat, the boat sank and the king died. Jason and Sosipater freely preached the Gospel in Corfu until they died at old age. Jason and Sosipater are also commemorated on the 4th of january (Synaxis of the 70 Apostles/Disciples).

Griekse kalender:

Greek calendar:

29 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

Slavische kalender:

Slavic calendar:

28 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

 

 

Ý

Mammius

(Mamminus, Mammonius),

Cercyra, Euphrasius, Faustianus, Jakishol (Jakischolus of Inischolus), Januarius, Marsalus (Massalus, Marsalius) en Sagornius (of Saturninus), Martelaren van Corfu en Metgezellen van Jason (Iason) en Sosipatrus, Apostelen van de 70

Jason en Sosipater, Discipelen van Paulus, waren van de 70 Apostelen. Cercyra was de dochter van de koning van het eiland Corfu. Jason was geboren in Tarsus in Cilicië en werd daar Bisschop. Sosipater, die Bisschop van Iconium werd, was geboren in Patras in Achaea. Tijdens hun reizen, de Gospel prekend, kwamen Jason en Sosipater aan op het eiland Corfu. Daar bouwden ze een kerk en bekeerden heidenen. Hierom liet de koning van het eiland hen in de gevangenis werpen. Daar bekeerden ze zeven dieven, die ook gevangen zaten, tot het Christelijke geloof. De namen van de dieven waren: Sagornius, Jakishol, Faustian, Januarius, Marsalus, Euphrasius en Mamminus. Hierom beval de koning, dat de zeven bekeerde dieven in kokende pek moesten worden gedood. De maagd Cercyra, de dochter van de koning, bekeek uit haar raam hoe haar vader de apostelen martelde. Dit ziend, verklaarde ze zichzelf een Christen en verdeelde al haar juwelen onder de armen. De koning, woedend, zette zijn dochter in een speciale gevangenis. Toen ze weigerde afstand te doen van haar Christelijke geloof, liet de koning de gevangenis platbranden, maar Cercyra bleef in leven. Veel mensen die dit wonder zagen, werden gedoopt. Toen liet de koning zijn dochter aan een boom binden en  met pijlen doodschieten. Veel Christenen vluchtten naar het dichtsbijzijnde eiland om zich te verstoppen voor de vreselijke koning. Toen de koning hen per boot achtervolgde, zond de boot en de koning stierf. Jason en Sosipater preekten vrijelijk de Gospel in Corfu tot ze op hoge leeftijd stierven. Jason en Sosipater worden ook herdacht op 4 januari (Synaxis van de 70 Apostelen/Discipelen).

Jason and Sosipater, Disciples of Paul, were of the Seventy Apostles. Cercyra was the daughter of the king from the island of Corfu. Jason was born in Tarsus in Cilicia and became Bishop there. Sosipater, who became Bishop of Iconium, was born in Patras in Achaea. During their travels, preaching the Gospel, Jason and Sosipater arrived on the island of Corfu. There they built a church and converted heathens. Because of this, the king of the island threw them into prison. There they converted seven thieves, who were als imprisoned, to the Christian faith. The names of the thieves were: Sagornius, Jakishol, Faustian, Januarius, Marsalus, Euphrasius and Mamminus. For this the king ordered the seven converted thieves to be put to death in boiling pitch. The virgin Cercyra, the daughter of the king, watched from the window how her father was torturing the apostles. Seeing this, she declared herself a Christian and distributed all of her jewels to the poor. The king, enraged, put his daughter in a special prison. When she refused to renounce her Christian faith, the king had the prison burned, but Cercyra remained alive. Many people who saw this miracle, were baptized. Then the king had his daughter tied to a tree and slain by arrows. Many Christians fled to the nearest island to hide themselves from the terrible king. When the king pursued them by boat, the boat sank and the king died. Jason and Sosipater freely preached the Gospel in Corfu until they died at old age. Jason and Sosipater are also commemorated on the 4th of january (Synaxis of the 70 Apostles/Disciples).

Griekse kalender:

Greek calendar:

29 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

Slavische kalender:

Slavic calendar:

28 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

 

 

Ý

Mammonius

(Mammius, Mamminus),

Cercyra, Euphrasius, Faustianus, Jakishol (Jakischolus of Inischolus), Januarius, Marsalus (Massalus, Marsalius) en Sagornius (of Saturninus), Martelaren van Corfu en Metgezellen van Jason (Iason) en Sosipatrus, Apostelen van de 70

Jason en Sosipater, Discipelen van Paulus, waren van de 70 Apostelen. Cercyra was de dochter van de koning van het eiland Corfu. Jason was geboren in Tarsus in Cilicië en werd daar Bisschop. Sosipater, die Bisschop van Iconium werd, was geboren in Patras in Achaea. Tijdens hun reizen, de Gospel prekend, kwamen Jason en Sosipater aan op het eiland Corfu. Daar bouwden ze een kerk en bekeerden heidenen. Hierom liet de koning van het eiland hen in de gevangenis werpen. Daar bekeerden ze zeven dieven, die ook gevangen zaten, tot het Christelijke geloof. De namen van de dieven waren: Sagornius, Jakishol, Faustian, Januarius, Marsalus, Euphrasius en Mamminus. Hierom beval de koning, dat de zeven bekeerde dieven in kokende pek moesten worden gedood. De maagd Cercyra, de dochter van de koning, bekeek uit haar raam hoe haar vader de apostelen martelde. Dit ziend, verklaarde ze zichzelf een Christen en verdeelde al haar juwelen onder de armen. De koning, woedend, zette zijn dochter in een speciale gevangenis. Toen ze weigerde afstand te doen van haar Christelijke geloof, liet de koning de gevangenis platbranden, maar Cercyra bleef in leven. Veel mensen die dit wonder zagen, werden gedoopt. Toen liet de koning zijn dochter aan een boom binden en  met pijlen doodschieten. Veel Christenen vluchtten naar het dichtsbijzijnde eiland om zich te verstoppen voor de vreselijke koning. Toen de koning hen per boot achtervolgde, zond de boot en de koning stierf. Jason en Sosipater preekten vrijelijk de Gospel in Corfu tot ze op hoge leeftijd stierven. Jason en Sosipater worden ook herdacht op 4 januari (Synaxis van de 70 Apostelen/Discipelen).

Jason and Sosipater, Disciples of Paul, were of the Seventy Apostles. Cercyra was the daughter of the king from the island of Corfu. Jason was born in Tarsus in Cilicia and became Bishop there. Sosipater, who became Bishop of Iconium, was born in Patras in Achaea. During their travels, preaching the Gospel, Jason and Sosipater arrived on the island of Corfu. There they built a church and converted heathens. Because of this, the king of the island threw them into prison. There they converted seven thieves, who were als imprisoned, to the Christian faith. The names of the thieves were: Sagornius, Jakishol, Faustian, Januarius, Marsalus, Euphrasius and Mamminus. For this the king ordered the seven converted thieves to be put to death in boiling pitch. The virgin Cercyra, the daughter of the king, watched from the window how her father was torturing the apostles. Seeing this, she declared herself a Christian and distributed all of her jewels to the poor. The king, enraged, put his daughter in a special prison. When she refused to renounce her Christian faith, the king had the prison burned, but Cercyra remained alive. Many people who saw this miracle, were baptized. Then the king had his daughter tied to a tree and slain by arrows. Many Christians fled to the nearest island to hide themselves from the terrible king. When the king pursued them by boat, the boat sank and the king died. Jason and Sosipater freely preached the Gospel in Corfu until they died at old age. Jason and Sosipater are also commemorated on the 4th of january (Synaxis of the 70 Apostles/Disciples).

Griekse kalender:

Greek calendar:

29 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

Slavische kalender:

Slavic calendar:

28 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

 

 

Ý

Mandelion (Mandylion)
 
Anamnesis Tis Eisodou Tis Acheiroteuktou Morfis Tou Kyriou Iesou Christou Tou Agiou Mandeliou (Christos)

 

Translatie van de Afbeelding “Niet-Gemaakt-Door-Handen” van Jezus Christus

 

Translation of the Image “Not-Made-By-Hands” of Jesus Christ

 

 

Translatie van de Afbeelding “Niet-Gemaakt-Door-Handen” van Jezus Christus van Edessa naarConstantinopel.

Abgar, heerser van Edessa, stuurde zijn boodschapper Ananias naar Jezus Christus met de vraag hem te genezen van zijn lepra, en smeekte Ananias een afbeelding van Christus mee terug te nemen. Jezus vroeg om water, waste Zijn gezicht en droogde het met een doek, die hij aan Ananias gaf om naar Abgar te brengen. Op de doek was een afdruk van Zijn gezicht achtergebleven. Toen Abgar de doek ontving, genas hij van zijn lepra en liet de Heilige Doek (Mandylion) ophangen aan de stadspoort.

Toen zijn kleinzoon echter terugkeerde naar de afgodsaanbidding, wilde deze de Heilige Doek verwisselen met een afgodsbeeld. Daarop metselde de Bisschop van Edessa  heimelijk de Doek in een holle ruimte in de stadspoort in. Deze werd in 615 opnieuw ontdekt, geheel intact, met de lamp nog brandend en ook een afdruk op de tegel, die de doek had afgedekt. In 944 werd de Heilige Doek overgebracht naar Constantinopel, naar de Kerk van de Heilige Theotokos, genaamd de Pharos. Dit laatste wordt vandaag gevierd.

Translation of the Image “Not-Made-By-Hands” of Jesus Christ from Edessa to Constantinople.

Abgar, ruler of Edessa, sent his messenger Ananias to Jesus Christ with the request to heal him of his leprosy, and bidded Ananias to bring back a depiction of Christ. Jesus asked for water, washed His face, wiped it dry with a cloth, which He gave to Ananias to bring to Abgar. Upon the cloth the form of His face had been printed. When Abgar received the cloth, he was healed of his leprosy and had the Holy Napkin (Mandylion) fixed at the city gate. When his grandson however returned to the worship of the idols, he wanted to replace the Hole Napkin with an idol. Then the Bishop of Edessa secretly bricked up the Napkin in a hollow in the city gate. In 615 the Holy Napkin was found again, complete and incorrupt, with the lamp still burning en also a copy of the image printed on the tile that had covered it. In the year 944 the Holy Napkin was brought to Constantinople, to the Church of the most holy Theotokos called the Pharos. This is the translation that is celebrated today

16 AUGUSTUS

     AYΓΟΥΣΤΟΣ

 

 

Ý

Manuel,

Sabel en Ismael, Martelaren

De broers Manuel, Sabel en Ishmael waren Perzen. Ze waren door de Perzische Koning als ambassadeurs naar Julianus de Apostaat gestuurd om te onderhandelen over een vredesverdrag. Nabij Chalcedon weigerden ze samen met Julianus te offeren aan zijn afgoden en hij liet hen doden in het jaar 362. Dit was de aanleiding tot een oorlog met Perzië.

The brothers Manuel, Sabel and Ishmael, were Persians. They were sent by the Persian King as ambassadors to Julian the Apostate to negotiate a peace treaty. Near Chalcedon, they refused to join Julian in offering sacrifice to his idols and he had them slain in the year 362. This was the cause of a war with Persia.

17 JUΝI

      ΙΟΥΝΙΟΣ

DJK

 

Ý

Marcella van Chios

Maagd-Martelares

 

 

22 JULI

      ΙΟΥΛΙΟΣ

D

 

Ý

Marcellinus

en zijn broer Markus, hun vader Tranquillinus, Nicostratus en zijn vrouw Zoe, Tiburtius, Claudius, Castulus en Castor, Metgezellen van Sebastianus,  de Martelaar

Sint Sebastianus kwam uit de stad Milaan. Hij was een lid van de Senaat, en had velen tot het Christelijke geloof bekeerd. Toen Diocletianus en Maximianus een Vervolging begonnen tegen de Christenen, werd Sint Sebastianus gearresteerd. Hij werd doorboord met scherpe pijlen, en de beenderen van zijn lichaam werden verbrijzeld met stokken. Nadat hij in stukken was gesneden, stierf hij in het jaar 288. Zijn metgezellen, die samen met hem stierven, waren: Marcellinus en Markus de broers, Tranquillinus hun vader, Nicostratus en zijn vrouw Zoë, Tiburtius, Claudius, Castulus en Castor.

Saint Sebastian was from the city of Milan. He was a member of the Senate, and had converted many to the Christian faith. When Diocletian and Maximian began a Persecution against the Christians, Saint Sebastian was arrested. He was pierced with sharp arrows, and the bones of his body were shattered with clubs. When he was being cut into pieces, he died in the year 288. His companions, who died together with him, were: Marcellinus and Mark the brethren, Tranquillinus their father, Nicostratus and his spouse Zoe, Tiburtius, Claudius, Castulus, and Castor.

18 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

D

 

Ý

Marcellus

Abt van het Klooster van de

Niet-Slapenden (Acemieten)

Sint Marcellus kwam uit de stad Apamea in Syrië. Zijn ouders waren bekende mensen. Hij werd Abt van het Klooster van de Niet-Slapenden rond het jaar 460. In dit klooster draaiden de monniken elkaar opvolgende diensten voor de uitvoering van de Heilige Mis, dag en nacht. Daarom werden ze de “Niet-Slapenden” (Acemites) genoemd.

Saint Marcellus was from the city of Apamea in Syria. His parents were renowned people. He became abbot of the Monastery of the Unsleeping about the year 460. In this monastery the monks took turns in succession for the execution of the sacred services both day and night. Hence they were called the “Unsleeping” (Acemites).

29 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

DJ

 

Ý

Marcellus,

Abim, Anthonius, Guria, Eleazar, Eusebona en Achim (de Heilige Maccabees) en hun moeder Salome (Solomone) en hun leraar Eleazar

De Heilige Maccabees, Abim, Anthonius, Guria, Eleazar, Eusebona, Achim, en Marcellus, waren Joden en navolgers van de Wetten van de Vaderen, tijdens het regime van Antiochus Epiphanes ("Illustrious"), de Koning van Syria, die een vijand was van de Joden. Deze jeugdigen werden verschrikkelijk gemarteld, maar ze doostonden alles. Ze eindigden hun leven in kwellingen, hun leven overgevend aan de Goddelijke Wet. De eerste die stierf was hun leraar Eleazar, daarna alle broeders in volgorde van hun leeftijd. Hun moeder Solomone was aanwezig bij de triomf van haar kinderen over de tiran, hen sterkend in hun geloof, en hun lijden verdragend.  Nadat haar laatste en jongste zoon als een martelaar gestorven was, en zij op het punt stond te worden gegrepen om ter dood gebracht te worden, gooide ze zichzelf in het vuur, in het jaar 168 voor Christus.

The Holy Maccabees, Abim, Anthony, Guria, Eleazar, Eusebona, Achim, and Marcellus, were Jews and keepers of the Laws of the Fathers, living during the reign of Antiochus Epiphanes ("Illustrious"), the King of Syria, who was an enemy of the Jews. These youths were unspeakably tortured, but they endured everything. They ended their lives in torments, surrendering their life for the sake of the observance of the divine Law. The first to die was their teacher Eleazar, then all the brethren in the order of their age. Their mother Solomone, was present at her children's triumph over the tyrant, strengthening them in their struggle for the sake of their Faith, and enduring their sufferings.  After her last and youngest son died as a martyr, and she was about to be seized to be put to death, she cast herself into the fire, in the year 168 before Christ.

01 AUGUSTUS

     AYΓΟΥΣΤΟΣ

DJK

 

Ý

Marcianus

Priester en Econoom van de Grote Kerk

 

 

10 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

J

 

Ý

Marcianus

en Martyrius, Notabelen en Martelaren

Marcianus en Martyrius waren discipelen van Sint Paulus de Confessor. Martyrius was een subdiaken, en Marcianus was een zanger en lezer. In het jaar 346 werden ze onthoofd door de Arianen.

Marcian and Martyrius were disciples of Saint Paul the Confessor. Martyrius was a subdeacon, and Marcian was a chanter and reader. In the year 346 they were beheaded by the Arians.

25 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Marcianus

Apollo, Arias, Gorgias, Hyperechias, Ireneios, Leonides, Nicandrus, Pambonos en Selenias, de 10 Martelaren van Egypte

De 10 Martelaren van Egypte: Apollonius (Apollonus, Apollo), Arias (Arius), Gorgias (Gorgus), Hyperechias (Hyperechius), Ireneios (Irenius), Leonides, Marcianus (Marcian), Nicandrus (Nicander, Nikander, Nikanor), Pambonos (Pambo) en Selenias (Selinias), werden in Egypte onder Keizer Maximianus (305-311) gearresteerd en bijna dood gemarteld. Daarna werden ze in de gevangenis gegooid, waar ze verhongerden.

The 10 Martyrs of Egypt: Apollonius (Apollonus, Apollo), Arias (Arius), Gorgias (Gorgus), Hyperechias (Hyperechius), Ireneios (Irenius), Leonides, Marcianus (Marcian), Nicandrus (Nicander, Nikander, Nikanor), Pambonos (Pambo) and Selenias (Selinias), were arrested in Egypt under Emperor Maximian (305-311) and almost tortured to death. After that they were thrown in prison, were they starved to death.

05 JUΝI

      ΙΟΥΝΙΟΣ

D

 

Ý

Marcianus Aristides

(Aristides de Athener)

Filosoof en Apologee

Aristides de Athener (ook Marcianus Aristides) was een filosoof uit Athene (2e eeuw n.Chr.). Hij was één van de eerste Christelijke Apologeten. In zijn “Apologie voor het Christelijke geloof” beargumenteert hij dat er één enkele God moet zijn als schepper en dat Christenen God’s bevelen beter waarnemen, begrijpen en uitoefenen dan de Joden, Grieken, Barbaren of heidenen. Zijn Apologie was lang als verloren beschouwd, maar werd gereconstrueerd laat in de 19e eeuw. Aristides stierf rond het jaar 134. Eén website noemt Aristides een martelaar, maar tot nu toe heb ik nog geen bewijs daarvan gevonden.

Aristides the Athenian (also Marcianus Aristides) was a philosopher from Athens (2nd century AD). He was one of the earliest Christian Apologists. In his “Apology for the Christian Faith” he argues that there must be a single God as creator and that Christians apprehend, understand, and practice God's commands better than either the Jews, Greeks, Barbarians or Pagans. His Apology was long considered lost, but was reconstructed in the late 19th century. Aristides died around the year 134. One website mentions Aristides to be a martyr, but up till now I did not find any evidence of that.

13 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

FIM

 

Ý

Marcianus

en zijn vrouw Poulcheria (Pulcheria)

Keizer en Keizerin

Vandaag worden de Keizer Marcianus en zijn vrouw Pulcheria herdacht. Volgens één website wordt ook de wijding van de Grote Kerk in Constantinopel vandaag herdacht. Het belangrijkste feest van Pulcheria lijkt 10 September te zijn (>>>zie Pulcheria, 10 September).

Today the Emperor Marcian and his wife Pulcheria are commemorated. According to one website, also the dedication of the Great Church in Constantinople is commemorated today. The principal feast of Pulcheria seems to be September 10 (>>>see Pulcheria, September 10).

17 FEBRUARI

    ΦΕΒΡΟΥΑΡΙΟΣ

D

 

Ý

Marcus (Johannes)
de Evangelist

Apostel

Marcus was een heiden uit Cyrene in Pentapolis nabij Libië. Toen de Apostel Petrus hem tot het Christelijke geloof bracht, volgde hij hem naar Rome. Daar schreef hij zijn Gospel in het Grieks. Later reisde hij naar Egypte en preekte de Gospel daar. Hij was de eerste die de Kerk in Alexandrië stichtte. De heidenen pakten hem op, bonden hem met touwen en sleepten hem door de straten tot hij op de stenen aan stukken gesneden was en stierf. Het wordt gezegd, dat hij stierf rond het jaar 68.

Mark was an idolater from Cyrene of Pentapolis near Libya. When the Apostle Peter brought him to the Christian faith, he followed him to Rome. There he wrote his Gospel in Greek. Later he travelled to Egypt and preached the Gospel there. He was the first to establish the Church in Alexandria. The idolaters seized him, bound him with ropes, and dragged him through the streets until he was cut to pieces on the rocks and died. It is said that he died about the year 68.

25 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

DFGH

JK

 

Ý

Marcus (Johannes)

de Evangelist,

Artemas, Cleopas, Justus, Marcus en Tertius van de 70 Apostelen

St. Artemas was Bisschop van Lystra in Lycaonië, en overleed in vrede.

St. Cleopas is één van de Zeventig Apostelen. Het was door hem dat Christus verscheen op de weg naar Emmaus.

St. Justus (ook bekend als Joses, Joseph of Barsabas Justus) was een zoon van Joseph de Toegezegde en zijn eerste vrouw Salome, samen met Jacobus de Rechtschapene, Judas en Simon. Hij was kandidaat als vervanger voor Judas Iscariot, maar werd niet gekozen. Hij werd Bisschop van Eleutheropolis en stierf als martelaar.

St. Marcus (of Johannes Marcus) is de auteur van de Gospel van Marcus en de metgezel van de Apostel Paulus. Hij is de stichter van de Kerk van Alexandrië en wordt beschouwd als de eerste paus daar. Hij wordt ook herdacht op 25 April en op  27 September met Aristarchus en Zenas.

St. Tertius (ook Tertios) schreef de brief van Apostel Paulus aan de Romeinen neer. Hij was Bisschop van Iconium en stierf als martelaar. Hij wordt ook herdacht op 10 November.

Artemas, Cleopas, Justus, Marcus en Tertius worden ook herdacht op 4 januari (Synaxis van de 70 Apostelen/Discipelen).

St. Artemas was Bishop of Lystra in Lycaonia, and reposed peacefully.

St. Cleopas is numbered among the Seventy Apostles. It was to St. Cleopas that Christ appeared on the road to Emmaus.

St. Justus (also known as Joses, Joseph or Barsabas Justus) was a son of Joseph the Betrothed and his first wife Salome, along with James the Just, Jude and Simon. He was a candidate to replace Judas Iscariot, but was not chosen. He became Bishop of Eleutheropolis and died as a martyr.

St. Mark (or John Mark) is the author of the Gospel of Mark and the companion of the Apostle Paul. He is the founder of the Church of Alexandria and is regarded as its first pope. He is also commemorated on April 25 and on September 27 with Aristarchus and Zenas.

St. Tertius (also Tertios) wrote down the Apostle Paul's letter to the Romans. He was Bishop of Iconium and died as a martyr. He is also commemorated on November 10.

Artemas, Cleopas, Justus, Marcus and Tertius are also commemorated on the 4th of january (Synaxis of the 70 Apostles/Disciples).

30 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

 

 

Ý

Marcus (Johannes)

de Evangelist,

Aristarchus en Zenon,

Apostelen van de 70

Marcus, Aristarchus en Zenas waren apostelen van de Zeventig. Marcus werd ook Johannes genoemd. De apostelen kwamen samen voor gebed in het huis van zijn moeder Maria in Jeruzalem. Hij preekte de Gospel met de Apostelen Paulus en Barnabas. Daarna werd Marcus bisschop in de stad Byblos. Aristarchus was een medereiziger van de Apostel Paulus. Hij was bisschop in Apamea in Syrië. Zenas (of Zena) was een advocaat. Hij was bisschop in Lydda in Palestina. Zij brachten velen tot het Christelijke geloof. Zij worden ook herdacht op 4 januari (Synaxis van de 70 Apostelen/Discipelen).

Mark, Aristarchus and Zenas were apostles of the Seventy. Mark was also known as John. The apostles gathered for prayer at the house of his mother Mary in Jerusalem. He preached the Gospel with the Apostles Paul and Barnabas. After that, Mark was bishop in the town of Byblos. Aristarchus was a fellow traveler of the Apostle Paul. He was bishop in Apamea in Syria. Zenas (or Zena) was a lawyer. He was bishop in Lydda in Palestina. They brought many to the Christian Faith. They are also commemorated on the 4th of january (Synaxis of the 70 Apostles/Disciples).

27 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

D

 

Ý

Marcus (Johannes)

de Evangelist

 

Synaxis van de 70 apostelen

Sunaksi ton 70 Apostolon

Marcus, genaamd Johannes, neef van Barnabas, en metgezel van Paulus en auteur van de Gospel met zijn naam, was één van de 70 Discipelen en Apostelen van Christus waren door Hem gekozen ter aanvulling op de Twaalf en heengezonden voor de prediking. Zij begeleidden en assisteerden de Heilige Twaalf Apostelen, die in verschillende landen de Gospel van Christus preekten. In de loop van de tijd werden anderen aan hun aantal toegevoegd door de Heilige Apostelen en hun aantal werd uiteindelijk groter dan zeventig. Niettemin werd altijd naar hen verwezen als “van de Zeventig”.

Mark, named John, nephew of Barnabas, and companion of Paul and author of the Gospel that bears his name, was one of the 70 Disciples and Apostles of Christ were chosen by Him in addition to the Twelve and sent forth unto the work of preaching. They accompanied and assisted the Holy Twelve Apostles, who were preaching the Gospel of Christ in various lands. With the passage of time others were added to their number by the Holy Apostles and their number eventually exceeded seventy. Nonetheless they were all referred to as "of the Seventy".

04 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Marcus Evgenicus

Bisschop van Ephesus

Sint Marcus Eugenicus kwam uit Constantinopel. Hij was de zoon van vrome ouders. Hij leidde een ascetisch leven op de Prinsen-eilanden en later in het klooster van St. Georgius Magana in Constantinopel. Uiteindelijk werd hij Aartsbisschop van Ephesus. Hij werd door de keizer naar het Latijnse concilie in Florence gestuurd om de verdeelde kerken te verenigen. Hij was de enige die niet het blasfemische decreet van het valse concilie ondertekende. Hierom wordt hij geëerd door de Kerk. Hij overleed in 1443.

Saint Mark Eugenicus was from Constantinople. He was a son of most pious parents. He lived as an ascetic on the Prince's Islands and later in the monastery of Saint George Magana in Constantinople. Finally he became Archbishop of Ephesus. The Emperor John Paleologus sent Saint Mark to the council of the Latins in Florence, to unite the churches that had been divided. He was the only one who did not sign the blasphemous decree of the false council. Because of this, he is honoured by the Church. He reposed in 1443.

19 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DK

 

Ý

Marcus

en zijn broer Marcellinus, hun vader Tranquillinus, Nicostratus en zijn vrouw Zoe, Tiburtius, Claudius, Castulus en Castor, Metgezellen van Sebastianus,  de Martelaar

Sint Sebastianus kwam uit de stad Milaan. Hij was een lid van de Senaat, en had velen tot het Christelijke geloof bekeerd. Toen Diocletianus en Maximianus een Vervolging begonnen tegen de Christenen, werd Sint Sebastianus gearresteerd. Hij werd doorboord met scherpe pijlen, en de beenderen van zijn lichaam werden verbrijzeld met stokken. Nadat hij in stukken was gesneden, stierf hij in het jaar 288. Zijn metgezellen, die samen met hem stierven, waren: Marcellinus en Markus de broers, Tranquillinus hun vader, Nicostratus en zijn vrouw Zoë, Tiburtius, Claudius, Castulus en Castor.

Saint Sebastian was from the city of Milan. He was a member of the Senate, and had converted many to the Christian faith. When Diocletian and Maximian began a Persecution against the Christians, Saint Sebastian was arrested. He was pierced with sharp arrows, and the bones of his body were shattered with clubs. When he was being cut into pieces, he died in the year 288. His companions, who died together with him, were: Marcellinus and Mark the brethren, Tranquillinus their father, Nicostratus and his spouse Zoe, Tiburtius, Claudius, Castulus, and Castor.

18 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

D

 

Ý

Marcus van Arethusa

Hiero-Martelaar,

Cyrillus de Diaken en hun Metgezellen

 

 

29 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DJK

 

Ý

Marcus,

Adam, Benjamin, Domnus, Elias, Eusebius, Hypatius, Isaac, Isaiah, Jeremiah, Macarius, Moses, Paul, Proclus, Sabbas en Sergius, Martelaren van Sinai en Raithu

De Martelaren die gedood werden in Sinai en Raithu worden samen vereerd op 14 januari. Het waren twee verschillende groepen heiligen en ze werden gedood in verschillende periodes en op verschillende locaties. Eén groep van deze martelaren werd gedood in Sinai rond het jaar 296, tijdens het regime van Diocletianus. De andere groep martelaren werd gedood in Raithu rond het midden van de vijfde eeuw. Beide groepen martelaren werden gedood door de Blemmyes (Blemmyae), een nomadische Nubische stam uit delen van Arabië en Egypte.

The Martyrs slain at Sinai and Raithu are venerated together on January 14th. They were two different groups of saints and were killed at different times and at different locations. One group of these martyrs were killed at Sinai about the year 296, during the reign of Diocletian. The other group of martyrs were killed in Raithu about the middle of the fifth century. Both groups of martyrs were killed by the Blemmyes (Blemmyae), a nomadic Nubian tribe from parts of Arabia and Egypt.

14 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DJ

 

Ý

Mardarius,

Orestes, Eustratius, Auxentius en Eugenius, Martelaren

De heilige martelaren Eustratios, Auxentios, Eugenius, Mardarios en Orestes stierven als martelaren onder Diocletianus, rond het begin van de vierde eeuw. Eustratius was een Romeinse generaal in de stad Satalios. Eugenius was was één van zijn kameraden in het leger. Orestes was een gerespecteerd soldaat. Auxentius was een priester. Mardarius was een burger van de stad Aravraca. Eustratius kwam uit dezelfde stad. Ze bekenden allemaal openlijk Christen te zijn en ze werden allen hierom gemarteld. Eugenius en Mardarius stierven tijdens de folteringen, Orestes werd blootgesteld aan een roodgloeiend rooster, Eustratius stierf in een brandende oven en Auxentius werd onthoofd.

The holy martyrs Eustratios, Auxentios, Eugene, Mardarios and Orestes died as martyrs under Diocletian, around the beginning of the Fourth century. Eustratius was a Roman general in the city of Satalios. Eugene was one of his comrades in arms. Orestes was a respected soldier. Auxentius was a priest. Mardarius was a citizen from the town of Aravraca. Eustratius was from the same town. They all openly confessed being Christians and they were all tortured for this. Eugene and Mardarius died while being tortured, Orestes was exposed on a red-hot iron grid, Eustratius died in a flaming furnace and Auxentius was beheaded.

13 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Mardonius,

Dorotheus de Prefect, Zeno, Theophilus de Diaken, Mygdonius, Domna, Indus, Gorgonius, Petrus, Glycerius de Presbyter, en de 20.000 Martelaren van Nicomedia

Alle Martelaren van Nicodemia, ongeveer 20.000, werden levend verbrand terwijl ze verzameld waren in de kerk. Dit gebeurde in het jaar 303 tijdens het regime van Diocletianus en Maximianus. Volgens Eusebius werden alle Christenen, die toen in Nicomedia woonden, gedood volgens keizerlijk besluit. Sommigen werden gedood door het zwaard, anderen door vuur. Zowel mannen als vrouwen wierpen zichzelf in het vuur. Behalve deze 20.000 martelaren die in de kerk werden verbrand, worden ook de volgende heiligen, die werden gedood tijdens dezelfde vervolging, vandaag herdacht: Indus, Gorgonius en Petrus, die in zee werden geworpen, Glycerius de Presbyter en Mardonius, die werden verbrand, Dorotheus de Prefect en Zeno, die werden onthoofd, Theophilus de Diaken, die werd gestenigd, Mygdonius, die levend begraven werd, en Domna, een afgodspriesteres, die in Christus geloofde en was gedoopt, die werd onthoofd en in het vuur geworpen.

All the Martyrs of Nicodemia, about 20.000, were burned alive while they were gathered in church. This happened in the year 303 during the reign of Diocletian and Maximian. According to Eusebius all Christians then living in Nicomedia, were slain by imperial decree. Some were killed by the sword, others by fire. Both men and women cast themselves into the fire. Besides those 20.000 martyrs who were burned in church, also the following saints, who were slain in the same persecution, are commemorated today: Indus, Gorgonius and Peter, who were cast into the sea, Glycerius the Presbyter and Mardonius, who were burned, Dorotheus the Prefect and Zeno, who were beheaded, Theophilus the Deacon, who was stoned, Mygdonius, who was buried alive, and Domna, a priestess of the idols who believed in Christ and was baptized, who was beheaded and cast into the fire.

28 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

D

 

Ý

Margarita

 

 

25 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

FI

 

Ý

Margarita,

Adamantini, Akrivi, Antigoni, Aphroditi, Areboia, Aspasia, Athena, Chaido, Dione, Dodoni, Elpiniki, Erasmia, Erato, Ermineia, Euterpe, Harikleia, Kalliroe, Kallisti, Kleio, Kleoniki, Kleopatra, Koralia, Lampro, Marianthi, Melpomene, Moscho, Ourania, Pandora, Penelope, Polymnia, Polynike, Sappho, Terpsichore, Thaleia, Theano, Theonoe, Theonymphi, Theophani, Troada, martelaressen, de 40 Heilige Vrouwen en de martelaar Ammon (Ammoun), Diaken en hun Leraar

De Veertig Heilige Vrouwen waren afkomstig van Heraclea in Thracie. Ze hadden de diaken Ammon als gids, die hen onderwees in het Christendom. Ze stierven als martelaren onder de tiran Licinius rond 321-323. Tien van hen werden verbrand, acht van hen werden doodgeranseld, zes van hen werden aan stukken gesneden met messen, van tien werd het hart doorboord met een zwaard en zes stierven door gloeiend ijzer in hun mond gepropt. St. Ammon werd doodgeranseld. De namen van de 40 Heilige Vrouwen moeten met terughoudendheid worden beschouwd, daar sommige, oa. Chaido en Lampro, toebehoorden aan heiligen uit later eeuwen (16e-18e) en niet zonder twijfel vastgesteld is dat het de heiligen uit de vroege eeuwen betreft.

The Forty Holy Women were natives of Heraclea in Thrace. They had the deacon Ammon for a guide, who instructed them in Christianity. They died as martyrs under the tyrant Licinius around 321-323. Ten of them were burnt, eight of them were whipped to death, six of them were cut up by knifes, ten were pierced in the heart by a sword and six died from having the heated iron enclosed in their mouth. St. Ammon was whipped to death. The names of the 40 Holy Women should be considered with reservation, as some of them, a.o. Chaido and Lampro, belong to saints of later centuries (16th-18th) and are not testified without doubt to be the saints of the first centuries.

01 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

JM

 

Ý

Maria

Plaatsing van het Gewaad

van de Theotokos in Blachernae

Tijdens het regime van Leo de Grote (457-474) logeerden twee pelgrims bij een oude weduwe in het Heilige Land. De weduwe was een Christin van Joodse afkomst. Ze was van de familie van één van de twee maagden, die bij de Maagd Maria waren. Elk van deze twee maagden had één van de goddelijke kleren vn de Maagd Maria als zegen ontvangen. Dit kledingstukt was door de generaties heen in handen gekomen van de oude weduwe. Toen de twee pelgrims de vele wonderen in haar huis zagen, zetten ze de weduwe onder druk tot zij hen vertelde dat zij kleding van de Theotokos in een koffer bewaarde. De mannen namen de kleding in het geheim mee naar Blachernae bij Constantinopel, om tot nut van velen te zijn. Daar bouwden zij een kerk en metselden de kleding daar heimelijk in. Opnieuw werden vele wonderen verricht.

During the reign of Leo the Great (457-474) two pilgrims lodged with an old widow in the Holy Land. The widow was a Christian of Jewish descent. She was of the family of one of the two virgins, who attended upon the Virgin Mary. Each of these two virgins had received one of the divine garments of the Virgin Mary as a blessing. This garment had come through the generations into the hands of the old widow. When the two pilgrims saw the many miracles wrought in her house, they pressed the widow until she revealed to them that she had raiment of the Theotokos kept in a small coffer. The two men took the garment by stealth and brought it to Blachernae near Constantinople, to be for the profit of many. There they built a church and secretly enshrined the garment therein. Again may miracles were worked.

02 JULI

      ΙΟΥΛΙΟΣ

DJK

 

Ý

Maria

(Panayias tis Prousiotisses)

 

Apodosis van de Dormitie van de Theotokos

 

Apodosis Eortes Koimiseos Theotokou

 

Leavetaking (Apodosis) of the Dormition of the Theotokos

 

De Maagd Maria werd via een Engel geïnformeerd, dat ze na 3 dagen zou overlijden. Dit horende, ging ze met grote haast naar de Olijfberg, waar ze onafgebroken bad. Toen keerde ze terug naar haar huis en bereidde haar begrafenis voor. Terwijl dit plaatsvond, namen wolken de Apostelen op van de uiteinden der aarde, waar elk van hen aan het preken was, en brachten hen meteen naar het huis van de Maagd Maria. Ze vertelde hen over haar aanstaande dood. Ze troostte hen, hief toen haar handen op en bad voor de wereldvrede. Ze zegende de Apostelen, en ze overleed. De Apostelen namen haar lichaan op en brachten het naar het grafgewelf. Maar een Jood, bewogen door boosaardigheid, strekte zijn hand uit op het bed. Hij werd onmiddellijk gestraft, toen zijn handen door een onzichtbare klap afgeslagen werden. Maar zijn handen werden weer genezen, toen hij berouw kreeg en om vergiffenis vroeg. Toen ze Gethsemane hadden bereikt, begroeven ze daar met eer het lichaam van de Theotokos. Op de 3e dag na de begrafenis verscheen de Theotokos in de lucht, en zei tegen hen "Verheug U". Hierdoor wisten ze dat haar lichaam de de Hemel was opgenomen.

Through an Angel the Virgin Mary was informed that she would repose after three days. On hearing this, she went up with haste to the Mount of Olives, where she prayed continuously. Then she returned to her house and prepared her burial. While this took place, clouds caught up the Apostles from the ends of the earth, where each one happened to be preaching, and brought them at once to the house of the Virgin Mary. She informed them about her coming death. She consoled them, then raised her hands and prayed for the peace of the world. She blessed the Apostles, and she reposed. The Apostles took up her body and brought it to the sepulchre. But one Jew, moved by malice, stretched forth his hand upon the bed. He was punished immediately, when his hands were severed by an invisible blow. But his hands were restored again, when he repented and asked forgiveness. When they had reached Gethsemane, they buried there with honor the body of the Theotokos. On the third day after the burial, the Theotokos appeared in the air, saying "Rejoice" to them. This way they lerned of her bodily translation into Heaven.

23 AUGUSTUS

     AYΓΟΥΣΤΟΣ

D

 

Ý

Maria

Plaatsing van de Eerbiedwaardige Gordel in Constantinopel

 

Placing of the Venerable Sash in Constantinople

De gebeurtenis, die vandaag gevierd wordt, heeft hoogstwaarschijnlijk plaatsgevonden tijdens het regime van Keizer Arcadius (395-408). De kostbare Centuur van de Moeder van God werd van Zela in Cappadocië naar Constantinopel gebracht, waar het in de Kerk van de Theotokos geplaatst werd, in de sectie van Chalcopratia.

The event that is celebrated today, most likely took place during the reign of Emperor Arcadius (395-408). The precious Cincture of the Mother of God was brought from Zela of Cappadocia to Constantinople, where it was placed in the Church of the Theotokos in the section of Chalcopratia.

31 AUGUSTUS

     AYΓΟΥΣΤΟΣ

DJ

K

 

Ý

Maria

Synaxis van de Theotokos

in het Klooster van Miasena

 

 

01 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

J

 

Ý

Maria

Zondag van de Heilige Voorvaderen van Christus

Sunday of the Holy Ancestors of Christ

Kyriaki Ton Agion Propatoron

(Ton Agion Popatoron, Propatoron)

Adam de Eerste Vader, Enoch, Melchisedec, Abraham de Vriend van God, Isaac het Fruit van de Belofte, Jacob en de 12 Patriarchen, Vervolgens degenen die onder de Wet leefden: Moses Aaron, Josue, Samuel, David, en de Profeten: Isaia, Jeremia, Ezechiel, de 12 kleine profeten, Elia, Eliseus, Zacharia en Johannes de Doper en tot slot de Maagd Maria.

Zondag van de Heilige Voorvaderen van Christus. Op de zondag tussen 11 en 17 December worden alle Voorvaderen van Christus volgens het vlees herdacht::

Adam de Eerste Vader, Enoch, Melchisedec, Abraham, de vriend van God, Isaac, het fruit van de Belofte, Jacob en de twaalf patriarchen.

Vervolgens degenen die onder de Wet leefden:

Moses, Aaron, Josue, Samuel, David, en de Profeten: Isaia, Jeremia, Ezechiel, de 12 kleine profeten, Elia, Eliseus, Zacharia, en Johannes de Doper, en tot slot de Maagd Maria.

Sunday of the Holy Ancestors of Christ.

On the Sunday between December 11 and 17, all the Ancestors of Christ according to the flesh are being remembered:

Adam the first Father, Enoch, Melchisedec, Abraham, the friend of God, Isaac, the fruit of the Promise, Jacob and the twelve patriarchs.

Then those who lived under the Law:

Moses, Aaron, Josue, Samuel, David, and the Prophets: Isaia, Jeremia, Ezechiel, the twelve minor prophets, Elia, Eliseus, Zacharia, and John the Baptist, and finally the Virgin Mary.

14 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2008

13 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2009

12 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2010

11 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2011

16 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2012

15 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2013

14 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2014

13 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2015

11 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2016

17 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2017

J

 

Ý

Maria (Panayia)

Synaxis van de Theotokos

(Synaksi Theotokou)

De vieringen worden in de geest van Kerstmis voortgezet.

Op Zakynthos vieren mensen met deze naam hun naamdag op 26 december. In de rest van Griekenland op 15 augustus.

Continues the holy celebrations in the vein of Christmas Day.

On Zakynthos, people with this name celebrate their nameday on 26th of december. Everywhere else in Greece on 15th of august.

26 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

naamdag op Zakynthos

nameday on Zakynthos

DIJK

 

Ý

Maria

Apodosis van de Entree van de Theotokos

(Apodosis tis Eortis ton Eisodion tis Theotokou)

 

 

25 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

 

 

Ý

Maria (Despina)

Presentatie van de Theotokos in de Tempel

Presentation of the Theotokos in the Temple

(Eisodia tis Theotokou)

Op Kreta naamdag voor ongetrouwde vrouwen (voor getrouwde vrouwen wordt de naamdag op 15 augustus gevierd).

On Crete nameday for unmarried women (for married women the nameday is celebrated on august 15).

21 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

 

ADFH

IJK

 

Ý

Maria (Evangelos)

Annunciatie van de Theotokos

Annunciation of the Theotokos

(Euagelismos tis Theotokou)

Een dubbel religious en seculair feest, een van de grootste van het jaar. Op Onafhankelijkheidsdag wordt de Onafhankelijkheidsoorlog van 1821 (tegen de eeuwenlange Turkse overheersing) herdacht. De grootste viering is natuurlijk in Athene.

Maria-Boodschap is de herdenking van het nieuws dat aan de Maagd Maria werd gebracht, dat zij de Moeder van Christus zou worden.

Ook parochies genoemd naar Maria-Boodschap vieren hun naamdag vandaag.

A joint religious and secular feast, one of the biggest in the year. Independence Day parades celebrate the 1821 War of Independence against the centuries of Turkish rule, the biggest being, naturally, in Athens, while the Feast of the Annunciation sees a celebration of the news given to the Virgin Mary that she was to become the Mother of Christ.

Also parishes named after the Annunciation of the Theotokos celebrate their nameday today.

25 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

ABDF

IJK

 

Ý

Maria (Genesis)

Geboorte van de Theotokos
Nativity of the Theotokos

Gennisi tis Theotokou

De Maagd Maria wordt erg vereerd in de Grieks Orthodoxe Kerk, en haar geboorte is een groot religious feest.

The Virgin Mary is highly revered in the Greek Orthodox Church, and her birth is a big religious feast.

08 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

DFIJK

 

Ý

Maria (Panayia, Tsambika)

Hemelvaart van de Theotokos

Assumption Day

Koimisis tis Theotokou

Op Rhodos is Tsambika de naam voor Maria.

Erg belangrijke dag wanneer Grieken terugkeren naar hun plaats van herkomst – geen goede dag voor toeristen om rond te reizen zonder reserveringen, daar de veerboten naar de eilanden vaak overvol zijn en op het vasteland zullen de hotels helemaal volgeboekt zijn rond deze dag. Het is echter een erg goede dag voor het bijwonen van diensten, gevolgd door feesten, drinken en dansen tot laat in de avond. Op Kreta naamdag voor getrouwde vrouwen (voor ongetrouwde vrouwen wordt de naamdag op 21 november gevierd).

Op Zakynthos vieren mensen met deze naam hun naamdag op 26 december. In de rest van Griekenland op 15 augustus.

De Maagd Maria werd via een Engel geïnformeerd, dat ze na 3 dagen zou overlijden. Dit horende, ging ze met grote haast naar de Olijfberg, waar ze onafgebroken bad. Toen keerde ze terug naar haar huis en bereidde haar begrafenis voor. Terwijl dit plaatsvond, namen wolken de Apostelen op van de uiteinden der aarde, waar elk van hen aan het preken was, en brachten hen meteen naar het huis van de Maagd Maria. Ze vertelde hen over haar aanstaande dood. Ze troostte hen, hief toen haar handen op en bad voor de wereldvrede. Ze zegende de Apostelen, en ze overleed. De Apostelen namen haar lichaan op en brachten het naar het grafgewelf. Maar een Jood, bewogen door boosaardigheid, strekte zijn hand uit op het bed. Hij werd onmiddellijk gestraft, toen zijn handen door een onzichtbare klap afgeslagen werden. Maar zijn handen werden weer genezen, toen hij berouw kreeg en om vergiffenis vroeg. Toen ze Gethsemane hadden bereikt, begroeven ze daar met eer het lichaam van de Theotokos. Op de 3e dag na de begrafenis verscheen de Theotokos in de lucht, en zei tegen hen "Verheug U". Hierdoor wisten ze dat haar lichaam de de Hemel was opgenomen.

On Rhodos, Tsambika is the name for Maria.

Very important day when Greeks return home to their villages – not a good day for tourists to be travelling without a booking as ferries to the islands are often full and on the mainland many hotels will be fully booked around this date. It is, however, a very good day for attending services, followed by feasting, drinking and dancing late into the night. On Crete nameday for married women (for unmarried women the nameday is celebrated on november 21).

On Zakynthos people with this name celebrate their nameday on 26th of december. Everywhere else in Greece on 15th of august.

Through an Angel the Virgin Mary was informed that she would repose after three days. On hearing this, she went up with haste to the Mount of Olives, where she prayed continuously. Then she returned to her house and prepared her burial. While this took place, clouds caught up the Apostles from the ends of the earth, where each one happened to be preaching, and brought them at once to the house of the Virgin Mary. She informed them about her coming death. She consoled them, then raised her hands and prayed for the peace of the world. She blessed the Apostles, and she reposed. The Apostles took up her body and brought it to the sepulchre. But one Jew, moved by malice, stretched forth his hand upon the bed. He was punished immediately, when his hands were severed by an invisible blow. But his hands were restored again, when he repented and asked forgiveness. When they had reached Gethsemane, they buried there with honor the body of the Theotokos. On the third day after the burial, the Theotokos appeared in the air, saying "Rejoice" to them. This way they lerned of her bodily translation into Heaven.

15 AUGUSTUS

     AYΓΟΥΣΤΟΣ

 

ABDF

GHIJ

K

 

Ý

Maria (de Theotokos)

Maria Magdalena, Joanna, Salome, Maria de vrouw van Cleopas (of Alphaeus), Susanna, Maria van Bethanië en Martha van Bethanië, de Mirre-Dragers

 

Ton Myrophoron (Myrophoron)

Kyriaki Ton Myrophoron

Zondag van de Mirre-dragende Vrouwen

Sunday of the Myrrh-Bearing Women

De Mirre-Dragers hadden begrafeniskruiden en –zalven naar het graf gebracht voor het lichaam van Christus. Zij waren de eersten die de lege tombe zagen. Er zijn 8 vrouwen die algemeen geïdentificeerd worden als de Mirre-Dragers. Zij zijn: Maria Magdalena (22 Juli), de Maagd Maria (de Theotokos), Joanna (27 juni), Salome (3 Augustus), Maria de vrouw van Cleopas (of Alphaeus), Susanna, Maria van Bethanië (4 Juni) en Martha van Bethanië (4 Juni), de zusters van Lazarus. De Zondag van de Mirre-dragende Vrouwen valt op de 2e Zondag na Pasen.

The Myrrh-Bearers had brought funeral spices and ointments to finish commiting Christ's body to the grave. They were the first to see the empty tomb. There are eight women who are generally identified as the Myrrh-Bearers. They are: Mary Magdalene (July 22), the Virgin Mary (the Theotokos), Joanna (june 27 toevoegen), Salome (August 3), Mary the wife of Cleopas (or Alphaeus), Susanna, Mary of Bethany (June 4) and Martha of Bethany (June 4), the sisters of Lazarus. The Sunday of Myrrh-bearing Women falls on the second Sunday following Pascha.

11 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2008

03 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2009

18 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2010

08 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2011

29 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2012

19 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2013

04 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2014

26 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2015

15 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2016

30 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2017

 

 

Ý

Maria Magdalena
(Magdalena)

(Marias Magdalinis)

de Mirre-Draagster,

Gelijke van de Apostelen

Sint Maria kwam van Magdala in Galilee aan de Zee van Tiberias, en heette daarom Magdalena. Nadat Jezus 7 demonen bij haar had uitgedreven, werd zij een trouwe discipel. Op de ochtend van de Opstanding vonden de Mirre-Dragers (waaronder Maria Magdalena) het graf leeg. Maria Magdalenae was de eerste om de Opgestane Jezus te zien. Sommigen zeggen dat zij na de Opstanding naar Rome ging en later terugkeerde naar Jeruzalem en vandaar naar Ephesus, waar zij prekend haar leven eindigde. Hoewel sommigen zeggen dat zij een “zondige vrouw” was, wordt dit nergens in de Bijbel vermeld. Maria Magdalena wordt ook herdacht op de Zondag van de Mirre-dragende Vrouwen (2e Zondag na Pasen).

Saint Mary was from Magdala in Galilee on the Sea of Tiberias, and for this was named Magdalene. When Jesus cast out 7 demons from her, she became a faithful disciple. On the morning of the Resurrection, the Myrrh-Bearers (amongst whom Mary Magdalene) found the tomb empty. Mary Magdalene was the first to behold Jesus arisen from the dead. According to some, after the Ascension she went to Rome and later returned to Jerusalem, and from there to Ephesus, where she ended her life, preaching. Although some say that she was a "sinful woman", this is nowhere stated in the Bible. Maria Magdalena is also commemorated on the Sunday of the Myrrh-bearing Women (2nd Sunday after Pascha).

22 JULI

      ΙΟΥΛΙΟΣ

DFHI

JK

 

Ý

Maria Magdalena

(Magdalena)

de Maagd Maria (de Theotokos), Joanna, Salome, Maria de vrouw van Cleopas (of Alphaeus), Susanna, Maria van Bethanië en Martha van Bethanië, de Mirre-Dragers

 

Ton Myrophoron (Myrophoron)

Kyriaki Ton Myrophoron

Zondag van de Mirre-dragende Vrouwen

Sunday of the Myrrh-Bearing Women

De Mirre-Dragers hadden begrafeniskruiden en –zalven naar het graf gebracht voor het lichaam van Christus. Zij waren de eersten die de lege tombe zagen. Er zijn 8 vrouwen die algemeen geïdentificeerd worden als de Mirre-Dragers. Zij zijn: Maria Magdalena (22 Juli), de Maagd Maria (de Theotokos), Joanna (27 juni), Salome (3 Augustus), Maria de vrouw van Cleopas (of Alphaeus), Susanna, Maria van Bethanië (4 Juni) en Martha van Bethanië (4 Juni), de zusters van Lazarus. De Zondag van de Mirre-dragende Vrouwen valt op de 2e Zondag na Pasen.

The Myrrh-Bearers had brought funeral spices and ointments to finish commiting Christ's body to the grave. They were the first to see the empty tomb. There are eight women who are generally identified as the Myrrh-Bearers. They are: Mary Magdalene (July 22), the Virgin Mary (the Theotokos), Joanna (june 27 toevoegen), Salome (August 3), Mary the wife of Cleopas (or Alphaeus), Susanna, Mary of Bethany (June 4) and Martha of Bethany (June 4), the sisters of Lazarus. The Sunday of Myrrh-bearing Women falls on the second Sunday following Pascha.

11 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2008

03 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2009

18 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2010

08 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2011

29 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2012

19 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2013

04 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2014

26 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2015

15 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2016

30 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2017

 

 

Ý

Maria van Egypte

(Marias Aigyptias)

Onjuiste of verouderde informatie.

>>>zie Maria van Egype, 1 april.

Incorrect or out-of-date information.

>>>see Mary of Egypt, April 1.

01 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

FI

 

Ý

Maria van Egypte

(Marias Aigyptias)

Op 12-jarige leeftijd verliet Maria van Egypte haar ouders en ging naar Alexandrie, waar ze 17 jaar lang een losbandig leven leidde. Uit nieuwsgierigheid ging ze naar Jeruzalem om de Verheffing van het Kruis te zien. Telkens als ze de kerk binnen wilde, hield een onzichtbare macht haar tegen. Gekwetst besloot ze haar leven te veranderen, waarna de deur zich voor haar opende. Dezelfde dag vertrok ze uit Jeruzalem en stak de Jordaan over, waarna ze 47 jaar in de wildernis een hard en vroom leven leidde. De kluizenaar Zosimas, met wie ze bevriend was geraakt, vond haar dood in 378, 437 of 522.  Ze wordt ook herdacht op de Vijfde Zondag van het Grote Vasten.

At the age of twelve, Mary of Egypt left her parents and departed to Alexandria, where she lived a depraved life for seventeen years. Moved by curiosity, she went to Jerusalem, to see the Exaltation of the venerable Cross. Time and again, when she tried to enter the church, an invisible power prevented her entrance. Wounded in her heart, she decided to change her way of life, after which the door opened for her. She departed that same day from Jerusalem and passed over the Jordan, after which she lived a most harsh and pious manner of live in the wilderness. The hermit Zosimas, with whom she was friends, found her dead in 378, 437 or 522. She is commemorated also on the Fifth Sunday of Great Lent.

01 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

DJK

 

Ý

Maria

en Mirabella, Nieuw-Martelaressen

 

 

01 MEI

     ΜΑΙΟΣ

D

 

Ý

Maria van Bethanië

en Martha, zusters van Lazarus,

Mirre-Draagsters

De Mirre-Dragers Sint Maria en Sint Martha waren met hun broer Sint Lazarus erg toegewijd aan Christus. Ze overleden in Cyprus, waar hun broer de eerste Bisschop van Kition werd na zijn opstanding uit de dood. Maria en Martha worden ook herdacht op de Zondag van de Mirre-dragende Vrouwen (2e Zondag na Pasen).

The Myrrh-Bearers Mary and Martha, together with their brother Lazarus, were especially devoted to Christ. They reposed in Cyprus, where their brother became the first Bishop of Kition after his resurrection from the dead. Mary and Martha are also commemorated on the Sunday of the Myrrh-bearing Women (2nd Sunday after Pascha).

04 JUΝI

      ΙΟΥΝΙΟΣ

DFIJK

 

Ý

Maria van Bethanië,

Maria Magdalena, de Maagd Maria (de Theotokos), Joanna, Salome, Maria de vrouw van Cleopas (of Alphaeus), Susanna en Martha van Bethanië, de Mirre-Dragers

 

Ton Myrophoron (Myrophoron)

Kyriaki Ton Myrophoron

Zondag van de Mirre-dragende Vrouwen

Sunday of the Myrrh-Bearing Women

De Mirre-Dragers hadden begrafeniskruiden en –zalven naar het graf gebracht voor het lichaam van Christus. Zij waren de eersten die de lege tombe zagen. Er zijn 8 vrouwen die algemeen geïdentificeerd worden als de Mirre-Dragers. Zij zijn: Maria Magdalena (22 Juli), de Maagd Maria (de Theotokos), Joanna (27 juni), Salome (3 Augustus), Maria de vrouw van Cleopas (of Alphaeus), Susanna, Maria van Bethanië (4 Juni) en Martha van Bethanië (4 Juni), de zusters van Lazarus. De Zondag van de Mirre-dragende Vrouwen valt op de 2e Zondag na Pasen.

The Myrrh-Bearers had brought funeral spices and ointments to finish commiting Christ's body to the grave. They were the first to see the empty tomb. There are eight women who are generally identified as the Myrrh-Bearers. They are: Mary Magdalene (July 22), the Virgin Mary (the Theotokos), Joanna (june 27 toevoegen), Salome (August 3), Mary the wife of Cleopas (or Alphaeus), Susanna, Mary of Bethany (June 4) and Martha of Bethany (June 4), the sisters of Lazarus. The Sunday of Myrrh-bearing Women falls on the second Sunday following Pascha.

11 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2008

03 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2009

18 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2010

08 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2011

29 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2012

19 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2013

04 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2014

26 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2015

15 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2016

30 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2017

 

 

Ý

Maria

en haar oom Abramius de Kluizenaar

Vader Abramius, geboren in Edessa in Mesopotamia in 296, leefde als een monnik en bekeerde velen tot het Christendom. Maria, zijn nicht, voegde zich na de dood van haar ouders bij Abramius in zijn kluizenaarschap. Desondanks verviel ze in zonde, en uit wanhoop verliet ze haar oom en werd een prostituee. Toen hij ontdekte waar zijn nicht was, trok Abramius de kleren aan van een man van de wereld en bezocht haar in vermomming. Door zijn inspanningen keerde Maria weer terug naar haar geloof, werd gered van het leven van prostituee, en eindigde haar leven in grote heiligheid. Abramius zelf overleed in het jaar 366. De heiligen Abramius en Maria waren vrienden van Sint Ephraim de Syrier.

Father Abramius, born in Edessa in Mesopotamia in 296, took up the monastic life and brought many pagans to Christ. Mary, his niece, upon the death of her parents, joined Abramius at his hermitage. However she fell into sin, and falling from them into despair, she left her uncle and became a harlot. When he learned where his niece was, Abramius put on the clothes of a man of the world and went to visit her in disguise. Through his exhortations, Mary returned to her faith, was rescued from the life of harlotry, and ended her life in great holiness. Abramius himself reposed in the year 366. Saints Abramius and Mary were friends of Saint Ephraim the Syrian.

29 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

DJKM

 

Ý

Maria,

haar man Xenophontus,

en hun zonen Arcadius en Johannes

St. Xenophontus, een rijke edelman uit Constantinopel, was een vroom man. Hij had 2 zonen, Arcadius en Johannes, die hij naar Beirut stuurde om rechten te studeren. Maar tijdens hun reis verging het schip. Op het nippertje gered, lieten ze alles in de steek en gingen naar Palestina. Sint Xenophontus en zijn vrouw Maria gingen op zoek naar hun zonen. Toen ze hen in monnikenkleding in Jeruzalem vonden, gingen ook zij het kloosterleven in. Sint Xenophontus en zijn zonen verbleven in het Sint Sabbasklooster, en Maria in het Klooster van Sint Theodosius. Ze overleden in het begin van de 6e eeuw.

Saint Xenophon, a wealthy nobleman of Constantinople, was a pious man. He had two sons, Arcadius and John, whom he sent to Beirut to study law. But during their voyage they were shipwrecked. Barely saved, they forsook all things and departed for Palestine. Saint Xenophon and his wife Mary went in search of their sons. When they found them in Jerusalem, dressed in the habit of monks, they also took up the monastic life. Saint Xenophon and his sons reposed at Saint Sabbas Monastery, and Mary at the Monastery of Saint Theodosius. They departed at the beginning of the 6th century.

26 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Maria

Vrouw van Cleopas (of Alphaeus),

Maria Magdalena, de Maagd Maria (de Theotokos), Joanna, Salome, Susanna, Maria van Bethanië en Martha van Bethanië, de Mirre-Dragers

 

Ton Myrophoron (Myrophoron)

Kyriaki Ton Myrophoron

Zondag van de Mirre-dragende Vrouwen

Sunday of the Myrrh-Bearing Women

De Mirre-Dragers hadden begrafeniskruiden en –zalven naar het graf gebracht voor het lichaam van Christus. Zij waren de eersten die de lege tombe zagen. Er zijn 8 vrouwen die algemeen geïdentificeerd worden als de Mirre-Dragers. Zij zijn: Maria Magdalena (22 Juli), de Maagd Maria (de Theotokos), Joanna (27 juni), Salome (3 Augustus), Maria de vrouw van Cleopas (of Alphaeus), Susanna, Maria van Bethanië (4 Juni) en Martha van Bethanië (4 Juni), de zusters van Lazarus. De Zondag van de Mirre-dragende Vrouwen valt op de 2e Zondag na Pasen.

The Myrrh-Bearers had brought funeral spices and ointments to finish commiting Christ's body to the grave. They were the first to see the empty tomb. There are eight women who are generally identified as the Myrrh-Bearers. They are: Mary Magdalene (July 22), the Virgin Mary (the Theotokos), Joanna (june 27 toevoegen), Salome (August 3), Mary the wife of Cleopas (or Alphaeus), Susanna, Mary of Bethany (June 4) and Martha of Bethany (June 4), the sisters of Lazarus. The Sunday of Myrrh-bearing Women falls on the second Sunday following Pascha.

11 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2008

03 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2009

18 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2010

08 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2011

29 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2012

19 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2013

04 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2014

26 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2015

15 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2016

30 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2017

 

 

Ý

Maria-Boodschap

Annunciatie van de Maagd

Annunciation of the Theotokos

Evangelos

Euagelismos tis Theotokou

Een dubbel religious en seculair feest, een van de grootste van het jaar. Op Onafhankelijkheidsdag wordt de Onafhankelijkheidsoorlog van 1821 (tegen de eeuwenlange Turkse overheersing) herdacht. De grootste viering is natuurlijk in Athene.

Maria-Boodschap is de herdenking van het nieuws dat aan de Maagd Maria werd gebracht, dat zij de Moeder van Christus zou worden.

Ook parochies genoemd naar Maria-Boodschap vieren hun naamdag vandaag.

A joint religious and secular feast, one of the biggest in the year. Independence Day parades celebrate the 1821 War of Independence against the centuries of Turkish rule, the biggest being, naturally, in Athens, while the Feast of the Annunciation sees a celebration of the news given to the Virgin Mary that she was to become the Mother of Christ.

Also parishes named after the Annunciation of the Theotokos celebrate their nameday today.

25 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

 

ABDF

HIJKM

 

Ý

Mariam Isapostola

 

 

17 FEBRUARI

    ΦΕΒΡΟΥΑΡΙΟΣ

D

 

Ý

Marianthi,

Adamantini, Akrivi, Antigoni, Aphroditi, Areboia, Aspasia, Athena, Chaido, Dione, Dodoni, Elpiniki, Erasmia, Erato, Ermineia, Euterpe, Harikleia, Kalliroe, Kallisti, Kleio, Kleoniki, Kleopatra, Koralia, Lampro, Margarita, Melpomene, Moscho, Ourania, Pandora, Penelope, Polymnia, Polynike, Sappho, Terpsichore, Thaleia, Theano, Theonoe, Theonymphi, Theophani, Troada, martelaressen, de 40 Heilige Vrouwen en de martelaar Ammon (Ammoun), Diaken en hun Leraar

De Veertig Heilige Vrouwen waren afkomstig van Heraclea in Thracie. Ze hadden de diaken Ammon als gids, die hen onderwees in het Christendom. Ze stierven als martelaren onder de tiran Licinius rond 321-323. Tien van hen werden verbrand, acht van hen werden doodgeranseld, zes van hen werden aan stukken gesneden met messen, van tien werd het hart doorboord met een zwaard en zes stierven door gloeiend ijzer in hun mond gepropt. St. Ammon werd doodgeranseld. De namen van de 40 Heilige Vrouwen moeten met terughoudendheid worden beschouwd, daar sommige, oa. Chaido en Lampro, toebehoorden aan heiligen uit later eeuwen (16e-18e) en niet zonder twijfel vastgesteld is dat het de heiligen uit de vroege eeuwen betreft.

The Forty Holy Women were natives of Heraclea in Thrace. They had the deacon Ammon for a guide, who instructed them in Christianity. They died as martyrs under the tyrant Licinius around 321-323. Ten of them were burnt, eight of them were whipped to death, six of them were cut up by knifes, ten were pierced in the heart by a sword and six died from having the heated iron enclosed in their mouth. St. Ammon was whipped to death. The names of the 40 Holy Women should be considered with reservation, as some of them, a.o. Chaido and Lampro, belong to saints of later centuries (16th-18th) and are not testified without doubt to be the saints of the first centuries.

01 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

JM

 

Ý

Marianus de Diaken,

Chrysanthus en zijn vrouw Daria, Claudius de Tribuun, zijn vrouw Hilaria (Ilaria) en hun zonen Jason (Iason) en Maurus (Mavros) en Diodorus de presbyter, martelaren

Deze heiligen leefden tijdens het regime van keizer Numerianus in 283 of 284. Sint Chrysanthos was de zoon van Pelemon, Senator van Alexandria. Toen hij zich liet dopen en het christendom preekte, liet zijn vader hem in de gevangenis werpen. Hij dwong hem met Sint Daria, een filosofe (of een priesteres van Minerva) uit Athene, te trouwen, in de hoop hem van zijn christelijke geloof af te brengen. In plaats hiervan liet Sint Daria zich ook dopen. Beiden wilden tot hun dood zuiver blijven en preekten preutsheid en puurheid. Hierom werden ze gefolterd door de tribuun Claudius. Toen deze zag dat de heiligen ongedeerd bleven, bekeerden hij en zijn vrouw Hilaria en hun zonen Jason en Maurus zich ook tot het christendom. Ook zij werden vanwege hun geloof gemarteld en uiteindelijk gedood. Chrysanthos en Daria werden in een modderige kuil gegooid en doodgetrapt (of levend begraven). In een grot vlakbij kwamen christenen samen om deze martelaren te herdenken. Toen dit uitkwam, werd de ingang van de grot afgesloten en de stierven de aanwezigen zelf ook als martelaren. Twee van hen waren de priester Diodorus en de diaken Marianus.

These saints lived during the reign of emperor Numerianus in 283 or 284. Saint Chrysanthos was the son of Pelemon, Senator of Alexandria. When he was baptised and preached christianity, his father put him in prison. He forced him to marry Saint Daria, a philosopher (or a priestess of Minerva) from Athens, with the hope that this would move him away from his christian faith. Instead of this, also Saint Daria was baptised. Both of them wanted to stay pure till their death en preached prudence and purity. For this they were tortured bu the tribune Claudius. When Claudius saw that the saints remained unharmed, he and his wife Hilaria and their sons Jason and Maurus were concerted to the christian faith. They also were tortured for this and finally killed. Chrysanthos and Daria were thrown in a muddy pit and trampled to death (or buried alive). In a cave nearby christians gathered to commemorate these martyrs. When this was discovered, the entrance of the cave was sealed and the people present died as martyrs themselves. Two of them weer the presbyter Diodorus and the deacon Marianus.

19 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

 

 

Ý

Marina
Groot-Martelares

Marina werd geboren in Pisidian, Antiochië. Ze was de dochter van heidense ouders. Op 12-jarige leeftijd werd Marina een Christin, en ze zwoer, dat ze nooit zou trouwen. Ze verlangde met hart en ziel om te lijden voor Christus en om gedoopt te worden in het bloed van het martelaarschap. Haar vader haatte haar vanwege haar Christelijke geloof. Voor hem was ze zijn dochter niet meer. De keizerlijke afgevaardigde Olymbrius wilde met Marina trouwen. Toen ze zijn order verwierp om te buigen voor de afgoden, onderwierp Olymbrius Marina aan wrede martelingen en gooide haar in de gevangenis. Ze was volledig overdekt met wonden en bloed. In de gevangenis bad Marina tot God, en toen verscheen de duivel aan haar als een vreselijk serpent, dat zich om haar hoofd strengelde. Toen Marina het teken van kruis maakte, barstte het serpent uiteen en verdween. Toen verscheen een hemels licht en Marina was genezen van al haar wonden en pijn. De volgende dag werd ze zowel in vuur als in water gemarteld, maar ze verdroeg alles, als was ze in een ander lichaam. Uiteindelijk werd ze onthoofd, tijdens het regime van Diocletianus. Een hand van Sint Marina verblijft in het Klooster van Vatopedi op de Berg Athos. Een deel van haar miraculeuze relieken is in een klooster, gewijd aan Sint Marina, op de top van de Berg Langa in Albanië, met uitzicht op Lake Ohrid. Ontelbare wonderen hebben plaatsgevonden en vinden nog steeds plaats in dit klooster. De getuigen van deze wonderen zijn niet alleen Christenen, maarook  vele Moslims. De Turks hebben zó veel respect voor deze heilige plaats, dat ze het nooit hebben durven verstoren. Ooit was een Turk de bewaker van het klooster.

Marina is de beschermster van oogsten, dus deze dag is een grote reden voor feest in landbouwgemeenschappen.

Marina was born in Pisidian, Antioch. She was the daughter of pagan parents. At the age of twelve Marina became a Christian, and she vowed that she would never marry. She desired in her soul to suffer for Christ and to be baptized in the blood of martyrdom. Her father hated her because of her Christian faith. For him she was not his daughter anymore. The imperial deputy Olymbrius wanted to marry Marina. When she rejected his order to bow down before the idols, Olymbrius subjected Marina to harsh torture and threw her into prison. She was completely covered with wounds and blood. In prison Marina prayed to God, and then, the devil appeared to her as a horrible serpent which entwined itself around her head. When Marina made the sign of the cross the serpent burst and vanished. Then a heavenly light appeared and Marina was healed from all her wounds and pains. The following day she was tortured both in fire and in water, but she endured everything, as though she were in another body. Finally she was beheaded, during the reign of Diocletian. A hand of Saint Marina reposes in the Monastery of Vatopedi on Mount Athos. A portion of her miraculous relics is in a monastery dedicated to Saint Marina, on the top of Mount Langa in Albania, overlooking Lake Ohrid. Countless miracles have occurred and still occur in this monastery. The witnesses of these miracles are not only Christians, but many Muslims as well. The Turks have so much respect for this holy place, that they never dared to disturb it. At one time a Turk was the guardian of the monastery.

Marina is the protector of crops so her feast day is a big cause for celebration in farming communities.

17 JULI

      ΙΟΥΛΙΟΣ

ABCD

FGHI

JK

 

Ý

Marinus de Oudere

Martelaar

 

 

18 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

D

 

Ý

Marinus

en Asterius, Martelaren

Tijdens het regime van Keizer Gallienus diende Sint Marinus als soldaat in Caesarea in Palestina. Marinus werd onthoofd omdat hij Christen was. Asterius, een Romeinse senator, die ook Christen was, was aanwezig tijdens zijn onthoofding. Hij verwijderde zijn mantel en wikkelde het lichaam van de martelaar er in. Toen nam hij het lichaam op zijn schouders, nam het mee en begroef het met eer. Vanwege dit werd ook hij onthoofd door de heidenen. Zestierven beiden rond het jaar 260 n.Chr.

At the time of Emperor Gallienus Saint Marinus served as a soldier in Caesarea in Palestine. Marinus was beheaded for being a Christian. Asterius, a Roman senator, who was also a Christian, was present at his beheading. He removed his dolman and wrapped the body of the martyr wit it. Then he placed the body on his shoulders, took it and honorably buried it. Because of this, he was also beheaded by the pagans. They both died about the year 260 A.D.

07 AUGUSTUS

     AYΓΟΥΣΤΟΣ

FIK

 

Ý

Maron de Kluizenaar

en Wonderdoener

 

 

14 FEBRUARI

    ΦΕΒΡΟΥΑΡΙΟΣ

J

 

Ý

Marsalius

(Massalus (Marsalus),

Cercyra, Euphrasius, Faustianus, Jakishol (Jakischolus of Inischolus), Januarius, Mamminus (Mammius, Mammonius), en Sagornius (of Saturninus), Martelaren van Corfu en Metgezellen van Jason (Iason) en Sosipatrus, Apostelen van de 70

Jason en Sosipater, Discipelen van Paulus, waren van de 70 Apostelen. Cercyra was de dochter van de koning van het eiland Corfu. Jason was geboren in Tarsus in Cilicië en werd daar Bisschop. Sosipater, die Bisschop van Iconium werd, was geboren in Patras in Achaea. Tijdens hun reizen, de Gospel prekend, kwamen Jason en Sosipater aan op het eiland Corfu. Daar bouwden ze een kerk en bekeerden heidenen. Hierom liet de koning van het eiland hen in de gevangenis werpen. Daar bekeerden ze zeven dieven, die ook gevangen zaten, tot het Christelijke geloof. De namen van de dieven waren: Sagornius, Jakishol, Faustian, Januarius, Marsalus, Euphrasius en Mamminus. Hierom beval de koning, dat de zeven bekeerde dieven in kokende pek moesten worden gedood. De maagd Cercyra, de dochter van de koning, bekeek uit haar raam hoe haar vader de apostelen martelde. Dit ziend, verklaarde ze zichzelf een Christen en verdeelde al haar juwelen onder de armen. De koning, woedend, zette zijn dochter in een speciale gevangenis. Toen ze weigerde afstand te doen van haar Christelijke geloof, liet de koning de gevangenis platbranden, maar Cercyra bleef in leven. Veel mensen die dit wonder zagen, werden gedoopt. Toen liet de koning zijn dochter aan een boom binden en  met pijlen doodschieten. Veel Christenen vluchtten naar het dichtsbijzijnde eiland om zich te verstoppen voor de vreselijke koning. Toen de koning hen per boot achtervolgde, zond de boot en de koning stierf. Jason en Sosipater preekten vrijelijk de Gospel in Corfu tot ze op hoge leeftijd stierven. Jason en Sosipater worden ook herdacht op 4 januari (Synaxis van de 70 Apostelen/Discipelen).

Jason and Sosipater, Disciples of Paul, were of the Seventy Apostles. Cercyra was the daughter of the king from the island of Corfu. Jason was born in Tarsus in Cilicia and became Bishop there. Sosipater, who became Bishop of Iconium, was born in Patras in Achaea. During their travels, preaching the Gospel, Jason and Sosipater arrived on the island of Corfu. There they built a church and converted heathens. Because of this, the king of the island threw them into prison. There they converted seven thieves, who were als imprisoned, to the Christian faith. The names of the thieves were: Sagornius, Jakishol, Faustian, Januarius, Marsalus, Euphrasius and Mamminus. For this the king ordered the seven converted thieves to be put to death in boiling pitch. The virgin Cercyra, the daughter of the king, watched from the window how her father was torturing the apostles. Seeing this, she declared herself a Christian and distributed all of her jewels to the poor. The king, enraged, put his daughter in a special prison. When she refused to renounce her Christian faith, the king had the prison burned, but Cercyra remained alive. Many people who saw this miracle, were baptized. Then the king had his daughter tied to a tree and slain by arrows. Many Christians fled to the nearest island to hide themselves from the terrible king. When the king pursued them by boat, the boat sank and the king died. Jason and Sosipater freely preached the Gospel in Corfu until they died at old age. Jason and Sosipater are also commemorated on the 4th of january (Synaxis of the 70 Apostles/Disciples).

Griekse kalender:

Greek calendar:

29 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

Slavische kalender:

Slavic calendar:

28 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

 

 

Ý

Marsalus

(Massalus, Marsalius)

Cercyra, Euphrasius, Faustianus, Jakishol (Jakischolus of Inischolus), Januarius, Mamminus (Mammius, Mammonius), en Sagornius (of Saturninus), Martelaren van Corfu en Metgezellen van Jason (Iason) en Sosipatrus, Apostelen van de 70

Jason en Sosipater, Discipelen van Paulus, waren van de 70 Apostelen. Cercyra was de dochter van de koning van het eiland Corfu. Jason was geboren in Tarsus in Cilicië en werd daar Bisschop. Sosipater, die Bisschop van Iconium werd, was geboren in Patras in Achaea. Tijdens hun reizen, de Gospel prekend, kwamen Jason en Sosipater aan op het eiland Corfu. Daar bouwden ze een kerk en bekeerden heidenen. Hierom liet de koning van het eiland hen in de gevangenis werpen. Daar bekeerden ze zeven dieven, die ook gevangen zaten, tot het Christelijke geloof. De namen van de dieven waren: Sagornius, Jakishol, Faustian, Januarius, Marsalus, Euphrasius en Mamminus. Hierom beval de koning, dat de zeven bekeerde dieven in kokende pek moesten worden gedood. De maagd Cercyra, de dochter van de koning, bekeek uit haar raam hoe haar vader de apostelen martelde. Dit ziend, verklaarde ze zichzelf een Christen en verdeelde al haar juwelen onder de armen. De koning, woedend, zette zijn dochter in een speciale gevangenis. Toen ze weigerde afstand te doen van haar Christelijke geloof, liet de koning de gevangenis platbranden, maar Cercyra bleef in leven. Veel mensen die dit wonder zagen, werden gedoopt. Toen liet de koning zijn dochter aan een boom binden en  met pijlen doodschieten. Veel Christenen vluchtten naar het dichtsbijzijnde eiland om zich te verstoppen voor de vreselijke koning. Toen de koning hen per boot achtervolgde, zond de boot en de koning stierf. Jason en Sosipater preekten vrijelijk de Gospel in Corfu tot ze op hoge leeftijd stierven. Jason en Sosipater worden ook herdacht op 4 januari (Synaxis van de 70 Apostelen/Discipelen).

Jason and Sosipater, Disciples of Paul, were of the Seventy Apostles. Cercyra was the daughter of the king from the island of Corfu. Jason was born in Tarsus in Cilicia and became Bishop there. Sosipater, who became Bishop of Iconium, was born in Patras in Achaea. During their travels, preaching the Gospel, Jason and Sosipater arrived on the island of Corfu. There they built a church and converted heathens. Because of this, the king of the island threw them into prison. There they converted seven thieves, who were als imprisoned, to the Christian faith. The names of the thieves were: Sagornius, Jakishol, Faustian, Januarius, Marsalus, Euphrasius and Mamminus. For this the king ordered the seven converted thieves to be put to death in boiling pitch. The virgin Cercyra, the daughter of the king, watched from the window how her father was torturing the apostles. Seeing this, she declared herself a Christian and distributed all of her jewels to the poor. The king, enraged, put his daughter in a special prison. When she refused to renounce her Christian faith, the king had the prison burned, but Cercyra remained alive. Many people who saw this miracle, were baptized. Then the king had his daughter tied to a tree and slain by arrows. Many Christians fled to the nearest island to hide themselves from the terrible king. When the king pursued them by boat, the boat sank and the king died. Jason and Sosipater freely preached the Gospel in Corfu until they died at old age. Jason and Sosipater are also commemorated on the 4th of january (Synaxis of the 70 Apostles/Disciples).

Griekse kalender:

Greek calendar:

29 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

Slavische kalender:

Slavic calendar:

28 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

 

 

Ý

Martha

 

 

08 FEBRUARI

    ΦΕΒΡΟΥΑΡΙΟΣ

A

 

Ý

Martha van Bethanië

en Maria, zusters van Lazarus,

Mirre-Draagsters

De Mirre-Dragers Sint Maria en Sint Martha waren met hun broer Sint Lazarus erg toegewijd aan Christus. Ze overleden in Cyprus, waar hun broer de eerste Bisschop van Kition werd na zijn opstanding uit de dood. Maria en Martha worden ook herdacht op de Zondag van de Mirre-dragende Vrouwen (2e Zondag na Pasen).

The Myrrh-Bearers Mary and Martha, together with their brother Lazarus, were especially devoted to Christ. They reposed in Cyprus, where their brother became the first Bishop of Kition after his resurrection from the dead. Mary and Martha are also commemorated on the Sunday of the Myrrh-bearing Women (2nd Sunday after Pascha).

04 JUΝI

      ΙΟΥΝΙΟΣ

DFGH

IJK

 

Ý

Martha van Bethanië,

Vrouw van Cleopas (of Alphaeus),

Maria Magdalena, de Maagd Maria (de Theotokos), Joanna, Salome, Maria de vrouw van Cleopas (of Alphaeus), Susanna en Maria van Bethanië, de Mirre-Dragers

 

Ton Myrophoron (Myrophoron)

Kyriaki Ton Myrophoron

Zondag van de Mirre-dragende Vrouwen

Sunday of the Myrrh-Bearing Women

De Mirre-Dragers hadden begrafeniskruiden en –zalven naar het graf gebracht voor het lichaam van Christus. Zij waren de eersten die de lege tombe zagen. Er zijn 8 vrouwen die algemeen geïdentificeerd worden als de Mirre-Dragers. Zij zijn: Maria Magdalena (22 Juli), de Maagd Maria (de Theotokos), Joanna (27 juni), Salome (3 Augustus), Maria de vrouw van Cleopas (of Alphaeus), Susanna, Maria van Bethanië (4 Juni) en Martha van Bethanië (4 Juni), de zusters van Lazarus. De Zondag van de Mirre-dragende Vrouwen valt op de 2e Zondag na Pasen.

The Myrrh-Bearers had brought funeral spices and ointments to finish commiting Christ's body to the grave. They were the first to see the empty tomb. There are eight women who are generally identified as the Myrrh-Bearers. They are: Mary Magdalene (July 22), the Virgin Mary (the Theotokos), Joanna (june 27 toevoegen), Salome (August 3), Mary the wife of Cleopas (or Alphaeus), Susanna, Mary of Bethany (June 4) and Martha of Bethany (June 4), the sisters of Lazarus. The Sunday of Myrrh-bearing Women falls on the second Sunday following Pascha.

11 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2008

03 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2009

18 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2010

08 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2011

29 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2012

19 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2013

04 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2014

26 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2015

15 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2016

30 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2017

 

 

Ý

Martha

Moeder van Symeon Stylites van de Wonderlijke Berg

 

 

04 JULI

      ΙΟΥΛΙΟΣ

DJ

 

Ý

Martinianus van Caesarea

de Rechtschapene

Sint Martinianus de Rechtschapene kwam uit Caesarea in Palestina, rond het begin van de 5e eeuw. Vanaf zijn jeugd leefde hij in de wildernis in asceticisme gedurende 25 jaar. Toen stuurde de duivel hem een hoer om zijn deugd ongedaan te maken. ‘s Nachts kwam ze naar zijn cel en smeekte hem haar binnen te laten, anders zou ze ten prooi vallen aan wilde dieren. Hij was vol van compassie en wilde niet schuldig zijn aan haar dood. Dus liet hij haar binnen. Toen begon ze hem te verleiden, en hij voelde het vuur der verleiding beginnen te branden in zijn hart. Hij ontstak een vuur en stapte er in, zijn lichaam brandend, maar zijn ziel gered. Dit ziende kreeg ze berouw, en ze ging naar Bethlehem naar de maagd Paula. Samen leefden ze in vasten en gebed. Voor haar dood werd ze een wonderdoener. Toen Sint Martinianus hersteld was van zijn brandwonden, ging hij naar een meer afgelegen plek op een eiland. Daar leefde hij een aantal jaren in eenzaamheid. Toen een jonge maagd, die schipbreuk had geleden, op zijn eiland aan de kust kwam, ging hij weg, omdat hij niet weer in verleiding wilde komen. Zijn resterende tijd bracht hij door als een zwerver. Hij eindigde zijn leven in Athene.

Saint Martinian the Righteous was from Caesarea of Palestine, about the beginning of the fifth century. From his youth he struggled in the wilderness in asceticism for twenty-five years. Then the devil sent him a harlot to undo his virtue. In the night she came to his cell and begged him to let her in, otherwise she would fall prey to wild beasts. He was filled with compassion and did not want to be guilty of her death. So he allowed her to enter. Then she began to seduce him, and he felt the fire of desire beginning to burn in his heart. He kindled a fire and stepped into it, burning his body, but saving his soul. Seeing this, she repented, and went to Bethlehem to the virgin named Paula. Together they lived in fasting and prayer. Before her death, she became a wonderworker. When Saint Martinian recovered from the burning, he went to some more solitary place on an island. There he struggled in solitude for a number of years. When a young maiden, who had suffered shipwreck, came ashore on his island, he departed, not wishing to fall into temptation again. He passed his remaining time as a wanderer. He ended his life in Athens.

13 FEBRUARI

    ΦΕΒΡΟΥΑΡΙΟΣ

DJ

 

Ý

Martinus de Confessor

Paus van Rome

Sint Martinus werd geboren in Toscane. Hij was de pauselijk afgevaardigde in Constantinopel en werd later Paus. Omdat hij de Typos niet accepteerde, en het Lateraanse Concilie van 649 bijeen riep, wat de Typos en de Monothelitische ketterij anathematiseerde, werd Sint Martinus door de keizerlijke macht opgepakt en in 653 naar Constantinopel gebracht. Hij werd veroordeeld tot verbanning naar Cherson aan de Zwarte Zee. Na veel lijden en ontberingen stierf hij in het jaar 655.

Saint Martin was born in Tuscany. He was the papal delegate at Constantinople and later became Pope. Because he did not accept the Typos, and convened the Lateran Council of 649, which anathematized the Typos and the Monothelite heresy, Saint Martin was seized by an imperial force in 653 and brought to Constantinople. He was sentenced to be exiled to Cherson on the Black Sea. After many sufferings and privations, he died in the year 655.

13 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

DJ

 

Ý

Martinus de Confessor

 

 

14 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

K

 

Ý

Martyrius

en Marcianus, Notabelen en Martelaren

Marcianus en Martyrius waren discipelen van Sint Paulus de Confessor. Martyrius was een subdiaken, en Marcianus was een zanger en lezer. In het jaar 346 werden ze onthoofd door de Arianen.

Marcian and Martyrius were disciples of Saint Paul the Confessor. Martyrius was a subdeacon, and Marcian was a chanter and reader. In the year 346 they were beheaded by the Arians.

25 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Massalus

(Marsalus, Marsalius),

Cercyra, Euphrasius, Faustianus, Jakishol (Jakischolus of Inischolus), Januarius, Mamminus (Mammius, Mammonius), en Sagornius (of Saturninus), Martelaren van Corfu en Metgezellen van Jason (Iason) en Sosipatrus, Apostelen van de 70

Jason en Sosipater, Discipelen van Paulus, waren van de 70 Apostelen. Cercyra was de dochter van de koning van het eiland Corfu. Jason was geboren in Tarsus in Cilicië en werd daar Bisschop. Sosipater, die Bisschop van Iconium werd, was geboren in Patras in Achaea. Tijdens hun reizen, de Gospel prekend, kwamen Jason en Sosipater aan op het eiland Corfu. Daar bouwden ze een kerk en bekeerden heidenen. Hierom liet de koning van het eiland hen in de gevangenis werpen. Daar bekeerden ze zeven dieven, die ook gevangen zaten, tot het Christelijke geloof. De namen van de dieven waren: Sagornius, Jakishol, Faustian, Januarius, Marsalus, Euphrasius en Mamminus. Hierom beval de koning, dat de zeven bekeerde dieven in kokende pek moesten worden gedood. De maagd Cercyra, de dochter van de koning, bekeek uit haar raam hoe haar vader de apostelen martelde. Dit ziend, verklaarde ze zichzelf een Christen en verdeelde al haar juwelen onder de armen. De koning, woedend, zette zijn dochter in een speciale gevangenis. Toen ze weigerde afstand te doen van haar Christelijke geloof, liet de koning de gevangenis platbranden, maar Cercyra bleef in leven. Veel mensen die dit wonder zagen, werden gedoopt. Toen liet de koning zijn dochter aan een boom binden en  met pijlen doodschieten. Veel Christenen vluchtten naar het dichtsbijzijnde eiland om zich te verstoppen voor de vreselijke koning. Toen de koning hen per boot achtervolgde, zond de boot en de koning stierf. Jason en Sosipater preekten vrijelijk de Gospel in Corfu tot ze op hoge leeftijd stierven. Jason en Sosipater worden ook herdacht op 4 januari (Synaxis van de 70 Apostelen/Discipelen).

Jason and Sosipater, Disciples of Paul, were of the Seventy Apostles. Cercyra was the daughter of the king from the island of Corfu. Jason was born in Tarsus in Cilicia and became Bishop there. Sosipater, who became Bishop of Iconium, was born in Patras in Achaea. During their travels, preaching the Gospel, Jason and Sosipater arrived on the island of Corfu. There they built a church and converted heathens. Because of this, the king of the island threw them into prison. There they converted seven thieves, who were als imprisoned, to the Christian faith. The names of the thieves were: Sagornius, Jakishol, Faustian, Januarius, Marsalus, Euphrasius and Mamminus. For this the king ordered the seven converted thieves to be put to death in boiling pitch. The virgin Cercyra, the daughter of the king, watched from the window how her father was torturing the apostles. Seeing this, she declared herself a Christian and distributed all of her jewels to the poor. The king, enraged, put his daughter in a special prison. When she refused to renounce her Christian faith, the king had the prison burned, but Cercyra remained alive. Many people who saw this miracle, were baptized. Then the king had his daughter tied to a tree and slain by arrows. Many Christians fled to the nearest island to hide themselves from the terrible king. When the king pursued them by boat, the boat sank and the king died. Jason and Sosipater freely preached the Gospel in Corfu until they died at old age. Jason and Sosipater are also commemorated on the 4th of january (Synaxis of the 70 Apostles/Disciples).

Griekse kalender:

Greek calendar:

29 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

Slavische kalender:

Slavic calendar:

28 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

 

 

Ý

Matrona

 

 

09 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

J

 

Ý

Matrona van Chiopolitidon

 

 

20 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

D

 

Ý

Matrona van Thessaloniki Martelares

Sint Matrona was de meid van Pantilla, een Joodse vrouw, die de vrouw van een generaal was in de stad Thessalonica. Wanneer haar meesteres naar de Joodse synagoge ging, ging Matrona naar de Kerk van de Christenen. Toen haar bazin hiervan hoorde, werd Sint Matrona vreselijk geslagen en in de gevangenis gegooid. Toen werd ze uit de gevangenis gehaald, werd geslagen en opnieuw in de gevangenis gegooid. Na heel wat dagen in de gevangenis stierf ze.

Saint Matrona was the maid of Pantilla, a Jewish woman, who was the wife of a general at the city of Thessalonica. Whenever her lady went to the Jewish synagogue, Matrona went to the Church of the Christians. When her lady heard of this, Saint Matrona was badly beaten and locked in prison. Then she was taken out of prison, was beaten and locked in prison again. After a lot of days in prison, she died.

27 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DJK

 

Ý

Matrona,

Alexandria (Alexandra), Claudia, Euphrasia, Julia, Matrona, Phaeina (Thaina, Phaine, Falina) en Tecusa (Thecusa), de 7 Heilige Maagden, en Theodotus van Ancyra

Sint Theodotus stierf als een martelaar tijdens het regime van Diocletianus (284-305). Zijn tante Tecusa en haar metgezellen, de maagden Alexandria, Claudia, Phaeina, Euphrasia, Matrona en Julia (één website noemt ook Theodota, maar deze naam wordt waarschijnlijk verward met Theodotus) werden gemarteld en verdronken omdat ze Christenen waren. Sint Theodotus haalde hun heilige relieken terug en begroef hen. Hierom werd hij opgepakt, gekweld en onthoofd. Hij stierf op 7 juni 303 of 304. Hij wordt herdacht op 18 mei, op de sterfdag van de Heilige Maagden.

Sint Theodotus wordt ook herdacht op 7 Juni (>>>zie Theodotus, 7 Juni).

Saint Theodotus died as a martyr during the reign of Diocletian (284-305). His aunt Tecusa and her companions, the virgins Alexandria, Claudia, Phaeina, Euphrasia, Matrona and Julia (one website also mentions Theodota, but this name is probably confused with Theodotus) were tortured and drowned for being Christians. Saint Theodotus recovered their holy relics and buried them. For this he was seized, tormented and beheaded. He died on the 7th of June 303 or 304. He is commemorated on the 18th of May, on the day of death of the Holy Virgins.

Saint Theodotus is also commemorated on June 7 (>>>see Theodotus, June 7).

18 MEI

     ΜΑΙΟΣ

D

 

Ý

Mattheus de Apostel

Nadat Judas van zijn apostelschap viel, zichzelf verhing uit wanhoop en zijn leven eindigde met een ellendige en beschamende dood, kwamen alle discipelen samen en kozen Mattheus om de plaats van Judas in te nemen, zodat het aantal Apostelen weer Twaalf zou zijn. Het wordt beweerd, dat Mattheus de Gospel preekte in Ethiopië, en daar in martelaarschap is gestorven.

After Judas fell from his apostleship, and hanging himself out of despair ended his life with a wretched and shameful death, all the disciples gathered and chose Matthias to take the place of Judas, so that the number of Apostles would be Twelve again. It is said, that Matthias preached the Gospel in Ethiopia, and died there in martyrdom.

09 AUGUSTUS

     AYΓΟΥΣΤΟΣ

DJK

 

Ý

Mattheus (Levi) de Evangelist
en Apostel

Deze Apostel, die ook Levi genoemd werd, was de zoon van Alphaeus en was afkomstig uit Galilee. Aanvankelijk belasting-inner, werd hij later een van de 12 Apostelen en een Evangelist. In Palestina schreef hij de Gospel in het Hebreeuws, tevens was hij de allereerste die de Gospel schreef.

This Apostle, who was also called Levi, was the son of Alphaeus and was from Galilee. At first being a tax-collector, he later became one of the Twelve Apostles, and an Evangelist. In Palestine, he wrote his Gospel in Hebrew, he was also the first of all to write the Gospel.

16 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

ABCD

FHIJ

K

 

Ý

Mattheus (Levi) de Evangelist

Andreas, Bartholomeus, Jacob (zoon van Alphaeus), Jacob (zoon van Zebedee), Johannes de Theoloog en Evangelist, Judas Lebbaeus (Thaddaeus), Matthias, Philippus, Simon (Petrus), Simon de Canaaniet (“de Zeloot”) en Thomas.

 

Synaxis van de 12 Apostelen

Sunaksi ton 12 Apostolon

De namen van de Twaalf Apostelen waren: Simon, die Petrus genoemd werd, en zijn broer Andreas, de Eerst-Geroepene, Jacob, de zoon van Zebedee, en zijn broer Johannes de Theoloog en Evangelist, Philippus, Bartholomeus, Thomas, Mattheus de Evangelist, die ook Levi genoemd werd, Jacob, de zoon van Alphaeus, Judas Lebbaeus, ook Thaddaeus genoemd, de broer van Jacob, de broer van Christus, Simon de Canaaniet (“de Zeloot”) en Matthias, die gekozen werd om de plaats in te nemen van Judas de verrader.

The names of the Twelve Apostles were: Simon, who was called Peter, and his brother Andrew, the First-called; James the son of Zebedee, and his brother John, who was also the Evangelist and Theologian; Philip, and Bartholomew, Thomas, and Matthew the publican, who was also called Levi and was an Evangelist, James the son of Alphaeus, and Jude Lebbaeus, also called Thaddaeus, the brother of James, the Brother of Christ; Simon the Cananite ("the Zealot"), and Matthias, who was elected to fill the place of Judas the traitor.

30 JUΝI

      ΙΟΥΝΙΟΣ

ADFG

HIJK

 

Ý

Matthias

Andreas, Bartholomeus, Jacob (zoon van Alphaeus), Jacob (zoon van Zebedee), Johannes de Theoloog en Evangelist, Judas Lebbaeus (Thaddaeus), Mattheus de Evangelist (Levi), Philippus, Simon (Petrus), Simon de Canaaniet (“de Zeloot”) en Thomas.

 

Synaxis van de 12 Apostelen

Sunaksi ton 12 Apostolon

De namen van de Twaalf Apostelen waren: Simon, die Petrus genoemd werd, en zijn broer Andreas, de Eerst-Geroepene, Jacob, de zoon van Zebedee, en zijn broer Johannes de Theoloog en Evangelist, Philippus, Bartholomeus, Thomas, Mattheus de Evangelist, die ook Levi genoemd werd, Jacob, de zoon van Alphaeus, Judas Lebbaeus, ook Thaddaeus genoemd, de broer van Jacob, de broer van Christus, Simon de Canaaniet (“de Zeloot”) en Matthias, die gekozen werd om de plaats in te nemen van Judas de verrader.

The names of the Twelve Apostles were: Simon, who was called Peter, and his brother Andrew, the First-called; James the son of Zebedee, and his brother John, who was also the Evangelist and Theologian; Philip, and Bartholomew, Thomas, and Matthew the publican, who was also called Levi and was an Evangelist, James the son of Alphaeus, and Jude Lebbaeus, also called Thaddaeus, the brother of James, the Brother of Christ; Simon the Cananite ("the Zealot"), and Matthias, who was elected to fill the place of Judas the traitor.

30 JUΝI

      ΙΟΥΝΙΟΣ

ADFG

HIJK

 

Ý

Maura

en Timotheus, Martelaren

De Martelaren Timotheus en Maura waren man en vrouw. Timotheus kwam van Penapeis in de Thebaid, en was een lezer in de Kerk en leraar van de Christenen. Hij was nog maar 20 dagen getrouwd met Maura toen hij werd verraden aan Arianus, de Gouverneur van de Thebaid. Arianus droeg Sint Timotheus op zijn heilige boeken af te geven. Timotheus weigerde dit en zei dat dit hetzelfde was als het voor een vader was om zijn kinderen aan de dood over te geven. Vanwege dit antwoord werden verhitte braadspitten door zijn oren gestoken. Terwijl hij aan andere folteringen onderworpen werd, liet Arianus Maura komen, in de hoop dat zij haar man zou overhalen de afgoden te aanbidden, maar zij verklaarde zichzelf christen. Haar hoofdhaar werd uitgetrokken, haar vingers werden afgehakt, daarna werd ze in kokend water gegooid, maar ze bleef ongedeerd. Uiteindelijk werden man en vrouw gekruisigd met hun gezichten naar elkaar toe. Na 9 dagen stierven, tijdens het regime van Diocletianus (284-305).

The Martyrs Timothy and Maura were husband and wife. Timothy was from Penapeis in the Thebaid, and was a reader in the Church  and a teacher of the Christians. He had been married to Maura only twenty days, when he was betrayed to Arian, the Governor of the Thebaid. Arian commanded Timothy to surrender his sacred books. Timothy refused and said it would be the same as it is for a father to give up his children to death. For this answer, heated iron spits were thrust through his ears. While he was being put to other tortures, Arian summoned Maura, hoping that she would persuade her husband to worship the idols, but she confessed herself a Christian. The hair of her head was pulled out, her fingers were cut off, then she was thrown into boiling water, but she remained unharmed. Finally husband and wife were crucified facing each other. After nine days, they died, during the reign of Diocletian (284-305).

03 MEI

     ΜΑΙΟΣ

DJK

 

Ý

Mauricius,

Photius, Theodorus en Philippus, Martelaren van Eugenius, Vondst van de Relieken

 

 

22 FEBRUARI

    ΦΕΒΡΟΥΑΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Maurus (Mavros)

Metgezel van Chrysa (Aura, Avra)

de Hiero-Martelaar Hippolytus (Ippolytos), priester van de Kerk van Rome, de martelaren Censorinus (Kensourinos), en 20 soldaten en gevangenisbewaarders met hem, Sabinos (of Sabaïnos), Chrysa (of Aura, Avra) de maagd en haar 20 metgezellen: Amandinus, Archelaus de Diaken, Ares, Commodus (Komodos), Cyprus (Kypros), Cyriacus (of Quirinus) (Kyriakos of Kyrinos) de bisschop, Eusebius, Felix (Felikos), Herculianus (of Herculinus) (Erkoulios of Erkoulinos), Hermes (Ermis), Maurus (Mavros), Maximus, Maximus de presbyter, Mennas (Minas), Monagrius, Olympius (of Olympinos), Rusticus (Roustikos), Stiracius (Styrakios), Theodorus de Tribuun en Venerius (Benerios), martelaren.

Sint Hippolytus wordt genoemd als een paus of een bisschop van Rome. Eén website noemt hem als een antipope. Hij was een discipel van Sint Irenaeus, bisschop van Lugdunum (Lyons in Frankrijk) en een christelijke theoloog, die vele verhandelingen en commentaren op de Bijbelse Boeken schreef. Hij was één van de laatste Westerse Vaders, die in het Grieks schreef. Toen Sint Hippolytus hoorde over het lijden van deze martelaren, verscheen hij voor de gouverneur en protesteerde tegen hun onmenselijkheid. De woedende gouverneur veroordeelde hem tot martelingen. Na lange kwellingen bonden ze zijn handen en voeten en gooiden hem in zee. Zijn relieken werden naar de kerk van de Martelaren Laurentius en Paus Damasus in Rome overgebracht..

Sint Censorinus was een hooggeplaatste magistraat. Hij werd gearresteerd en in de gevangenis gegooid omdat hij christen was. Toen hij een dode man tot leven wekte, bekeerden twintig soldaten en gevangenisbewaarders zich tot het christendom. Zij werden samen met Sint Censorinus onthoofd.

Toen werd de maagd Chryse, die uit een aristocratische familie kwam, ondervraagd. Zij bekende een christin te zijn en werd gemarteld. Eerst openden ze haar zijden en verbrandden haar wonden met brandende kaarsen. Na vele verschrikkelijke kwellingen bonden ze een grote steen om haar nek en verdronken haar in zee. Samen met Sint Chryse stierven de martelaren Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore de tribuun, Maximus de presbyter, Archelaus de diaken en Cyriacus de bisschop.

Met zware stenen rond zijn nek gebonden werd Sint Sabinus aan een boom opgehangen. De heidenen verbrandden zijn zijden met toortsen tot hij stierf.

Al deze Romeinse martelaren stierven in het jaar 269 AD. Met name het martelaarschap van Sint Chrysa wordt gerapporteerd.

Saint Hippolytus is mentioned as a pope or a bishop of Rome. One website mentions him as an antipope. He was a disciple of St Irenaeus, bishop of Lugdunum (Lyons in France) and a christian theologian who wrote many treatises and commentories on the Biblical Books. He was one of the last Western Fathers to write in Greek. When Saint Hippolytus he learned of the suffering of these martyrs, he appeared before the governor and protested against their inhumanity. The enraged governor sentenced him to be tortured. After long torments, they tied his hand and feet and threw him into the sea. His relics were put in the church of the martyrs Laurence and Pope Damasus in Rome.

St Censorinus was a high-ranking magistrate. He was arrested and thrown into prison being a christian. When he raised up a dead man, twenty soldiers and prison guards were converted to christianity. They were beheaded with St Censorinus.

Then the virgin Chryse, who was from an aristocratic family, was brought for interrogation. She confessed being a christian and was tortured. At first they opened her sides and they burned her wounds with burning candles. After many other horrible torments, they tied a big rock around her neck and drowned her in the sea. With Saint Chryse suffered the martyrs Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore the Tribune, Maximus the Presbyter, Archelaus the Deacon, and Cyriacus the Bishop.

With heavy rocks tied around his neck, Saint Sabinus was hung on a tree. The idolaters burned his sides with torches untill he died.

All these Roman martyrs suffered in the year 269 AD. Especially the martyrdom of Saint Chrysa is reported.

30 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

 

 

Ý

Maurus (Mavros),

zijn broer Jason (Iason), hun vader Claudius de Tribuun en hun moeder Hilaria (Ilaria), Chrysanthus en zijn vrouw Daria, Diodorus de presbyter en Marianus de diaken, martelaren

Deze heiligen leefden tijdens het regime van keizer Numerianus in 283 of 284. Sint Chrysanthos was de zoon van Pelemon, Senator van Alexandria. Toen hij zich liet dopen en het christendom preekte, liet zijn vader hem in de gevangenis werpen. Hij dwong hem met Sint Daria, een filosofe (of een priesteres van Minerva) uit Athene, te trouwen, in de hoop hem van zijn christelijke geloof af te brengen. In plaats hiervan liet Sint Daria zich ook dopen. Beiden wilden tot hun dood zuiver blijven en preekten preutsheid en puurheid. Hierom werden ze gefolterd door de tribuun Claudius. Toen deze zag dat de heiligen ongedeerd bleven, bekeerden hij en zijn vrouw Hilaria en hun zonen Jason en Maurus zich ook tot het christendom. Ook zij werden vanwege hun geloof gemarteld en uiteindelijk gedood. Chrysanthos en Daria werden in een modderige kuil gegooid en doodgetrapt (of levend begraven). In een grot vlakbij kwamen christenen samen om deze martelaren te herdenken. Toen dit uitkwam, werd de ingang van de grot afgesloten en de stierven de aanwezigen zelf ook als martelaren. Twee van hen waren de priester Diodorus en de diaken Marianus.

These saints lived during the reign of emperor Numerianus in 283 or 284. Saint Chrysanthos was the son of Pelemon, Senator of Alexandria. When he was baptised and preached christianity, his father put him in prison. He forced him to marry Saint Daria, a philosopher (or a priestess of Minerva) from Athens, with the hope that this would move him away from his christian faith. Instead of this, also Saint Daria was baptised. Both of them wanted to stay pure till their death en preached prudence and purity. For this they were tortured bu the tribune Claudius. When Claudius saw that the saints remained unharmed, he and his wife Hilaria and their sons Jason and Maurus were concerted to the christian faith. They also were tortured for this and finally killed. Chrysanthos and Daria were thrown in a muddy pit and trampled to death (or buried alive). In a cave nearby christians gathered to commemorate these martyrs. When this was discovered, the entrance of the cave was sealed and the people present died as martyrs themselves. Two of them weer the presbyter Diodorus and the deacon Marianus.

19 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

 

 

Ý

Mavros (Maurus)

Metgezel van Chrysa (Aura, Avra)

de Hiero-Martelaar Hippolytus (Ippolytos), priester van de Kerk van Rome, de martelaren Censorinus (Kensourinos), en 20 soldaten en gevangenisbewaarders met hem, Sabinos (of Sabaïnos), Chrysa (of Aura, Avra) de maagd en haar 20 metgezellen: Amandinus, Archelaus de Diaken, Ares, Commodus (Komodos), Cyprus (Kypros), Cyriacus (of Quirinus) (Kyriakos of Kyrinos) de bisschop, Eusebius, Felix (Felikos), Herculianus (of Herculinus) (Erkoulios of Erkoulinos), Hermes (Ermis), Maurus (Mavros), Maximus, Maximus de presbyter, Mennas (Minas), Monagrius, Olympius (of Olympinos), Rusticus (Roustikos), Stiracius (Styrakios), Theodorus de Tribuun en Venerius (Benerios), martelaren.

Sint Hippolytus wordt genoemd als een paus of een bisschop van Rome. Eén website noemt hem als een antipope. Hij was een discipel van Sint Irenaeus, bisschop van Lugdunum (Lyons in Frankrijk) en een christelijke theoloog, die vele verhandelingen en commentaren op de Bijbelse Boeken schreef. Hij was één van de laatste Westerse Vaders, die in het Grieks schreef. Toen Sint Hippolytus hoorde over het lijden van deze martelaren, verscheen hij voor de gouverneur en protesteerde tegen hun onmenselijkheid. De woedende gouverneur veroordeelde hem tot martelingen. Na lange kwellingen bonden ze zijn handen en voeten en gooiden hem in zee. Zijn relieken werden naar de kerk van de Martelaren Laurentius en Paus Damasus in Rome overgebracht..

Sint Censorinus was een hooggeplaatste magistraat. Hij werd gearresteerd en in de gevangenis gegooid omdat hij christen was. Toen hij een dode man tot leven wekte, bekeerden twintig soldaten en gevangenisbewaarders zich tot het christendom. Zij werden samen met Sint Censorinus onthoofd.

Toen werd de maagd Chryse, die uit een aristocratische familie kwam, ondervraagd. Zij bekende een christin te zijn en werd gemarteld. Eerst openden ze haar zijden en verbrandden haar wonden met brandende kaarsen. Na vele verschrikkelijke kwellingen bonden ze een grote steen om haar nek en verdronken haar in zee. Samen met Sint Chryse stierven de martelaren Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore de tribuun, Maximus de presbyter, Archelaus de diaken en Cyriacus de bisschop.

Met zware stenen rond zijn nek gebonden werd Sint Sabinus aan een boom opgehangen. De heidenen verbrandden zijn zijden met toortsen tot hij stierf.

Al deze Romeinse martelaren stierven in het jaar 269 AD. Met name het martelaarschap van Sint Chrysa wordt gerapporteerd.

Saint Hippolytus is mentioned as a pope or a bishop of Rome. One website mentions him as an antipope. He was a disciple of St Irenaeus, bishop of Lugdunum (Lyons in France) and a christian theologian who wrote many treatises and commentories on the Biblical Books. He was one of the last Western Fathers to write in Greek. When Saint Hippolytus he learned of the suffering of these martyrs, he appeared before the governor and protested against their inhumanity. The enraged governor sentenced him to be tortured. After long torments, they tied his hand and feet and threw him into the sea. His relics were put in the church of the martyrs Laurence and Pope Damasus in Rome.

St Censorinus was a high-ranking magistrate. He was arrested and thrown into prison being a christian. When he raised up a dead man, twenty soldiers and prison guards were converted to christianity. They were beheaded with St Censorinus.

Then the virgin Chryse, who was from an aristocratic family, was brought for interrogation. She confessed being a christian and was tortured. At first they opened her sides and they burned her wounds with burning candles. After many other horrible torments, they tied a big rock around her neck and drowned her in the sea. With Saint Chryse suffered the martyrs Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore the Tribune, Maximus the Presbyter, Archelaus the Deacon, and Cyriacus the Bishop.

With heavy rocks tied around his neck, Saint Sabinus was hung on a tree. The idolaters burned his sides with torches untill he died.

All these Roman martyrs suffered in the year 269 AD. Especially the martyrdom of Saint Chrysa is reported.

30 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

 

 

Ý

Mavros (Maurus),

zijn broer Jason (Iason), hun vader Claudius de Tribuun en hun moeder Hilaria (Ilaria), Chrysanthus en zijn vrouw Daria, Diodorus de presbyter en Marianus de diaken, martelaren

Deze heiligen leefden tijdens het regime van keizer Numerianus in 283 of 284. Sint Chrysanthos was de zoon van Pelemon, Senator van Alexandria. Toen hij zich liet dopen en het christendom preekte, liet zijn vader hem in de gevangenis werpen. Hij dwong hem met Sint Daria, een filosofe (of een priesteres van Minerva) uit Athene, te trouwen, in de hoop hem van zijn christelijke geloof af te brengen. In plaats hiervan liet Sint Daria zich ook dopen. Beiden wilden tot hun dood zuiver blijven en preekten preutsheid en puurheid. Hierom werden ze gefolterd door de tribuun Claudius. Toen deze zag dat de heiligen ongedeerd bleven, bekeerden hij en zijn vrouw Hilaria en hun zonen Jason en Maurus zich ook tot het christendom. Ook zij werden vanwege hun geloof gemarteld en uiteindelijk gedood. Chrysanthos en Daria werden in een modderige kuil gegooid en doodgetrapt (of levend begraven). In een grot vlakbij kwamen christenen samen om deze martelaren te herdenken. Toen dit uitkwam, werd de ingang van de grot afgesloten en de stierven de aanwezigen zelf ook als martelaren. Twee van hen waren de priester Diodorus en de diaken Marianus.

These saints lived during the reign of emperor Numerianus in 283 or 284. Saint Chrysanthos was the son of Pelemon, Senator of Alexandria. When he was baptised and preached christianity, his father put him in prison. He forced him to marry Saint Daria, a philosopher (or a priestess of Minerva) from Athens, with the hope that this would move him away from his christian faith. Instead of this, also Saint Daria was baptised. Both of them wanted to stay pure till their death en preached prudence and purity. For this they were tortured bu the tribune Claudius. When Claudius saw that the saints remained unharmed, he and his wife Hilaria and their sons Jason and Maurus were concerted to the christian faith. They also were tortured for this and finally killed. Chrysanthos and Daria were thrown in a muddy pit and trampled to death (or buried alive). In a cave nearby christians gathered to commemorate these martyrs. When this was discovered, the entrance of the cave was sealed and the people present died as martyrs themselves. Two of them weer the presbyter Diodorus and the deacon Marianus.

19 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

 

 

Ý

Maximianus van Constantinopel

 

 

21 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

D

 

Ý

Maximianus,

Amonitus, Anicletus, Athanasius, Barachius, Callimachus, Callinicus, Castrichius, Claudianus, Diodotus, Dorotheus, Epiphanius, Eugenius, Eutychius, Gigantius, Hesychius, Hilarion, Longinus, Mamas, Nicander, Nikon, Ostrychius, Themelius, Theodochus, Theodorus, Theodotus, Theodoulus, Theogenes, Theophilus, Valerius en Xanthius, de 32 Metgezellen van Hieron, samen de 33 Martelaren van Melitene in Armenië

Sint Hieron kwam uit Tyana in Cappadocië. Hij was een erg sterke en edele landbewerker. Hij was bezig te graven in zijn veld, toen soldaten kwamen om hem te ronselen voor het leger. Maar Hieron, zelf een Christen, weigerde keizers te dienen, die Christenen vervolgden. Met zijn houten gereedschap joeg hij de gewapende soldaten weg, die in angst vluchtten vanwege zijn kracht. Later echter ging hij uit eigen vrije wil en bekende tegenover de gouverneur een Christen te zijn. Ze hakten zijn rechterhand af en hij werd gevangengezet met 32 anderen, omdat ze hadden geweigerd aan de afgoden te offeren. Samen werden ze allen onthoofd buiten de stad Melitene in Armenië, in het jaar 290. De andere 32 martelaren waren: Amonitus, Anicletus, Athanasius, Barachius, Callimachus, Callinicus, Castrichius, Claudianus, Diodotus, Dorotheus, Ducitius, Epiphanius, Eugenius, Eutychius, Gigantius, Hesychius, Hilarion, Longinus, Mamas, Maximianus, Nicander, Nikon, Ostrychius, Themelius, Theodochus, Theodorus, Theodotus, Theodoulus, Theogenes, Theophilus, Valerius en Xanthius.

Saint Hieron was from Tyana in Cappadocia. He was a very strong and noble husbandman. He was busy digging in his field, when soldiers came to press him into military service. But Hieron, a Christian himself, refused to serve emperors who persecuted Christians. He drove away with his wooden tool the armed soldiers, who fled in fear because of his strength. Later, however, he went of his own free will, and confessed to be a Christian before the governor. They cut off his right hand, and he was imprisoned with thirty-two others, because they had refused to sacrifice to the idols. Together they were all beheaded outside the city of Melitene in Armenia, in the year 290. The other 32 martyrs were: Amonitus, Anicletus, Athanasius, Barachius, Callimachus, Callinicus, Castrichius, Claudian, Diodotus, Dorotheus, Ducitius, Epiphanius, Eugene, Eutychius, Gigantius, Hesychius, Hilarion, Longinus, Mamas, Maximian, Nicander, Nikon, Ostrychius, Themelius, Theodochus, Theodore, Theodotus, Theodoulus, Theogenes, Theophilus, Valerius and Xanthius.

07 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

 

 

Ý

 

 

 

 

 

 

Maximus

en Gennadius

 

 

17 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

D

 

Ý

Maximus de Confessor

Sint Maximus kwam uit een illustere familie in Constantinopel. Hij was een eminent heoloog en de hoofd-privésecretaris van de Keizer Heraclius en zijn kleinzoon Constans. Maar toen de Monothelitische ketterij ging overheersen aan het keizerlijk hof, vertrok Sint Maximus naar het Klooster in Chrysopolis (Scutari). Later werd hij abt van dit klooster. Sint Maximus weigerde de Monothelitische leer te accepteren. Ook weigerde hij te stoppen ertegen te spreken en te schrijven. Hierom werd zijn tong uitgerukt en zijn rechterhand afgehakt. Toen werd hij in ballingschap gestuurd, waar hij overleed in 662. Het overbrengen van zijn relieken wordt herdacht op 13 Augustus (>>>zie Maximus, 13 Augustus).

Saint Maximus was from an illustrious family in Constantinople. He was an eminent theologian and the chief private secretary of the Emperor Heraclius and his grandson Constans. But when the Monothelite heresy became predominant in the royal court, Saint Maximus departed for the Monastery at Chrysopolis (Scutari). Later he later became abbot of this monastery. Saint Maximus refused to accept the Monothelite teaching. Also he refused to stop speaking and writing against it. For this his tongue was uprooted and his right hand was cut off. Then he was sent into exile, where he reposed in 662. The transfer of his relics is commemorated on August 13 (>>.see Maximus, August 13).

21 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DFHI

JK

 

Ý

Maximus de Confessor

Translatie van Relieken

In de Griekse Prologue wordt op 13 Augustus de Transfer van de Relieken van Sint Maximus herdacht van Lazika op de zuidoost kust van de Zwarte Zee naar Constantinopel, naar het Klooster van de Theotokos in Chrysopolis (waar hij igumen was geweest), over de Bosphoros van Constantinopel. Deze transfer vond plaats na het Zesde Oecumenische Concilie.
Volgens sommigen zou 13 Augustus ook zijn sterfdag kunnen zijn, en is het mogelijk dat zijn herdenking werd verschoven naar 21 Januari omdat 13 Augustus de Apodosis van het Feest van de Transfiguratie van Christus is. In Griekenland echter wordt vandaag de translatie van de relieken van Sint Maximus gevierd. Zijn eigenlijke herdenking is op 21 Januari (>>>zie Maximus, 21 Januari).

In the Greek Prologue, August 13 commemorates the Transfer of the Relics of Saint Maximus from Lazika on the southeast shore of the Black Sea to Constantinople, to the Monastery of the Theotokos at Chrysopolis (where he had been the igumen), across the Bosphoros from Constantinople. This transfer took place after the Sixth Ecumenical Council. According to some, August 13 could also be the date of his death, and it is possible that this main feastday was moved to January 21 because of the fact that August 13 is the Leavetaking of the Feast of the Transfiguration of Christ. In Greece however, today is commemorated the translation of the relics of Saint Maximus. His main commemoration is on January 21 (>>>see Maximus, January 21).

13 AUGUSTUS

     AYΓΟΥΣΤΟΣ

DJ

 

Ý

Maximus,

Macarius, Terentius, Pompius (Pompilius),  Afrikanus, Alexander, Theodorus, Zenon en hun Metgezellen, de 40 Martelaren van Carthage, Afrika

Afrikanos, Terentios, Pompeius, Maximos, Makarios, Alexander, Theodorus en hun metgezellen waren allen afkomstig uit Afrika. Deze heilige martelaren leden voor het geloof onder Keizer Decius (249-251) en werden onthoofd in Carthago in 251. Keizer Theodosius (379-395) gaf opdracht hun heilige relieken te plaatsen in het martyrium van Sint Euphemia in Petra bij Constantinopel. De precieze namen van de andere martelaren zijn niet met zekerheid bekend. Mogelijk zijn hun namen te vinden onder: Alexander, Anaxandros (Anaxarchos), Anaximenes, Aristeides, Chronis (Chronios), Dimaratos, Demokles, Dimosthenes, Dionysios, Elias, Epameinondas, Esaias, Eteokles, Hephaistion, Herakles, Homeros, Isokrates, Lucas, Miltiades, Mnesarchos, Parmenion, Pelopidas, Perikles, Philopimen, Phokion, Pindaros, Polybios, Polynikes, Prometheus, Sokrates, Sophokles, Themistokles, Theodorus, Theophrastos, Theseus, Thomas, Timotheos, Titos, Xenophon en Zenon, de 40 Martelaren van Afrika, die ook op 10 april worden herdacht (>>>zie één van deze namen voor meer informatie).

Afrikanos, Terentios, Pompeius, Maximos, Makarios, Alexander, Theodorus and their companions were all natives of Africa. These holy martyrs suffered for the faith under Emperor Decius (249-251) and were beheaded in Carthage in 251. Emperor Theodosius (379-395) ordered that their holy relics had to be placed in the martyrium of Saint Euphemia in Petra near Constantinople. The exact names of the other martyrs are not known for sure. Possibly their names can be found here: Alexander, Anaxandros (Anaxarchos), Anaximenes, Aristeides, Chronis (Chronios), Dimaratos, Demokles, Dimosthenes, Dionysios, Elias, Epameinondas, Esaias, Eteokles, Hephaistion, Herakles, Homeros, Isokrates, Lucas, Miltiades, Mnesarchos, Parmenion, Pelopidas, Perikles, Philopimen, Phokion, Pindaros, Polybios, Polynikes, Prometheus, Sokrates, Sophokles, Themistokles, Theodorus, Theophrastos, Theseus, Thomas, Timotheos, Titos, Xenophon and Zenon, the 40 Martyrs of Africa, who are also commemorated on april 10 (>>>see one of these names for more information).

10 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

JK

 

Ý

Maximus

Metgezel van Chrysa (Aura, Avra)

de Hiero-Martelaar Hippolytus (Ippolytos), priester van de Kerk van Rome, de martelaren Censorinus (Kensourinos), en 20 soldaten en gevangenisbewaarders met hem, Sabinos (of Sabaïnos), Chrysa (of Aura, Avra) de maagd en haar 20 metgezellen: Amandinus, Archelaus de Diaken, Ares, Commodus (Komodos), Cyprus (Kypros), Cyriacus (of Quirinus) (Kyriakos of Kyrinos) de bisschop, Eusebius, Felix (Felikos), Herculianus (of Herculinus) (Erkoulios of Erkoulinos), Hermes (Ermis), Maurus (Mavros), Maximus, Maximus de presbyter, Mennas (Minas), Monagrius, Olympius (of Olympinos), Rusticus (Roustikos), Stiracius (Styrakios), Theodorus de Tribuun en Venerius (Benerios), martelaren.

Sint Hippolytus wordt genoemd als een paus of een bisschop van Rome. Eén website noemt hem als een antipope. Hij was een discipel van Sint Irenaeus, bisschop van Lugdunum (Lyons in Frankrijk) en een christelijke theoloog, die vele verhandelingen en commentaren op de Bijbelse Boeken schreef. Hij was één van de laatste Westerse Vaders, die in het Grieks schreef. Toen Sint Hippolytus hoorde over het lijden van deze martelaren, verscheen hij voor de gouverneur en protesteerde tegen hun onmenselijkheid. De woedende gouverneur veroordeelde hem tot martelingen. Na lange kwellingen bonden ze zijn handen en voeten en gooiden hem in zee. Zijn relieken werden naar de kerk van de Martelaren Laurentius en Paus Damasus in Rome overgebracht..

Sint Censorinus was een hooggeplaatste magistraat. Hij werd gearresteerd en in de gevangenis gegooid omdat hij christen was. Toen hij een dode man tot leven wekte, bekeerden twintig soldaten en gevangenisbewaarders zich tot het christendom. Zij werden samen met Sint Censorinus onthoofd.

Toen werd de maagd Chryse, die uit een aristocratische familie kwam, ondervraagd. Zij bekende een christin te zijn en werd gemarteld. Eerst openden ze haar zijden en verbrandden haar wonden met brandende kaarsen. Na vele verschrikkelijke kwellingen bonden ze een grote steen om haar nek en verdronken haar in zee. Samen met Sint Chryse stierven de martelaren Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore de tribuun, Maximus de presbyter, Archelaus de diaken en Cyriacus de bisschop.

Met zware stenen rond zijn nek gebonden werd Sint Sabinus aan een boom opgehangen. De heidenen verbrandden zijn zijden met toortsen tot hij stierf.

Al deze Romeinse martelaren stierven in het jaar 269 AD. Met name het martelaarschap van Sint Chrysa wordt gerapporteerd.

Saint Hippolytus is mentioned as a pope or a bishop of Rome. One website mentions him as an antipope. He was a disciple of St Irenaeus, bishop of Lugdunum (Lyons in France) and a christian theologian who wrote many treatises and commentories on the Biblical Books. He was one of the last Western Fathers to write in Greek. When Saint Hippolytus he learned of the suffering of these martyrs, he appeared before the governor and protested against their inhumanity. The enraged governor sentenced him to be tortured. After long torments, they tied his hand and feet and threw him into the sea. His relics were put in the church of the martyrs Laurence and Pope Damasus in Rome.

St Censorinus was a high-ranking magistrate. He was arrested and thrown into prison being a christian. When he raised up a dead man, twenty soldiers and prison guards were converted to christianity. They were beheaded with St Censorinus.

Then the virgin Chryse, who was from an aristocratic family, was brought for interrogation. She confessed being a christian and was tortured. At first they opened her sides and they burned her wounds with burning candles. After many other horrible torments, they tied a big rock around her neck and drowned her in the sea. With Saint Chryse suffered the martyrs Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore the Tribune, Maximus the Presbyter, Archelaus the Deacon, and Cyriacus the Bishop.

With heavy rocks tied around his neck, Saint Sabinus was hung on a tree. The idolaters burned his sides with torches untill he died.

All these Roman martyrs suffered in the year 269 AD. Especially the martyrdom of Saint Chrysa is reported.

30 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

 

 

Ý

Maximus de Presbyter

Metgezel van Chrysa (Aura, Avra)

de Hiero-Martelaar Hippolytus (Ippolytos), priester van de Kerk van Rome, de martelaren Censorinus (Kensourinos), en 20 soldaten en gevangenisbewaarders met hem, Sabinos (of Sabaïnos), Chrysa (of Aura, Avra) de maagd en haar 20 metgezellen: Amandinus, Archelaus de Diaken, Ares, Commodus (Komodos), Cyprus (Kypros), Cyriacus (of Quirinus) (Kyriakos of Kyrinos) de bisschop, Eusebius, Felix (Felikos), Herculianus (of Herculinus) (Erkoulios of Erkoulinos), Hermes (Ermis), Maurus (Mavros), Maximus, Maximus de presbyter, Mennas (Minas), Monagrius, Olympius (of Olympinos), Rusticus (Roustikos), Stiracius (Styrakios), Theodorus de Tribuun en Venerius (Benerios), martelaren.

Sint Hippolytus wordt genoemd als een paus of een bisschop van Rome. Eén website noemt hem als een antipope. Hij was een discipel van Sint Irenaeus, bisschop van Lugdunum (Lyons in Frankrijk) en een christelijke theoloog, die vele verhandelingen en commentaren op de Bijbelse Boeken schreef. Hij was één van de laatste Westerse Vaders, die in het Grieks schreef. Toen Sint Hippolytus hoorde over het lijden van deze martelaren, verscheen hij voor de gouverneur en protesteerde tegen hun onmenselijkheid. De woedende gouverneur veroordeelde hem tot martelingen. Na lange kwellingen bonden ze zijn handen en voeten en gooiden hem in zee. Zijn relieken werden naar de kerk van de Martelaren Laurentius en Paus Damasus in Rome overgebracht..

Sint Censorinus was een hooggeplaatste magistraat. Hij werd gearresteerd en in de gevangenis gegooid omdat hij christen was. Toen hij een dode man tot leven wekte, bekeerden twintig soldaten en gevangenisbewaarders zich tot het christendom. Zij werden samen met Sint Censorinus onthoofd.

Toen werd de maagd Chryse, die uit een aristocratische familie kwam, ondervraagd. Zij bekende een christin te zijn en werd gemarteld. Eerst openden ze haar zijden en verbrandden haar wonden met brandende kaarsen. Na vele verschrikkelijke kwellingen bonden ze een grote steen om haar nek en verdronken haar in zee. Samen met Sint Chryse stierven de martelaren Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore de tribuun, Maximus de presbyter, Archelaus de diaken en Cyriacus de bisschop.

Met zware stenen rond zijn nek gebonden werd Sint Sabinus aan een boom opgehangen. De heidenen verbrandden zijn zijden met toortsen tot hij stierf.

Al deze Romeinse martelaren stierven in het jaar 269 AD. Met name het martelaarschap van Sint Chrysa wordt gerapporteerd.

Saint Hippolytus is mentioned as a pope or a bishop of Rome. One website mentions him as an antipope. He was a disciple of St Irenaeus, bishop of Lugdunum (Lyons in France) and a christian theologian who wrote many treatises and commentories on the Biblical Books. He was one of the last Western Fathers to write in Greek. When Saint Hippolytus he learned of the suffering of these martyrs, he appeared before the governor and protested against their inhumanity. The enraged governor sentenced him to be tortured. After long torments, they tied his hand and feet and threw him into the sea. His relics were put in the church of the martyrs Laurence and Pope Damasus in Rome.

St Censorinus was a high-ranking magistrate. He was arrested and thrown into prison being a christian. When he raised up a dead man, twenty soldiers and prison guards were converted to christianity. They were beheaded with St Censorinus.

Then the virgin Chryse, who was from an aristocratic family, was brought for interrogation. She confessed being a christian and was tortured. At first they opened her sides and they burned her wounds with burning candles. After many other horrible torments, they tied a big rock around her neck and drowned her in the sea. With Saint Chryse suffered the martyrs Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore the Tribune, Maximus the Presbyter, Archelaus the Deacon, and Cyriacus the Bishop.

With heavy rocks tied around his neck, Saint Sabinus was hung on a tree. The idolaters burned his sides with torches untill he died.

All these Roman martyrs suffered in the year 269 AD. Especially the martyrdom of Saint Chrysa is reported.

30 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

 

 

Ý

Melania de Oudere

de Rechtschapene

Sint Melania de Rechtschapene was een dame van edele geboorte. Ze was erg rijk en bekend, een afstammeling van Romeinse consuls, en van Spaanse afkomst. Nadat haar man en twee van haar kinderen waren overleden, vertrok ze naar Egypte. Daar bezocht ze de monniken, die op de Berg Nitria leefden. Ze gaf haar rijkdom aan de armen en aan de Christenen, die werden vervolgd door de Arianen. Toen deze Orthodoxe Christenen werden verbannen naar Palestina, ging zij ook naar Jeruzalem. Daar bouwde ze een klooster voor maagden. Ze overleed rond het jaar 410. Haar kleindochter Melania de Jongere wordt herdacht op 31 December (>>>zie Melania, 31 December).

Saint Melania the Righteous was a lady of noble birth. She was most wealthy and renowned, a descendant of Roman consuls, and of Spanish origin. After her husband and two of her children died, she departed for Egypt. There she visited the monks living at Mount Nitria. She gave away her wealth to the needy and to the Christians, who were being persecuted by the Arians. When these Orthodox Christians were exiled to Palestine, she also went to Jerusalem. There she built a convent for virgins. She reposed about the year 410. Her granddaughter Melania the Younger is celebrated on December 31 (>>>see Melania, December 31).

08 JUΝI

     ΙΟΥΝΙΟΣ

D

 

Ý

Melania de Jongere van Rome

Valt samen met Nieuwjaarsavond. Kinderen zingen traditioneel kerstliedjes in hun woonplaats of woonwijk, en volwassenen komen bijeen met vrienden en familie om dit net als overal in de wereld te vieren.

 

Sint Melania de Jongere werd geboren in 388. Zewas de dochter van Publicola, een Eparch van Rome, en Albina. Ze was getrouwd en kreeg 2 kinderen, die kort na hun geboorte stierven. Ze kwam met haar man overeen om de rest van hun leven in onthouding en kuisheid door te brengen. Samen met haar moeder ging ze naar Afrika. Daar kochten ze 8.000 gevangenen vrij. In de stad Tagaste, in het district van Tunis, bouwden ze een klooster voor mannen en een klooster voor vrouwen. Na 7 jaar vertrokken ze naar Jeruzalem. Melania sloot zichzelf op in een kleine en smalle kluizenaarswoning bij de Olijfberg. Ze overleed in 434. Ze was de kleindochter van Sint Melania de Oudere, die wordt herdacht op 8 Juni (>>>zie Melania, 8 Juni).

On the same day New Year's Eve.

Children traditionally sing Christmas carols within their village or neighbourhood, and adults get together with friends and family to celebrate as elsewhere in the world.

Saint Melania the Younger was born in 388. She was the daughter of Publicola, an Eparch of Rome, and Albina. She was married and received two children, who died shortly after their birth. She agreed with her husband to pass the rest of their lives in abstinence and chastity. Together with her mother, she went to Africa. There they ransomed 8.000 captives. In the city of Tagaste, in the district of Tunis, they built one monastery for men and one monastery for women. After seven years they moved to Jerusalem. Melania shut herself up in a small and narrow hermitage by the Meant of Olives. She reposed in 434. She was the granddaughter of Saint Melania the Elder, who is commemorated June 8 (>>>see Melania, June 8).

31 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Melchior van de Magi,

Balthasar, en Gaspar

 

I Proskynese Ton Magon

Adoration of the Magi

Aanbidding van de Magi

Een wonderbaarlijke ster openbaarde de Geboorte van Christus aan de Wijzen Balthasar, Melchior en Gaspar. Dit was geen gewone ster, maar een "manifestatie van goddelijke energie" (Verhaal van de Aanbidding van de Magi). Toen de Wijzen het huis binnen gingen waar de Zuigeling Christus lag, vielen de Wijzen neer "en aanbaden Hem: en toen zij hun schatten hadden geopend, gaven zij Hem giften: goud, wierook en mirre" (Mt. 2:11). Het Evangelie vermeldt niet de namen van de drie Wijzen (Magi). De overlevering dat er drie bezoekers van het oosten waren is zeer oud. Hun namen worden echter pas in de Middeleeuwen vermeld. De beenderen waarvan beweerd wordt dat ze de overblijfselen van de Magi zijn, verblijven sinds 1164 in de kathedraal van Keulen, Duitsland.

Volgens één website zijn de namen Balthasar, Melchior en Gaspar Verlatijnste Perzische namen. Hun Griekse namen zouden zijn: Apellius, Amerius en Damascus; en hun Hebreeuwse namen: Galgalat, Malgalat en Sarathin (>>>zie ook deze namen)

A wondrous star revealed the Nativity of Christ to the Magi Balthasar, Melchior and Gaspar. This was no ordinary star, but a "manifestation of divine energy" (Narrative of the Adoration of the Magi). When the Magi entered the house where the Infant Christ lay, the Magi "fell down, and worshipped Him: and when they had opened their treasures, they presented Him gifts: gold, frankincense and myrrh" (Mt. 2:11). The Gospel doesn’t mention the names of the three Wise Men (Magi). The tradition that there were three visitors from the east is very ancient. However their names are only mentioned in the Middle Ages. Bones that are said to be the relics of the three Magi have been in the cathedral at Cologne, Germany, since 1164.

According to one website the names Balthasar, Melchior and Gaspar are Latinized Persian names. The site states that their Greek names are: Apellius, Amerius and Damascus; and their Hebrew names: Galgalat, Malgalat and Sarathin (>>>also see these names).

25 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

 

 

Ý

Melchisedec

Zondag van de Heilige Voorvaderen van Christus

Sunday of the Holy Ancestors of Christ

Kyriaki Ton Agion Propatoron

(Ton Agion Popatoron, Propatoron)

Adam de Eerste Vader, Enoch, Melchisedec, Abraham de Vriend van God, Isaac het Fruit van de Belofte, Jacob en de 12 Patriarchen, ervolgens degenen die onder de Wet leefden: Moses Aaron, Josue, Samuel, David, en de Profeten: Isaia, Jeremia, Ezechiel, de 12 kleine profeten, Elia, Eliseus, Zacharia en Johannes de Doper en tot slot de Maagd Maria.

Zondag van de Heilige Voorvaderen van Christus. Op de zondag tussen 11 en 17 December worden alle Voorvaderen van Christus volgens het vlees herdacht::

Adam de Eerste Vader, Enoch, Melchisedec, Abraham, de vriend van God, Isaac, het fruit van de Belofte, Jacob en de twaalf patriarchen.

Vervolgens degenen die onder de Wet leefden:

Moses, Aaron, Josue, Samuel, David, en de Profeten: Isaia, Jeremia, Ezechiel, de 12 kleine profeten, Elia, Eliseus, Zacharia, en Johannes de Doper, en tot slot de Maagd Maria.

Sunday of the Holy Ancestors of Christ.

On the Sunday between December 11 and 17, all the Ancestors of Christ according to the flesh are being remembered:

Adam the first Father, Enoch, Melchisedec, Abraham, the friend of God, Isaac, the fruit of the Promise, Jacob and the twelve patriarchs.

Then those who lived under the Law:

Moses, Aaron, Josue, Samuel, David, and the Prophets: Isaia, Jeremia, Ezechiel, the twelve minor prophets, Elia, Eliseus, Zacharia, and John the Baptist, and finally the Virgin Mary.

14 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2008

13 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2009

12 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2010

11 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2011

16 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2012

15 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2013

14 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2014

13 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2015

11 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2016

17 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2017

J

 

Ý

Meletius de Grote
Aartsbisschop van Antiochië

Sint Meletius de Grote kwam uit Melitene in Armenië. Hij was een onschuldig, eerbiedig, oprecht en erg zacht mens. Hij werd Bisschop van Sebastia in 357. Later werd hij verbannen van zijn zetel en vertrok naar Beroea in Syrië (het hedendaagse Aleppo). Hij werd gekozen tot Bisschop van Antiochië, omdat hij hooggeacht werd door de Orthodoxen en de Arianen, en omdat de Arianen geloofden dat hij hun mening zou delen. Maar zodra hij Bisschop was, begon hij zijn Orthodoxe overtuiging te preken. De Ariaanse aartsdiaken legde zijn hand over de bisschop’s mond. Toen maakte Meletius met zijn vingers tekens naar de mensen toe, die de gelijkheid en de eenheid van de Drievuldigheid toonden. De aartsdiaken werd hierdoor in verlegenheid gebracht en pakte zijn hand. Door dit te doen, liet hij echter zijn mond los, en Meletius sprak zichzelf met nog meer kracht uit. Kort daarna werd hij verbannen door de Ariaanse Keizer Constantius, zoon van Sint Constantinus de Grote. Na enige tijd werd hij weer op zijn zetel terug geplaatst, maar hij werd opnieuw een derde keer verbannen door Valens. Hij zat het Tweede Oecumenische Concilie in 381 voor. Op het Concilie werd Sint Meletius ziek en overleed korte tijd later. De heilige relieken van Sint Meletius werden naar Antiochië terug gebracht.

Saint Meletius the Great was from Melitene of Armenia. He was a blameless man, just, reverent, sincere, and most gentle. He became Bishop of Sebastia in 357. Later he was banished from his throne and departed for Beroea of Syria (the present-day Aleppo). He was elected Bishop of Antioch, because he was highly esteemed by the Orthodox and the Arians, and because the Arians believed that he would share their opinion. But as soon as he was Bishop, he started preaching his Orthodox beliefs. The Arian archdeacon put his hand over the bishop's mouth. Then Meletius made fingersigns towards the people, showing the equality and unity of the Trinity. The archdeacon was embarrased by this and seized his hand. However by doing this, he released his mouth, and Meletius spoke out even more forcibly. Shortly after, he was banished by the Arian Emperor Constantius, son of Saint Constantine the Great. After some time, he was restored to his throne, but was banished again the third time by Valens. He presided over the Second Ecumenical Council in 381. At the Council, Saint Meletius fell ill and reposed shortly thereafter. The holy relics of Saint Meletius were returned to Antioch.

12 FEBRUARI

    ΦΕΒΡΟΥΑΡΙΟΣ

DFHI

JK

 

Ý

Melissenus

Aetius, Bassoi (Basoes) “de Sterkste”, Callistos (“de Onoverwonnene”), Constantinus (“de Moedige”), Theodorus (“de Al-Gezegende”), Theophilos (“de Wonderbaarlijke”) en hun metgezellen, de 42 Martelaren van Amorea (Ammoria, Ammorium) in Phrygia

Tijdens een oorlog tussen de Byzantijnse Keizer Theophilus (829-842) en de Saracenen, belegerden de Saracenen de stad Ammoria. Toen Ammoria viel, werden 42 van haar generaals gevangengenomen en naar Syrië gestuurd, waar ze zeven jaar lang opgesloten werden. Tijdens hun gevangenschap probeerden ze de gevangenen over te halen om afstand te doen van hun christelijke geloof en de islam aan te nemen. De gevangenen weerstonden alle verleidelijke aanbiedingen en hielden stand tegen verschrikkelijke bedreigingen. Na vele martelingen werden ze ter dood veroordeeld. De martelaren bleven standvastig. Eén voor één namen de beulen hen mee om te worden onthoofd. Naderhand gooiden ze de lichamen in de rivier Euphrates. Dit gebeurde rond 845. In de dienst voor hen, worden ze geprezen als: de "Al-Gezegende" Theodorus, de "Onoverwonnene" Callistus, de "Moedige" Constantinus, de "Wonderbaarlijke" Theophilus en "de Sterkste" Basoes.

During a war between the Byzantine Emperor Theophilus (829-842) and the Saracens, the Saracens besieged the city of Ammoria. When Ammoria fell, 42 of its generals were taken captive and sent off to Syria, where they were imprisoned for seven years. During their imprisonment they tried to persuade the captives to renounce Christianity and accept Islam. The captives resisted all their seductive offers and held out against terrible threats. After many torments they were condemned to death. The martyrs remained steadfast. One by one the executioners took them and led them off to be beheaded. Afterwards they threw the bodies into the river Euphrates. This happened around 845. In the service to them, they are glorified as: the "All-Blessed" Theodore, the "Unconquered" Callistus, the "Valiant" Constantine, the "Wondrous" Theophilus and "the Most Strong" Basoes.

06 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

 

 

Ý

Melito,

Acacius, Aesychius, Aetius, Aggia, Alexander, Athanasius, Candidus, Cirillus, Claudius, Cudio, Cyrius, Domitian, Domninus, Ecdicius, Eunoicus, Eutychius, Eutychus (Aglaius), Flavius, Gaius, Gorgonius, Helianus, Heraclius, Ile, Johannes, Leontius (Theoctistus), Lisimachus, Nicallus, Philotemon, Priscus, Sacerdos, Severianus, Sisinnius, Smaragdus, Theodulus, Theophilus, Valens, Valerius, Vicratius (Vibianus), Xantius, de 40 Martelaren van Sebaste

De 40 Martelaren van Sebaste waren Christelijke soldaten in het Romeinse leger in het jaar 320 A.D. Toen de vervolging van de Christenen begon tijdens het regime van Licinius, werden de martelaren vastgebonden en in een meer gegooid. Een wacht werd neergezet om te voorkomen dat ze zouden ontsnappen. Er was een verschrikkelijke vorst en het meer bevroor rondom de lichamen van de martelaren. De folteraars verwarmden een bad aan de rand van het meer om de martelaren over te halen Christus te loochenen. Eén van hen kwam uit het water en klom in het bad. Toen verscheen er een buitengewoon licht uit de hemel, dat het water en de lichamen van de martelaren verwarmde, en 39 kronen daalden uit de hemel neer op hun hoofden. De wcht aan de kust zag dit, trok al zijn kleren uit en voegde zich bij de martelaren in het meer. Inderdaad daalde de laatste en 40e kroon op zijn hoofd neer. De volgende dag waren de martelaren nog steeds in leven, dus gaven de rechtes het bevel om hun onderbenen te breken en in het water te gooien, zodat Christenen ze niet meer terug konden vinden. Op de derde nacht dreef elk been dat gescheiden was van hun lichamen aan de oppervlakte en gloeide als een kaars. Bisschop Petrus verzamelde en begroef ze eervol.

The 40 Martyrs of Sebaste were Christian soldiers in the Roman army in the year 320 A.D. When the persecution of Christians began during the reign of Licinius, the martyrs were bound and tossed into the lake. A guard was stationed to prevent them from escaping. There was a terrible frost and the lake froze around the bodies of the martyrs. The torturers heated a bath by the side of the lake in sight of the frozen martyrs to persuade them to deny Christ. One of them came out of the water and entered the bath. Then an extraordinary light appeared from heaven which warmed the water in the lake and the bodies of the martyrs and thirty-nine wreaths descended from heaven over their heads. The guard on the shore saw this, removed all his clothes and entered the lake to join the martyrs. Indeed, the last and fourtieth wreath descended upon him. The next day the martyrs were still alive, so the judges ordered that the lower part of their legs be broken and their bodies thrown into the water so Christians could not recover them. On the third night every bone which was separated from their bodies floated to the top and glowed like a candle. Bishop Peter gathered and honorably buried them.

09 MAART

     ΜΑΡΤΙΟΣ

DJKM

 

Ý

Melodius

 

 

01 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

I

 

Ý

Melpomene,

Adamantini, Akrivi, Antigoni, Aphroditi, Areboia, Aspasia, Athena, Chaido, Dione, Dodoni, Elpiniki, Erasmia, Erato, Ermineia, Euterpe, Harikleia, Kalliroe, Kallisti, Kleio, Kleoniki, Kleopatra, Koralia, Lampro, Margarita, Marianthi, Moscho, Ourania, Pandora, Penelope, Polymnia, Polynike, Sappho, Terpsichore, Thaleia, Theano, Theonoe, Theonymphi, Theophani, Troada, martelaressen, de 40 Heilige Vrouwen en de martelaar Ammon (Ammoun), Diaken en hun Leraar

De Veertig Heilige Vrouwen waren afkomstig van Heraclea in Thracie. Ze hadden de diaken Ammon als gids, die hen onderwees in het Christendom. Ze stierven als martelaren onder de tiran Licinius rond 321-323. Tien van hen werden verbrand, acht van hen werden doodgeranseld, zes van hen werden aan stukken gesneden met messen, van tien werd het hart doorboord met een zwaard en zes stierven door gloeiend ijzer in hun mond gepropt. St. Ammon werd doodgeranseld. De namen van de 40 Heilige Vrouwen moeten met terughoudendheid worden beschouwd, daar sommige, oa. Chaido en Lampro, toebehoorden aan heiligen uit later eeuwen (16e-18e) en niet zonder twijfel vastgesteld is dat het de heiligen uit de vroege eeuwen betreft.

The Forty Holy Women were natives of Heraclea in Thrace. They had the deacon Ammon for a guide, who instructed them in Christianity. They died as martyrs under the tyrant Licinius around 321-323. Ten of them were burnt, eight of them were whipped to death, six of them were cut up by knifes, ten were pierced in the heart by a sword and six died from having the heated iron enclosed in their mouth. St. Ammon was whipped to death. The names of the 40 Holy Women should be considered with reservation, as some of them, a.o. Chaido and Lampro, belong to saints of later centuries (16th-18th) and are not testified without doubt to be the saints of the first centuries.

01 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

JM

 

Ý

Memnon de Wonderdoener

 

 

29 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

J

 

Ý

Memnonus de Wonderdoener

 

 

19 MEI

     ΜΑΙΟΣ

D

 

Ý

Menandrus (Menander),

Polyaenus en Acacius, Metgezellen van Patrick de Hiero-Martelaar, Bisschop van Prusa

Sint Patricius was Bisschop van Prusa, een stad in Bithynia (tegenwoordig Brusa of Bursa). Vanwege zijn Christelijke geloof werd hij in een hete bron gegooid, maar het waren de soldaten die hem er in wierpen, en niet hij, die gewond raakten door het hete water. Hierna werd Sint Patricius onthoofd samen met de presbyterianen Acacius, Menander en Polyaenus. Het is niet zeker wanneer dit precies gebeurde, maar het was hoogstwaarschlijnlijk rond het begin van de vierde eeuw. Sommigen zeggen dat Acacius waarschijnlijk een beroemde centurion was, maar dit is onzeker.

Saint Patrick was Bishop of Prusa, a city in Bithynia (nowadays Brusa or Bursa). Because of his Christian faith he was cast into a hot spring, but it was the soldiers who cast him in, and not he, who were harmed by the hot water. After this Saint Patrick was beheaded together with the presbyters Acacius, Menander and Polyaenus. It is not certain at what date this happened, but it was most likely around the beginning of the Fourth century. Some say that Acacius was probably a renowned centurion, but this is uncertain.

19 MEI

     ΜΑΙΟΣ

DFIJK

 

Ý

Menas (Minas) van Egypte

de Wonderdoener

Martelaar

Sint Menas werd geboren in Egypte in het jaar 285, in de stad Niceous (Nakiyos of Nikiu), wat in de nabijheid ligt van Memphis. Hij was de zoon van Audexios (of Eudoxius) en Aufimia (of Euphemia), die echte ascetische Christenen waren. De kinderloze Aufimia was voor de icoon van de Maagd Maria aan het bidden, dat God haar een zoon zou geven. Ze hoorde een geluid in haar oor zeggen "Amen," en zodoende noemde ze haar zoon Mînâs, genomen van het woord Amn. Toen Menas 14 jaar oud was, stierf zijn vader en op 15-jarige leeftijd ging hij in het leger. Drie jaar later verliet hij het leger, en vertrok naar de woestijn of de bergen om een ascetisch leven als kluizenaar te leiden. Na vijf jaar presenteerde hij zichzelf middenin een heidens festival en verklaarde zichzelf christen. Na vreselijke martelingen werd hij onthoofd, volgens sommigen in het jaar 296, volgens anderen in het jaar 304 of 309. The sint’s moordenaars probeerden zijn relieken te verbranden, maar ze faalden. Zijn lichaam bleef 3 dagen en 3 nachten in het vuur, maar bleef ongedeerd. Zijn zuster bracht het lichaam naar Alexandrië, waar het in de kerk geplaatst werd. Toen de vervolgingen stopten, werd zijn lichaam op een kameel geladen en ze gingen op weg naar de westelijke woestijn. Daar waar de kameel stopte, bij een waterbron, werd het begraven, op dezelfde plek waar zijn hedendaagse Coptisch Orthodoxe klooster is gesitueerd aan het eind van Lake Mariut, niet ver van Alexandrië, Egypte. Later werden vele wonderen verricht op zijn begraafplaats, en vele mensen en dieren werden daar genezen. Zijn martyrium in Egypte werd een universeel pelgrimsoord. Hij wordt ook aangeroepen om verloren voorwerpen terug te vinden.

Het eigenlijke feest van St. Menas is op

10 december (>>>zie Menas, 10 december).

Saint Menas was born in Egypt in the year 285, in the city of Niceous (Nakiyos or Nikiu), which lies in the vicinity of Memphis. He was the son of Audexios (or Eudoxius) and Aufimia (or Euphemia), who were real ascetic Christians. The childless Aufimia was praying in front of the icon of the Virgin Mary that God would give her a son. She heard a sound in her ears saying "Amen," and thus she called her son Mînâs, taken from the word Amn. When Menas was 14 years old, his father died and at the age of 15 he joined the army. Three years later he left the army, and headed towards the desert or the mountains to live an ascetical life as a hermit. After five years, he presented himself in the mids of a pagan festival in Cotyaeion of Phrygia and declared himself to be a Christian. After terrible torments, he was beheaded, according to some in the year 296, according to others in the year 304 or 309. The saint's assassins tried to burn his relics, but they failed. His body remained in the fire for three days and three nights, but was not harmed. His sister took the body to Alexandria, where it was placed in the church. When the time of persecution ended, the saint's body was loaded on a camel and they headed towards the western desert. There, where the camel stopped, near a water well, it was buried, at the same place where the saint's present-day Coptic Orthodox monastery is located at the end of Lake Mariut, not far from Alexandria, Egypt. Later, many miracles were wrought at his burial place, any many people and animals were healed there. His martyrium in Egypt became a place of universal pilgrimage. He is also invoked for help in finding lost objects.

The principal feast of Saint Menas is on

December 10 (>>>see Menas, December 10).

11 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

BDFH

IJK

 

Ý

Menas Kallikelados (Minas)

“de Welsprekende”

(“Well Speaking”)

van Alexandrië,

Hermogenes en Eugraphus,

de Martelaren van Alexandrië

Volgens de Synaxaristen kwam Sint Menas uit Athene. Hij was een militair officier, een geleerde man en bekwaam in toespraken. Daarom kreeg hij de achternaam Kallikelados ("de Welsprekende"). Eugraphus was zijn schrijver. Beiden hadden Christelijke ouders. Keizer Maximinus stuurde Sint Menas naar Alexandrië om een geschil onder de burgers te beëindigen. Sint Menas echter wendde zijn welsprekendheid ook aan om de Christenen te sterken in hun geloof. Toen Maximinus hiervan, stuurde hij Hermogenes, die een eparch was, zoon van ongelovige ouders, om Menas af te laten keren van het Christelijke geloof. Maar vanwege de wonderen, die Sint Menas verrichtte, werd Hermogenes ook een Christen. De Heiligen Menas, Eugraphus en Hermogenes werden onthoofd, volgens sommigen in het jaar 235, volgens anderen in het jaar 313. De relieken van de martelaren werden in zee gegooid. In de 9e eeuw werden ze gevonden en naar Constantinopel gebracht (>>>zie Menas, 17 Februari).

Er waren verscheidene heiligen met de naam Menas, die werden vereerd in de oude Kerk. Er is echter veel verschil van mening ontstaan over hun identiteit of diversiteit. Het is mogelijk dat Menas van Mareotis, Menas van Cotyaes en Menas ovanf Constantinopel, genaamd Kallikelados, één en dezelfde persoon zijn (>>>zie ook Menas, 11 November).

According to the Synaxaristes, Saint Menas had Athens as his homeland. He was a military officer, an educated man and skilled in speech. Because of that he was surnamed Kallikelados ("most eloquent"). Eugraphus was his scribe. Both had Christian parents. The Emperor Maximinus sent Saint Menas to Alexandria to end a strife among the citizens. Saint Menas however also employed his eloquence to strengthen the Christians in their faith. When Maximinus heard of this, he sent Hermogenes, who was an eparch, son of unbelieving parents, to turn Menas away from his Christian faith. But because of the miracles wrought by Saint Menas, Hermogenes became a Christian too. Saints Menas, Eugraphus and Hermogenes were beheaded, according to some in the year 235, according to others in the year 313. The relics of the martyrs were cast into the sea. In the ninth century they were found and transferred to Constantinople (>>>see Menas, February 17).

There were several saints with the name Menas, who were honoured in the ancient Church. However much dispute is raised about their identity or diversity. It is possible that Menas of Mareotis, Menas of Cotyaes, and Menas of Constantinople, surnamed Kallikelados, are one and the same person (>>>also see Menas, November 11).

10 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Menas Kallikelados (Minas)

“de Welsprekende”

(“Well Speaking”)

van Alexandrië

Vondst van Relieken

Vondst van de relieken van Martelaar Menas Kallikelados van Alexandrië.

Tijdens het regime van Keizer Basilius de Macedoniër (867-886), ontdekte de militair commandant Marcianus de relieken van de heilige, nadat Sint Menas was verschenen in de droom van een zekere vrome man om te onthullen waar ze waren (>>>also see Menas, December 10).

Uncovering of the relics of Martyr Menas Kallikelados of Alexandria.

During the reign of Emperor Basil the Macedonian (867-886), the military commander Marcian discovered the saint's relics after Saint Menas had appeared to a certain pious man in a dream to reveal where they were (>>>also see Menas, December 10).

17 FEBRUARI

    ΦΕΒΡΟΥΑΡΙΟΣ

 

 

Ý

Menas (Minas)

Metgezel van Chrysa (Aura, Avra)

de Hiero-Martelaar Hippolytus (Ippolytos), priester van de Kerk van Rome, de martelaren Censorinus (Kensourinos), en 20 soldaten en gevangenisbewaarders met hem, Sabinos (of Sabaïnos), Chrysa (of Aura, Avra) de maagd en haar 20 metgezellen: Amandinus, Archelaus de Diaken, Ares, Commodus (Komodos), Cyprus (Kypros), Cyriacus (of Quirinus) (Kyriakos of Kyrinos) de bisschop, Eusebius, Felix (Felikos), Herculianus (of Herculinus) (Erkoulios of Erkoulinos), Hermes (Ermis), Maurus (Mavros), Maximus, Maximus de presbyter, Mennas (Minas), Monagrius, Olympius (of Olympinos), Rusticus (Roustikos), Stiracius (Styrakios), Theodorus de Tribuun en Venerius (Benerios), martelaren.

Sint Hippolytus wordt genoemd als een paus of een bisschop van Rome. Eén website noemt hem als een antipope. Hij was een discipel van Sint Irenaeus, bisschop van Lugdunum (Lyons in Frankrijk) en een christelijke theoloog, die vele verhandelingen en commentaren op de Bijbelse Boeken schreef. Hij was één van de laatste Westerse Vaders, die in het Grieks schreef. Toen Sint Hippolytus hoorde over het lijden van deze martelaren, verscheen hij voor de gouverneur en protesteerde tegen hun onmenselijkheid. De woedende gouverneur veroordeelde hem tot martelingen. Na lange kwellingen bonden ze zijn handen en voeten en gooiden hem in zee. Zijn relieken werden naar de kerk van de Martelaren Laurentius en Paus Damasus in Rome overgebracht..

Sint Censorinus was een hooggeplaatste magistraat. Hij werd gearresteerd en in de gevangenis gegooid omdat hij christen was. Toen hij een dode man tot leven wekte, bekeerden twintig soldaten en gevangenisbewaarders zich tot het christendom. Zij werden samen met Sint Censorinus onthoofd.

Toen werd de maagd Chryse, die uit een aristocratische familie kwam, ondervraagd. Zij bekende een christin te zijn en werd gemarteld. Eerst openden ze haar zijden en verbrandden haar wonden met brandende kaarsen. Na vele verschrikkelijke kwellingen bonden ze een grote steen om haar nek en verdronken haar in zee. Samen met Sint Chryse stierven de martelaren Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore de tribuun, Maximus de presbyter, Archelaus de diaken en Cyriacus de bisschop.

Met zware stenen rond zijn nek gebonden werd Sint Sabinus aan een boom opgehangen. De heidenen verbrandden zijn zijden met toortsen tot hij stierf.

Al deze Romeinse martelaren stierven in het jaar 269 AD. Met name het martelaarschap van Sint Chrysa wordt gerapporteerd.

Saint Hippolytus is mentioned as a pope or a bishop of Rome. One website mentions him as an antipope. He was a disciple of St Irenaeus, bishop of Lugdunum (Lyons in France) and a christian theologian who wrote many treatises and commentories on the Biblical Books. He was one of the last Western Fathers to write in Greek. When Saint Hippolytus he learned of the suffering of these martyrs, he appeared before the governor and protested against their inhumanity. The enraged governor sentenced him to be tortured. After long torments, they tied his hand and feet and threw him into the sea. His relics were put in the church of the martyrs Laurence and Pope Damasus in Rome.

St Censorinus was a high-ranking magistrate. He was arrested and thrown into prison being a christian. When he raised up a dead man, twenty soldiers and prison guards were converted to christianity. They were beheaded with St Censorinus.

Then the virgin Chryse, who was from an aristocratic family, was brought for interrogation. She confessed being a christian and was tortured. At first they opened her sides and they burned her wounds with burning candles. After many other horrible torments, they tied a big rock around her neck and drowned her in the sea. With Saint Chryse suffered the martyrs Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore the Tribune, Maximus the Presbyter, Archelaus the Deacon, and Cyriacus the Bishop.

With heavy rocks tied around his neck, Saint Sabinus was hung on a tree. The idolaters burned his sides with torches untill he died.

All these Roman martyrs suffered in the year 269 AD. Especially the martyrdom of Saint Chrysa is reported.

30 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

 

 

Ý

Menodora,

Metrodora en Nymphodora, Martelaressen

 

 

10 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Mercurius

Groot-Martelaar

Oorspronkelijk werden de heiligen Catharina en Mercurius herdacht op 24 november, en de Hiero-Martelaren Clementinus van Rome en Petrus van Alexandrie op 25 november. Op verzoek van de Kerk en het Klooster van de Berg Sinai werden deze data omgewisseld, zodat het festival van St. Catharina, hun patrones, meer feestelijk gevierd kon worden samen met de Apodosis van de Entree van de Theotokos. De Slavische kerken herdenken deze heiligen echter op de oorsponkelijke data.

According to the ancient usage, Saints Catherine and Mercurius were celebrated on the 24th of november, whereas the holy Hieromartyrs Clement of Rome and Peter of Alexandria were celebrated on the 25th. The dates were interchanged at the request of the Church and Monastery of Mount Sinai, so that the festival of Saint Catherine, their patron, might be celebrated more festively together with the Apodosis of the Feast of the Entry of the Theotokos. The Slavic Churches, however, commemorate these Saints on their original dates.

Griekse kalender:

Greek calendar:

25 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

Slavische kalender:

Slavic calendar:

24 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

FHIJ

 

Ý

Metamórfosi (Christos)

Metamórfosis Tou Sotiros

Gedaanteverandering van de Heiland

Transfiguration of the Saviour

Gedaanteverandering van de Heiland.

40 Dagen vóór de Kruisverheffing.

Jezus nam Zijn drie belangrijkste discipelen mee naar de Berg Tabor, waar Hij voor hun ogen transformeerde. Zijn gezicht scheen als de zon en zijn kleren werden wit als het licht. Tegelijkertijd verschenen Mozes en Elias, waarmee ze de discipelen lieten zien, dat Christus Heer van de levenden en de doden is. Deze Transfiguratie vond plaats 40 dagen voor Zijn Kruisiging. Daarom wordt de Gedaanteverandering 40 dagen vóór de Exaltatie van het Kruis gevierd (>>>Stavros 14 september). Gevierd in de kerken naar dit feest genoemd.

Transfiguration of the Saviour.

40 Days before the Exaltation of the Cross.

Jesus took His three foremost disciples to Mount Tabor, where He was transfigured before them. His face shone like the sun and His clothes became white as the light. At the same time Moses and Elias appeared, showing them that Christ is the Lord of both the living and the dead. This Transfiguration came to pass forty days before His Crucifixion. That is why the Transfiguration is celebrated 40 days before the Exaltation of the Cross (>>>Stavros september 14). Celebrated at churches named for this feast.

06 AUGUSTUS

     AYΓΟΥΣΤΟΣ

DJK

 

Ý

Methodia van Cimolus

 

 

05 OKTOBER

     OKTΩΒΡΙΟΣ

D

 

Ý

Methodius

en Cyrillus, Gelijken van de Apostelen,

Apostels voor de Slaviërs

 

 

11 MEI

     ΜΑΙΟΣ

CFIJK

 

Ý

Methodius Eubulus

“Bisschop van Patara”

Bisschop van Olympus en Tyre

Hiero-Martelaar

Sint Methodius kreeg de achternaam Eubulus ("van goed advies") vanwege zijn wijsheid en deugd. Hij was een eminent theoloog. Volgens een 6e-eeuws werk was hij bisschop van Patara. Volgens anderen echter was dit fout, en was hij bisschop van Olympus in Lycië, en later van Tyre in Phoenicië. Omdat zijn beroemde dialoog over de opstanding plaatsvindt in Patara, noemden latere schrijvers hem Bisschop van Patara. Hij stierf als martelaar in Chalkis in Griekenland in het jaar 311, onder Keizer Maximinus.

Saint Methodius was surnamed Eubulus ("of good counsel") because of his wisdom and virtue. He was an eminent theologian. According to a sixth century work, he was bishop of Patara. According to others however, this was wrong, and he was a bishop of Olympus in Lycia, and later, of Tyre in Phoenicia. Because his famous dialogue concerning the resurrection takes place in Patara, later writers called him Bishop of Patara. He died as a martyr in Chalkis of Greece in the year 311, under Emperor Maximinus.

20 JUΝI

      ΙΟΥΝΙΟΣ

DJK

 

Ý

Methodius de Confessor

Aartsbisschop van Constantinopel

Sint Methodius was een zoon van rijke ouders in Syracuse in Sicilië rond het eind van de 8e eeuw. Hij was een presbyter. Patriarch Nicephorus van Constantinopel stuurde hem als ambassadeur naar Rome in 815 of 816. Nadat Leo de Armeniër stierf, keerde hij terug naar Constantinopel, maar werd onmiddelijk verbannen door Keizer Michael de Stotteraar naar een fort nabij Bithynië. Na de dood van Michael werd hij korte tijd bevrijd. Hij werd weer gevangen gezet door de Keizer Theophilus. De Keizer gaf bevel om 2 dieven op te sluiten bij Methodius. Toen één van hen stierf, verwijderden ze het lichaam niet. Nadat de Kerk haar vrijheid kreeg onder Sint Theodora de Keizerin, werd Sint Methodius Patriarch van Constantinopel in 842. De Keizerin en Methodius herstelden de heilige ikonen in hun juiste eer. Dit wordt herdacht op de Zondag van de Orthodoxie. Hij was vier jaar Patriarch van de Kerk van Constantinopel, en stierf in 846.

Saint Methodius was born to wealthy parents in Syracuse of Sicily about the end of the eighth century. He was a presbyter. Patriarch Nicephorus of Constantinople sent him as an ambassador to Rome in 815 or 816. After Leo the Armenian died, he returned to Constantinople, but he was immediately exiled by Emperor Michael the Stutterer to a fortress near Bithynia. After the death of Michael, he was freed for a short time. He was imprisoned again by the Emperor Theophilus. The Emperor commanded that two thieves be shut up with Methodius. When one of them died, they did not remove the corpse. After the Church received its freedom under Saint Theodora the Empress, Saint Methodius became Patriarch of Constantinople in 842. The Empress and Methodius restored the holy icons to their proper honor. This is commemorated on the Sunday of Orthodoxy. He was Patriarch of the Church of Constantinople for four years, and reposed in 846.

14 JUΝI

      ΙΟΥΝΙΟΣ

DJK

 

Ý

Metrodora,

Nymphodora en Menodora, Martelaressen

 

 

10 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Metrophanes

Aartsbisschop van Constantinopel

Sint Metrophanes was de zoon van heidense ouders, maar geloofde op jonge leeftijd in Christus. Hij kwam naar Byzantium, en leefde aan het eind van de vervolging door de Romeinse Keizers. Hij werd de Bisschop van Byzantium van ca.315 tot 325. In die tijd maakte Sint Constantinus de Grote Byzantium de hoofdstad van het Romeinse Rijk, en noemde het Nieuw-Rome. Vanwege zijn hoge leeftijd stuurde Sint Metrophanes de priester Alexander als zijn afgevaardigde naar het Eerste Oecumenische Concilie in 325. Hij overleed hetzelfde jaar en werd bij Sint Jacob van Nisibis begraven. De Canons aan de Drievuldigheid van de Octoechos zijn niet zijn werk, maar van een andere Metrophanes, die Bisschop van Smyrna was rond het midden van de 9e eeuw.

Saint Metrophanes was the son of pagan parents, but believed in Christ at a young age. He came to Byzantium, and lived at the end of the persecution of the Roman Emperors. He became the Bishop of Byzantium from about 315 to 325. During that time Saint Constantine the Great made Byzantium the capital of the Roman Empire, and called it New Rome. Because of his old age, Saint Metrophanes sent the priest Alexander as his delegate to the First Ecumenical Council in 325. He reposed the same year and was buried by Saint James of Nisibis. The Canons to the Trinity of the Octoechos are not his work, but of another Metrophanes, who was Bishop of Smyrna about the middle of the ninth century.

04 JUΝI

      ΙΟΥΝΙΟΣ

DJK

 

Ý

Micah (Michaias) de Profeet

 

De Profeet Michaias (wiens naam betekent "wie is als God?"), was een Morasthiet uit het land van Judah. Hij profeteerde meer dan vijftig jaar in de dagaen van Joatham, Ahaz en Hezekias, Koningen van Judah, in de 8e eeuw v.Chr. Michaias is 6e in rang onder de Kleine Profeten. Hij profeteerde, dat de Christus in Bethlehem zou worden geboren. De heilige relieken van de Profeten Michaias en Abbacum werden gevonden tijdens het regime van Sint Theodosius de Grote. Het is duidelijk dat deze Michaias niét de Michaias is, die de zoon was van Iembla, die Ahab bekritiseerde en werd vermoord door Ahab's zoon Joram, in de 9e eeuw v.Chr.

The Prophet Michaias (whose name means "who is like God?"), was a Morasthite from the land of Judah. He prophesied more than fifty years in the days of Joatham, Ahaz, and Hezekias, Kings of Judah, in the eighth century BC. Michaias is sixth in rank among the minor Prophets. He prophesied that the Christ would be born in Bethlehem. The holy relics of the Prophets Michaias and Abbacum were found in the reign of Saint Theodosius the Great. It is clear that this Michaias is nót the Michaias, who was the son of Iembla, who censured Ahab and was murdered by Ahab's son Joram, in the ninth century BC.

14 AUGUSTUS

     AYΓΟΥΣΤΟΣ

DJK

 

Ý

Michael de Aartsengel

en Gabriël

 

Synaxis van de Aartsengelen

Synaxis van de Aartsengel Michael & de andere Geestelijke Krachten: Gabriel, Raphael, Uriel, Salaphiel, Jegudiel & Barachiel (er is geen consensus over de laatste 4 namen van aartsengelen).

Sinds de vierde eeuw wordt het huidige Feest van Aartsengel Michael en alle andere hemelse krachten gevierd in de maand November. Waarom precies in November? Omdat November de negende maand na Maart is, en Maart wordt beschouwd als de maand waarin de wereld werd geschapen. Ook, als de negende maand na maart, werd November gekozen voor de negen ordes van engelen, van wie de Aartsengel Michael de leider is:

Eerste Triade

(Hemelse Raadgevers):

1. Seraphim - Serafijnen

2. Cherubim - Cherubijnen

3. Throni - Tronen

    (Ofanimm of Galgallin)

Tweede Triade

(Hemelse Bestuurders):

4. Dominationes - Heerschappijen

    (Kyriotètes; Hebreeuws: Hashmallim)

5. Potestates - Krachten

    (Dynameis; Kabbala: Malachim of

     Tarshishim)

6. Virtutes - Machten

    (Exousiai)

Derde Triade

(Hemelse Boodschappers):

7. Principatus - Vorsten

    (Archai)

8. Archangeli - Aartsengelen

    (Archangeloi)

9. Angeli - Engelen

    (Angeloi)

Er zijn vele namen te vinden van individuele engelen in alle genoemde ordes, die ik echter hier bewust niet genoemd heb, omdat de gevonden informatie erg tegenstrijdig is en de betrouwbaarheid twijfelachtig is. De meeste van deze namen worden niet in de Bijbel genoemd, laat staan dat van deze engelen naamdagen gevierd kan worden.

Synaxis of the Archangel Michael & the other Bodiless Powers: Gabriel, Raphael, Uriel, Salaphiel, Jegudiel & Barachiel (there is no consensus about the last 4 names of archangels).

Since the fourth century the present Feast of Archangel Michael and all the other heavenly powers is celebated in the month of November. Why precisely in November? Because November is the ninth month after March, and March is considered to be the month in which the world was created. Also, as the ninth month after March, November was chosen for the nine orders of angels, of which the Archangel Michael is the leader.

First Triade

(Celestial Advisors):

1. Seraphim - Seraphim

2. Cherubim - Cherubim

3. Throni - Thrones

    (Ofanimm or Galgallin)

Second Triade

(Celestial Governors):

4. Dominationes - Dominions

    (Kyriotètes; Hebrew: Hashmallim)

5. Potestates - Powers

    (Dynameis; Kabbala: Malachim or

     Tarshishim)

6. VirtutesVirtues/Authorities

    (Exousiai)

Third Triade

(Celestial Messengers):

7. PrincipatusPrincipalities

    (Archai)

8. Archangeli - Archangels

    (Archangeloi)

9. Angeli - Angels

    (Angeloi)

Many names can be found of individual angels in all mentioned orders, which I did not mention here on purpose, because the found information is very contradictory and the reliability is doubtful. Most of these names are not being mentioned in the Bible, and it is obvious that namedays of these angels can not be celebrated.

08 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

ABCD

FGHI

JK

 

Ý

Michael de Aartsengel

Prins van de Hemelse Gastheren

Wonder in Colossae

(later genaamd Chone)

 

 

06 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Michael de Confessor

Bisschop van Synnada

Sint Michael kwam uit Synnada in Phrygië in Klein-Azië. In Constantinopel ontmoette hij Sint Theophylactus, en ze wilden monniken worden. Patriarch Tarasius, die heirvan hoorde, stuurde hen naar een klooster aan de Zwarte Zee. Later werd Theophylactus Bisschop van Nicomedia, en Michael werd Bisschop van zijn thuisstad Synnada. Omdat Sint Michael de heilige ikonen vereerde, werd hij verbannen door de Iconoclast Keizer Leo V de Armeniër, die regeerde van 813 tot 820. Sint Michael werd van de ene plaats naar de andere gedreven, en in vele ontberingen en bittere pijnen stierf hij in ballingschap.

Saint Michael was from Synnada in Phrygia of Asia Minor. In Constantinople he met Saint Theophylact, and they desired to become monks. Patriarch Tarasius, who heard of this, sent them to a monastery on the Black Sea. Later, Theophylact became Bishop of Nicomedia, and Michael became Bishop of his native Synnada. Because Saint Michael venerated the holy icons, he was banished by the Iconoclast Emperor Leo V the Armenian, who reigned from 813 to 820. Saint Michael was driven from one place to another, and in many hardships and bitter pains, he died in exile.

23 MEI

     ΜΑΙΟΣ

DJK

 

Ý

Michael de Confessor

 

 

18 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

D

 

Ý

Michael van Malenius

 

 

12 JULI

      ΙΟΥΛΙΟΣ

D

 

Ý

Michaias (Micah) de Profeet

De Profeet Michaias (wiens naam betekent "wie is als God?"), was een Morasthiet uit het land van Judah. Hij profeteerde meer dan vijftig jaar in de dagaen van Joatham, Ahaz en Hezekias, Koningen van Judah, in de 8e eeuw v.Chr. Michaias is 6e in rang onder de Kleine Profeten. Hij profeteerde, dat de Christus in Bethlehem zou worden geboren. De heilige relieken van de Profeten Michaias en Abbacum werden gevonden tijdens het regime van Sint Theodosius de Grote. Het is duidelijk dat deze Michaias niét de Michaias is, die de zoon was van Iembla, die Ahab bekritiseerde en werd vermoord door Ahab's zoon Joram, in de 9e eeuw v.Chr.

The Prophet Michaias (whose name means "who is like God?"), was a Morasthite from the land of Judah. He prophesied more than fifty years in the days of Joatham, Ahaz, and Hezekias, Kings of Judah, in the eighth century BC. Michaias is sixth in rank among the minor Prophets. He prophesied that the Christ would be born in Bethlehem. The holy relics of the Prophets Michaias and Abbacum were found in the reign of Saint Theodosius the Great. It is clear that this Michaias is nót the Michaias, who was the son of Iembla, who censured Ahab and was murdered by Ahab's son Joram, in the ninth century BC.

14 AUGUSTUS

     AYΓΟΥΣΤΟΣ

DJK

 

Ý

Miltiades de Afrikaan

Paus van Rome

Er is niet veel bekend over Paus Miltiades (of Melchiades). Hij was Paus van Rome van 311 tot 314. Terwijl ik onderzoek deed naar zijn biografie en feestdag, vond ik veel verwarrende beweringen. Volgens sommigen kwam hij waarschijnlijk uit Rome, volgens anderen kan hij in Noord-Afrika geboren zijn. Sommigen zeggen, dat hij zwart was, anderen beweren dat hij dat waarschijnlijk niét was. Op sommige sites wordt hij een martelaar genoemd, op andere sites die ik vond, wordt beweerd dat de kwalificatie “martelaar” fout was. Sommigen zeggen echter, dat hij, ook al lijkt hij een natuurlijke dood te zijn gestorven, niettemin kan worden beschouwd als een martelaar, vanwege zijn eerdere lijden onder de anti-Christelijke keizer Maximianus. Vrijwel alle informatie, die ik op Internet vond, verwijst terug naar Katholieke bronnen. Orthodoxe sites geven nauwelijks informatie. Hoewel ze hem in biografiën van zijn opvolger Sint Sylvester vaak als Heilige noemen, wordt een Orthodoxe feestdag zelden gegeven. Incidenteel worden de data 10 December óf 10 April gegeven. 10 December correspondeert met zijn Katholieke feestdag (volgens Katholieke informatie overleed Sint Miltiades 10 of 11 januari. In de 4e eeuw werd hij herdacht op 10 januari volgens de “Martyrologium Hieronymianum”. Volgens de huidige “Romeinse Martyrologie” valt dit op 10 december). 10 April lijkt te corresponderen met de feestdag van de 40 Martelaren van Africa (>>>zie Miltiades, 10 April). Mij lijken ze echter niet dezelfde persoon. Ook de gevonden iconen maken de dingen niet duidelijker voor mij: het is steeds dezelfde icoon van de Paus Miltiades die wordt getoond, ook wanneer het de Miltiades van de 40 Martelaren van Afrika betreft.

There is not much known about Pope Miltiades (or Melchiades). He was Pope of Rome from 311 to 314. While researching his biography and feastday, I found many confusing statements. According to some, he was probably from Rome, according to others, he may have been born in North Africa. Some say he was black, others state that he was probably not. On some sites he is called a martyr, on other sites I found, is stated that the qualification “martyr” was wrong. However, some say that, although his death seems to have been a natural one, he can nevertheless be regarded as a martyr, because of his earlier suffering under the anti-Christian emperor Maximian. Almost all the information I found on the Internet, refers back to Catholic sources. Orthodox sites hardly give any information. Although they mention him in biographies of his successor Saint Sylvester many times as being a Saint, an Orthodox feastday is almost never given. Incidentally the dates of December 10 ór April 10 are given. December 10 corresponds with his Catholic feastday (according to Catholic information, Saint Miltiades died on january 10 or 11. In the fourth century his feast was celebrated on January 10 according to the “Martyrologium Hieronymianum”. In the present “Roman Martyrology” it occurs on December 10). April 10 seems to correspond with the feastday of the 40 Martyrs of Africa (>>>see Miltiades, April 10). However to me they don’t seem to be the same person. Also the found icons don’t make things more clear to me: it is always the same icon of the Pope Miltiades that is shown, also when it concerns the Miltiades of the 40 Martyrs of Africa.

10 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

 

of / or

 

10 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

 

 

Ý

Miltiades,

Alexander, Anaxandros (Anaxarchos), Anaximenes, Aristeides, Chronis (Chronios), Dimaratos, Demokles, Dimosthenes, Dionysios, Elias, Epameinondas, Esaias, Eteokles, Hephaistion, Herakles, Homeros, Isokrates, Lucas, Mnesarchos, Parmenion, Pelopidas, Perikles, Philopimen, Phokion, Pindaros, Polybios, Polynikes, Prometheus, Sokrates, Sophokles, Themistokles, Theodorus, Theophrastos, Theseus, Thomas, Timotheos, Titos, Xenophon en Zenon, de 40 Martelaren van Afrika

Deze martelaren stierven in de priode 249-251 in Afrika. Er is weinig bekend over deze Heiligen. Ze worden alleen beschreven in de “Mikrón Euchológion i Agiasmatárion” (Klein Gebedenboek of Heiligenboek”, publicatie van “Apostolikís Diakonías” (Apostolisch Diakonaat) in 1959, zonder verdere informatie. Nergens anders wordt hun herdenking vermeld. Mogelijk waren zij metgezellen van de Heiligen Terentius, Afrikanus, Maximus en Pompius, die ook op dezelfde dag worden herdacht (>>>zie Terentius 10 april.

These martyrs died in de period 249-251 in Africa. Little is known about these Saints. They are described only in the “Mikrón Euchológion i Agiasmatárion” (Small Prayerbook or Saintsbook”, publication of “Apostolikís Diakonías” (Apostolic Deaconate) in 1959, with no further information. Nowhere else their commemoration is reported. Possibly they were companions of the Saints Terentius, Afrikanus, Maximus and Pompius, who are also commemorated on the same day (>>>see Terentius april 10).

10 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

 

 

Ý

Minas (Menas) van Egypte

de Wonderdoener

Martelaar

Sint Menas werd geboren in Egypte in het jaar 285, in de stad Niceous (Nakiyos of Nikiu), wat in de nabijheid ligt van Memphis. Hij was de zoon van Audexios (of Eudoxius) en Aufimia (of Euphemia), die echte ascetische Christenen waren. De kinderloze Aufimia was voor de icoon van de Maagd Maria aan het bidden, dat God haar een zoon zou geven. Ze hoorde een geluid in haar oor zeggen "Amen," en zodoende noemde ze haar zoon Mînâs, genomen van het woord Amn. Toen Menas 14 jaar oud was, stierf zijn vader en op 15-jarige leeftijd ging hij in het leger. Drie jaar later verliet hij het leger, en vertrok naar de woestijn of de bergen om een ascetisch leven als kluizenaar te leiden. Na vijf jaar presenteerde hij zichzelf middenin een heidens festival en verklaarde zichzelf christen. Na vreselijke martelingen werd hij onthoofd, volgens sommigen in het jaar 296, volgens anderen in het jaar 304 of 309. The sint’s moordenaars probeerden zijn relieken te verbranden, maar ze faalden. Zijn lichaam bleef 3 dagen en 3 nachten in het vuur, maar bleef ongedeerd. Zijn zuster bracht het lichaam naar Alexandrië, waar het in de kerk geplaatst werd. Toen de vervolgingen stopten, werd zijn lichaam op een kameel geladen en ze gingen op weg naar de westelijke woestijn. Daar waar de kameel stopte, bij een waterbron, werd het begraven, op dezelfde plek waar zijn hedendaagse Coptisch Orthodoxe klooster is gesitueerd aan het eind van Lake Mariut, niet ver van Alexandrië, Egypte. Later werden vele wonderen verricht op zijn begraafplaats, en vele mensen en dieren werden daar genezen. Zijn martyrium in Egypte werd een universeel pelgrimsoord. Hij wordt ook aangeroepen om verloren voorwerpen terug te vinden.

Het eigenlijke feest van St. Menas is op

10 december (>>>zie Menas, 10 december).

Saint Menas was born in Egypt in the year 285, in the city of Niceous (Nakiyos or Nikiu), which lies in the vicinity of Memphis. He was the son of Audexios (or Eudoxius) and Aufimia (or Euphemia), who were real ascetic Christians. The childless Aufimia was praying in front of the icon of the Virgin Mary that God would give her a son. She heard a sound in her ears saying "Amen," and thus she called her son Mînâs, taken from the word Amn. When Menas was 14 years old, his father died and at the age of 15 he joined the army. Three years later he left the army, and headed towards the desert or the mountains to live an ascetical life as a hermit. After five years, he presented himself in the mids of a pagan festival in Cotyaeion of Phrygia and declared himself to be a Christian. After terrible torments, he was beheaded, according to some in the year 296, according to others in the year 304 or 309. The saint's assassins tried to burn his relics, but they failed. His body remained in the fire for three days and three nights, but was not harmed. His sister took the body to Alexandria, where it was placed in the church. When the time of persecution ended, the saint's body was loaded on a camel and they headed towards the western desert. There, where the camel stopped, near a water well, it was buried, at the same place where the saint's present-day Coptic Orthodox monastery is located at the end of Lake Mariut, not far from Alexandria, Egypt. Later, many miracles were wrought at his burial place, any many people and animals were healed there. His martyrium in Egypt became a place of universal pilgrimage. He is also invoked for help in finding lost objects.

The principal feast of Saint Menas is on

December 10 (>>>see Menas, December 10).

11 NOVEMBER

     ΝΟΕΜΒΡΙΟΣ

BDFH

IJK

 

Ý

Minas Kallikelados (Menas)

“de Goed Sprekende”

(“Well Speaking”)

van Alexandrië,  

Hermogenes en Eugraphus,

de Martelaren van Alexandrie

Volgens de Synaxaristen kwam Sint Menas uit Athene. Hij was een militair officier, een geleerde man en bekwaam in toespraken. Daarom kreeg hij de achternaam Kallikelados ("de Welsprekende"). Eugraphus was zijn schrijver. Beiden hadden Christelijke ouders. Keizer Maximinus stuurde Sint Menas naar Alexandrië om een geschil onder de burgers te beëindigen. Sint Menas echter wendde zijn welsprekendheid ook aan om de Christenen te sterken in hun geloof. Toen Maximinus hiervan, stuurde hij Hermogenes, die een eparch was, zoon van ongelovige ouders, om Menas af te laten keren van het Christelijke geloof. Maar vanwege de wonderen, die Sint Menas verrichtte, werd Hermogenes ook een Christen. De Heiligen Menas, Eugraphus en Hermogenes werden onthoofd, volgens sommigen in het jaar 235, volgens anderen in het jaar 313. De relieken van de martelaren werden in zee gegooid. In de 9e eeuw werden ze gevonden en naar Constantinopel gebracht (>>>zie Menas, 17 Februari).

Er waren verscheidene heiligen met de naam Menas, die werden vereerd in de oude Kerk. Er is echter veel verschil van mening ontstaan over hun identiteit of diversiteit. Het is mogelijk dat Menas van Mareotis, Menas van Cotyaes en Menas ovanf Constantinopel, genaamd Kallikelados, één en dezelfde persoon zijn (>>>zie ook Menas, 11 November).

According to the Synaxaristes, Saint Menas had Athens as his homeland. He was a military officer, an educated man and skilled in speech. Because of that he was surnamed Kallikelados ("most eloquent"). Eugraphus was his scribe. Both had Christian parents. The Emperor Maximinus sent Saint Menas to Alexandria to end a strife among the citizens. Saint Menas however also employed his eloquence to strengthen the Christians in their faith. When Maximinus heard of this, he sent Hermogenes, who was an eparch, son of unbelieving parents, to turn Menas away from his Christian faith. But because of the miracles wrought by Saint Menas, Hermogenes became a Christian too. Saints Menas, Eugraphus and Hermogenes were beheaded, according to some in the year 235, according to others in the year 313. The relics of the martyrs were cast into the sea. In the ninth century they were found and transferred to Constantinople (>>>see Menas, February 17).

There were several saints with the name Menas, who were honoured in the ancient Church. However much dispute is raised about their identity or diversity. It is possible that Menas of Mareotis, Menas of Cotyaes, and Menas of Constantinople, surnamed Kallikelados, are one and the same person (>>>also see Menas, November 11).

10 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Menas Kallikelados (Minas)

“de Welsprekende”

(“Well Speaking”)

van Alexandrië

Vondst van Relieken

Vondst van de relieken van Martelaar Menas Kallikelados van Alexandrië.

Tijdens het regime van Keizer Basilius de Macedoniër (867-886), ontdekte de militair commandant Marcianus de relieken van de heilige, nadat Sint Menas was verschenen in de droom van een zekere vrome man om te onthullen waar ze waren (>>>also see Menas, December 10).

Uncovering of the relics of Martyr Menas Kallikelados of Alexandria.

During the reign of Emperor Basil the Macedonian (867-886), the military commander Marcian discovered the saint's relics after Saint Menas had appeared to a certain pious man in a dream to reveal where they were (>>>also see Menas, December 10).

17 FEBRUARI

    ΦΕΒΡΟΥΑΡΙΟΣ

 

 

Ý

Minas (Menas)

Metgezel van Chrysa (Aura, Avra)

de Hiero-Martelaar Hippolytus (Ippolytos), priester van de Kerk van Rome, de martelaren Censorinus (Kensourinos), en 20 soldaten en gevangenisbewaarders met hem, Sabinos (of Sabaïnos), Chrysa (of Aura, Avra) de maagd en haar 20 metgezellen: Amandinus, Archelaus de Diaken, Ares, Commodus (Komodos), Cyprus (Kypros), Cyriacus (of Quirinus) (Kyriakos of Kyrinos) de bisschop, Eusebius, Felix (Felikos), Herculianus (of Herculinus) (Erkoulios of Erkoulinos), Hermes (Ermis), Maurus (Mavros), Maximus, Maximus de presbyter, Mennas (Minas), Monagrius, Olympius (of Olympinos), Rusticus (Roustikos), Stiracius (Styrakios), Theodorus de Tribuun en Venerius (Benerios), martelaren.

Sint Hippolytus wordt genoemd als een paus of een bisschop van Rome. Eén website noemt hem als een antipope. Hij was een discipel van Sint Irenaeus, bisschop van Lugdunum (Lyons in Frankrijk) en een christelijke theoloog, die vele verhandelingen en commentaren op de Bijbelse Boeken schreef. Hij was één van de laatste Westerse Vaders, die in het Grieks schreef. Toen Sint Hippolytus hoorde over het lijden van deze martelaren, verscheen hij voor de gouverneur en protesteerde tegen hun onmenselijkheid. De woedende gouverneur veroordeelde hem tot martelingen. Na lange kwellingen bonden ze zijn handen en voeten en gooiden hem in zee. Zijn relieken werden naar de kerk van de Martelaren Laurentius en Paus Damasus in Rome overgebracht..

Sint Censorinus was een hooggeplaatste magistraat. Hij werd gearresteerd en in de gevangenis gegooid omdat hij christen was. Toen hij een dode man tot leven wekte, bekeerden twintig soldaten en gevangenisbewaarders zich tot het christendom. Zij werden samen met Sint Censorinus onthoofd.

Toen werd de maagd Chryse, die uit een aristocratische familie kwam, ondervraagd. Zij bekende een christin te zijn en werd gemarteld. Eerst openden ze haar zijden en verbrandden haar wonden met brandende kaarsen. Na vele verschrikkelijke kwellingen bonden ze een grote steen om haar nek en verdronken haar in zee. Samen met Sint Chryse stierven de martelaren Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore de tribuun, Maximus de presbyter, Archelaus de diaken en Cyriacus de bisschop.

Met zware stenen rond zijn nek gebonden werd Sint Sabinus aan een boom opgehangen. De heidenen verbrandden zijn zijden met toortsen tot hij stierf.

Al deze Romeinse martelaren stierven in het jaar 269 AD. Met name het martelaarschap van Sint Chrysa wordt gerapporteerd.

Saint Hippolytus is mentioned as a pope or a bishop of Rome. One website mentions him as an antipope. He was a disciple of St Irenaeus, bishop of Lugdunum (Lyons in France) and a christian theologian who wrote many treatises and commentories on the Biblical Books. He was one of the last Western Fathers to write in Greek. When Saint Hippolytus he learned of the suffering of these martyrs, he appeared before the governor and protested against their inhumanity. The enraged governor sentenced him to be tortured. After long torments, they tied his hand and feet and threw him into the sea. His relics were put in the church of the martyrs Laurence and Pope Damasus in Rome.

St Censorinus was a high-ranking magistrate. He was arrested and thrown into prison being a christian. When he raised up a dead man, twenty soldiers and prison guards were converted to christianity. They were beheaded with St Censorinus.

Then the virgin Chryse, who was from an aristocratic family, was brought for interrogation. She confessed being a christian and was tortured. At first they opened her sides and they burned her wounds with burning candles. After many other horrible torments, they tied a big rock around her neck and drowned her in the sea. With Saint Chryse suffered the martyrs Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore the Tribune, Maximus the Presbyter, Archelaus the Deacon, and Cyriacus the Bishop.

With heavy rocks tied around his neck, Saint Sabinus was hung on a tree. The idolaters burned his sides with torches untill he died.

All these Roman martyrs suffered in the year 269 AD. Especially the martyrdom of Saint Chrysa is reported.

30 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

 

 

Ý

Mirabella

en Maria, Nieuw-Martelaressen

 

 

01 MEI

     ΜΑΙΟΣ

D

 

Ý

Misael,

Ananias en Azarias (de Drie Kinderen)
en Daniel de Profeet

Daniel en de 3 Kinderen stamden af van de stam van Judah. In 599 v.Chr. werden zij als slaven naar Babylon gevoerd, waar zij aan het koninklijk hof van Nabuchodonosor terecht kwamen. Deze gaf hen andere namen (Daniel kreeg de naam Baltazar, Ananias kreeg de naam Sedrach, Azarias: Abednago, en Misael: Misach). Zij bleven hier 3 jaar. Toen de kinderen weigerden Nabuchodonosorbeeltenis te vereren, werden zij in het vuur geworpen. Toen zij hier ongedeerd uit kwamen, was dit een voorteken van de Onbevlekte Ontvangenis. Daniel deed vele profetiëen over de komst van Christus. Omdat hij 3 maal daags tot God bad, werd hij in de leeuwenkuil gegooid, maar hij liet het gebrul van de leeuwen verstommen en hij stond tussen hen in als een herder tussen schapen. Hij werd 88 jaar.

Daniel and the 3 Children descended from the tribe of Judah. In 599 B.C. they were taken away as slaves to Babylon, where they ended up in the royal court of Nabuchodonosor. He renamed them (Daniel was called Baltazar, Ananias was called Sedrach, Azarias: Abednago, and Misael: Misach). They stayed there 3 years. When the children refused to worship the image of Nabuchodonosor, they were thrown into the fire. When they remained unharmed, they prefigured the Virgin’s incorrupt giving of birth (>>>also see Daniel). Daniel profetised many times about the coming of Christ. Because he prayed 3 times a day to God, he was thrown to the lions, but he stopped the mouths of the lions and he stood between them as a shepherd. He became 88 years old.

17 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

DJK

 

Ý

Mnesarchos,

Alexander, Anaxandros (Anaxarchos), Anaximenes, Aristeides, Chronis (Chronios), Dimaratos, Demokles, Dimosthenes, Dionysios, Elias, Epameinondas, Esaias, Eteokles, Hephaistion, Herakles, Homeros, Isokrates, Lucas, Miltiades, Parmenion, Pelopidas, Perikles, Philopimen, Phokion, Pindaros, Polybios, Polynikes, Prometheus, Sokrates, Sophokles, Themistokles, Theodorus, Theophrastos, Theseus, Thomas, Timotheos, Titos, Xenophon en Zenon, de 40 Martelaren van Afrika

Deze martelaren stierven in de priode 249-251 in Afrika. Er is weinig bekend over deze Heiligen. Ze worden alleen beschreven in de “Mikrón Euchológion i Agiasmatárion” (Klein Gebedenboek of Heiligenboek”, publicatie van “Apostolikís Diakonías” (Apostolisch Diakonaat) in 1959, zonder verdere informatie. Nergens anders wordt hun herdenking vermeld. Mogelijk waren zij metgezellen van de Heiligen Terentius, Afrikanus, Maximus en Pompius, die ook op dezelfde dag worden herdacht (>>>zie Terentius 10 aprill.

These martyrs died in de period 249-251 in Africa. Little is known about these Saints. They are described only in the “Mikrón Euchológion i Agiasmatárion” (Small Prayerbook or Saintsbook”, publication of “Apostolikís Diakonías” (Apostolic Deaconate) in 1959, with no further information. Nowhere else their commemoration is reported. Possibly they were companions of the Saints Terentius, Afrikanus, Maximus and Pompius, who are also commemorated on the same day (>>>see Terentius april 10).

10 APRIL

     ΑΠΡΙΛΗΣ

 

 

Ý

Modestus

Bisschop van Jerusalem

 

 

16 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

D

 

Ý

Monagrius

Metgezel van Chrysa (Aura, Avra)

de Hiero-Martelaar Hippolytus (Ippolytos), priester van de Kerk van Rome, de martelaren Censorinus (Kensourinos), en 20 soldaten en gevangenisbewaarders met hem, Sabinos (of Sabaïnos), Chrysa (of Aura, Avra) de maagd en haar 20 metgezellen: Amandinus, Archelaus de Diaken, Ares, Commodus (Komodos), Cyprus (Kypros), Cyriacus (of Quirinus) (Kyriakos of Kyrinos) de bisschop, Eusebius, Felix (Felikos), Herculianus (of Herculinus) (Erkoulios of Erkoulinos), Hermes (Ermis), Maurus (Mavros), Maximus, Maximus de presbyter, Mennas (Minas), Monagrius, Olympius (of Olympinos), Rusticus (Roustikos), Stiracius (Styrakios), Theodorus de Tribuun en Venerius (Benerios), martelaren.

Sint Hippolytus wordt genoemd als een paus of een bisschop van Rome. Eén website noemt hem als een antipope. Hij was een discipel van Sint Irenaeus, bisschop van Lugdunum (Lyons in Frankrijk) en een christelijke theoloog, die vele verhandelingen en commentaren op de Bijbelse Boeken schreef. Hij was één van de laatste Westerse Vaders, die in het Grieks schreef. Toen Sint Hippolytus hoorde over het lijden van deze martelaren, verscheen hij voor de gouverneur en protesteerde tegen hun onmenselijkheid. De woedende gouverneur veroordeelde hem tot martelingen. Na lange kwellingen bonden ze zijn handen en voeten en gooiden hem in zee. Zijn relieken werden naar de kerk van de Martelaren Laurentius en Paus Damasus in Rome overgebracht..

Sint Censorinus was een hooggeplaatste magistraat. Hij werd gearresteerd en in de gevangenis gegooid omdat hij christen was. Toen hij een dode man tot leven wekte, bekeerden twintig soldaten en gevangenisbewaarders zich tot het christendom. Zij werden samen met Sint Censorinus onthoofd.

Toen werd de maagd Chryse, die uit een aristocratische familie kwam, ondervraagd. Zij bekende een christin te zijn en werd gemarteld. Eerst openden ze haar zijden en verbrandden haar wonden met brandende kaarsen. Na vele verschrikkelijke kwellingen bonden ze een grote steen om haar nek en verdronken haar in zee. Samen met Sint Chryse stierven de martelaren Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore de tribuun, Maximus de presbyter, Archelaus de diaken en Cyriacus de bisschop.

Met zware stenen rond zijn nek gebonden werd Sint Sabinus aan een boom opgehangen. De heidenen verbrandden zijn zijden met toortsen tot hij stierf.

Al deze Romeinse martelaren stierven in het jaar 269 AD. Met name het martelaarschap van Sint Chrysa wordt gerapporteerd.

Saint Hippolytus is mentioned as a pope or a bishop of Rome. One website mentions him as an antipope. He was a disciple of St Irenaeus, bishop of Lugdunum (Lyons in France) and a christian theologian who wrote many treatises and commentories on the Biblical Books. He was one of the last Western Fathers to write in Greek. When Saint Hippolytus he learned of the suffering of these martyrs, he appeared before the governor and protested against their inhumanity. The enraged governor sentenced him to be tortured. After long torments, they tied his hand and feet and threw him into the sea. His relics were put in the church of the martyrs Laurence and Pope Damasus in Rome.

St Censorinus was a high-ranking magistrate. He was arrested and thrown into prison being a christian. When he raised up a dead man, twenty soldiers and prison guards were converted to christianity. They were beheaded with St Censorinus.

Then the virgin Chryse, who was from an aristocratic family, was brought for interrogation. She confessed being a christian and was tortured. At first they opened her sides and they burned her wounds with burning candles. After many other horrible torments, they tied a big rock around her neck and drowned her in the sea. With Saint Chryse suffered the martyrs Ares, Felix, Maximus, Herculianus, Venerius, Stiracius, Mennas, Commodus, Hermes, Maurus, Eusebius, Rusticus, Monagrius, Amandinus, Olympius, Cyprus, Theodore the Tribune, Maximus the Presbyter, Archelaus the Deacon, and Cyriacus the Bishop.

With heavy rocks tied around his neck, Saint Sabinus was hung on a tree. The idolaters burned his sides with torches untill he died.

All these Roman martyrs suffered in the year 269 AD. Especially the martyrdom of Saint Chrysa is reported.

30 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

 

 

Ý

Monedimos (Benedimus) van Athene,

Petrus, Dionysius, Andreas, Paulus, Christina, Heracles en Paulinus, Martelaren

Petrus, een knappe jongeman, Dionysius, een gedistingeerde heer, Andreas en Paulus, soldaten, en Christina, een zestien jaar oude maagd, ondergingen kwellingen en de marteldood omdat ze Christenen waren. Nicomachus, die samen met hen gemarteld werd, loochende Christus tijdens de martelingen. Hij verloor ogenblikkelijk zijn verstand, beet als een dolle zijn lichaam en gaf schuim uit zijn mond op tot hij stierf. De heiligen Petrus, Andreas, Paulus en Dionysius leden in Lampsacus in Mysia. Sint Christina leed in Tyre, Phoenicië. De heiligen Heraclius, Paulinos en Bonedimos of Monedimos leden waarschijnlijk in Nobiodunum in Skythië, tegenwoordig Isaksoa genaamd. Dit gebeurde in het jaar 250 A.D. Volgens sommigen is de datum onzeker. Eén website noemt Dionysia, wat een vergissing moet zijn (Dionysius is hier duidelijk bedoeld).

Peter, a handsome young man, Dionysius, a distinguished man, Andrew and Paul, soldiers, and Christina, a sixteen year old virgin, endured sufferings and death as a martyr for being Christians. Nicomachus, who along with them was tortured, denied Christ in the middle of his tortures. He instantly lost his mind and, as a mad man, bit his body and threw up foam from his mouth until he died. Saints Peter, Andrew, Paul and Dionysius suffered in Lampsacus in Mysia. Saint Christina suffered in Tyre, Phoenicia. Saints Heraclius, Paulinos and Bonedimos or Monedimos probably suffered in Nobiodunum in Scythia, now called Isaksoa. This occurred in the year 250 A.D. According to some the date is uncertain. One website mentions Dionysia, which must be a mistake (obviously Dionysius is ment here).

18 MEI

     ΜΑΙΟΣ

DJK

 

Ý

Moscho,

Adamantini, Akrivi, Antigoni, Aphroditi, Areboia, Aspasia, Athena, Chaido, Dione, Dodoni, Elpiniki, Erasmia, Erato, Ermineia, Euterpe, Harikleia, Kalliroe, Kallisti, Kleio, Kleoniki, Kleopatra, Koralia, Lampro, Margarita, Marianthi, Melpomene, Ourania, Pandora, Penelope, Polymnia, Polynike, Sappho, Terpsichore, Thaleia, Theano, Theonoe, Theonymphi, Theophani, Troada, martelaressen, de 40 Heilige Vrouwen en de martelaar Ammon (Ammoun), Diaken en hun Leraar

De Veertig Heilige Vrouwen waren afkomstig van Heraclea in Thracie. Ze hadden de diaken Ammon als gids, die hen onderwees in het Christendom. Ze stierven als martelaren onder de tiran Licinius rond 321-323. Tien van hen werden verbrand, acht van hen werden doodgeranseld, zes van hen werden aan stukken gesneden met messen, van tien werd het hart doorboord met een zwaard en zes stierven door gloeiend ijzer in hun mond gepropt. St. Ammon werd doodgeranseld. De namen van de 40 Heilige Vrouwen moeten met terughoudendheid worden beschouwd, daar sommige, oa. Chaido en Lampro, toebehoorden aan heiligen uit later eeuwen (16e-18e) en niet zonder twijfel vastgesteld is dat het de heiligen uit de vroege eeuwen betreft.

The Forty Holy Women were natives of Heraclea in Thrace. They had the deacon Ammon for a guide, who instructed them in Christianity. They died as martyrs under the tyrant Licinius around 321-323. Ten of them were burnt, eight of them were whipped to death, six of them were cut up by knifes, ten were pierced in the heart by a sword and six died from having the heated iron enclosed in their mouth. St. Ammon was whipped to death. The names of the 40 Holy Women should be considered with reservation, as some of them, a.o. Chaido and Lampro, belong to saints of later centuries (16th-18th) and are not testified without doubt to be the saints of the first centuries.

01 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

JM

 

Ý

Moses

Zondag van de Heilige Voorvaderen van Christus

Sunday of the Holy Ancestors of Christ

Kyriaki Ton Agion Propatoron

(Ton Agion Popatoron, Propatoron)

Adam de Eerste Vader, Enoch, Melchisedec, Abraham de Vriend van God, Isaac het Fruit van de Belofte, Jacob en de 12 Patriarchen, Vervolgens degenen die onder de Wet leefden: Moses Aaron, Josue, Samuel, David, en de Profeten: Isaia, Jeremia, Ezechiel, de 12 kleine profeten, Elia, Eliseus, Zacharia en Johannes de Doper en tot slot de Maagd Maria.

Zondag van de Heilige Voorvaderen van Christus. Op de zondag tussen 11 en 17 December worden alle Voorvaderen van Christus volgens het vlees herdacht::

Adam de Eerste Vader, Enoch, Melchisedec, Abraham, de vriend van God, Isaac, het fruit van de Belofte, Jacob en de twaalf patriarchen.

Vervolgens degenen die onder de Wet leefden:

Moses, Aaron, Josue, Samuel, David, en de Profeten: Isaia, Jeremia, Ezechiel, de 12 kleine profeten, Elia, Eliseus, Zacharia, en Johannes de Doper, en tot slot de Maagd Maria.

Sunday of the Holy Ancestors of Christ.

On the Sunday between December 11 and 17, all the Ancestors of Christ according to the flesh are being remembered:

Adam the first Father, Enoch, Melchisedec, Abraham, the friend of God, Isaac, the fruit of the Promise, Jacob and the twelve patriarchs.

Then those who lived under the Law:

Moses, Aaron, Josue, Samuel, David, and the Prophets: Isaia, Jeremia, Ezechiel, the twelve minor prophets, Elia, Eliseus, Zacharia, and John the Baptist, and finally the Virgin Mary.

14 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2008

13 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2009

12 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2010

11 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2011

16 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2012

15 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2013

14 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2014

13 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2015

11 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2016

17 DEC - ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ 2017

J

 

Ý

Moses de Profeet en God-Ziener

 

 

04 SEPTEMBER

     ΣΕΠΤΕΜΒΡΙΟΣ

DFIJK

 

Ý

Moses van Ethiopië

(Moses de Zwarte)

Sint Mozes (ook Mozes de Zwarte genoemd) was een slaaf. Vanwege zijn kwaadaardige leven stuurde zijn meester hem weg, waarna hij een gewetenloze dief werd, die een losbandig leven leidde. Later werd hij echter bekeerd tot het Christelijke geloof, en ging in het klooster onder Sint Isidorus van Skete. Hij werd een priester van voorbeeldige deugd. Toen een barbaarse stam naar Skete kwam, werd Mozes met 6 andere monniken gedood, aan het eind van de 4e eeuw.

Saint Moses (also called Moses the Black) was a slave. Because of his evil life, his master cast him out, after which he became a ruthless thief, living a dissolute life. Later, however, he was converted to the Christian faith, and took up the monastic life under Saint Isidore of Scete. He became a priest of exemplary virtue. When a barbarian tribe was coming to Scete, Moses was slain by them with six other monks, at the end of the fourth century.

28 AUGUSTUS

     AYΓΟΥΣΤΟΣ

DJK

 

Ý

Moses,

Adam, Benjamin, Domnus, Elias, Eusebius, Hypatius, Isaac, Isaiah, Jeremiah, Macarius, Mark, Paul, Proclus, Sabbas en Sergius, Martelaren van Sinai en Raithu

De Martelaren die gedood werden in Sinai en Raithu worden samen vereerd op 14 januari. Het waren twee verschillende groepen heiligen en ze werden gedood in verschillende periodes en op verschillende locaties. Eén groep van deze martelaren werd gedood in Sinai rond het jaar 296, tijdens het regime van Diocletianus. De andere groep martelaren werd gedood in Raithu rond het midden van de vijfde eeuw. Beide groepen martelaren werden gedood door de Blemmyes (Blemmyae), een nomadische Nubische stam uit delen van Arabië en Egypte.

The Martyrs slain at Sinai and Raithu are venerated together on January 14th. They were two different groups of saints and were killed at different times and at different locations. One group of these martyrs were killed at Sinai about the year 296, during the reign of Diocletian. The other group of martyrs were killed in Raithu about the middle of the fifth century. Both groups of martyrs were killed by the Blemmyes (Blemmyae), a nomadic Nubian tribe from parts of Arabia and Egypt.

14 JANUARI

      ΙΑΝΟΥΑΡΙΟΣ

DJ

 

Ý

Mucius

Hiero-Martelaar

 

 

11 MEI

     ΜΑΙΟΣ

DJ

 

Ý

Muropis

 

 

02 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

FI

 

Ý

Mygdonius,

Domna, Indus, Gorgonius, Petrus, Glycerius de Presbyter, Mardonius, Dorotheus de Prefect, Zeno, Theophilus de Diaken en de

20.000 Martelaren van Nicomedia

Alle Martelaren van Nicodemia, ongeveer 20.000, werden levend verbrand terwijl ze verzameld waren in de kerk. Dit gebeurde in het jaar 303 tijdens het regime van Diocletianus en Maximianus. Volgens Eusebius werden alle Christenen, die toen in Nicomedia woonden, gedood volgens keizerlijk besluit. Sommigen werden gedood door het zwaard, anderen door vuur. Zowel mannen als vrouwen wierpen zichzelf in het vuur. Behalve deze 20.000 martelaren die in de kerk werden verbrand, worden ook de volgende heiligen, die werden gedood tijdens dezelfde vervolging, vandaag herdacht: Indus, Gorgonius en Petrus, die in zee werden geworpen, Glycerius de Presbyter en Mardonius, die werden verbrand, Dorotheus de Prefect en Zeno, die werden onthoofd, Theophilus de Diaken, die werd gestenigd, Mygdonius, die levend begraven werd, en Domna, een afgodspriesteres, die in Christus geloofde en was gedoopt, die werd onthoofd en in het vuur geworpen.

All the Martyrs of Nicodemia, about 20.000, were burned alive while they were gathered in church. This happened in the year 303 during the reign of Diocletian and Maximian. According to Eusebius all Christians then living in Nicomedia, were slain by imperial decree. Some were killed by the sword, others by fire. Both men and women cast themselves into the fire. Besides those 20.000 martyrs who were burned in church, also the following saints, who were slain in the same persecution, are commemorated today: Indus, Gorgonius and Peter, who were cast into the sea, Glycerius the Presbyter and Mardonius, who were burned, Dorotheus the Prefect and Zeno, who were beheaded, Theophilus the Deacon, who was stoned, Mygdonius, who was buried alive, and Domna, a priestess of the idols who believed in Christ and was baptized, who was beheaded and cast into the fire.

28 DECEMBER

     ΔΕΚΕΜΒΡΙΟΣ

D

 

Ý

Myron

Martelaar

Sint Myron was een priester tijdens het regime van Decius, toen Antipatrus over Achaia heerste. Toen Sint Myron Antipatrus ronduit beledigde, werd hij opgehangen en geschaafd en daarna in een brandende oven gegooid, maar hij bleef ongedeerd. Toen Myron weigerde de afgoden te vereren, gaf Antipatrus opdracht om repen uit het vlees van Sint Myron te snijden van zijn schouders tot zijn voeten. Sint Myron pakte één van de vleesstroken en gooide het in Antipatrus’ gezicht. Toen werd hij geslagen, en zijn geslagen vlees opnieuw geschaafd. Daarna werd hij voor de wilde dieren gegooid. Maar de dieren beschermden de Heilige. Sint Myron werd toen naar Cyzicus gestuurd, waar hij werd onthoofd rond het jaar 250.

Saint Myron was a priest during the reign of Decius, when Antipater ruled Achaia. When Saint Myron roundly insulted Antipater, he was hung up and scraped, and then cast into a raging furnace, but he remained unharmed. When Myron refused to worship the idols, Antipater ordered strips to be cut in the Saint Myron’s flesh from his shoulders to his feet. Saint Myron took one of the strips of his flesh and flung it in the Antipater’s face. Then he was beaten, and scraped again upon his beaten flesh. After that, he was thrown to wild beasts. But the animals protected the Saint from being harmed. Saint Myron was then sent to Cyzicus, where he was beheaded, about the year 250.

17 AUGUSTUS

     AYΓΟΥΣΤΟΣ

DJK

 

Ý

Myronus

Bisschop van Kreta

 

 

08 AUGUSTUS

     AYΓΟΥΣΤΟΣ

D

 

Ý

Myrophoron

(Ton Myrophoron)

Kyriaki Ton Myrophoron

Zondag van de Mirre-dragende Vrouwen

Sunday of the Myrrh-Bearing Women

 

Maria Magdalena, de Maagd Maria (de Theotokos), Joanna, Salome, Maria de vrouw van Cleopas (of Alphaeus), Susanna, Maria van Bethanië en Martha van Bethanië

De Mirre-Dragers hadden begrafeniskruiden en –zalven naar het graf gebracht voor het lichaam van Christus. Zij waren de eersten die de lege tombe zagen. Er zijn 8 vrouwen die algemeen geïdentificeerd worden als de Mirre-Dragers. Zij zijn: Maria Magdalena (22 Juli), de Maagd Maria (de Theotokos), Joanna (27 juni), Salome (3 Augustus), Maria de vrouw van Cleopas (of Alphaeus), Susanna, Maria van Bethanië (4 Juni) en Martha van Bethanië (4 Juni), de zusters van Lazarus. De Zondag van de Mirre-dragende Vrouwen valt op de 2e Zondag na Pasen.

The Myrrh-Bearers had brought funeral spices and ointments to finish commiting Christ's body to the grave. They were the first to see the empty tomb. There are eight women who are generally identified as the Myrrh-Bearers. They are: Mary Magdalene (July 22), the Virgin Mary (the Theotokos), Joanna (june 27 toevoegen), Salome (August 3), Mary the wife of Cleopas (or Alphaeus), Susanna, Mary of Bethany (June 4) and Martha of Bethany (June 4), the sisters of Lazarus. The Sunday of Myrrh-bearing Women falls on the second Sunday following Pascha.

11 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2008

03 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2009

18 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2010

08 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2011

29 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2012

19 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2013

04 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2014

26 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2015

15 MEI     - ΜΑΙΟΣ     2016

30 APRIL - ΑΠΡΙΛΗΣ 2017

 

 

Ý

 

 

 

ABC

Belangrijkste naamdagen

Most important namedays

ABC

Waarschijnlijk onbetrouwbare info

Probably false information

ABC

Veranderlijke feestdagen

Variable feastdays

ABC

Officiële feestdag, wordt in bepaalde gevallen op een andere dag gevierd

Official feastday, in certain cases celebrated on another day

ABC

Onduidelijke informatie

Obscure information

 

A

naamdagen van de Griekse Gids

http://www.grieksegids.nl/naamdagen/naamdagenindex.htm

B

Explore Crete, the real guide about Crete

http://www.explorecrete.com/dutch/namedays-du.html

C

Festival dates of the Greek Orthodox church

http://www.theodorou.freeserve.co.uk/greekcyp/links/saints.htm

D

Greek Orthodox Archdiocese of America

http://www.goarch.org/en/Chapel/calendar.asp

E

Nostos

http://nostos.com

F

Greek Namedays (Eortologie)

http://www.sfakia-crete.com/sfakia-crete/greeknamedays.html

G

Cyprus-Namedays

http://www.xenofontravel.nl/paginas/cyprus_algemeen_b.html

H

Namedays-in2greece

http://www.in2greece.com/english/factstrivia/facts/namedays.htm

I

goGreece.com: Event Calendar – Namedays

http://www.gogreece.com/events/Namedays.html

J

Rongolini Synaxarion Calendar

http://www.rongolini.com/synaxariontoc.htm

K

Serbian Unity Congres – Servisch-Orthodoxe kalender

http://www.serbianunity.net/spc/kalendar.html

L

Behind the Name – Names – Meaning of names – Namedays etc.

http://behindthename.com

M

Reference on the Greek namedays

http://www.namedays.gr/data/eortes/namedays_A.htm

 

Ý

ã Marina Moundrea 2003-2008. Alle rechten voorbehouden / All rights reserved.

Laatste update / Last update: 1 December 2008

 

 

 


Web Hosting · Blog · Guestbooks · Message Forums · Mailing Lists
Easiest Website Builder ever! · Build your own toolbar · Free Talking Character · Email Marketing
powered by a free webtools company bravenet.com